Recensie: Even tussen mij en mij – uitstekend

Wordt dit managementboek van het Jaar 2026? Dat zou me niet verbazen, want het is een uitstekend geschreven, uiterst leerzaam boek wat ook nog eens heel relevant is in deze tijd. Ik heb niets dan superlatieven voor Even tussen mij en mij van Elke Wiss uit 2025. Het gaat valt onder de noemer ‘praktische filosofie’, gaat over zelfonderzoek en is uiterst toegankelijk met veel oefeningen en leuke, herkenbare voorbeelden.

In dit boek leer je je eigen denken onderzoeken, wat niet alleen goed is om (nog) kritischer te denken, maar ook je relatie met anderen verbetert omdat je meer openstaat voor andere invalshoeken. Daarbij kan onze samenleving ook wel wat kritisch denken gebruiken, zowel om polarisatie te verminderen als om innovatie aan te jagen. Niet alleen een leuk boek dus, maar ook een belangrijk boek.

Het filosofieboek Even tussen mij en mij …

… weet direct mijn aandacht te pakken met de proloog: de landing van een Airbus op de Hudson rivier. Nadat de motoren waren uitvallen door een botsing met een vlucht ganzen, verwierp gezagvoerder Sully het advies van de luchtverkeersleiding om terug te keren naar het vliegveld. Dat haalt hij niet, wist hij intuïtief. Hij landde op de Hudson. Wat heeft dit met filosofie te maken, vraag ik me af. Het antwoord volgt al snel: hij vertrouwde op zijn eigen denken. En in de epiloog lees ik dat hij daarin volkomen gelijk had, maar het pas maanden later kreeg. Simulaties achteraf wezen uit dat het vliegveld wél gehaald kon worden. In die simulaties werd echter geen rekening  gehouden met de tijd tussen de botsing en het inzetten van de bocht voor de terugkeer. Alsof de piloten niet verrast waren, niet de implicaties van gestopte motoren moesten verwerken, geen checks hoefden te doen op de systemen. Toen de simulaties die paar seconden denktijd toevoegden, bleek het vliegveld niet haalbaar.

Voor dat vertrouwen in je eigen denken is een diep begrip daarvan nodig, wat je helpt om in een ‘split second’ de juiste beslissing te nemen. Dat diepe begrip bereik je door zelfonderzoek. En hoe je dat zelfonderzoek doet, dáár gaat dit boek over: het is meer een doe-boek dan een leesboek.

Reflecteren, evalueren en zelfonderzoek doen

In hoofdstuk 1 legt Elke uit wat het verschil is tussen de begrippen reflecteren, wat we allemaal wel eens doen, evaluatie en zelfonderzoek. Want: begripsonderzoek is cruciaal om je denken te leren kennen. Reflecteren is spontaan, ad hoc, en ook oppervlakkig, want stelt je waarden, overtuigingen, biases niet ter discussie. Evaluatie is toetsen aan vooraf gestelde criteria, wat gestructureerder dus. Echter, die criteria zélf bevraag je niet.

Bij zelfonderzoek ga je een slag dieper. Bijvoorbeeld: je ergert je aan je onprofessionele collega die zijn deadlines niet haalt. Je onderzoekt eerst wat je onder ‘professioneel’ verstaat. Dat is bijvoorbeeld punctualiteit. Dan bevraag je die aanname: is punctualiteit altijd belangrijk, waar baseer ik dat op en welke argumenten heb ik daarvoor? Dan bevraag je je waarden: wat maakt iemand tot een ‘goede’ collega? En dan onderzoek je je blinde vlekken: welke andere perspectieven zijn er, wat zijn argumenten tégen mijn overtuiging dat een deadline altijd gehaald moet worden?  

De voordelen van dit diepgaande zelfonderzoek zijn duidelijk: 1. Je kritisch denkvermogen gaat omhoog, omdat je je zelfmisleiding en denkfouten doorziet. 2. Je verhoogt je emotionele precisie: wat voel je precies? Angst? Of machteloosheid? 3. Je maakt authentieke keuzes, in plaats van gewoonten te volgen. 4. Je mentale weerbaarheid gaat omhoog, je kunt problemen makkelijker de baas, denkt helderder bij een crisis. 5. Ook je relativeringsvermogen neemt toe. 6. Denken levert plezier op, het is leuk jezelf beter te leren kennen en het geeft meer vrijheid. 7. En je krijgt (meer) praktische wijsheid, in plaats van (alleen) kennis. Weten waaróm je iets doet.

Denken en breinsurfen

In hoofdstuk 2 gaat Elke in op het proces van ‘denken’. Piekeren, fantaseren, tobben, mijmeren, dat is niet denken, Elke noemt het ‘brein-surfen’. Denken is: het mentale proces van bewust redeneren, overwegen, beoordelen van ideeën, informatie of situaties. Bewust dus, systeem 2 voor de Kahneman-liefhebbers. De ‘praktische filosofie’ geeft concrete methoden om je gedachten systematisch te onderzoeken en te beoordelen, om je te leren gestructureerd en kritisch te denken over jezelf, de wereld en jouw plek daarin. Dat is iets anders dan de ‘academische filosofie’, die gericht is op het ontwikkelen van algemene kennis en inzicht in de wijsbegeerte zelf, wat niet direct toepasbaar is.  

Wat is nodig voor goed denkwerk?

In Hoofdstuk 3 laat Elke zien wat er nodig is voor ‘goed denkwerk’. Dat is een filosofische houding, een vragende houding. Een vraag is iets waarop je het antwoord niet weet (duh), je je realiseert dat je het antwoord niet weet, je dat antwoord wél wilt weten en ook bereid bent om ieder antwoord te horen. Verder is nodig: mentale gewoontes die je dagelijks traint, specifieke denktechnieken die je als gereedschap inzet, en praktische randvoorwaarden.

Die filosofische houding vraagt: aandacht! En ook onthechting (afstand nemen), verwondering, nieuwsgierigheid, moed (want soms is het ongemakkelijk), liefde voor het niet-weten, en honger naar wijsheid.

De mentale gewoonten zijn: vertragen, observeren van je gedachten, gevoelig zijn voor taal, noem een kat een kat (en geen cavia met een snor), houd het simpel, doe een bewering in plaats van een particuliere mededeling en omarm voorlopigheid (de liminale fase). Over de gewoonte ‘bewering in plaats van mededeling ’geeft ze een interessant voorbeeld. ‘Ik voel me aangevallen door wat Robin zei’. Dat is een particuliere mededeling, het zegt iets over je gevoel of mening. Dat is moeilijk toetsen. Verander het in een bewering: ‘Robin valt me aan.’ Dit kun je onderzoeken: wat deed hij precies, welk gedrag zie je als ‘aanvallen’? Klopt het, welk bewijs heb je, zijn er tegenvoorbeelden? Dit gaat dan wel over mentale processen en zelfonderzoek, maar Elke geeft aan dat dit ook in een gesprek moet. Zo leer je je meningen onderbouwen. En ‘Ik vind’ is soft én overbodig, iedereen snapt dat dit jouw perspectief is. Mmmm.

Onderzoekstechnieken

In hoofdstuk 4 duiken we de technieken in. Die zijn ingedeeld in categorieën:

  1. Verhelderen.
    • Begripsonderzoek – waar heb je het precies over
    • Conceptualiseren – wat is de kern van wat er speelt
    • Vooronderstellingen onderzoeken – wat zijn verborgen aannames
  2. Verstevigen
    • Redeneren – volgt het een wel uit het ander
    • Argumenteren – is dit geldig
    • Problematiseren – is dit vanzelfsprekend, waar zitten de barsten
  3. Vernieuwen
    • Dialectiek – tegenstellingen en spanningen in denken onderzoeken, van these en antithese naar synthese.
    • Out-of-the-box – je denken oprekken, nieuwe perspectieven. Het voorbeeld van de gemeente Gent die wat verzint tegen wildplakken is briljant!

In dit lange hoofdstuk komt elke techniek uitgebreid aan de orde, met gedetailleerde uitleg, praktische oefeningen en veel herkenbare voorbeelden. Belangrijk: schrijf alle oefeningen uit. Zo dwing je jezelf gedachten af te maken, je kunt ze beter onderzoeken, je kunt het later teruglezen, en het vertraagt je denken, maakt het preciezer.

Het hoofdstuk was oorspronkelijk nóg langer, zo lees ik. Veel oefeningen zijn verhuisd naar de appendix, nóg 20 pagina’s! Niet meer van hetzelfde, nee, andersoortige oefeningen om je denken te leren kennen. Zo is daar ‘indikken’, een probleem te beschrijven in 15-10-5-2 zinnen en dan naar 1 kernwoord. Daarna reflecteren op het verlies aan nuance versus de winst aan helderheid.

Hoe doe je zo’n zelfonderzoek?

Hoofdstuk 5 maakt de stap naar de praktijk, hoe pak je zo’n zelfonderzoek nu precies aan, met al die gereedschappen? Dat kan met een vast stappenplan of via een denkgesprek, een interview, met jezelf.

Zo’n stappenplan kan er als volgt uitzien: 1. Materiaal verzamelen, wat houdt je bezig? Schrijf dat allemaal op. 2. Formuleer je vraag. 3. Kies een concrete denkopdracht. Wil je verhelderen, verstevigen, vernieuwen? 4. Onderzoek je denken met het bijpassende gereedschap. 5. Oogst je inzichten. Schrijf het zo op dat je het later ook nog begrijpt. 6. Reflecteer op het resultaat. Wat viel je op? 7. Formuleer actiepunten. Kleine, haalbare en tijdgebonden acties.

Elke geeft twee uitgewerkte, herkenbare voorbeelden die subliem zijn. Het tweede voorbeeld gaat over voor of tegen een azc in je kleine dorp zijn, hoe relevant!

Voor het ‘interview’ zijn er 5 spelregels: 1. Schrijf alles op. 2. Vertraag bewust. 3. Vraag ongemakkelijk door. 4. Benoem wat je ziet (bijvoorbeeld ‘uitstelgedrag’). 5. Beperk je antwoorden, liefst 1 zin per antwoord, dat dwingt je tot precisie. De bij deze methode horende tips zijn: doorvragen op vage termen, dwingen tot concreetheid, vragen naar tegenvoorbeelden, confronteer met tegenstrijdigheden, vertaal klachten naar vragen, confronteer, nodig uit tot zelfbeoordeling.

Ook hierbij staat een gedetailleerd voorbeeld. Toch lijkt me deze methode heel moeilijk, zeker voor de amateur-zelfonderzoeker.

Waarom doe je zo’n zelfonderzoek juist niet?

Dan hoofdstuk 6, met de intrigerende ondertitel ‘waarom je je zelfonderzoek niet doet’.

Ten eerste omdat je de motivatie niet kunt vinden het ook echt te doen: je blijft uitstellen, scrollen, smoesjes verzinnen. Te druk. Verder: angst voor wat je tegenkomt. En: een moetje, bepaald niet leuk. Gelukkig heeft Elke ook tips hoe je dit overwint.

Ten tweede omdat zelfonderzoek gewoon het antwoord niet is, bijvoorbeeld als je worstelt met een trauma, zware medicijnen slikt, urgentere zaken aan je hoofd hebt (bijvoorbeeld financiële nood).

Mij, mij en de ander.

In hoofdstuk 7 legt Elke de link tussen jezelf en de anderen, de maatschappij. Door zelfonderzoek verandert je gedrag, stel je jezelf én anderen andere vragen. En we weten dat cultuurverandering begint met één persoon die het anders doet. Zelfonderzoek heeft een domino-effect. Je stelt ‘waarheden’ aan de kaak. En ook: je bent onderdeel van het systeem, niet een slachtoffer ervan. ‘Je staat niet in de file, je maakt de file langer.’ Ook: innovatie is afhankelijk van iemand die een vanzelfsprekendheid durft te bevragen.

Elke ziet een verschil tussen de persoonlijke en publieke dialogen. Redelijk en genuanceerd zijn in de familiekring, stellig en bot op social media. In onze samenleving lijkt er geen plaats meer te zijn voor twijfel, voor collectief zelfonderzoek. Wat zijn de gevolgen? Erosie van kritisch denken, verlies van innovatiekracht, verharding van tegenstellingen, verlies van wijsheid.

Maar: als wij veranderen, verandert de samenleving.

Mijn evaluatie van Even tussen mij en mij

Ik heb weer veel woorden nodig voor deze recensie, en dat gebeurt mij vaker als ik héél veel geleerd heb van een boek. En ja, van dit boek leerde ik heel veel over praktische filosofie en hoe ik mijn kritische denkvermogen kan verhogen. Als ik nog niet het gevoel had dat dit nodig was (want ik denk toch al kritisch?) heb ik dat nu zeker wel. Ons feilbare denken (ja, Elke, ik vind dat óók een slechte titel) maakte me bewust van mijn vooroordelen en ‘shortcuts’, dit boek geeft handvatten om hier wat tegen te doen. De voordelen ervan maakt Elke zeer goed duidelijk: niet alleen voor je eigen functioneren, ook als positieve invloed op de samenleving.

Elke verwijst voor haar onderbouwing naar toegankelijk werk van o.a. Roos Vonk (Mijn ego heeft altijd gelijk) en Daniel Kahneman (Ons feilbare denken). Ik denk dat Socrates de basis vormt voor het gedachtegoed. Ik weet te weinig van filosofie om in te schatten hoeveel van bekende filosofen komt, en hoeveel van haarzelf.

In het laatste hoofdstuk zet Elke overtuigend uiteen hoe relevant de praktijk van zelfonderzoek is voor je eigen functioneren , voor je relatie met en begrip voor anderen en voor je rol in de samenleving. Ik schrijf dit terwijl Trump onze samenleving ontwricht, politiek en economisch, en heb dagelijks wel een ‘Ben ik nou gek? momentje. Daar gaat dit boek geweldig bij helpen. In de toekomst zal het nut van kritisch denken, jezelf bevragen, alleen maar belangrijker worden.

Vorm en stijl: subliem

De vorm en stijl van het boek is subliem. Ik vond de opzet erg goed, met een paar wat theoretische hoofdstukken en veel aandacht voor de gereedschappen en de aanpak van zelfonderzoek. De voorbeelden die Elke geeft zijn geweldig. Zeer herkenbaar, soms grappig, en ook zichzelf spaart ze niet. Matthijs met zijn wat eenzijdige vriendschap, Linda en het azc, Elke met haar kip: ze raakten me en illustreerden het punt dat ze wil maken heel goed. Over het gebruik van ‘Ik voel me aangevallen’ en ‘Robin valt me aan’ heb ik nog lang nagedacht, ik gebruik toch veel de particuliere mededeling, inderdaad om het ‘gezellig’ te houden, of om aan te geven dat het niet de heilige waarheid is, maar mijn mening. Ik ga verder ‘zelfonderzoeken’ waarom ik dat doe, en dat ook van anderen verwacht.

Het boek is erg leuk geschreven. Persoonlijk, grappig, soms spreektaal, niet wollig, geen jargon. Alsof je in een workshop van haar zit. Die humor zorgt ervoor dat voorbeelden blijven hangen, merk ik. Het boek heeft een fijne structuur, met veel bullets en lijstjes die in afzonderlijke paragrafen worden uitgewerkt. Heel prettig als je iets wil terugzoeken of nog eens nalezen. De oefeningen zijn zodanig gedetailleerd uitgewerkt dat ik zeker weet dat een zelfonderzoek goed te doen is, en je er steeds beter in wordt. Het is zelfs uitnodigend, ondanks de weerstand die het toch opwekt, ja angst voor wat je gaat ontdekken. Goed dat ze die weerstand ook expliciet benoemt, en tips geeft hoe je dit overwint.

Het boek is prima verzorgd (ik las het eBook), het is goed geredigeerd. Tussendoor zijn regelmatig ‘Even tussen jou en jou’ vragen opgenomen zodat je de voorgaande lessen even kunt oefenen. Het heeft wat illustraties, sommige supernuttig, sommige die ‘verluchtigen’ en niet zozeer nieuwe informatie toevoegen. Ik zag 1 raar woord, en vraag me nog steeds af of dat ‘ongewild’ nou de ‘fout’ was die Elke er expres in had laten zitten. Verder geen typo’s of andere rare zaken. De keus om een aantal oefeningen in een appendix op te nemen vond ik heel goed (ach, een particuliere mededeling). Die appendix pak je snel in een verloren kwartiertje erbij om een oefening te doen. Want het draait om oefenen, oefenen, oefenen. Ik zag één ding wat ik niet hoef te oefenen: de Pre-Mortem. Die doe ik meerdere malen per dag. Mijn partner noemt dat ‘je overal zorgen over maken’. Ik noem het: je goed voorbereiden.

Mis je wat als je dit boek niet leest? Ja. Het staat op de shortlist voor Managementboek van het Jaar 2026. Terecht. En op 16 april zou het zomaar Hét MBvhJ2026 kunnen zijn. Dat zou mij niets verbazen.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd 0, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO +. 

Ik gaf het boek 4 1/2 *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Even tussen mij en mij duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
  • of uit een minibieb!

Koop Even tussen mij en mij duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
  • of via B-Corp Bol (aff).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Dit bericht werd geplaatst in filosofie en getagd met , , . Maak de permalink favoriet.

Plaats een reactie