Booknotes: Marietje Schaake’s De tech-coup

Als ik een non-fictieboek lees, maak ik notities. Soms veel, soms wat minder. Ik schrijf met name allerlei feitjes op die nieuw voor me zijn. Notities dus, of in het Engels: Booknotes. Vaak schrijf ik teveel op voor een recensie. Te weinig voor een Impressie of Samenvatting. En tóch wil ik deze notities, deze ontzettend interessante dingen die ik in een boek las, met iedereen delen. Hoe ? Nou, met Booknotes dus. Laat je inspireren, deze keer met de Booknotes van De tech coup.

Dit is een boek over de impact van digitale disruptie op de democratie, zegt auteur Marietje Schaake over haar De tech coup uit 2024. We hoeven niet te kiezen wie de meeste schade aan de democratie toebrengt: een autocratische leider of Big Tech. Ze versterken elkaar. Technologie kan niet worden tegengehouden, en het kan ons veel brengen. Maar er is wel een goede balans tussen technologie en democratie nodig, en die is er nu niet. Marietje was 10 jaar Europarlementariër en werkte o.a. aan de Europese Digitale Agenda. Als iemand weet hoe de balans te herstellen, is zij het wel.

Booknotes van Marietje Schaake’s De tech coup

Inleiding

Wat zien we gebeuren in de wereld van Big Tech? Dat Big Tech meer macht heeft dan overheden. Dat dit ten koste gaat van de democratie. En dat we door het gebruik van allerlei techniek moreel afglijden. Want: democratische landen verkopen (én onderhouden) monitoring-technologie en -software aan autocratische landen die het gebruiken voor mensenrechtenschendingen. Sterker nog: die (zogenaamd) democratische landen gebruiken het zelf óók, tegen verdachten én tegen leden van de oppositie. Deze technologie draagt niet bij aan de democratie, nergens! Wetgeving rond gebruik loopt achter, de overheden besteden hun toezichtstaken uit aan Big Tech. Musk weigerde Oekraïne van Starlink te voorzien. Biden stelde: de bescherming van de nationale veiligheid en het inlichtingenapparaat is in handen van de private sector.

Voortschrijdende digitalisering zorgt voor een toename van autoritaire praktijken en een grootschalig verval van democratisch bestuur. In het westen hebben we Big Tech hun gang laten gaan. In China daarentegen staan al die technologieën in dienst van de waarden en het politieke systeem van de overheid. China exporteert dit model naar andere landen, zoals Egypte, via de ‘Digitale Zijderoute’.

Overheden krijgen geen inzicht in wat software nu precies doet, dat wordt afgeschermd onder het mom van Intellectuele Eigendom. Marietje vertelt over een ervaring bij Facebook, waar zij en collegae in 2016 namens het Europees Parlement wilden praten over moderatie. Er werd een rondleiding gegeven, en gezellig gesproken over Lean In, het nét gepubliceerde boek van de COO van Facebook, Sheryl Sandberg. Maar met de juristen mochten ze niet spreken, terwijl ze daar natuurlijk voor gekomen waren. De arrogantie! Big Tech denkt boven de wet te staan.

De macht van de tech-bedrijven moet genormaliseerd worden, en Marietje stelt voor inspiratie te halen bij …. de auto, eens óók zo’n disruptief product. We hebben rijbewijzen, veiligheidsvoorschriften, milieu-eisen, duidelijkheid rond verantwoordelijkheid van de producent. Er zijn normen en regels. We doen testen en audits. Waarom kan dit niet voor digitale technologieën? De wereld zal eerlijker, rechtvaardiger en gelijker worden als technologische systemen onder democratisch bestuur vallen.

De code

De digitale wereld is vanaf het begin vrij van toezicht geweest, tech-pioniers wilden de wereld veranderen: niet via politiek maar via hun softwarecode. De grondleggers van Internet, Cerf en Berners-Lee, hadden een ideaal: het internet zou emanciperen en de grote gelijkmaker worden. Voor én door iedereen. Organische groei zonder centrale controle, en gericht tégen de staat. Ze voorzagen de macht en dwang van het huidige Big Tech niet. En jongeren hebben nog steeds dat ideaal, gaan in Silicon Valley werken om het systeem van binnenuit te veranderen, maar ‘worden door de stroom meegesleurd’. De tech-miljardairs van tegenwoordig hebben nog steeds die anti-overheidsopvattingen, maar deze staan nu in dienst van de macht van de grote bedrijven.

De overheid is té afhankelijk van Big Tech om op te treden. Daarvoor is een historische reden. De data-analyse van Big Tech was cruciaal voor Obama’s verkiezingscampagne, en Obama was zó positief over de sector dat hij regulering achterwege liet, hij geloofde in zelfregulering. Dat er toen nauwe banden waren tussen de overheid en Big Tech werd duidelijk in 2013 toen Snowdon een boekje open deed over de massale afluisterpraktijken van de Westerse inlichtingendiensten met behulp van Big Tech. Big Tech reageerde geschokt en vergrootte de afstand tot de overheid door het introduceren van encryptie.

Pas als Big Tech accounts van Trump deactiveert wegens haatzaaien en misinformatie, wil het Witte Huis Big Tech aan banden leggen. Maar Biden is niet echt streng. En wat ook niet helpt is het enorme aantal overheidsmensen in de VS én Europa wat verkast naar Big Tech, waardoor de technische kennis bij de overheid weglekt. Inmiddels is het bijna onmogelijk om de werking en de mogelijke schade van technologie te beoordelen. Hoe wil je dan besturen of toezicht houden?  

De stack

Tussen de mailapp op onze telefoon en die van de ontvanger van je mail zit een behoorlijke laag infrastructuur: de stack. Van microchip naar antenne naar GSM-mast of router naar glasvezelkabels naar datacenter, en weer naar kabels etc. Over onze afhankelijkheid van de microchips, de kabels en de datacenters gaat dit hoofdstuk.

Wat betreft de microchips, er zijn maar een paar bedrijven die ze produceren, want er zijn enorm veel geld en goed geschoolde werknemers nodig. China gebruikt 60% van de wereldwijde productie, en moet alles bij buitenlandse partijen kopen. Daardoor staan microchips in het middelpunt van de huidige geo-politieke strijd.  Dat geldt ook voor de VS en Europa. De grootste productie (90%) vindt plaats in Taiwan. Maar voor die productie zijn aardmetalen nodig en daarvan heeft China het monopolie. En voor de lithografiemachines die ook voor de productie nodig zijn, heeft de EU ASML.

Dan de kabels. Daar kunnen we kort over zijn: het gaat om spionage, ondermijning, controle-overname, vernieling, en het politieke belang van de eigenaren van die kabels.  Want voor zo’n 66% zijn de kabels eigendom van Big Tech. Zijn zij voorbereid op grootschalige aanvallen?

Steeds meer data, meer cryptomining en steeds meer AI leidt tot steeds meer datacenters. Die slurpen energie (2% van het wereldwijde verbruik) en verbruiken veel water. Daartegenover staat maar een beperkte creatie van banen. Maar de onderhandelingsmacht van de eigenaar, die vaak niet bekend gemaakt wordt, is vele malen groter dan die van het part-time bestuur van een gemeente zoals Zeewolde. De ‘clouds’ die erop draaien zijn in private handen, wel 60% in die van Amazon, Microsoft en Google. De afhankelijkheden zijn dus groot, de kans op stroomstoringen ook buiten de datacenters heel groot, de milieueffecten aanzienlijk en het toezicht beperkt.

Alles wordt een wapen

We sluiten allerlei slimme apparaten op het internet aan, en de cyberrisico’s vliegen omhoog. Als klein bedrijfje of lokale overheid is het moeilijk je te verdedigen tegen staatsgesteunde hackers. En laten we eerlijk zijn: alles wat gedigitaliseerd is, kan tot wapen worden gemaakt. Bedrijven die digitale infrastructuur aanleggen en overheden die dat gebruiken wijzen naar elkaar als het gaat om de verantwoordelijkheid voor cyberveiligheid. Natuurlijk kunnen bedrijven misbruik maken van hun positie, denk aan Huawei, die zich met lage prijzen in het KPN netwerk frummelde en mobiele nummers aftapte. Alle gevoelige info van onze overheid toegankelijk voor China! Daarbij komt dat het heel moeilijk is om te beoordelen of alle inbreuken en lekken door Big Tech bekendgemaakt worden, of er preventief genoeg gedaan was aan veiligheid, en wie de schuldigen zijn.

Cyberveiligheid is een bedrijfsmodel geworden: black hat hackers (de ‘schurken’) verhuren zich aan wie er maar wil betalen, ook overheden die hun activiteiten onder de pet willen houden. Bedrijven maken winst door het verkopen van hun producten en mensen, maar de schade door falen komt ten laste van de samenleving. Gedragscodes, zoals het bekendmaken van kwetsbaarheden, zouden wettelijk vastgelegde regels moeten worden. En geen lappendeken van regeltjes, maar een duidelijke verantwoordingsstructuur.

Het einde van het publieke belang

Een aantal kerntaken van de overheid is in handen gekomen van Big Tech. Denk aan monetair beleid versus cryptovaluta, grondrechten van de burgers versus gezichtsherkenning-software en nationale veiligheid versus data-integratie.

Door cryptovaluta is er een alternatief financieel systeem ontstaan wat buiten bereik is van overheidstoezicht. Maar veel overheden omarmen crypto: Dubai, El Salvador, Argentinië. Niet toevallig landen met autocratische leiders. En laten we niet vergeten dat criminelen en terroristen een voorkeur hebben voor cryptovaluta, en dat oplichting héél makkelijk is. O ja, het losgeld bij een ransomware-aanval is óók crypto. Veel mensen belegden hun spaargeld erin, de crash van 2022 kwam voor hen hard aan. Ook FTX, de marktplaats voor cryptovaluta, crashte,  doordat het bedrijf grote leningen had verstrekt aan een cryptohandelaar. Toen er een bankrun kwam, bleek FTX zijn klanten niet te kunnen terugbetalen. Hoe is FTX’ frauduleuze beheer van fondsen zo lang onopgemerkt én onbestraft gebleven? Omdat men dacht dat regulering innovatie zou smoren. En ook omdat de eigenaar van FTX veel campagnebijdragen aan politici deed ….

Het publiek belang is niet gediend met private cryptovaluta: de waarde wordt niet gegarandeerd door bijvoorbeeld het depositogarantiestelsel. Crypto-mining is bijzonder slecht voor het milieu. Overheden kunnen er wel wat tegen doen. Helemaal verbieden, zoals China. Zelf een cryptomunt uitgeven, mét garanties, zoals de CBDC.

Dan gezichtsherkenning-software. Het bedrijf Clearview scrapete 30 miljard afbeeldingen van het internet. Er is nu eenmaal weinig regelgeving rondom biometrische data, en hoewel social media deze praktijken in hun gebruikersvoorwaarden hadden verboden, hebben ze het niet kunnen voorkomen. Die database van 30 miljard foto’s werd verkocht aan politie en justitie en 2000 (!) handhavingsinstanties in de VS. Of er werden proefversies verstrekt. Wetshandhaving leunt nu óók al op Big Tech. En gezichtsherkenningssoftware maakt veel matchingfouten: tot 34% bij vrouwen van kleur! Dat heeft gevolgen, je zit zomaar onterecht in de gevangenis. Ook in Nederland: Kirsten Verdel, wie kent haar niet, werd na zo’n matchingfout onterecht beschuldigd van deelname aan een demonstratie op Schiphol. Moeten we zulke onbetrouwbare en privacy-schendende software wel gebruiken?

Palantir is een grote naam als het gaat om data-integratie, het ontvangt data van veel verschillende instanties en analyseert en combineert deze tot bruikbare inzichten. Een bekende afnemer van die ‘inzichten’ is ICE, die hiermee immigranten zonder papieren opspoort.  O ja, software van Palantir is ook gebruikt bij de jacht op Osama bin Laden. Maar ook de EU koopt bij Palantir, voor Europol en diverse ministeries van Volksgezondheid. Veel contracten kennen geen aanbesteding, er is geen transparantie en geen toezicht op het ontstaan van die ‘inzichten’.  Overheden hebben de mensen en de kennis niet (meer) om zelf dergelijke innovaties te ontwikkelen. En zo verliest de burger zijn rechten.  

Technologie aan de frontlinie

Navalny, de Russische oppositieleider, streed tegen corruptie en werd gevangen gezet en vermoord. Hij probeerde de Russen te bereiken met documentaires via YouTube, en met een app die als een soort stemwijzer functioneerde. Poetin dwong Apple en Google de app te verwijderen (wegens ‘terrorisme’), onder dreiging hun werknemers in Rusland persoonlijk verantwoordelijk te houden. Honderd lokale werknemers waren uiteindelijk belangrijker dan de belangen van >100 miljoen kiezers, en de app verdween. Wist je dat autocratische regeringen vaker buitenlandse bedrijven dwingen om medewerkers in het land te hebben, juist om deze te kunnen gijzelen? Techbedrijven staan in de frontlinie van de democratie, en geeft ze dus veel macht over de wereldpolitiek.

Dan Kenia. Bij de verkiezingen in 2007 werd door beide kanten de uitslag betwist. Het leidde tot massaal geweld en een kwart miljoen ontheemde mensen. De onrust bleef tot de verkiezingen in 2017, die moesten dus  boven elke twijfel verheven zijn. Marietje was er als waarnemer bij. Dit keer moest digitale technologie elk vermoeden van fraude uitbannen, en Kenia gaf er een half miljard dollar aan uit. Het Franse Safran won de aanbesteding. Verontrustend, het was eerder veroordeeld voor omkoping in Nigeria. En het bleek dit keer onvoldoende aandacht voor de veiligheid van de biometrische data te hebben. Op de dag van de verkiezingen stonden 20 miljoen Kenianen in de rij om te stemmen. Maar: de tablets deden het niet, er was geen stroom, de mobiele netwerken raakten overbelast en men ging (weer) papier gebruiken. En er werd weer ‘fraude’ geroepen. De servers van Safran mochten niet geaudit worden. En omdat het hele proces dus niet transparant was en niet controleerbaar, werden de verkiezingen nietig verklaard. Een half jaar later moest er opnieuw gestemd worden. De opkomst was maar de helft van de eerste verkiezing, de geloofwaardigheid was weg, de oppositie trok zich terug. Leerpunt: waarnemers kunnen bij digitalisering nauwelijks hun werk doen als het proces zich in ‘zwarte dozen’ bevindt.  

En dan de levering van Starlink aan Oekraïne, nadat Rusland de telecom-infrastructuur had vernietigd. Dat ging goed, totdat Musk daar toch geld voor wilde zien. De VS betaalde het. Andere bedrijven uit de VS voorzien in drones of satellieten, gezichtsherkenning of bescherming tegen malware. Tenminste, nu wel, maar blijft dat zo? Wat zegt dat over de soevereiniteit van Oekraïne? Plus: ze kijken commercieel naar het conflict. Rusland is niet interessant voor ze. Maar China wel …. Opeens hebben aandeelhouders het voor het zeggen in internationale betrekkingen. En oorlogsrecht is niet van toepassing op buitenlandse bedrijven, het handvest van de VN  is niet door Big Tech ondertekend.

Cyberoorlog valt niet onder de reguliere definitie van oorlog. Bedrijven kunnen staat-gesponsorde malware verwijderen. Gebeurt dat dan in opdracht van de eigen overheid? En kunnen bedrijven zo’n opdracht weigeren? En bedrijven kunnen wel naar staten als Rusland en China wijzen bij cyberaanvallen en spionage (commerciële attributie), ze kunnen niets doen om de daders te straffen, dat kan alleen een overheidsinstantie (publieke attributie). Echter, de politieke wil daarvoor ontbreekt vaak en verantwoordingsmechanismen voor cyberspace ook. Want een overheidsinstantie kan ook een soort cyberaanval uitvoeren als verdediging in de digitale wereld, en men ziet zich daarin liever niet beperkt. Zo doet de VS in Oekraïne fysiek niet mee aan de oorlog (geen boots on the ground) maar wat betreft cyberaanvallen wél. Maar is het wenselijk dat staten, inclusief democratische staten, niet ter verantwoording geroepen kunnen worden? Willen we dat cyberspace een wetteloze, gevaarlijke plek wordt? Willen we dat de soevereine macht van staten steeds verder uitgehold wordt?   

De framers

Cambridge Analytica was cruciaal bij de overwinning van Trump in 2016, via Facebook werden de gegevens van 50 miljoen mensen geanalyseerd en via mailings werden verschillende soorten boodschappen naar verschillende soorten mensen gestuurd. De verhoren bij de Senaat en het Europees Parlement waren niet zo effectief als ze hadden kunnen zijn, maar wierpen wel de schaduw van regelgeving voor mondiale tech-bedrijven vooruit. Daar kwamen de tech-bedrijven tegen in het geweer.

Ze gebruikten taal om zichzelf als helden te framen en wetgevende instanties als boosdoeners. Ten eerste hadden ze het over ‘het internet (niet: Big Tech) reguleren, alsof beperkingen voor een handjevol tech-bedrijven het populaire internet onherstelbare schade zou toebrengen. Ten tweede beweerden ze dat regulering innovatie de nek omdraait. In werkelijkheid stimuleert regulering juist innovatie omdat men gedwongen wordt betere alternatieven te zoeken. Maar het publiek gelooft de beide frames.

De tweede verdedigingslinie was zelfregulering. Facebook wilde wel een Toezichtsraad opzetten voor contentmoderatie, met onafhankelijke, bekende experts. Marietje wordt gepolst voor deze Raad, maar ontdekt dat het mandaat minimaal is, het zou alleen over het verwijderen van content gaan, verder niets. Meer een adviesorgaan voor PR doeleinden dus. Ze zegt nee. Bij andere platforms, TikTok en X, speelt iets vergelijkbaars. Ze wordt wél lid van de werkelijk onafhankelijke Real Facebook Oversight Board (RFOB) die in 2023 voor het laatst in het nieuws kwam met kritiek op het re-platforming van Donald Trump.

Big Tech ging ook flink lobbyen om regelgeving tegen te houden. De lobby heeft in het algemeen 3 doelen: wetgeving tegen te houden, contracten binnen te halen, imago te verbeteren. Aan het lobbyen worden miljoenen besteed, maar het levert gewoon nóg meer op. Microsoft beheerst het tot in de perfectie.

Over contentmoderatie, de antwoorden van AI in het algemeen en bots in het bijzonder worden óók gemodereerd. Maar het tempo en de schaal liggen zó enorm hoog, is moderatie wel mogelijk? En wat zijn de gevolgen als fouten niet gecorrigeerd worden en op internet blijven rondzwerven? BlenderBot3 beweerde dat ‘sommige regeringen en twee internationale organisaties Maria Renske Schaake een terrorist noemen’. Marietje kwam niet achter de bron voor dit antwoord.

De ‘AI-wapenwedloop’ zorgt voor de lancering van niet geteste updates. Die wapenwedloop geldt niet alleen voor de onderlinge concurrentie van de 4 Amerikaanse bedrijven maar ook ten opzichte van China. China vóór zijn, is nu het frame. In de toekomst zullen AI-systemen bepalen welke doelen door een drone geraakt moeten worden, wie wel of niet een vaccin krijgt, etc. Wie houdt daar toezicht op? En kunnen we er bezwaar tegen maken? Grappig genoeg ziet Big Tech dat hun systemen ontwrichting in de samenleving kunnen veroorzaken, en vragen nu pro-actief om toezicht. Ja, ze willen de verantwoordelijkheid kunnen afschuiven als het misgaat. En OpenAI pleitte voor een licentie-systeem voor AI bedrijven. Slim, want zo kan de sector nieuwe spelers buiten de deur houden. En tegelijkertijd is de sector zeer tégen de regulering vanuit de EU. Ze willen de regulering volledig naar hun hand kunnen zetten.

Soevereiniteit terugwinnen

In 2019 kwam het initiatief voor een Europese cloud: Gaia-X, een poging om Europese soevereiniteit te creëren, zonder de achterdeurtjes van Amerikaanse en Chinese producten. Maar Amazon, Google en Microsoft zijn lid van Gaia-X, omdat inmiddels integratie en gedeelde cloud-standaarden wenselijk zijn.  Europese cloud-bouwers zijn hiermee natuurlijk niet geholpen.

De EU loopt wel voor qua regulering. In 2016 de AVG, die tot een stortvloed van lobbyactiviteiten van Big Tech leidde. Desondanks hebben vele landen regelgeving aangenomen die gemodelleerd was naar de AVG. Een probleem is de beperkte capaciteit voor handhaving, zeker in vergelijking met de budgetten van Big Tech. Nieuwer is de zogenaamde AI-Act, die in 2024 is goedgekeurd en gefaseerd in werking treedt. Hopelijk wordt die ook overgenomen door de rest van de wereld. Dit moet echter samengaan met minder uitbesteding van overheidstaken naar Big Tech.

Tegelijkertijd loopt er in de VS een andere discussie: meer focus op nationale veiligheid dan op de privacy van de burger. Democraten en Republikeinen zijn eensgezind in hun angst voor China’s gooi naar technologisch leiderschap, denk aan het TikTok-verbod. Een mix van de Amerikaanse en Europese aanpak zou ideaal zijn: nationale veiligheid én burgerlijke vrijheden.

In China heerst digitale repressie. De Oeigoeren worden gebruikt als testcase voor data-collectie: ook emoties, en zelfs de poriën van de huid worden gemonitord.  De VS wilde zich daarom ontkoppelen van Chinese technologie, maar de tech-bedrijven zien daar niets in: in China hebben ze een miljard potentiële klanten. Daarnaast is Big Tech afhankelijk van zeldzame aardmetalen en goedkope arbeid in China. China’s strategie inzake digitale technieken is ontwikkelen, zoals met telecom, en aan zich binden, kijk maar naar Afrika. China levert aan veel regeringen in Afrika spionagetechnologie die gebruikt wordt voor onderdrukking, en krijgt in ruil daarvoor toegang tot zeldzame grondstoffen en energie.  En bij belangrijke stemmingen in bijvoorbeeld de VN, kan China rekenen op de steun van veel Afrikaanse regeringen. Dit is de voorbode van grote geopolitieke verschuivingen die een bedreiging vormen voor de liberale democratische orde.

India tenslotte doet iets vergelijkbaars als China, veel in eigen land ontwikkelen, overheidscensuur op content, monitoring voor repressiedoeleinden. De cultuur is wat anders, maar het resultaat hetzelfde.

Autoritaire regimes winnen aan kracht door gebruik van de digitale technieken. En Big Tech? Die zijn alleen geïnteresseerd in markttoegang, en daar maken ze democratische beginselen of mensenrechten ondergeschikt aan.

Het publieke belang eerst

De AI-wetgeving in de EU is risk-based, het focust op de effecten van AI, niet op de techniek, die toch steeds verandert. Classificatie in risico’s is echter lastig voor generatieve AI, die zaken produceert die nauwelijks van echt te onderscheiden zijn. Misleiding is dus een risico. Nepporno zorgt voor trauma’s. Het vertrouwen in het nieuws daalt. De EU wetgevers probeerden het in de Act te verwerken, wat leidde tot een fel debat, en ook het grootste probleem van tech-regulering liet zien: je loopt als wetgever altijd achter de feiten aan. De AI-wet richt zich dan ook niet op de tech-bedrijven, hun buitensporige hoeveelheid middelen, data en rekenkracht, niet op marktdynamiek, niet op systeemrisico’s. En ook niet op wat te doen als de tech-bedrijven de wetten trotseren.  

Het is dus nodig om de wetgeving te richten op de macht van die bedrijven, te zorgen dat de democratie het kader is waarbinnen technologieën worden ontwikkeld en gebruikt. De tech coup, de machtsovername van de tech-bedrijven, moet teruggedraaid worden. Marietje heeft een aantal voorstellen daarvoor.

1. Zo is daar het voorzorgsbeginsel. De huidige toepassingen kunnen geloofwaardig nepnieuws produceren, discrimineren, cyberdreiging verergeren, en transparant toezicht belemmeren. Ze zijn niet beoordeeld op het voldoen aan bestaande wet- en regelgeving. Natuurlijk is het beter om problemen te voorkomen, en niet te wachten tot de schade is aangericht. Sommige problemen zie je niet aankomen: chips voor broodroosters die in Iraanse drones in Oekraïne worden gebruikt. En sommige wel: het gebruik van spyware wat direct resulteert in inbreuk op de privacy van mensen. Gelukkig hebben we al voorbeelden hoe we dit kunnen aanvliegen, bijvoorbeeld rond genetisch gemodificeerde gewassen. Het voorzorgprincipe wordt (natuurlijk) gesaboteerd door de tech-bedrijven: ze brengen nieuwe producten zo snel mogelijk op de markt, faciliteren nauwelijks onafhankelijke beoordelingen, en hebben zelf onderzoekers op de loonlijst staan die positieve beoordelingen produceren. Wat we nodig hebben is iets als de klinische experimenten in de geneeskunde, onafhankelijk multidisciplinair onderzoek en vooral ook: financiering ervoor.

    2. Dan de technologieën die al aantoonbaar antidemocratisch zijn: spyware, (persoonlijke) datahandel, gezichtsherkenning, cryptovaluta. In handen van democratische overheden zijn sommige technologieën (in sommige gevallen) toegestaan, denk aan gezichtsherkenning bij grensovergangen, maar gebruik door bedrijven moet aan banden gelegd worden. Bij cryptovaluta kun je aan licenties met toezicht denken.

    3. Transparantie is de derde maatregel. Het moet bekend zijn wie er achter datacenters zitten, wanneer AI is/wordt gebruikt (label) of juist niet (watermerk), bekendmaking wie investeerders en financiers van bedrijven zijn, publicatie van milieu-effecten van ontwikkeling en gebruik, verantwoordingsplicht van de overheid (en het nakomen van WOO-verzoeken) met name bij uitbesteding van overheidstaken aan bedrijven, en tenslotte het beperken van het recht op geheimhouding in verband met intellectueel eigendom.  

    4. Ook is er: ‘het goede voorbeeld geven’. Overheden kunnen hun inkoopmacht gebruiken om ‘goede’ technologieën te stimuleren, alleen met ethische partijen zaken te doen, en bij aanbestedingen effectieve (dat wil zeggen niet-verouderde) standaarden op te leggen, denk aan Zero Trust en Privacy by design. Contracten zouden gestandaardiseerd moeten worden qua verantwoordelijkheden, rapportages en toezicht. Kleinere overheden hebben zo een betere onderhandelingspositie.

    5. En dan het vergroten van de kennis bij de overheid: niet alleen experts op het gebied van recht en financiën, maar ook technologie-experts binnenhalen voor input in het wetgevingsproces.

    6. Bedrijven die ‘too big to fail’ zijn, de 4 grote platforms, zouden aan extra eisen moeten voldoen, net zoals de grote banken extra eisen hebben qua liquiditeit etc. De platforms hebben dan eisen rond extra toezicht en audits, op algoritmen, privacy en beveiliging. Dit is in de Digital Services Act deels opgenomen.

    7. Voor cyberincidenten zou er een arbitragehof kunnen worden opgetuigd, die onderzoekt en bepaalt wie er voor een cyberaanval verantwoordelijk is. Hierbij is het ook nodig om definities en normen te hebben voor beveiliging en regelgeving van grensoverschrijdende publieke ruimten, denk aan de zeekabels en de satellieten.

    8. Gelijkgestemde landen moeten samenwerken: een gezamenlijke missie, uitvoering en handhaving. Voorbeelden zijn de Declaration for the Future of the Internet en de AI Advisory Body van de VN. Veel wordt gedragen door de G7 en de G20. Maar daar knelt het: het Mondiale Zuiden valt er buiten, en China zal zich er niet naar voegen. In dit kader is het ontwikkelen van een ‘publieke stack’ van belang. Momenteel zijn veel overheidsinstanties, inclusief universiteiten, afhankelijk van hun IT-leverancier: er is ‘vendor lock-in’. Dit levert nationale veiligheidsrisico’s op.

    9. Het ontwikkelen van wetgeving en handhaving moet op de schop. Er wordt te weinig gehandhaafd, deels door gebrek aan capaciteit, deels door te nauw mandaat. Meer personeel, geld en mandaat is nodig, met wetten die principle-based zijn, en sancties die overtuigend zijn.

    Conclusie

    De buitensporige macht van tech-bedrijven heeft invloed op mensen, markten, bestuur, veiligheid en geopolitiek. Nergens is de democratie erop vooruit gegaan, maar het autocratische model is er juist door opgebloeid. Techbedrijven zijn tussenpersonen geworden in diplomatie, ontwikkeling en democratie, en onderweg hebben ze historische winsten geboekt. Dat is niet goed. Deze tech coup moet worden teruggedraaid.

    Innovaties in technologie hebben veel goeds gebracht. Maar de menselijke maat en gemeenschapszin van populaire technologieën worden verdrukt door honger naar omzet en winst. De macht is van democratische instellingen verlegd naar bedrijven, en het risico van tirannie van die bedrijven is reëel. De leiders van de tech-bedrijven hebben niet het mandaat en zeker niet het morele besef om zo’n groot deel van onze samenleving te sturen. De tech-coup heeft het sociale contract tussen de staat en haar burgers herschreven.  

    Zodra beleidsmakers deze problemen onder ogen zien, kunnen ze ingrijpen, ze zijn er toe in staat en hebben de mogelijkheden ervoor. AI, maar ook ontwikkelingen in kwantum-, bio-, en neurotechnologie kunnen een bepalende invloed hebben op ons bestaan, het zelfs kunnen uitroeien … Daarom is er geen tijd te verliezen. Maar we verliezen onszelf in kleinzielig politiek gekibbel. We moeten debatteren over de juiste plaats van technologieën in onze samenleving, en dan de juiste leiders kiezen, zij die het algemeen belang dienen.

    ‘Pas als burgers de macht weer hebben, zal de tech-coup voorgoed ten einde zijn.’

    Mijn mening over De tech coup?

    Wat ik van dit boek vond, lees je later in mijn recensie.

    Andere Booknotes

    Lees ook mijn Booknotes van:

    Geschiedenis van morgen

    Nexus

    Stil

    Een immense wereld

    De codekraker

    Geplaatst in IT, Maatschappij | Tags: , , , , , , | 1 reactie

    Recensie: Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021 – ter overdenking

    Roxane van Iperen hield een voordracht bij de herdenkingsbijeenkomst 4 mei 2021; Daan Rovers schreef een essay voor 5 mei 2021, beiden in opdracht van Het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Beide stukken zijn gebundeld in een klein boekje: de Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021 met Stemmen uit het diepe en Het fundament van vrijheid. Ik las het op 7 oktober 2025, 2 jaar na de aanval van Hamas op Israëlische burgers, en na 2 jaar onafgebroken oorlog in Gaza met een potentieel vredesakkoord in de coulissen.  

    Er zitten interessante filosofische punten ter overdenking in beide stukken. Over de waarheid niet willen weten, en over de pijlers van vrijheid. Over dingen goedpraten, en vrijheid van meningsuiting.

    Het maatschappelijke boekje Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021  …

    … is onderdeel van een serie, elk jaar komt er zo’n boekje uit. En elk jaar zijn er weer andere schrijvers. In het jaar 2021 waren dat een van mijn favoriete auteurs: Roxane van Iperen, en een voor mij onbekende ‘denkster’: Daan Rovers.

    Stemmen uit het diepe

    Roxane gaat in op het volhouden van ons niet-weten, het niet willen luisteren naar álle stemmen. Ze wijst ons erop dat de Nederlandse joden volledig geïntegreerd waren: ze spraken de taal, leefden al eeuwen tussen ons. En tóch werd 75% van hen vermoord. Ze waren tóch inferieur. In Duitsland werden 200.000 ouderen, zieken en mensen met een beperking vermoord, want ‘nutteloze eters’. Het Duitse volk protesteerde niet. In Apeldoorn werd het Apeldoornse Bosch, een Joodse instelling voor psychiatrische patiënten, ontruimd, 1250 mensen. In Apeldoorn werd er nooit over gesproken. Wist u het? ‘Nee, ik niet. Nee’.

    We willen domweg niet alle stemmen horen, die vertellen ons misschien iets wat we niet willen weten. In Roxane’s huis (’t Hooge Nest) zaten ooit onderduikers, en zij vraagt mensen of ze iets over die tijd weten, over onderduikers, treinen naar vernietigingskampen, NSB-ers. ‘Nee, ik niet. Nee.’

    Pas na publicatie van haar boek komen de verhalen los, van mensen die het meegemaakt hebben, maar erover zwegen. We kunnen niet leven in een mythe van ‘weerbaar volk’, we moeten weten hoe het écht was. Het verzet was zeker geen nationaal verzet, ons zelfbeeld is vals. We waren zwijgende omstanders. Het is (nog steeds?) te pijnlijk om dieper te gaan.

    Het fundament van vrijheid

    Daan bespreekt de inperking van vrijheden die de coronacrisis met zich meebrengt (2021, weet je nog wel). We vinden ‘vrijheid’ een belangrijke waarde. Keuzevrijheid, bewegingsvrijheid, vrijheid van meningsuiting. Spinoza roemt in de 17-de eeuw ons staatsbestel: hoe verschillend de burgers ook zijn qua mening, religie, gebruiken, ze worden allemaal gelijk behandeld. Jouw vrijheid mag niet ten koste gaan van de vrijheid van en ander.  

    Tijdens de coronacrisis werd de bewegingsvrijheid beperkt, maar de vrijheid van meningsuiting niet. Dat is het verschil met een bezetting, zoals in de Tweede Wereldoorlog. Maar het toont aan dat vrijheid kwetsbaar is. De fundamenten van de vrije samenleving, zoals onafhankelijke rechtsspraak en principiële gelijkheid moeten we blijven beschermen en versterken.

    Mijn evaluatie van Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021

    In een half uurtje een aantal punten voor urenlange overdenking aangereikt krijgen, wie wil dit nu niet?

    Ik gaf het, wegens de geringe omvang, geen rating.

    Lees Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021  duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
    • of uit een minibieb!

    Koop Dubbeluitgave 4 en 5 mei 2021 duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • niet meer beschikbaar bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
    • of via B-Corp Bol (aff).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , , | 2 reacties

    Recensie: De bestedeling – boeiend en saai

    Menno Lanting kennen we van zijn vele boeken over IT, AI, digitalisering. Zonder uitzondering uitstekend geschreven, met veel voorbeelden, gericht op nieuwe ontwikkelingen en ruim baan voor de menselijke aspecten. De bestedeling uit 2025 is een heel ander boek, zowel qua onderwerp, ‘kinderveilingen’, qua richting, namelijk terugkijkend, als qua schrijfstijl. Het resultaat is een boek dat zowel boeiend als saai is. Ja, dat kan dus …

    Een bestedeling is iemand, vaak een kind, die niet meer verzorgd wordt en zo ten laste van de overheid komt. Het gaat naar een weeshuis, of wordt ‘uitbesteed’ aan een gezin dat een vergoeding voor kost en inwoning ontvangt. Het gezin dat het laagst biedt om deze zorgtaak uit te voeren, krijgt het kind. Vandaar kinderveilingen. Zo’n gezin deed hier soms aan mee uit sociale overwegingen, maar veel vaker om er geld aan te verdienen. Verwaarlozing en uitbuiting waren dus geen uitzondering. Daarover lezen was bepaald schokkend.

    Het geschiedenisboek De bestedeling …

    … heeft als uitgangspunt het leven van Menno’s overgrootmoeder, Geesken Staal, die in 1877 binnen enkele dagen zowel haar vader als haar moeder verloor. Ze was nog maar 5 jaar. Binnen de familie van Menno is maar weinig bekend over het leven van Geesken: er zijn vrijwel geen foto’s of brieven bewaard gebleven en Geesken sprak met haar gezin nooit over haar jeugd. Er was een gerucht dat ze in een kindertehuis in Deventer had gezeten. Geesken overleed op haar 45-ste in het kraambed.  Menno wil wat meer weten over zijn overgrootmoeder en gaat op onderzoek uit, beginnend bij het Stadsarchief van Deventer.

    Daar weet hij de hand te leggen op een flinke stapel documenten over zijn overgrootmoeder, en haar 5 broers en zusters. Nadat de ouders, Lodewijk en Hendrika, zijn overleden, komt de rest van de familie bij elkaar bij het kantongerecht om de voogdij te regelen. Er zijn twee ooms en twee opa’s bij. Niemand wil de kinderen in huis hebben. De ooms waren beiden ongetrouwd, de opa’s behoorlijk oud, waarschijnlijk was dat de reden. De voogdij wordt wél geregeld: een opa is voogd en een oom toeziend voogd.  Er is geen geld, de kinderen hebben niets anders dan de kleren die ze dan dragen. Het stadsbestuur van Deventer besluit dat de kinderen naar het kindertehuis gaan. Maar …. daar blijven ze niet.  

    Geesken’s uitbesteding

    Tot Menno’s verbazing vindt hij ‘uitbestedingsformulieren’ in de stapel papier. Na lang zoeken ontdekt hij dat de kinderen zijn uitbesteed aan diverse boerenfamilies in de Achterhoek. Ze bleven niet bij elkaar, maar gingen naar verschillende pleeggezinnen. En ze waren dat jaar de enigen niet: van de 30.000 weeskinderen zaten er maar 10.000 in een weeshuis, de rest was uitbesteed. Dat waren bestedelingen. Ze werden behandeld als goedkope arbeidskrachten, kregen nét genoeg te eten en nauwelijks nieuwe kleding. Ze waren verkocht als handelswaar (ik zou het zelf slaven noemen…).

    Menno besluit het fenomeen bestedeling verder te onderzoeken.

    Dat begint met de lokale omstandigheden in 1877: aan het eind van de 19-de eeuw heersten er veel besmettelijke ziekten: cholera, tyfus, pokken, tbc. Lodewijk en Hendrika zijn waarschijnlijk aan tyfus overleden. In zo’n geval wordt er alles gedaan om verdere verspreiding te voorkomen: alle persoonlijke spullen worden verbrand, het huis ontsmet, hele wijken afgesloten. Lodewijk en Hendrika werden in afzonderlijke, algemene graven begraven, zonder grafsteen. Die graven zijn er niet meer, ze zijn al na 10 jaar geruimd.

    De 6 kinderen Staal zijn redelijk te volgen, Menno geeft kort weer wat hij heeft kunnen vinden over wie de pleegouders waren, met wie de kinderen trouwden en waar en wanneer ze overleden. Soms is er wat briefwisseling beschikbaar vanuit het weeshuis, die formeel toezicht hield op de bestedelingen. Geesken overleed in 1916, op 44 jarige leeftijd (?) waarschijnlijk aan een ziekte (?).

    De kinderveilingen

    Het volgende hoofdstuk gaat in op het proces van de veilingen, Menno beschrijft een dag in 1780, waarbij ‘boeren, schippers en herders verwachtingsvol afwachten of er iets van hun gading tussen het aanbod zal zitten’. Daarna analyseert hij de oorzaak van de veilingen vanaf ongeveer 1300: armoede, oorlog, hongersnood. De families konden niet meer voor hun hulpbehoevenden zorgen, de kerk sprong in. Ze gaven voedsel, kleding, geld, én regelden pleegzorg. Dat was de start van uitbesteding. Vanaf de 15de eeuw nam het aantal wezen in de (steeds grotere) steden toe, en ging het stadsbestuur zich ermee bemoeien. Naast weeshuizen kwamen er ook armenhuizen, dolhuizen en tuchthuizen. In kleinere steden en op het platteland waren er te weinig weeshuizen en bleef uitbesteding nodig. De ‘weeskamer’ was verantwoordelijk. Maar ook in de grote steden werd dit nodig: er kwamen steeds meer kinderen, niet alleen wezen, maar ook vondelingen, en eenvoudig verlaten kinderen. De weeshuizen konden het niet meer aan, en uitbesteding volgde.

    Bestedelingen werden tussen 1700 en 1800 ook uitbesteed aan de VOC en kwamen op de grote vaart terecht. Vanaf 1690 gingen er bestedelingen naar planters in Suriname, maar dat was geen succes, de kinderen waren te zwak voor het harde leven en het klimaat. En er gingen bestedelingen naar fabrieken, zoals de weverijen in Enschede. In Veenhuizen was een ‘vrije kolonie’ en daar werd een kazerne voor 1200 wezen gebouwd, waar de kinderen uit de grote steden naartoe werden gestuurd. ‘Mensonwaardige omstandigheden’, zo lees ik. In 1869 werden al deze gestichten opgeheven.

    De bestedelingen, namen en jaartallen

    Tot zover is dit boek heel interessant en prettig te lezen. In deel 2 verandert dit. Menno duikt diep in de veilingen en voert veel geveilde kinderen ten tonele, in een nogal formele schrijfstijl. Daarna komen er wat prettiger te lezen levensverhalen van bestedelingen, zoals het verhaal van Jantje Fief, wat ontleend is aan het gelijknamige boek uit 1890.

    In deel 3 gaat Menno diep in op de levens van de bestedelingen. Onder andere komen de verschillende oorzaken van hun bestedelingschap aan de orde: te vondeling gelegd, achtergelaten want te lastig, ouders in de gevangenis. Ik vond dit deel al wat droger worden. En het loopt vaak slecht af met de bestedelingen, het uitbesteden hielp hen bepaald niet.

    In deel 4 krijgen de bestedelingen die ‘overleefden’ en zelfs opbloeiden de aandacht, mooi, want in het voorgaande is wel heel veel ellende te lezen. Maar ook in dit deel gaat het ook over verwaarlozing, mishandeling, zelfmoord. Er komen veel namen en jaartallen voorbij, te veel naar mijn smaak.

    Reflectie

    Menno eindigt met zijn persoonlijke reflectie. Anno nu wordt de verzorgingsstaat afgebroken, de omstandigheden bij de Jeugdzorg zijn superslecht. Mensen blijven lang vastzitten in armoede door een onhandig toeslagensysteem en steeds verdere bezuinigingen. Leerpunt uit de geschiedenis volgens Menno: mensen hebben een steuntje in de rug nodig. We maken echter nu dezelfde fouten als toen. Zo wordt het niet beter.   

    Mijn evaluatie van De bestedeling

    Het fenomeen bestedeling kende ik niet en de veilingen waren ook nieuw voor me. Dat hier leerpunten uit te halen zijn voor de huidige situatie is best duidelijk: als je nauwelijks geld uittrekt om de mensen te helpen, help je ze gewoon niet. Uitbuiting en verwaarlozing komt misschien minder voor, maar mensen komen nog steeds slecht uit de armoedeval.

    Menno heeft een poging gedaan om de levensverhalen van vele bestedelingen te clusteren naar oorzaken en uitkomsten, maar op mij komt een groot deel van het boek toch over als een (te) grote verzameling namen en jaartallen. Qua analyse komt er onvoldoende uit, de structuur had wel beter gekund.

    Het eerste deel, wat voornamelijk over de familie Staal gaat, vond ik het best, omdat het prettig leest en op hoog niveau de context beschrijft. Het voelt persoonlijker aan dan de rest van het boek.  Want ook al gaat het hele boek over bestaande mensen, doordat het allemaal onbekenden voor Menno zijn, blijft het in de overige delen vaak een wat droge opsomming van feiten en jaartallen, en komen omstandigheden en emoties te weinig aan de orde om echt tot levendige voorbeelden te komen. Dat is begrijpelijk, omdat dit alles zich afspeelt tot 1950, betrokkenen vaak al dood zijn en nabestaanden van niets blijken te weten. Alle informatie komt dus uit officiële documenten en soms brieven, die ook best formeel zijn. Het boek heeft geen illustraties, die de boel misschien nog wat hadden kunnen verlevendigen.

    Die formele bronnen hebben naar mijn gevoel ook de schrijfstijl beïnvloed: wat statig woordgebruik waar Menno normaal gesproken veel vlotter schrijft. Dat is in zijn persoonlijk stukken beter, maar veel daarvan zijn niet zo heel relevant. Als hij op zoek gaat naar de betreffende boerderij, of het ouderlijk huis, blijken deze er vaak niet meer te zijn. De omschrijving van de omgeving kan dan wel aardig zijn, maar ik kan er weinig mee in relatie tot de betreffende bestedeling. Was de sfeer vergelijkbaar met 100 jaar geleden? De volgorde van de zinnen vond ik soms onlogisch en sommige zinnen lopen ook helemaal niet. Daarnaast zitten er wat foutjes of tegenstrijdigheden in de jaartallen. Zoals bij Alex, die 2 jaar na zijn dood een brief schrijft. En Geesken. Stierf zij op haar 44ste of 45-ste? Aan een ziekte of in het kraambed?

    Ik denk dat dit onderwerp beter tot zijn recht had kunnen komen door er fictie van te maken, á la ‘t Hooge Nest, als een levendig, geromantiseerd verhaal over Geesken, gebaseerd op die droge feiten.

    Voor mij was het duidelijk: ik móest dit boek lezen, want Menno is ‘familie’. Maar voor anderen is dit geen Must Read, je mist niets.

    Conclusie bij De bestedeling

    Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

    Vorm: Aansprekend-, Verzorgd 0, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl 0

    FOMO -. 

    Ik gaf het boek 3*

    Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

    Ik kreeg het boek toegezonden door Menno, voor een recensie.

    Lees De bestedeling duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek; 
    • of uit een minibieb!

    Koop De bestedeling duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
    • of via B-Corp Bol (aff).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , , , | 4 reacties

    Topboeken: de beste boeken van Q3 2025

    In Q3 van 2025 las ik weer een hele stapel non-fictie boeken, recent gepubliceerde én klassiekers. Natuurlijk schreef ik er recensies over. En ik gaf ze een rating. Hieronder vind je de 4 beste boeken van afgelopen kwartaal, ik gaf ze 4 1/2 en 5*. Zoek je nog inspiratie? Lees dan zéker deze 4! Of anders kies je iets uit de 8 ‘runners up’! Ga Lekker Lezen en Efficiënt Leren!

    Mijn top 4 non-fictieboeken van Q3 2025

    Einstein – Einstein, The Man, The Genius and The Theory of Relativity (2018) – 5*

    Een biografie in de vorm van een koffietafel-boek, dat zie je toch niet vaak! Einstein, The Man, The Genius and The Theory of Relativity van Walter Isaacson uit 2018 is zo’n boek. Prachtig uitgevoerd, en met minstens zoveel persoonlijke details over Albert, als uitleg over zijn theorieën. We kennen Einstein natuurlijk van E=mc2, maar dit is maar een fractie van wat hij verzon. Wist je dat hij aan de wieg stond van de atoombom? Daar had hij, in retrospect, spijt van. En wist je dat bij bijna President van Israël was geworden? Maar als kind was Einstein bepaald geen Einstein …. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol.

    De nieuwe macht – Different kind of power (2025) – 4 1/2

    Wie kent haar niet? Jacinda Ardern, oud-premier van Nieuw-Zeeland. Ik herinner mij de introductie van de Welzijns-index, naast het bbp, om de staat van het land te meten. En de Christchurch-aanslag. Natuurlijk ben ik heel nieuwsgierig hoe zij, jong, vrouw, haar leiderschap in die periode heeft ingevuld. Jacinda geeft hier in haar boeiende autobiografie De nieuwe macht uit 2025 uitgebreid antwoord op. De autobiografie beperkt zich zeker niet tot haar politieke carrière, de eerste 100 pagina’s gaan over haar jeugd. Die periode geeft veel aanknopingspunten voor haar manier van leiden. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Libris

    De codekraker – The code breaker (2021) – 4 1/2*

    Walter Isaacson is mijn favoriete biograaf. Hij schreef ook de biografieën van Elon Musk, Steve Jobs en Leonardo Da Vinci, en die vond ik allemaal geweldig. In 2021 schreef hij de biografie van Jennifer Doudna: De codekraker. Jennifer wie? Precies. Een Nobelprijs-winnares waar ik nog nooit van had gehoord. Dus hup, aan de lees, en na 500 pagina’s was ik wéér enthousiast. Deze biografie is even boeiend en goed geschreven als Isaacson’s vorige pennenvruchten. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Libris

    Sapiens, een beeldverhaal deel 1 (2020) – 4 1/2*

    Je zult wel denken: gaat ze nu ook al recensies schrijven over strips? Nou nee, maar voor deze maak ik (weer) een uitzondering. Het is het eerste deel van een strip naar Sapiens van Yuval Noah Harari, wat ik een geweldig boek vond! Maar, het origineel is wat dik, dus misschien had niet iedereen daar zo’n zin in. Deze strip-versie uit 2020 gaat over onze evolutie tót de Agrarische Revolutie, en is boeiend, grappig en relatief snel te lezen. O ja, en voor volwassenen. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Libris

    Verder las ik deze 8 non-fictie boeken:

    Geschenken van het krentenboompje van Robin Wall Kimmerer (2025) – 4* (recensie)

    De genocidefax van Roxane van Iperen (2021) – 4* (recensie)

    De biograaf van Alain de Botton (1995) – 4* (recensie)

    Dit wil je echt niet weten van Huib Modderkolk (2025) – 3 1/2* (recensie)

    Eigen planeet eerst van Roxane van Iperen (2025) – 3 1/2* (recensie)

    Durf moedig te zijn van Mariann Budde (2025) – 3 1/2* (recensie)

    Klimaatgetto’s van Christel Don (2025) – 3 1/2* (recensie)

    De Vorstin van Harriet Rubin (1997) – 2 1/2* (recensie)

    Zit er wat voor je bij?

    En hoe staat het met mijn voornemen om 50% van vrouwelijke auteurs te lezen? Heel goed! Dit kwartaal waren 7 van de 12 boeken van een vrouwelijke auteur.

    Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | Plaats een reactie

    Familie: ‘neef’ Rutger Bregman

    Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘neef’ Rutger Bregman.

    Waar schrijft ‘neef’ Rutger Bregman over?

    ‘Neef’ Rutger schrijft over maatschappelijke kwesties, denk aan duurzaamheid en sociale ongelijkheid. Hij zet zijn mening meestal lekker stevig neer, zodat het flink veel discussie oplevert. Geen wonder dat hij naast auteur, ook gezien wordt als opiniemaker. Zijn boeken zijn ook meestal activistisch van inslag, hij roept op tot verandering. Bij zijn meest recente boek, Morele ambitie, is hij ook zelf met zijn oproep aan de slag gegaan: hij heeft een ‘school’ voor morele ambitie in het leven geroepen.

    In 2024 zegt hij in de Nieuwe Revu hierover het volgende: ‘We moeten herdefiniëren wat het betekent om succesvol te zijn. Het is niet vet om jezelf te omringen met dure en overbodige spullen, het is vet om aan heel wezenlijke projecten bij te dragen en zoveel mogelijk goed te doen voor mensen en dieren. Daar mag je ook best een beetje ijdelheid bij voelen, het is alleen maar menselijk om te denken: ik werk aan mijn nalatenschap.’

    Heeft ‘neef’ Rutger Bregman andere zakelijke activiteiten?

    ‘Neef’ Rutger is oprichter van de The School for Moral Ambition. Daar startte hij in 2023 mee en hij financiert het (mede) met de opbrengsten van het boek ‘Morele Ambitie’. Ook een deel van het geld wat bestseller ‘De meeste mensen deugen’ opbracht heeft hij in de school geïnvesteerd. Eind 2024 richtte hij de Amerikaanse tak van de school op.

    Verder is hij spreker en doet/deed hij theatercolleges. Je ziet hem ook in veel nationale én internationale talkshows als er nét weer een boek uit is.

    Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘neef’ Rutger Bregman uit?

    ‘Neef’ Rutger werd op 26 april 1988 geboren in Renesse. Hij groeide op in Zoetermeer. Zijn vader was dominee, zijn moeder lerares in het speciaal onderwijs. Hij heeft 2 oudere zussen. Rutger is getrouwd met fotografe Maartje ter Horst en samen hebben ze een dochter. Hij woont in Houten.

    Over zijn hobbies zegt ‘neef’ Rutger het volgende: ‘Als ik niet aan het werk ben, dan ben ik een beetje aan het gamen, een beetje aan het pils drinken met vrienden, een beetje aan het wandelen, een beetje aan het boulderen, een beetje met mijn zus aan het ouwehoeren. Ik ben fan van bordspelletjes. Samen met een goede vriend speelde ik bijvoorbeeld Gloomhaven, het ultieme bordspel.’

    Rutger studeerde onder meer Geschiedenis aan de Universiteit Utrecht waar hij zijn bachelor behaalde in 2009 en master in 2012. De UU benoemde hem in 2020 als Alumnus van het Jaar. In zijn studententijd was hij lid van de christelijke studentenvereniging SSR-NU. Natuurlijk schreef hij essays voor het studentenblad. Ook studeerde hij aan de University of California (UCLA).

    Hoewel hij aanvankelijk een carrière als academisch historicus overwoog, koos hij uiteindelijk voor de journalistiek. Hij begon zijn loopbaan bij De Volkskrant en schreef vervolgens tien jaar voor De Correspondent. Van 2016 tot medio 2024 maakte hij daar, samen met Jesse Frederik, de podcast ‘De Rudi en Freddie-show’.

    Enkele belangrijke momenten uit zijn loopbaan tot nu toe:

    In 2013 ontving hij de jaarlijkse boekprijs van de denktank Liberales voor het meest opmerkelijke Nederlandstalige non-fictieboek, De geschiedenis van de vooruitgang. 

    In 2015 schreef hij samen met Jesse Frederik het essay voor de Maand van de Filosofie, Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers.

    Op 13 juni 2017 deed hij een TEDtalk: ‘Poverty isn’t a lack of character; it’s a lack of cash’. Het is op YouTube al meer dan 1,8 miljoen keer bekeken.

    In de uitzending van Tegenlicht eind 2018 noemde hij David Graeber de belangrijkste denker van dat moment. Dat verbaasde mij niet, de denkbeelden én de schrijfstijl van ‘neef’ David lijkt veel op dat van ‘neef’ Rutger, hij is zeker door hem geïnspireerd.

    In januari 2019 wordt ‘neef’ Rutger uitgenodigd deel te nemen aan het World Economic Forum (WEF) in Davos, een jaarlijkse meerdaagse conferentie van de rijkste en machtigste mensen op de planeet. Zijn boek Gratis geld voor iedereen, waarin hij pleit voor het basisinkomen, inmiddels vertaald in meer dan dertig talen, heeft ook daar aandacht getrokken. Hij pleit daar nogal recalcitrant voor hogere belastingen, dat is veel effectiever dan filantropie. Het leidt tot opschudding. Het filmpje daarover is meer dan 30 miljoen keer bekeken.

    Enkele weken na zijn optreden in Davos in 2019 werd ‘neef’ Rutger voor een interview uitgenodigd door Fox News-presentator Tucker Carlson. Tijdens het gesprek confronteerde hij zijn gastheer ermee dat deze als miljonair, werkend voor een organisatie van miljardairs, tot de doelgroep behoort die hij bekritiseert. Zijn pleidooi voor belastingbetaling in plaats van -ontwijking gold dus ook voor hem. Carlson bleek een heel ander verloop van het interview verwacht te hebben en maakte er met enkele krachttermen een eind aan en besloot het niet uit te zenden. Rutger had echter met zijn smartphone een opname gemaakt. Na zorgvuldige afweging besloot hij die opname te publiceren, omdat het zijn missie voor economische gelijkheid kan dienen. Het filmpje ging viraal, op een YouTube-kanaal is het al 4,3 miljoen keer bekeken.

    In 2023 was hij te gast in het Nederlandse televisieprogramma ‘Van Rossem Vertelt’ van zijn collega historicus Maarten van Rossem waar zij filosofeerden over de komende 80 jaar.

    Welke boeken schreef ‘neef’ Rutger Bregman?

    ‘Neef’ Rutger schreef 9 boeken, waarvan ik er 6 las, en daarvan 3 recenseerde. De andere 3 staan natuurlijk op mijn leeslijst. Van ‘De meeste mensen deugen’ schreef ik een Samenvatting.

    Morele revolutie (2025)

    Flaptekst: ‘De westerse wereld verkeert in een morele crisis. Niet de meest bekwame, maar de meest schaamteloze leiders komen aan de macht. In zijn BBC Reith Lectures — hier in ongecensureerde vorm — brengt Rutger Bregman zijn hele oeuvre samen in een pleidooi voor een morele revolutie.’ Ongecensureerd? Ja, de BBC haalde Rutger’s opmerking, dat ‘Trump de meest openlijk corrupte president in de geschiedenis van de VS is’, uit de uitzending. Maar in dit boek zit het er nog gewoon in. Ik las de Reith Lectures afzonderlijk via De Correspondent, die ook dit boekje uitgaf. Ik ga het dus niet nógeens lezen, en ook niet recenseren. Voorlopig …. Koop bij Libris

    Morele ambitie  (2024)

    Ben ik een masochist? Ik vroeg het me even af, toen ik glimlachend en met veel plezier dit boek las. ‘Neef’ Rutger betoogt hierin dat velen van ons, onze talenten verspillen met werk dat de maatschappij geen goed doet. De spiegel die me werd voorgehouden, gaf geen fraai beeld, de voorbeelden van effectievere mensen gaven me een schuldgevoel. En ik lachte hardop …. De confronterende vragen en onaangename feiten in Morele ambitie doen pijn. Ik vond me altijd wel een van de Meeste mensen die deugen, maar inmiddels weet ik dat ik een gemakzuchtige verspiller ben. Ik heb zó weinig impact dat ik net zo goed niet had kunnen bestaan. Gelukkig geeft Rutger een aantal uitgangspunten waarmee ik, maar met name de volgende generatie, aan de slag kan. Lees mijn recensie | Koop bij Bol

    Wat maakt een verzetsheld? (2021)

    Dit is een vrij onbekend boek van ‘neef’ Rutger en ik moet ook bekennen dat ik het nog niet las. Het is een essay van zo’n 70 pagina’s. Flaptekst: In normale tijden heeft een land maar weinig helden nodig. Maar wat als de tijden niet normaal zijn? Dit is het verhaal van Arnold Douwes, een van de grootste verzetsstrijders van Nederland. Uit een recensie: Douwes redde tijdens WOII zo’n 350 Joden, maar bleek voor en na de oorlog een bijna onmogelijk mens te zijn. Wat maakt dan zo’n verzetsheld, vraagt Rutger zich af. Echt te typeren valt dat niet. Maar uit onderzoek blijkt: “Uiteindelijk bleek één omstandigheid bijna allesbepalend. (…) Je moest gevraagd worden. Wie gevraagd werd om een Jood te helpen, zei vrijwel altijd ja.” Koop bij Bol

    Het water komt (2020)

    Een klein, dun boekje met een grote, belangrijke, goed geformuleerde boodschap die nog steeds geldt: we zijn niet voorbereid op de zeespiegelstijging. Ondanks alle klimatologen en andere kenners, die ons blijven waarschuwen … Klinkt bekend? Voor de echte ouderen onder ons waarschijnlijk wel.. Want hetzelfde gebeurde ons vóór 1953. Rutger gebruikt het levensverhaal van Johan van Veen om de gebeurtenissen rond die tijd lekker levendig te schetsen. Hij voorspelde de Watersnoodramp van 1953. Niet één keer, maar 20 jaar lang. We deden niks. Nou ja, we bouwden de Deltawerken. Ná de ramp. En nu is er wéér strijd nodig. Tegen het water én tegen onze apathie. Lees mijn recensie | Koop bij Bol.

    De meeste mensen deugen (2019)

    Een dikke pil, die van begin tot eind boeit en je vrolijk stemt. We zijn niet van nature slecht, stelt ‘neef’ Rutger. We denken alleen dat we dat zijn, en daarom gedragen we ons zo. En we denken dat, omdat we veel historie èn onderzoeken verkeerd interpreteren. We kunnen de wereld dus verbeteren door uit te gaan van het goede. Hoe simpel kun je het maken? Dik, maar zó uit door de bijzonder prettige schrijfstijl die vaak grappig is, maar ook meeslepend. Daarbij is het heel breed, a la Yuval Noah Harari, en bijzonder boeiend als je van wetenschappelijk onderzoek in een verhalend jasje a la Malcolm Gladwell houdt. Ga naar mijn Samenvatting | Lees mijn recensie | Koop bij Bol

    Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers (2015)

    Ik las dit essay wat Rutger samen met Jesse Frederik schreef nog niet, daarom de flaptekst: Hoe is het toch mogelijk dat de mensen waar we overduidelijk niet zonder kunnen – vuilnismannen, politieagenten, verplegers – zo slecht verdienen, terwijl onbelangrijke, overbodige of zelfs schadelijke bankiers, lobbyisten en consultants veel beter boeren? Dit is de vraag waarmee het boek de patstelling in het debat over ongelijkheid wil doorbreken. Aan de hand van oude en moderne denkers, van Aristoteles tot Piketty, laten Rutger en Jesse zien dat er niets vanzelfsprekend is aan de verdeling van inkomen en vermogen. In de overtuiging dat economen te weinig weten van filosofie, en filosofen te weinig van economie, tillen ze de discussie naar een hoger plan. Koop bij Bol

    Gratis geld voor iedereen (2014)

    Ik las het boek, maar schreef destijds geen recensie. Dus hierbij de flaptekst: Het probleem is niet dat we het niet goed hebben. Het probleem is dat we niet weten hoe het beter kan. In deze internationale bestseller laat Rutger zien hoe ideeën de wereld kunnen veranderen. Iedere mijlpaal van beschaving – van het einde van de slavernij tot het begin van de democratie – was ooit een utopische fantasie. Nieuwe utopieën zoals een gegarandeerd basisinkomen en een werkweek van vijftien uur kunnen ook werkelijkheid worden. In onze tijd. Koop bij Bol.

    De geschiedenis van de vooruitgang (2013)

    Ik las dit boek van ‘neef’ Rutger nog niet, dus hierbij de flaptekst: De geschiedenis van de vooruitgang nadert haar einde. Wij zijn rijker, gezonder en veiliger dan ooit, maar voelen ons steeds vaker tekortgedaan. Waar komt dat onbehagen vandaan? Waarom heeft de vooruitgang zijn beloftes niet ingelost? Rutger neemt de lezer mee op een reis van de Oerknal tot nu, van het vlaggenschip van Columbus naar het laboratorium van Thomas Edison, van de oudste grotschilderingen naar de beursvloeren op Wall Street, hij verweeft natuurkunde en archeologie, biologie en psychologie, filosofie en geschiedenis in één wervelend betoog. Koop bij Bol

    Met de kennis van toen (2012)

    Ik dacht dat dit Rutger’s afstudeerscriptie was, maar weet het niet zeker. Ik las het (nog) niet. Flaptekst: Het verleden staat voortdurend in het middelpunt van onze belangstelling – en de aandacht ervoor lijkt almaar toe te nemen. Toch weten we weinig van vroeger. Er zijn zelfs historici die beweren dat je van de geschiedenis niet eens kunt leren. Maar tegelijkertijd spannen politici, columnisten en andere profeten het verleden steeds weer voor hun karretje. ‘Neef’ Rutger bindt de strijd aan met de moderne geschiedvervalsers en gaat provocerend op zoek naar de echte eyeopeners die het verleden biedt. Van pedofielen tot straatterroristen, van islamisering tot secularisering, van de Arabische lente tot WikiLeaks, van Geert Wilders tot Job Cohen – originele dwarsverbanden en verrassende conclusies. Verplichte kost voor iedereen die verder wil gaan dan de waan van de dag. Koop bij Bol

    Andere publicaties

    Rutger schreef ook een aantal essays voor Engelstalige kranten en bladen. Hier vind je een overzicht.

    Verantwoording

    Alle informatie is ontleend aan Revu, Wikipedia, Bol, Rutgers eigen website.

    Meer weten over mijn familie?

    1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
    2. En in februari nicht Jitske Kramer.
    3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
    4. April was voor nicht Naomi Klein.
    5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
    6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
    7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
    8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
    9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
    10. En in oktober nicht Danielle Braun.
    11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
    12. December was voor nicht Brené Brown.
    13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
    14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
    15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
    16. April was voor nicht Kate Raworth.
    17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
    18. En in juni nicht Roos Vonk.
    19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
    20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
    21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
    22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
    23. In november was de beurt aan neef Adam Grant
    24. December was voor nicht Susan Cain
    25. In januari 2025 stelde ik neef Kees Klomp aan je voor.
    26. En in februari nicht Nadine Maarhuis.
    27. In maart was de beurt aan oom Robert Cialdini
    28. April was voor tante Jane Goodall
    29. In mei stelde ik neef Jaap Bressers aan je voor
    30. En in juni nicht Babette Porcelijn.
    31. In juli was de beurt aan mijn neef Yuval Noah Harari
    32. Augustus was voor nicht Robin Wall Kimmerer
    33. In september (update februari 2026) stelde ik neef Rutger Bregman aan je voor.

    Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 6 reacties

    Recensie: Sapiens, een beeldverhaal deel 1 – subliem!

    Je zult wel denken: gaat ze nu ook al recensies schrijven over strips? Nou nee, maar voor deze maak ik (weer) een uitzondering. Het is het eerste deel van een strip naar Sapiens van Yuval Noah Harari, wat ik een geweldig boek vond! Maar, het origineel is wat dik, dus misschien had niet iedereen daar zo’n zin in. Deze strip-versie uit 2020 gaat over onze evolutie tót de Agrarische Revolutie, en is boeiend, grappig en relatief snel te lezen. O ja, en voor volwassenen.

    Dit stripverhaal is absoluut niet kinderachtig. De tekst is voor volwassenen en het verhaal is misschien wel korter gemaakt, maar niet simpeler. Je krijgt nog steeds veel weetjes voorgeschoteld. De tekeningen zijn geweldig. Gedetailleerd, herkenbaar (Yuval haal je er zo uit, maar ook Robin Dunbar) en bovenal: grappig. In elk plaatje is wel wat bijzonders te zien, dus je blijft kijken.

    Het geschiedenisboek Sapiens, een beeldverhaal …

    …. is slim opgebouwd. In het eerste deel krijgt Yuval in Londen zijn nichtje Zoë op bezoek, en terwijl hij haar van alles vertelt, sleept hij haar mee naar college-zalen, musea, de markt, en allerlei bekende plekken.  De tekeningen ervan zijn prachtig! En in elk plaatje vertelt hij haar wat, en beantwoordt vragen. Eerst volgen ze een college van hoogleraar Saraswati, een biologe die soorten-classificatie uitlegt. Dan naar de huiskamer van Robin Dunbar voor een gesprek over menselijke communicatie. Dan krijgen ze bezoek van ‘superheld’ Doctor Fictie, die het over mythen heeft.

    Daarna is er een deel met een congres waarop verschillende experts wat vertellen, enzovoorts.

    Sapiens = serie-moordenaar

    Het laatste deel is superleuk gevonden: het gaat over intercontinentale seriemoordenaars. Ja inderdaad, wij Sapiens. In elk continent en op elk eiland waar wij  kwamen, moordden we de superfauna uit. Dat wordt smakelijk uitgelegd aan de hand van een politie-onderzoek, interessante bewijzen, en dan de rechtszaak. De aangeklaagden zijn een echtpaar van een paar tienduizenden jaren geleden, een Sapiens-stel. De verdediger van het Sapiens-stel stelt dat ‘ze het niet wisten’ en dat klopt natuurlijk, het uitsterven duurde wel wat langer dan één generatie. En hij stelt dat de Sapiens van de huidige tijd, wij dus, het wél weten, en het óók doen, en wél binnen één generatie. Is dat niet veel erger? Hoe die rechtszaak afloopt moet je zelf maar lezen!

    Beeldverhaal

    Om een betere indruk te geven, voeg ik twee dubbele pagina’s toe.

    Op de eerste zwaait Yuval Zoë uit na haar bezoek. Hij legt nog even het verschil tussen objectieve realiteit (een ijsbeer) en fictieve realiteit (de VS) uit. Maar het ‘verzinnen van die fictieve realiteit zorgde er wel voor dat we met grote aantallen kunnen samenwerken’. De man met de MAGA-pet reageert met het geijkte Fake news op de boodschap van de ijsbeer.

    Op de tweede zien hoe we verslaafd werden aan veel eten, liefst vet, zout en suiker. Ooit moesten we alles opeten, omdat anders anderen dat deden. De extra energie liepen we er de dagen erna wel weer af, als het eten weer op was. Maar tegenwoordig …

    Delen 2 en 3 van de serie

    De volgende delen las ik nog niet, maar staan hoog op mijn TBR! Het tweede deel van stripserie gaat over de tijd ná de Agrarische Revolutie, en hoe wij geknecht werden door ….. tarwe. En het derde deel is schijnbaar in de vorm van een spelshow vol verwijzingen naar populaire cultuur waarin de concurrentiestrijd tussen wereldrijken, geld en religie ontleed wordt en de vraag wordt beantwoord: wie is de werkelijke kampioen van de geschiedenis? Intrigerend!

    Mijn evaluatie van Sapiens, een beeldverhaal deel 1

    Ook al heb ik destijds Sapiens gelezen, de kennis was weer wat weggezakt. Ik leerde dus weer wat bij. Waaronder de classificatie van soorten, geslachten, families. Ook dat er verschillende theorieën zijn over de verdwijning van de Neanderthalers. De strip heeft geen referenties, de wetenschappelijke onderbouwing is te vinden in het onderliggende boek Sapiens. Dat kun je dus als een soort naslagwerk beschouwen!  

    Ik vind Sapiens nog steeds relevant, omdat het inzicht geeft in ons gedrag van tegenwoordig. Een verhaal over geschiedenis is natuurlijk altijd tijdloos. Wel hoop ik dat de tekeningen van het huidige leven niet té tijdloos zijn, en dat de MAGA-petjes en de obesitas, en veel andere ellende, op den duur (weer) verdwijnen.

    De vorm is subliem. De setting is steeds erg leuk en herkenbaar: sightseeing in Londen, een congres, een rechtszaak. De tekeningen van de historisch Sapiens en Neanderthalers zijn goed, steeds is het verschil heel herkenbaar. En door hun ‘avonturen’ kun je je er aardig mee vereenzelvigen.

    De tekeningen zijn heel gedetailleerd en prachtig qua uitdrukking. Als je alles goed wilt bekijken, lees je dit boek dus helemáál niet snel uit. Plus: alle humor in de tekst én in de tekeningen zorgde ervoor dat ik vaak hardop zat te lachen.   

    Móét je dit boek lezen? Nou, ik vind Sapiens écht verplichte kost, en als je je daar niet toe kunt zetten, is deze strip een goed begin. Wedden dat je dan alsnog het origineel gaat lezen?

    Conclusie

    Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd 0, Relevant +, Tijdloos +.

    Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

    FOMO +. 

    Ik gaf het boek 4 ½ *

    Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

    Lees Sapiens, een beeldverhaal deel 1 duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
    • digitaal en gratis via Kobo Plus;
    • of uit een minibieb!

    Koop Sapiens, een beeldverhaal deel 1 duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
    • of via B-Corp Bol (aff).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in Biografie, Maatschappij | Tags: , , , , | 1 reactie

    Recensie: De codekraker – boeiende biografie

    Walter Isaacson is mijn favoriete biograaf. Hij schreef ook de biografieën van Elon Musk, Steve Jobs en Leonardo Da Vinci, en die vond ik allemaal geweldig. In 2021 schreef hij de biografie van Jennifer Doudna: De codekraker. Jennifer wie? Precies. Een Nobelprijs-winnares waar ik nog nooit van had gehoord. Dus hup, aan de lees, en na 500 pagina’s was ik wéér enthousiast. Deze biografie is even boeiend en goed geschreven als Isaacson’s vorige pennenvruchten.

    De ondertitel is ‘Het revolutionaire DNA-onderzoek van Nobelprijs-winnares Jennifer Doudna’, en inderdaad dat onderzoek, of liever gezegd, het onderzoek waar véél wetenschappers mee bezig waren én zijn, is het eigenlijke onderwerp. In het bijzonder gaat het over CRISPR, technologie om genen aan te passen, en mRNA, waarmee o.a. de coronavaccins zijn gemaakt. Het boek geeft hier heel veel details over zonder in jargon te vervallen. Veel aandacht is er ook voor de ethische aspecten. En natuurlijk voor de historie van deze techniek die 4 miljard jaar geleden begon met .. bacteriën, die dit óók deden en doen.

    De biografie De codekraker ….

    …. gaat dus niet alleen over Doudna. Nee, veel andere wetenschappers komen aan bod in dit boek, waaronder Francisco Mojica. Hij onderzocht het DNA van de Archaea, eencelligen zonder celkern. Die hebben maar weinig DNA, en toch zaten daar regelmatig terugkerende identieke stukken (DNA-sequenties) tussen. Mojica verzon er in 2001 een naam voor: Clustered Regularly Interspaced Short Palindromic Repeats. CRISPR dus.

    Zijn onderzoeksmaatje Ruud Jansen ontdekte genen die aan weerszijden van die CRISPRs zaten, en die de instructies voor het maken van een enzym codeerden. Hij noemde die ‘CRISPR Associated System’-enzymen: CAS-enzymen. CRISPR-Cas.

    Andere onderzoekers ontdekten dat de CAS-enzymen van bacteriën bij een virus-aanval een stukje DNA uit het virus ‘knippen’ en dat in het eigen DNA inbouwen. Met zo’n fragment zijn ze (hun nageslacht dan) immuun voor nieuwe aanvallen. Maar hoe? Met RNA? Dat was de specialiteit van Jennifer Doudna, en zo komen we bij haar terecht.

    Jennifer Doudna op Berkeley

    Jennifer studeerde biochemie en promoveerde daar ook op. Als kind wilde ze al weten ‘hoe de natuur werkt’, en het mysterie van het oprollen van de blaadjes van een kruidje-roer-me-niet fascineerde haar. Fundamenteel onderzoek was haar dus op het lijf geschreven. Als vervolg op haar promotieonderzoek bestudeerde Jennifer op Berkeley de structuur van RNA en daarna de toepassingen van CRISPR. Ze stapte heel even over naar het bedrijfsleven, maar dat beviel niet en ze ging terug naar Berkeley.

    Haar manier van werken in Berkely is een van de weinige stukken die gaan over Jennifer’s karakter en gedrag. De input hiervoor komt vaak van haar collega’s. Haar stijl van werken kenmerkt zich door het openstaan voor risico’s, samen zoeken naar alternatieven, anderen niet op de vingers kijken, competitiedrang, voor zichzelf opkomen, vooral als het gaat om publicaties en octrooien.

    Emanuelle Charpentier

    In 2011 ontmoet ze op een congres Emmanuelle Charpentier, en ze besluiten samen te werken. Samen met 2 post-docs maken ze een enorme stap vooruit met CRISPR-Cas9, waarover ze een artikel voor Science maken. Hun ontdekking zou wellicht ook menselijke genen kunnen aanpassen! Ze vraagt octrooi aan, en hierover ontstaat een lange juridische strijd met een concurrerende onderzoeker: Feng Zhang. Per 5 juni 2025 (zo lees ik in Chemistry World) loopt de zaak nog.

    Ethische dilemma’s

    Een boeiend hoofdstuk gaat over ethiek. Moet alles wat kan met CRISPR, ook mógen? Jennifer gaat zich bemoeien met ethische kwesties: genen aanpassen om ziekten te genezen oké, maar hoever willen we gaan? Een groot aantal wetenschappers, waarvan Jennifer het boegbeeld is, besluit dat het bewerken van genen die niet-erfelijk zijn, toegestaan is. Kiembaan-bewerking, wat erfelijke genen betreft, dus niet. Maar: dit is alleen verboden totdat het veilig is en medisch noodzakelijk. Jennifer schrijft artikelen in allerlei publicaties hierover. Het uitgangspunt werd wereldwijd omarmd, maar nergens in wetgeving vastgelegd.

    Maar natuurlijk is er een wetenschapper die vindt dat hij een uitzondering moet maken. In China worden de eerste CRISPR-baby’s geboren, met een aangepast erfelijk gen dat ze immuun voor HIV/AIDS maakte. De hele wereld staat op z’n kop. Jennifer voelt zich schuldig, ze heeft alleen richtlijnen opgesteld en geen moratorium afgedwongen. En het is háár techniek die is gebruikt.

    Corona

    Toen Corona zijn intrede deed, verflauwde de verontwaardiging, want immuniteit tegen een virus klonk opeens niet zo verschrikkelijk meer. Walter doet wat gedachten-experimenten met de lezer, over wat wél en niet toegestaan zou moeten worden, van permanente immuniteit tegen verschrikkelijke erfelijke zieken, via fysieke verbeteringen naar het uitbannen van psychische ‘stoornissen’.  En ik lees dat DARPA, het onderzoeksbureau van het Pentagon, al onderzoek doet naar genetisch versterkte supersoldaten, in samenwerking met Jennifer’s laboratorium.

    De corona-vaccins zijn genetische vaccins, het gebruik betekende een omslag ten opzichte van de traditionele vaccins. Maar volmaakt zijn genetische vaccins niet, ze werken net als de traditionele vaccins via het immuunsysteem, wat we nog steeds niet volledig doorgrond hebben. De meeste Corona-doden overleden aan ontstekingen aan organen, door een ongewenste reactie van het immuunsysteem. CRISPR werkt niet via het immuunsysteem, maar knipt het virus in stukken. CRISPR-Cas-vaccins zijn nog in ontwikkeling. Op CRISPR-gebaseerde tests worden gebruikt om het virus aan te tonen zodra iemand besmet is.

    Bijzonder aan de Corona-vaccinwedloop is dat onderzoekers en universiteiten samenwerkten, ook de grote concurrenten Jennifer en Feng Zhang. Hun ontdekkingen werden aan iedereen die het virus bestreed beschikbaar gesteld en gepubliceerd op gratis en open platformen. 

    De Nobelprijs voor Scheikunde

    En dan is het oktober 2020. Een verslaggever belt Jennifer wakker. Wat is haar commentaar op de Nobelprijs? Wie heeft hem gewonnen?, vraagt ze geïrriteerd.  Nou, jij en Emmanuelle Charpentier. Natuurlijk wist Jennifer dat ze in de race was. Maar de ontdekking van CRISPR was nog maar 8 jaar oud, meestal gaan er tientallen jaren overheen. Het toekennen van de prijs toont volgens Walter het belang aan van fundamenteel onderzoek, wat uiteindelijk hele praktische toepassingen kan hebben. Dit, én de pandemie, trekken (hopelijk) meer studenten richting wetenschappelijk onderzoek.

    Mijn evaluatie van De codekraker

    Wat knap om een ingewikkelde techniek als CRISPR zo helder en duidelijk te beschrijven! Ik begrijp de controverse rond de corona-vaccins nu beter, maar snap ook de ethische dilemma’s rondom kiembaanbewerking. En natuurlijk heb ik Jennifer Doudna, en in mindere mate haar collegae, leren kennen. Maar niet góéd leren kennen, wat dat betreft is het geen zuivere biografie. Ik weet niets over haar dagelijkse rituelen, heel weinig over haar gevoelens, vrijwel niets over haar privé leven. Niets over  welk eten ze lekker vindt en wat ze met haar snotjes doet, zoals Alain de Botton in zijn boek De biograaf zo heerlijk aan de orde stelt.

    Deze mix van vrij oppervlakkige biografie en relatief diepgaande analyse van het werk van de hoofdpersoon ken ik uit Walter Isaacson’s eerdere biografieën: Leonardo Da Vinci, Steve Jobs, Elon Musk. Het past heel goed bij zijn interesse en achtergrond: hij studeerde geschiedenis voordat hij journalist werd, en noemt zichtzelf ook wel ‘wetenschapshistoricus’. Zijn keuze van hoofdpersonen voor zijn biografieën weerspiegelt dat.

    Walter Isaacson is ook persoonlijk betrokken bij het onderwerp. Zo vertelt hij dat hij in 2000 als hoofdredacteur van Time onderhandelde over een artikel over DNA-sequencing. Hij deed mee aan de clinical trials voor het Corona-vaccin. En in Jennifer’s laboratorium gaat hij een dagje ‘gen bewerken’, wat erg leuk omschreven wordt. Hij is dus bepaald geen afstandelijke waarnemer. Desondanks vind ik zijn stuk over de ethische aspecten, waarin de argumenten van beide kampen – niet voor God spelen versus lijden verlichten met een natuurlijk proces – worden weergegeven, behoorlijk objectief.

    Zijn feitelijke observaties zijn onderbouwd met wetenschappelijke publicaties en zeer veel interviews met wetenschappers. Desondanks is het boek zeer toegankelijk, ook voor niet-wetenschappers. Maar is het ook nog relevant, inmiddels 13 jaar na de ontdekking dat CRISPR-Cas op menselijke genen gebruikt kan worden? Mij lijkt van wel: hoeveel ziekten hebben we niet nog steeds, waar we permanent van af zouden willen? En hoe mooi is het om meer over de natuurlijke achtergrond van (gen-)vaccins te leren, met een VS-regering die momenteel anti-vaccins is en de wetenschap saboteert? En niet te vergeten: hoe motiverend is het voor vrouwen en meisjes, om over een vrouwelijke Nobelprijs-winnaar te lezen? Jennifer was de 6de winnares, 184 mannen wonnen hem al. Die 3% kan beter!

    Uitvoering

    Walter schrijft lekker vlotjes én met humor. Zo is er het verhaal van wetenschapper Rudolphe Barrangou, een Parijzenaar die zich specialiseerde in fermentatie van voedsel en in North-Carolina afstudeerde. ‘Hij werd de enige persoon die ooit ben tegengekomen die van Frankrijk naar de VS verhuisde om meer te leren over voedsel’. De onderzoeken zijn vaak opgeschreven alsof je erbij bent, en de woede van Jennifer over het octrooi spat van de pagina’s.

    Natuurlijk heeft het boek flink wat illustraties, in zwart-wit. Bijna alle genoemde wetenschappers komen er in voor, maar de ouders van Jennifer niet, en ook staat er maar één jeugdfoto van haar in. Wat de insteek – het gaat over CRISPR – onderschrijft.  De historie van Jennifer en de ontwikkeling van CRISPR loopt parallel, en de carrière van Jennifer is de rode draad in het verhaal. Ik denk ook dat de titel The Code Breaker, zowel op Jennifer, als op de CRISPR-techniek slaat. CRISPR knipt immers de DNA-strengen door.

    Gebeurde er nog wat ná 2020? Op Wikipedia zie ik dat er in 2025 een supercomputer naar Jennifer vernoemd is. Het VS Ministerie van Energie (?) gaat het integreren met AI en gebruiken voor onderzoek naar ons genoom. Over verdere CRISPR-doorbraken lees ik op Wikipedia niets.   

    Mis je iets, als je dit boek niet leest? Niet direct. Het is wel een zeldzaam goed boek ….

    Conclusie

    Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

    Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

    FOMO -. 

    Ik gaf het boek 4 ½ *

    Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

    Lees De Codekraker  duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
    • digitaal en gratis via Kobo Plus (luisterboek);
    • of uit een minibieb!

    Koop De codekraker duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • bij je lokale boekwinkel, via Libris;
    • of via B-Corp Bol (affiliate link).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in Biografie, gezondheid | Tags: , , , | 1 reactie

    Recensie: Dit wil je echt niet weten – boeiend

    Joepie! Onderzoeksjournalist Huib Modderkolk schreef in 2024 weer een verslag van zijn onderzoeken naar de activiteiten van hackers en de veiligheidsdiensten, onder de titel Dit wil je écht niet weten. Maar natuurlijk wil je het wél weten, en ook lezen, want dit boek leest wéér als een thriller, net als zijn vorige boek, wat een bestseller werd. Het speelt zich nu wel iets verder van ons bed af, maar juist weer dichterbij Huib’s bed.

    Huib’s verslag is juist nú relevant: het gaat onder andere over het uitschakelen van de nucleaire faciliteiten van Iran, hackers die Oekraïne helpen, spionage van China, surveillance van de bevolking, en de risico’s van verregaande digitalisering. De rode draad is een Mossad-operatie waarvan Huib het target lijkt te zijn, en zijn persoonlijke ervaringen maken het boek extra boeiend.

    Het maatschappelijke boek Dit wil je écht niet weten …

    … is opgebouwd als de 5 fasen van een hack én van een inlichtingenoperatie. Elke fase heeft een hoofdstuk over Huib’s persoonlijke ervaringen.

    Fase 1: het doel kiezen

    Zo is fase één: de keuze van het doel. In Huib’s verhaal begint deze fase op de dag dat hij een mailtje ontvangt over een undercover Mossad-agent in Nederland. Het lijkt van een Iraniër afkomstig te zijn, en misschien wel van de Iraanse geheime dienst. Huib is dan nog steeds bezig met zijn onderzoek over Stuxnet, waarbij een Nederlandse geheim agent een digitaal wapen in een nucleair complex in Iran weet te krijgen.  In deze fase lezen we ook een uitgebreid stuk over hackers, de IT Army die voor Oekraïne hackt, en over een Nederlander die daarin meewerkt en opklom tot één van de beheerders. Zijn eerste fase is het kiezen van een doelwit in Rusland dat de oorlog ondersteunt: de spoorwegen of Aeroflot. Deze Nederlander laat Huib precies zien hoe hij te werk gaat.

    Fase 2: het kiezen van het aanvalswapen

    De tweede fase is het kiezen van het ‘aanvalswapen’. Voor hackers de methode om netwerken binnen te dringen. In het verhaal van Huib is het de geschiedenis van de Iraniër die onbewust voor de Iraanse geheime dienst lijkt te hebben gehackt, naar Nederland is gevlucht en daar een goede baan bemachtigde. Maar de Nederlandse inlichtingendiensten vertrouwen het niet en hij wordt Nederland uitgezet. Huib’s interesse is gewekt. De Iraniër brengt Huib in contact met de Mossad-man. En deze heeft een relatie met de Stuxnet-zaak! Wat toevallig …

    Fase 3: doordringen in het netwerk

    De derde fase, verder doordringen in het netwerk, opent met een verhaal van een consultant in stralingstechniek, die gaat daten met Marina, een Russische met volstrekt gladde vingertoppen. En ook andere zaken zijn wat vreemd. De consultant, die bij TNO aan topgeheime zaken werkt, verbreekt de relatie, maar ontdekt later dat zijn intercom thuis is gehackt. Hij meldt het bij de MIVD, en wordt als dank ‘preventief’ ontslagen. Hierna volgt een algemeen stuk over phishing.  Huib heeft inmiddels twijfels over de Mossad-man. Wat wil die nu eigenlijk? Dat Huib een verhaal publiceert, ja, maar is hij wel te vertrouwen?

    Fase 4: het doel naderen

    In de vierde fase, dicht bij het doel komen, lezen we alles over het Stuxnet-virus en de sabotage van de centrifuges. Daarna een hoofdstuk over de hacks van de AIVD en de werving van jonge IT-ers. De Mossad-man probeert Huib uit te horen over zijn onderzoek naar Stuxnet, Huib realiseert zich later dat hij door het stellen van bepaalde vragen heeft laten merken wat hij aan informatie al heeft.

    Fase 5: het doel bereiken

    De vijfde fase, het doel bereiken, gaat onder andere over spionage door China, die gericht is op het stelen van IP, en daarmee de innovatie en economie van de bestolen landen bedreigt, meer lange termijn dus dan de hacks van Rusland. Huib belt in 2019 de AIVD over de Huawei ‘deurtjes’ bij KPN, en wordt door chef Dick Schoof gevraagd terughoudend te zijn in zijn rapportage hierover. Pas in 2023 krijgt hij het verhaal rond. KPN blijft de zaak bagatelliseren, omdat het bang is voor reputatieschade, omdat maatregelen enorm veel geld kosten, en omdat het commerciële relaties heeft met China. Op de lange termijn levert dit enorme schade op.

    Iets anders: criminelen (en wij ook?) hebben de neiging om de communicatie en online activiteiten meer af te schermen. Proton Mail. Signal. Maar opsporingsdiensten vinden die plekken juist extra interessant, en zetten zwaar in op een ingang bij Proton mail. Dusssss. Inmiddels gaat de Mossad-man naar Dubai, en dat land had óók een relatie met de Stuxnet-operatie. Huib is erg achterdochtig geworden.

    Boeiend is het stuk over de ontwikkeling van TRIP (Go Travel), wat bedoeld was om terrorisme tegen te gaan, maar wat inmiddels door veel landen wordt aangekocht om de eigen bevolking in de gaten te houden, net zoals NetWitness, zogenaamd tegen Russisch inmenging bij de verkiezingen. En dan vindt Huib de Nederlandse agent die het Stuxnet-virus plaatste. De Mossad-man verdwijnt direct. En de AIVD blijkt géén idee te hebben dat de Nederlandse infiltratie tot doel had sabotage te plegen. Ze zagen het grotere plaatje niet.

    Net zo min als wij het grotere plaatje bij digitalisering zien. We zijn tegen gezichtsherkenningscamera’s, maar ze worden op heel veel plekken gebruikt. Er wordt gewaarschuwd voor AI, maar heel veel ambtenaren gebruiken het.

    We moeten beter opletten, op tijd ingrijpen en verdere schade voorkomen.     

    Mijn evaluatie van Dit wil je écht niet weten

    Was in Huib’s vorige boek het afluisteren (door eigen inlichtingendiensten) van onschuldige burgers de kern van het betoog, in dit boek gaat het om het hacken van bedrijven en instituten door andere, vijandige landen als Rusland en China. De omvang en impact ervan weet Huib goed te duiden en zijn moeilijk voorstelbaar. Erger is het natuurlijk dat wij het allemaal nét te weinig serieus lijken te nemen. Hackers hebben toegang tot álles, ga daar maar van uit. En lig je er niet wakker van als je email wordt gehackt, weken zonder stroom of water zitten is óók een reële dreiging. Laat staan de ondermijning van de democratie. En we zijn niet voorbereid.

    Het verhaal van de Mossad-man geeft een leuk inkijkje in de werkzaamheden van Huib en hoe zorgvuldig hij met mogelijke bewijzen of juist desinformatie omgaat. Ik vond het echter wel wat lang uitgesponnen, en mij is nóg niet duidelijk of de Mossad nu heeft gekregen waarnaar ze op zoek was.

    Huib gaat uitgebreid in op diverse vormen van cyberoorlog, met gebruikmaking van anekdotes om het persoonlijk en toegankelijk te maken. Misschien pakt hij wel tevéél onderwerpen bij de kop, maar de technische details hoe e.e.a werkt zijn wel bijzonder boeiend. Dat ál onze data gehackt worden is nu meer dan duidelijk, dat daar misbruik van wordt gemaakt of kan worden gemaakt ook. Wat je moet doen blijft vaag. Signal en Proton Mail zijn dus óók niet de oplossing, maar trekken juist de aandacht, of zorgen dat jij extra aandacht trekt. Sja.      

    Mis je iets als je dit boek niet leest? Nee, veel staat bijna dagelijks in de krant, en er wordt überhaupt veel over geschreven. Het belang van soevereiniteit van de IT infrastructuur van een land is momenteel een hot topic, en terecht.

    Conclusie

    Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

    Vorm: Aansprekend 0, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl +

    FOMO -. 

    Ik gaf het boek 3 ½ *

    Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

    Lees Dit wil je echt niet weten duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
    • digitaal en gratis via Kobo Plus (luisterboek);
    • of uit een minibieb!

    Koop Dit wil je echt niet weten duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
    • of via B-Corp Bol (aff).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in IT, Maatschappij | Tags: , , | 1 reactie

    Familie: ‘nicht’ Robin Wall Kimmerer

    Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘nicht’ Robin Wall Kimmerer.

    Waar schrijft ‘nicht’ Robin Wall Kimmerer over?

    ‘Nicht’ Robin schrijft over de natuur, inheemse gebruiken en duurzaamheid. Daarbij combineert ze een stevige wetenschappelijke basis met haar kennis van de tradities van haar stam, de Potawatomi, en dat alles in poëtische bewoordingen.

    Heeft ‘nicht’ Robin andere zakelijke activiteiten?

    ‘Nicht’ Robin is hoogleraar en directeur van het Center for Native Peoples and the Environment van de State University of New York College of Environmental Science and Forestry (SUNY-ESF).

    Ze spreekt op veel bijeenkomsten. Veel daarvan zijn kleinschalig: universiteiten, scholen, musea. In 2015 hield ze een speech voor de Verenigde Naties.

    Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘nicht’ Robin Wall Kimmererer uit?

    ‘Nicht’ Robin is in 1953 geboren in de staat New York, waar haar ouders, oom Robert en tante Patricia Wall, haar de liefde voor de natuur bijbrachten. Ze studeerde Botanica aan de Universiteit van New York, en behaalde daar in 1975 haar Bachelor. Ze trouwde met Thomas Kimmerer en kreeg 2 kinderen. Het stel scheidde daarna.

    Ze werkte in New York 2 jaar als microbioloog, en vertrok toen naar de Universiteit van Wisconsin voor haar Masters en PhD in Botanica. Daar maakte ze kennis met de mossen, en ze specialiseerde zich er in. Ze promoveerde in 1983.

    Ze gaf 10 jaar les op de universiteit van Kentucky en het Centre College daar. Daarna kwam ze weer terug in New York, waar ze nu nog steeds lesgeeft op de Universiteit. Haar lessen gaan niet alleen over botanica, maar ook over traditionele ecologische wijsheid, over land en cultuur, over Ethnobotanica. Ze werd directeur van een Instituut dat inheemse studenten beter toegang tot milieustudies wil geven en vice versa: de wetenschap betere toegang tot inheemse filosofie.

    Ze hangt het ‘Kijken met Twee Ogen’ aan, dat wil zeggen een combinatie van westerse wetenschap, waarvoor ze haar PhD gebruikt, en de traditionele inheemse kennis, oftewel TEK, die ze ontleent aan haar Indiaanse relaties.

    In 2025 werd ze één van Times’ 100 meest invloedrijke mensen.

    ‘Nicht’ Robin is een burger van de Potawatomi Natie. Ze woont op een oude boerderij. Die wordt prachtig beschreven in veel van haar essays.

    Welke boeken schreef ‘nicht’ Robin Wall Kimmerer?

    ‘Nicht’ Robin schreef 6 boeken waarvan ik er 2 las, Een vlecht van heilig gras en Geschenken van het Krentenboompje. Ik vond beiden geweldig! Ook las ik haar essay in Thrive. De twee kinderboeken sla ik over, maar Gathering Moss en The Democracy of Species, beide oudere boeken, staan op mijn TBR!

    Bud Finds Her Gift  (2025)

    Publicatie 2 september, Engelstalig. Voor jonge kinderen, plaatjesboek. Flaptekst: When young Bud sees people bustling around, intent on their chores and their screens, she is certain they must be doing important things—and she wants to be included. But wise Nokomis, her grandmother, shows her that there is a different way to find belonging, one that relies on stillness and observing the natural world. As Bud discovers the freely given gifts of the Earth, she wonders if she has something important to give back: What is her gift? Robin inspires readers to treasure nature’s generosity and the gifts each one of us can share with the Earth. Koop bij Bol

    Geschenken van het Krentenboompje (2025) – The Serviceberry (2024)

    Een essay in de stijl van haar bestseller Een vlecht van heilig gras, met dezelfde boodschap: laten we dankbaar zijn voor wat de aarde ons geeft, het als een geschenk zien. Prachtig geschreven: je ziet deze bessenstruik voor je, je proeft de bessen, voelt het respect voor de levenswijze van inheemse volkeren, en hoopt met Robin mee voor een groei van de geschenkeneconomie. En leert ‘op te slaan in de buik van je broeder’.  Robin pleit voor wederkerigheid in plaats van schaarste , samenwerking in plaats van concurrentie. Ze pleit voor een Krentenboomeconomie. Lees mijn recensie | Koop bij Bol

    Braiding Sweetgrass for Young Adults (2022)

    Dit Engelstalige boek las ik (nog) niet. Flaptekst: “Botanist Robin Wall Kimmerer’s best-selling book Braiding Sweetgrass is adapted for a young adult audience by children’s author Monique Gray Smith, bringing Indigenous wisdom, scientific knowledge, and the lessons of plant life to a new generation”– Koop bij Bol

    Een vlecht van heilig gras (2022) – Braiding Sweetgrass (2013)

    Wat een prachtig boek! ‘Nicht’ Robin is gepromoveerd botanica èn Potawatomi, Native American. In in dit boek mixt zij wetenschappelijke informatie over planten met Indiaanse wijsheid in heel persoonlijke verhalen. Voor èchte duurzaamheid moeten we ons weer verbinden met de natuur. Dit boek inspireert daartoe. De verhalen gaan over een groot aantal planten, maar ook dieren en zelfs de regen spelen een rol. En natuurlijk Robin zelf, want alle verhalen zijn heel persoonlijk, beschrijven in poëtische taal hoe zij de natuur ervaart. Het boek geeft voor een aantal planten heel gedetailleerd weer wat zij betekenen voor de natuur en hoe het in de Indiaanse tradities werd gebruikt, in een hele mooie mix van wetenschap en eeuwenoude inheemse wijsheid. Lees mijn recensie | Koop bij Bol

    The Democracy of Species – 2021

    Ik ken dit Engelstalige boek nog niet. Flaptekst: In twenty short books, Penguin brings you the classics of the environmental movement. In The Democracy of Species Robin Wall Kimmerer guides us towards a more reciprocal, grateful and joyful relationship with our animate earth, from the wild leeks in the field to the deer in the woods. Over the past 75 years, a new canon has emerged. As life on Earth has become irrevocably altered by humans, visionary thinkers around the world have raised their voices to defend the planet, and affirm our place at the heart of its restoration. Their words have endured through the decades, becoming the classics of a movement. Together, these books show the richness of environmental thought, and point the way to a fairer, saner, greener world. Koop bij Bol

    Gathering Moss (2003)

    Ik las dit Engelstalige boek nog niet. Flaptekst: Living at the limits of our ordinary perception, mosses are a common but largely unnoticed element of the natural world. Gathering Moss is a beautifully written mix of science and personal reflection that invites readers to explore and learn from the elegantly simple lives of mosses. In these interwoven essays, Robin Wall Kimmerer leads general readers and scientists alike to an understanding of how mosses live and how their lives are intertwined with the lives of countless other beings. Kimmerer explains the biology of mosses clearly and artfully, while at the same time reflecting on what these fascinating organisms have to teach us. Koop bij Bol

    Andere publicaties

    Robin schrijft veel essays voor diverse publicaties. Bijvoorbeeld in:

    Het 5-delige Kinship, over de relaties tussen ecologie en milieu.

    Thrive van Kees Klomp en Shinta Oosterwaal. Hierover schreef ik een recensie.

    Verantwoording

    Alle informatie is ontleend aan Robin’s eigen websiteBolWikipedia

    Meer weten over mijn familie?

    1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
    2. En in februari nicht Jitske Kramer.
    3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
    4. April was voor nicht Naomi Klein.
    5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
    6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
    7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
    8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
    9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
    10. En in oktober nicht Danielle Braun.
    11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
    12. December was voor nicht Brené Brown.
    13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
    14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
    15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
    16. April was voor nicht Kate Raworth.
    17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
    18. En in juni nicht Roos Vonk.
    19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
    20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
    21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
    22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
    23. In november was de beurt aan neef Adam Grant
    24. December was voor nicht Susan Cain
    25. In januari 2025 stelde ik neef Kees Klomp aan je voor.
    26. En in februari nicht Nadine Maarhuis.
    27. In maart was de beurt aan oom Robert Cialdini
    28. April was voor tante Jane Goodall
    29. In mei stelde ik neef Jaap Bressers aan je voor
    30. En in juni nicht Babette Porcelijn.
    31. In juli was de beurt aan mijn neef Yuval Noah Harari
    32. Augustus was voor nicht Robin Wall Kimmerer

    Geplaatst in natuur, Sustainability | Tags: , , , | 6 reacties

    Recensie: Durf moedig te zijn – biografie, bedrijfskunde en bijbel

    Bisschop, jawel bisschop Mariann Budde ken je misschien van haar speech bij de inauguratie van Trump op januari 2025. Ze werd geprezen om haar moed hem te vragen ‘medelijden te hebben met de mensen in de VS die doodsbang zijn’. In 2025 verscheen Durf moedig te zijn, de vertaling van How We Learn To Be Brave uit 2023. Ze schreef het naar aanleiding van een eerdere confrontatie met Trump, in juni 2020, toen deze een bijbel ondersteboven vasthield, vóór haar kerk. Ze was ook toen moedig, en laat ons delen in haar weg naar ‘moedig zijn op beslissende momenten’.

    Een bisschop …. Ik verwachtte veel religieuze teksten en als agnost zag ik daar een beetje tegenop. Ik was positief verrast toen de lessen een mix van persoonlijke ervaringen, Bijbelverhalen én bedrijfskunde bleken te zijn. Mariann is bepaald niet wereldvreemd, zo blijkt uit het boek, haar ervaringen zijn heel sja, heel normaal, en de lessen zijn waardevol, of je nu gelovig bent of niet. De schrijfstijl is niet formeel maar af en toe wel wat zweverig.

    Het maatschappelijke boek Durf moedig te zijn …

    … pakt een aantal ‘beslissende momenten’ bij de kop: als je besluit om (weg) te gaan, om te blijven, te beginnen, te aanvaarden wat je niet hebt gekozen, het voortouw te nemen, om te gaan met teleurstelling en te volharden. Allemaal momenten die iedereen meemaakt, en waarin inderdaad moed noodzakelijk is.

    In het voorwoord bij de uitgave van 2025 legt ze uit hoe ze aan haar inauguratie-speech kwam. Al lang vóór de verkiezingen was bepaald dat zij zou preken, en de preek zelf heeft ze geschreven voordat duidelijk was wie zou winnen. Ze wilde namelijk de olifant in de kamer benoemen (een groeiende cultuur van minachting van personen en vernederende en gewelddadige taal) en pleiten voor het respecteren van ieders waardigheid om de eenheid van het land te herstellen. Dat dat nodig was bleek wel uit de reacties: sommigen waren boos en eisten haar ontslag en zelfs uitwijzing, anderen waren dankbaar voor haar moed om ‘truth to power’ te preken.

    Besluiten te gaan

    Het eerste biografische verhaal van Mariann gaat over het moment dat ze als 18-jarige besluit haar vader te verlaten en terug te gaan naar haar moeder. Bij de scheiding, 7 jaar daarvóór, koos ze voor haar vader, omdat deze een gezinsleven met een nieuwe vrouw bood, boven haar alleenstaande moeder. Ze verandert van gedachten als vader ook zijn nieuwe gezin verlaat. Tegelijk worstelt ze met haar geloof: te star, uitsluitend, geen ruimte voor discussie. Ze heeft heimwee naar de kerk van haar jeugd. Het achterlaten van haar stief-broertje, haar vriendinnen én haar vriend is erg moeilijk.

    Ze vergelijkt deze ervaring met gehoorgeven aan een ‘roeping’, een sprong nemen, omdat je dan pas voelt dat je leeft. ‘Hier heb ik mij mijn hele leven op voorbereid’, zo’n gevoel. Of juist de typische ‘reis van de held’ van Joseph Campbell, waar ook Harry Potter op gebaseerd is. Als historisch voorbeeld geeft ze Howard Thurman, die in 1943 de Fellowship Church sticht, een interraciale kerk, uniek voor die tijd.

    Besluiten te blijven

    In het eerste jaar van haar huwelijk woonde ze in Honduras, om te zorgen voor achtergestelde kinderen. Het voelde als een enorme verplichting, maar in tegenstelling tot veel andere hulpverleners was het voor haar en haar man nooit de bedoeling om hun hele leven daar aan te wijden. Mensen die besluiten te blijven, maken meer impact, zo beseft ze. Een tweede ervaring gaat over haar sollicitatie naar de functie van deken bij haar kerk. Ze wordt afgewezen. Ze heeft er veel verdriet van, maar ook een sterkere roep om te blijven, en toch te proberen de situatie, de omgeving, te veranderen, ook al heeft ze nu niet de functie om die veranderingen af te dwingen.

    Als historisch voorbeeld geeft ze Eleanor Roosevelt, die de roeping ‘iets goeds te doen voor de wereld’ deelde met haar man Franklin. Maar Franklin begint een langlopende affaire met zijn secretaresse Lucy, en met schoonmama Sara botert het niet. Scheiden dan? Franklin besluit dat zijn roeping en liefde voor politiek groter was dan de liefde voor Lucy, scheiding was in die tijd (1918) niet best voor je politieke carrière. Eleanor besluit te blijven, maar stelt wel voorwaarden. Sara én haar huishoudelijke personeel moeten verdwijnen. Franklin en Eleanor blijven samen, als partners.  Als hij in 1921 polio krijgt, blijft ze. En in 1932 wordt Franklin president, en zij steunt hem daarin. Beiden hebben minnaars.

    Besluiten te beginnen

    Beginnen is anders dan gaan, het is minder opvallend, meer een innerlijk proces, starten met voorbereidingen. Voor Mariann gaat het over promoveren, doctor worden, een leider zijn op haar vakgebied. Terwijl ze hier aan begint wordt ze wéér gepasseerd bij een sollicitatie, nu voor bisschop, ze ligt niet goed in het bisdom. Maar kijk, ze wordt gevraagd voor een ander bisdom, en 2 jaar na de verhuizing, wordt ze daar als bisschop gekozen. Haar vriendin Ruthanna’s les voor leiderschap is mooi verwoord: ‘Invloed is als gist, het duurt ontzettend lang voordat je resultaat ziet’.

    Aanvaarden wat je niet hebt gekozen

    Hét voorbeeld van aanvaarden is natuurlijk het aanvaarden van een terminale ziekte. Je gaat door allerlei emoties heen: ontkenning, verzet, het willen ‘oplossen’, en dan aanvaarden. Ook een mooi voorbeeld: Frodo uit In de ban van de ring, die de taak van de ring naar Mordor brengen niet wil, maar er uiteindelijk wel voor gaat. Haar eigen ervaring gaat over chronische rugpijn. En de historische persoon is M. L. King, die veel geweld moest verduren in zijn strijd tegen segregatie en voor toekenning van burgerrechten, en wel wist dat hij dat nooit zou meemaken, maar volhield ‘uit liefde en voor het grotere goed’.  

    Het voortouw nemen

    Mariann neemt hier het voorbeeld van de ontwikkelaars van het Corona-vaccin, die veel persoonlijke offers brachten, ontstellend veel werk moesten verzetten. Ze weten dat ze het kunnen doen, maar ook dat ze het móéten doen. Ook de roeping van Jezus valt onder dit hoofdstuk. Wat hierbij hoort is dat je moet leren omgaan met falen, je moet steeds je nek uitsteken. Natuurlijk refereert ze hier ook naar het werk van Brené Brown. In de historische voorbeelden gaat het om mensen die streden voor de burgerrechten en daarbij wisten dat ze groot risico liepen om gedood te worden.

    De onvermijdelijke teleurstelling

    Na een beslissend moment komt er vaak een teleurstelling. Ik moest hardop lachen bij het voorbeeld over kinderen krijgen. Na de euforie van de geboorte komt vaak depressie, als gevolg van uitputting. Ouders voelen zich daar schuldig over, maar zulke gevoelens zijn heel normaal. Mariann’s eigen teleurstelling is niet zo heftig: na de ‘triomf’ van het weerstand bieden tegen Trump, denkt ze dat ze voldoende leiderschap en status heeft om nog wat risicovols te doen: ze vraagt een controversiële predikant voor de wekelijkse preek, en dat deze predikant in het verleden negatief is geweest over LHBTQ+ers neemt ze op de koop toe, zélf is ze immers een medestander van die groep? Voor alle meningen moet plaats zijn. Fout!

    Enorm veel tegenstand, teleurstelling en woede is het gevolg, ook al gaat de preek helemaal niet over dat onderwerp. Ze is te overmoedig geweest. Ze biedt excuses aan, is eerlijk over haar foutieve inschatting, en teleurgesteld over haar eigen, te beperkte begrip van de  LHBTQ+- gemeenschap. Maar na vallen moet je weer opstaan, en ook hier komt het werk van Brené Brown naar voren. Mariann relativeert ook: het ‘rommelige midden’ hoort bij elk creatief proces, en daar hoor je succesvolle mensen nooit over. Jim Collins’ thema over het ‘Big Hairy Audacious Goal‘ raakt een ander punt: bij zo’n groot doel zul je merken dat het té visionair overkomt, dat je al snel weer in de tredmolen van alledag stapt en er niks van terecht komt, en dan ben je ook teleurgesteld in jezelf. Onthoud dat succes 1% visie en 99% focus is.

    De verborgen deugd van volharding

    En dan komt volharding om te hoek kijken. Mariann leert dat leiderschap ook betekent dat je je mouwen opstroopt en doet waar je geen zin in hebt, in haar geval: fondsenwerving. Ook het leiden van een gemeenschap door verandering heen, is een kwestie van volharding, het duurt lang en gaat niet vanzelf. Ze noemt hierbij de ‘Diffusion of Innovation’ theorie van Everett Rogers, met de Innovators, de Early Adopters, de Early Majority, etc.  Malcolm Gladwell schreef daar Het beslissende moment (The Tipping Point) over. Als succesvol leider moet je weten in welke groep mensen zitten, en volhouden tot het omslagpunt voor draagvlak en volledige adoptie wordt bereikt. Jim Collins schreef hierover Het vliegwieleffect (Gladwell’s boek is beter!).

    Mijn evaluatie van Durf moedig te zijn

    Het boek bevat veel Bijbelteksten, en die heb ik bij het beschrijven van de inhoud niet genoemd. Mariann legt elke tekst uit, en zo leerde ik veel over de Bijbel, maar het bleef allemaal wel wat abstract, op een enkel voorbeeld na. Dat krijg je ervan als je niet gelovig bent! Haar eigen ervaringen zijn interessant, en ‘gewoon’, ze probeert zeker niet om haar gedrag en beslissingen op te blazen tot heldhaftige activiteiten, het zijn zaken waar we allemaal wel mee te maken krijgen. Afgewezen worden voor promotie, uitgeput zijn als je net kleine kinderen hebt, chronische pijn ergens, uitgekafferd worden na een foute beslissing, wie kent het niet?  

    Mariann’s betoog wordt dus onderbouwd door Bijbelteksten en eigen ervaringen, maar ook door diverse managementboeken, en dat vind ik wel een sterke combinatie. Natuurlijk is de keuze voor Brené Brown voor-de-hand-liggend, zij schreef verschillende boeken over het onderwerp moed. Erg goed dat een vergelijkbaar betoog nu uit religieuze hoek komt, dan bereikt het nóg meer mensen. Dat Mariann tot twee keer toe expliciet weerstand bood aan Trump maakt haar ervaring en visie bepaald relevant, en haar historische verwijzingen zijn natuurlijk tijdloos. Ik voel nog steeds mee met Eleanor!

    Mariann heeft een prettige stijl van schrijven, niet pompeus, soms wel wat gedragen, met ook een wat spiritueel sausje, waardoor ik regelmatig een alinea opnieuw moest lezen. Verder is het boek goed geredigeerd, en sober: geen foto’s of illustraties.

    Mis je wat, als je dit boek niet leest? Nee. Het is wel zinnig om haar preek van januari 2025 eens te bekijken.   

    Conclusie

    Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd 0, Relevant +, Tijdloos +.

    Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur +, Schrijfstijl 0

    FOMO -. 

    Ik gaf het boek 3 ½ *

    Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

    Lees Durf moedig te zijn duurzaam …

    • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
    • digitaal en gratis via Kobo Plus;
    • of uit een minibieb!

    Koop Durf moedig te zijn duurzaam … 

    • bij de kringloop;
    • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
    • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
    • of via B-Corp Bol (aff).

    Keus genoeg!

    Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

    Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie