De eerste 100 dagen van Trump – waarschuwing

Trump’s besluiten en uitingen vinden we dagelijks in het nieuws. De hoofdlijnen dan, voor de details en de zaken die beperkt lijken te blijven tot de VS moet je naar buitenlandse bronnen. Of je volgt Kirsten Verdel, die nu al bijna een jaar élke dag een kort overzicht maakt van al die besluiten en uitspraken. Een bundeling hiervan voor de eerste 3 maanden, mét duiding, heeft ze opgenomen in haar boek De eerste 100 dagen van Trump, uit 2025. En ondanks dat ik dat toen ook dagelijks volgde, schrok ik er toch van.

Vóór de verkiezing maakte Kirsten afspraken met haar uitgever: het zou een dun boekje worden, met alleen de officiële besluiten. Dun? Ja, dat hebben beiden (en wij ook) volstrekt verkeerd ingeschat. Vandaar dat het een dik boek is, met per dag minstens 1 pagina, maar meestal meer, en voor dag 1 véél meer. Supernuttig is de introductie, waarin wordt ingegaan op de Heritage Foundation en haar Project 2025, want Trump verzint het allemaal niet zelf. Nog nuttiger is de duiding, waarin Kirsten de overvloed samenvat in 14 thema’s. ‘Een essentieel tijdsdocument’ blurpt Joris Luyendijk, en ik ben het met hem eens.

Het geschiedenisboek De eerste 100 dagen van Trump ….

… is geen vertelling over hoe het er in het Witte Huis aan toe gaat, zoals Vuur en woede, wat ik onlangs las, over de eerste 100 dagen van Trump in 2017. Het maakt wel héél duidelijk dat er geleerd is van de chaos van die eerste termijn. The Heritage Foundation heeft zich een aantal jaren voorbereid op deze tweede termijn, en had bij Trump’s aantreden al flink wat ‘Executive Orders’ voorbereid. Op dag 1 tekende Trump er maar liefst 120 (ongeveer). Ter vergelijking: op dag 1 van zijn eerste termijn tekende hij er maar … 1. Eén.

Heritage Foundation

Wat is die Heritage Foundation?  In de Inleiding legt Kirsten het uit: een conservatieve denktank die al sinds 1973 bestaat. In 2022 schreven ze Project 2025, met honderden beleidswijzigingen, en plannen voor het opbouwen van een netwerk van conservatieve experts en loyale ambtenaren … door de zittende experts en ambtenaren te ontslaan.  Het doel is ‘een langdurige structurele machtsverschuiving binnen de federale overheid, waarbij de president aanzienlijk meer controle krijgt over de uitvoerende macht’. Uiteindelijk willen ze een VS die blijvend bestuurd wordt volgens christelijk-nationalistische en marktgerichte principes.

Trump zei tijdens zijn campagne niks van dat Project 2025 af te weten, omdat het plan niet zo populair bleek bij peilingen. Maar na zijn inauguratie bleek dat hij tóch dat draaiboek volgde, 2/3-de van zijn besluiten kwam er direct uit, en er nog een eigen sausje overheen gooide.  Over die besluiten en dat sausje gaat dit boek.

100 dagen met besluiten

Bij het lezen van alle besluiten van dag 1, 20 januari 2025, duizelde het me al snel. Niet gek, want dat zijn er, schat ik, zo tegen de 120. Daar zitten ook een flink aantal intrekkingen van de Executive Orders van Biden bij, die had ik destijds wat minder meegekregen. Interessant om te lezen hoe alle benoemingen en regels over opvolging bij allerlei instanties weer teruggedraaid worden! Zoiets hebben wij in Nederland toch niet.

Naast de besluiten neemt Kirsten in de dagen erna ook de ‘fall out’ op: de tegenstand, rechtszaken, en gevolgen van die besluiten. En na verloop van tijd worden ook sommige uitspraken van Trump, op tv of sociale media, opgenomen. Trump ‘zegt’, ‘kondigt aan’, ‘vraagt’, etc. En ik zag ook uitspraken van anderen, bijvoorbeeld leden van zijn kabinet. Een selectie neem ik aan, maar van belang om ook de besluiten in de context te zien. En om te begrijpen hoe hij dingen in beweging zet zónder formele besluiten.

Wat opvalt, en dat zegt Kirsten ook in haar dankwoord, is de snelheid waarmee de rechtsstaat, de democratie van de VS wordt afgebroken. De mechanismen voor de afbraak zijn alle besluiten bij elkaar, steentje voor steentje verdwijnt het ‘gebouw’ van de democratie, en probeert Trump macht naar zich toe te trekken, die hij niet heeft. Maar de rechterlijke uitspraken daarover negeert hij. Dit is een heel leerzaam traject voor onze eigen democratie.

14 thema’s

Al die besluiten hebben een rode draad, een eigen ritme, zegt Kirsten, en ze categoriseerde ze in 14 thema’s. Mijn highlights:

  1. Instituties: veel ontslagen; en van benoemingen op basis van merites naar op basis van loyaliteit. Het gaat ten koste van het democratisch gehalte van het bestuur omdat checks & balances wegvallen.
  2. Rechterlijke macht: Ook hier ontslagen en benoemingen op basis van loyaliteit. Uitspraken worden genegeerd, rechters verdacht gemaakt en uitgescholden (door Trump dus), Zelfs uitspraken van het Hooggerechtshof worden genegeerd. Een rechter wordt gearresteerd voor een gedane uitspraak. Dit is duidelijk een doorbreking van de scheiding der machten.
  3. Immigratie: Er wordt veel technologie ingezet om immigranten te vinden en te weren. Er worden gegevens uitgewisseld tussen diensten. Deportaties van alle soorten immigranten, ongeacht strafblad of naturalisatie-status, arrestaties van alles wat er ‘buitenlands’ uitziet, inclusief VS-staatsburgers.
  4. Vrijheid, diversiteit en cultuur: de VS trekt zich terug uit de VN mensenrechtenraad. Uitingen over de holocaust, slavernij, burgerrechten worden weggehaald, beleid voor lhbtquia+ (of varianten) en DEI (diversiteit, gelijkheid en inclusie) teruggedraaid en juist anti ingezet. Het doel is een meer homogene cultuur creëren. Er wordt infrastructuur voor een surveillancestaat uitgerold.
  5. Economie: Protectionisme en deregulering. Waaronder de befaamde invoerrechten. Het gevolg is een dalend consumentenvertrouwen en dalende beurskoersen.
  6. Overheidsapparaat: Er worden bijzonder veel federale ambtenaren ontslagen, veel instituties bestaan alleen nog maar in naam.
  7. Presidentiële macht wordt vergroot: Inclusief allerlei bevoegdheden die tegen de grondwet zijn. De VS gaan van Rule of Law naar Rule of Men.
  8. Geopolitiek: De VS stappen uit het Klimaatakkoord van Parijs en uit de Werelds Gezondheidsorganisatie. Ze stellen zich dreigend op naar Panama (over het kanaal) en Groenland, en bemoeien zich intens met Oekraïne en Gaza. Transactionele diplomatie is het handelsmerk van Trump. Verder zien we een toename van isolationisme. Het leidt tot herbezinning van de oude bondgenoten: EU streeft naar meer autonomie, Japan en Zuid-Korea heroriënteren zich.
  9. Wetenschap: Ook hier veel ontslagen, en een enorme afname van de financiering. Onderzoek en universitair onderwijs moeten zich voegen naar de politieke agenda. Dit zal op termijn een bedreiging zijn voor de concurrentiekracht van de VS en de innovatie.
  10. Corruptie en zelfverrijking: De structuren voor anti-corruptie worden afgebroken en de belangenverstrengeling neemt zichtbaar toe. Ook is er sprake van State Capture, een term die ik nog niet kende.
  11. Klimaat: De VS stapt uit het klimaatakkoord en bezuinigt op de EPA en het IPCC. Toen ik dit las wist ik: het is nog erger dan ik dacht. Het uitgangspunt van de regering is: klimaatverandering is een hoax. Het probleem is natuurlijk dat elke klimaat-gerelateerde actie van de VS impact heeft op de héle wereld.
  12. Persvrijheid: Die wordt systematisch ondermijnd. Loyaliteit bepaalt het nieuws, niet de feiten.
  13. Religie: De agenda is gebaseerd op traditionele christelijke waarden. Maar niet allemaal: de zorg voor vreemden, voor armen en voor het milieu worden voor het gemak vergeten. Religie wordt ingezet voor zover het de politieke agenda ondersteunt.
  14. Vrije verkiezingen: Er wordt twijfel gezaaid over de integriteit van de verkiezingen. De toegang tot stemrecht wordt beperkt voor sommige demografische groepen die historisch gezien democratisch stemmen. Verkiezingen blijven dus plaatsvinden, maar worden gemanipuleerd om de uitkomst te beïnvloeden. Geen fraude dus, maar systeemwijzigingen aanbrengen. Voorbeeld: de SAVE-act: de naam van de kiezer moet overeenkomen met die op de geboorteakte. Lastig bijvoorbeeld bij getrouwde vrouwen die de naam van hun man aannamen. Deze groepen moeten extra documenten regelen, tijdrovend en complex, zodat velen uit deze groepen (21% van het electoraat!) dit achterwege zal (moeten) laten.  

Op weg naar een illiberale democratie?

Hoe kregen Trump en de zijnen dit voor elkaar? De tactiek is ‘Flood the Zone’, er gebeurt zoveel dat goed tegenspel bieden bijna niet te doen is.

In de VS wordt met verschillende brillen naar deze veranderingen gekeken. Sommige zien hier daadkracht, anderen democratische erosie. Dit is niet alleen een verschil in politieke brillen, maar een andere perceptie van de werkelijkheid.

Is de VS op weg om een illiberale democratie te worden? Ja. En dit zagen we al bij Hongarije, Venezuela en Turkije. Maar bij de VS hadden we deze beweging niet verwacht. En de schokgolven van die beweging zulle we wereldwijd nog jaren blijven voelen.

Er is ook goed nieuws: alle Executive Orders kunnen door een volgende president simpel worden teruggedraaid. En voor veel wetten is in de Senaat een meerderheid van 60 zetels nodig, wat de Republikeinen nu niet hebben.  En een beetje goed nieuws: Trump’s persoonlijke ‘toevoegingen’ staan soms op gespannen voet met de agenda van Project 2025.

Mijn evaluatie van De eerste 100 dagen van Trump

Ik volg Kirsten op sociale media en lees dagelijks haar overzicht. De besluiten waren dus niet allemaal nieuw voor me, maar de hoeveelheid schokte me wel. En wat natuurlijk opvalt is dat er in die besluiten items zitten waar we in Europa en Nederland óók mee bezig zijn. Wat dat betreft is dit een goede waarschuwing om individuele besluiten niet met een schouderophalen af te doen. Aan journalisten de taak om ons door de bomen het bos te laten zien.

De relevantie van het boek is tweeledig: je kunt het ‘uithollen van de democratie’, wat op zich een vage kreet is, herleiden naar hele concrete besluiten. En je kunt ook zien dat er verschil is tussen de oprispingen van Trump zelf, en een planmatige aanpak, besluit voor besluit voor besluit. Tenslotte is het duidelijk dat iemand die ‘the zone aan het flooden is’, een handige, tactische aanpak heeft.  Belangrijk dus om een goede, corrigerende aanpak daartegenover te kunnen stellen en je niet te laten verrassen. Wat dat betreft is dit een goed ‘naslagwerk’ of scenario, waarmee je tegenstand kunt ‘oefenen’.

Het is bepaald geen sappig boek: de besluiten zijn allemaal kort, krachtig, objectief en formeel opgeschreven, en dit is het leeuwendeel van de 304 pagina’s. De inleiding en de conclusies zijn anders: vlot geschreven, meer met een mening en zeker niet saai. Maar misschien ook niet heel verrassend, want er verschenen en verschijnen veel artikelen over deze onderwerpen.  

Ik had wat moeite met de structuur. De inleiding vond ik leuk om te lezen, maar bij de dag-overzichten haakte ik een paar keer af. Had Kirsten er geen duiding bij kunnen zetten? vroeg ik me af, niet wetende dat die aan het eind zou komen. De inleiding maakt dan wél duidelijk dat dit het doel van het boek was: alle besluiten op een rijtje zetten. Maar omdat het er zovéél zijn, is het achteraf misschien niet de beste keuze geweest. Eerst de inleiding, dan de 14 thema’s en dan alle besluiten per dag, maar met de categorie erbij vermeld dan? Had gekund.

Ideetje voor de derde termijn?

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos 0.

Vorm: Aansprekend -, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees De eerste 100 dagen van Trump duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
  • of uit een minibieb!

Koop De eerste 100 dagen van Trump duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
  • of via B-Corp Bol (aff).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Biografie, Maatschappij | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Recensie: Vuur en woede – verhelderend

Er gaat geen uur voorbij of Trump is in het nieuws. Vredesbesprekingen voor Oekraïne, gevalletje van corruptie, een rechtszaak in Georgia, gedoe met Venezuela, zijn aftakeling. En natuurlijk het effect van veel van zijn politieke acties. En om mijn onbegrip over de man en zijn entourage wat te verminderen las ik Vuur en woede uit 2018, van Michael Wolff. Het gaat over hoe het er de eerste paar maanden van Trump’s eerste termijn aan toe ging in het Witte Huis. Gedateerd ja, maar een geweldig tijdsdocument en zeer verhelderend.

Tot mijn verbazing las ik veel over onderwerpen die nu dagelijks op het nieuws zijn, maar waar ik destijds niet veel over hoorde. Was ik minder betrokken bij de VS? Of werd veel in de kiem gesmoord door zijn kabinet in 2016, wat beduidend vakbekwamer was dan het huidige? Misschien beide. De kern van het boek is de strijd om de invloed op Trump, of beter: wie letterlijk het laatste woord heeft: Steve Bannon of ‘Jarvanka’. Wolff weet dat spannend en humoristisch, tot in de kleinste details, op te lepelen.

Het geschiedenisboek Vuur en woede …

….. begint bij de campagne in 2016. Trump is er van overtuigd dat hij niet zal winnen, en dat hoeft voor hem ook helemaal niet, integendeel. De campagne is alleen bedoeld om hem wat meer status te geven, wat goed is voor zijn zaken. Er wordt dus ook niks voorbereid voor een mogelijk presidentschap, ze doen maar wat. ‘Bijna-president’ is wat hij wil. Maar tot zijn stomme verbazing wint hij. Eerst is hij ontzet, de afschuw straalt van zijn gezicht. Dan herpakt hij zich, en zegt dat zijn overwinning ‘onvermijdelijk was’. Dit stuk is prachtig omschreven, je ziet het voor je. En ofschoon Michael alleen over ‘de eerste 100 dagen’ wilde schrijven, gebeurde er zóveel dat hij maar doorging … tot de eerste 180 ongeveer.

Trump en de media

Trump’s relatie met de media is vanaf het begin af aan slecht. Het was gewoonte dat de media de president, democraat of republikein, uit de wind hielden. Bij Trump gaan ze vol in de aanval. En iedereen, maar dan ook iedereen uit de kring rondom Trump, lekt. En Trump zelf indirect ook. Hij heeft de gewoonte ’s avonds een stel van zijn relaties te bellen en te klagen over wat er allemaal in het Witte Huis gebeurt dat hem niet zint. En die relaties vertellen de smakelijke verhalen grif door. Dat geldt ook voor de 3 machtige partijen rondom Trump die aan de touwtjes trekken: Steven Bannon, alt right, stafchef Reince Priebus, conservatief republikeins, en Jared en Ivanka, progressief en eigenlijk democraat. Om Trump te beïnvloeden gebruiken ze de media.

Steve Bannon lijkt aan het eind van het boek (rond juli 2017) het pleit verloren te hebben. Het boek maakt er een beetje een cliffhanger van, Steve kondigde aan dat hij zich in 2020 kandidaat zou stellen, ‘want Trump zou zéker geen tweede termijn krijgen’. Maar Steve verdween van het toneel. Toch worden nu, anno 2025, al diens ideeën uitgevoerd, met name het afbreken van de overheidsinstanties en de deportaties. (Hij was niet betrokken bij Project 2025 van The Heritage Foundation, maar vond het ‘Fabulous’ – ESC)

Trump, Comey en Mueller

Een lang stuk gaat over het ontslag van FBI-directeur Comey, wat Trump geheel op eigen houtje en bijzonder onhandig deed. Het resultaat van die actie was de aanstelling van speciaal aanklager Robert Mueller, als een soort wraak voor het ontslag van Comey. Het onderzoek naar de Russische betrokkenheid bij de verkiezingen van 2016, en de mogelijke banden met de familie Trump, wordt beschreven in een spannend stuk, waarin de angst van ‘Jarvanka’ de bijzondere aandacht krijgt.

Trump en woede

Opvallend is de houding van Trump naar Kim Jong-un van Noord Korea toe. Trump sprak altijd geringschattend over hem. Tegen de pers zei hij: ‘Noord Korea moet maar eens ophouden met die bedreigingen aan de Verenigde Staten. Het land zal getroffen worden door vuur en woede, zoals de wereld ze niet kent’. Bijzonder dat dit fragment de keuze voor de titel bepaalde, aan de andere kant is duidelijk te merken dat woede, Trump’s woede, continu aanwezig was in het Witte Huis. Er hoefde maar iets te gebeuren, of hij was woedend, en was je in de buurt, dan werd je ontslagen. Of er kwam een pissige tweet over je … of allebei, zoals bij Priebus, die per tweet ontslagen werd.

Als je wint, heb je vrienden

Maar op elke bladzijde, expliciet of impliciet, komt Trump naar voren als iemand die …. aardig gevonden wil worden. En hij is ervan overtuigd dat iemand die altijd wint, altijd aardig gevonden wordt. Het verklaart veel.

Mijn evaluatie van Vuur en woede

Je kunt merken dat Michael Wolff met zeer veel mensen heeft gesproken, de flaptekst zegt met zo’n 200 ooggetuigen, over hoe het er in het Witte Huis aan toe ging. Veel uitspraken van Trump zijn letterlijk opgeschreven, niet alleen zijn openbare speeches, ook zijn opmerkingen tijdens interne overleggen. Als je dat leest, en je ziet de teksten die nergens op slaan, vol herhalingen en zonder enige logica, krijg je een goed inkijkje in het functioneren van en met Trump.

Is dat nuttig? We zijn immers inmiddels 8 jaar verder.  Ja, ik vond het nuttig, het geeft toch meer inzicht in de persoon van Trump en hoe het er in het Witte Huis aan toe ging. Het verklaart ook de keuze voor zijn huidige kabinet, met alleen maar loyalisten, die hem overdreven prijzen. En die ongetwijfeld op eieren lopen, want je kunt zómaar uit de gratie zijn.

Het boek vond ik wel typisch Amerikaans geschreven, met lange zinnen, die soms wat beroerd vertaald zijn. Er zit een fijne, wat cynische ondertoon in, over iedereen in de entourage, niet alleen Trump zelf. De mate van detail is de sterkste kant van het boek, je ziet het voor je. Is er al een film van?

Must-Read? Nee, maar ik hoop van harte dat Wolff met een vervolg komt … over de tweede termijn. 

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos 0

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties -, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3 ½ *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Vuur en woede duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus;
  • of uit een minibieb (dat deed ik ook!).

Koop Vuur en woede duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
  • of via B-Corp Bol (aff).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Biografie | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Recensie: De meeste stemmen gelden niet – een analyse

“We hebben een prehistorisch brein, middeleeuwse instituties en de technologie van goden”. Een bekende quote, en wáár. En ook: niet zo best. In De meeste stemmen gelden niet uit 2025 onderzoekt Sander Heijne hoe die drie omstandigheden onze democratie uithollen. Met een flink stuk historie toont hij aan dat wat ooit prima werkte, nu niet meer voldoende is. Hij pleit voor een ‘radicale vernieuwing’ van de democratie, zonder diep in te gaan op mogelijke oplossingen. Maar zoals Einstein ooit zei: als ik een uur had om een probleem op te lossen, zou ik 55 minuten besteden aan nadenken over het probleem, en 5 minuten aan de oplossing. Dat is precies wat Sander doet.

De historische diepgang vond ik verrassend, het gaat over het belang van taal, de invloed van verhalen, de macht van het schrift. Over Aristoteles en Spinoza. Over de emoties van dieren en ons waanidee dat we bovenaan de natuur staan, heer van de schepping. Over de opkomst van autocratieën en ons morele kompas. Vanuit allerlei verschillende perspectieven bekijkt Sander het ontstaan van onze liberale democratie. Erg leerzaam. En wat frustrerend, want 5 minuten voor de oplossing van de problemen die we nu hebben is toch wat te weinig.

In het maatschappelijke boek De meeste stemmen gelden niet …

……. vraagt Sander Heijne zich af of onze vrije en democratische manier van leven nog houdbaar is. In de proloog noemt hij een aantal ontwikkelingen op die hem (en mij ook) zorgen baren. Zoals: *dat onze democratie langzaam ondergraven wordt en dat ook wij daar schuldig aan zijn, omdat we het laten gebeuren. *Dat een democratische rechtsstaat een voorwaarde is voor economische ontwikkeling omdat daarin de overheid te vertrouwen is, je bezit niet zomaar onteigend wordt. *Dat we ondanks de rechtsstaat toch een hoop problemen hebben: wooncrisis, vergrijzing, het dilemma wat te doen met de boeren, anti-immigratie partijen. *Dat we oorlog en politieke manipulatie in Oost-Europa hebben. *Dat dit alles leidt tot gebrek aan vertrouwen in de gevestigde politieke partijen en zo de opkomst van extreem rechts faciliteert.

Onze democratie moet zich aanpassen aan veranderde tijden. Rechts hangt nog steeds de vrije markt van Adam Smith aan, die juist kleine bedrijven tegen grote compagnieën wilde beschermen. Maar dit is nu vertaald als ‘de rode loper uitleggen voor multinationals als Amazon en Ahold, die lokale ondernemers het brood uit de mond stoten’. En links staart zich nog blind op de scheiding arbeid en kapitaal, terwijl de meeste werkenden óók vermogen hebben in de vorm van een huis, pensioenpotje en aandelen. En hoe democratisch is het dat grote corporaties meer macht hebben dan politici?

Gebrek aan vertrouwen dus in de gevestigde politieke partijen. Maar de nieuwkomers verspreiden desinformatie en leggen géén verantwoording af. Er is dan ook geen enkele progressie in het oplossen van onze economische problemen te bespeuren. Tel daarbij de traditionele partijen die antidemocratisch worden en het gevaar is duidelijk. Maar het probleem ligt dieper.

Dit boek analyseert de fundamentele kwetsbaarheden, om op nieuwe ideeën te komen om de democratie te versterken. Eén ervan is dat we niet zo Sapiens, denkend zijn als we denken. We onderscheiden ons minder van dieren dan we altijd dachten, laten ons makkelijk manipuleren, zijn niet zo rationeel als onze democratie van ons verwacht. En als ons mensbeeld niet houdbaar is, is onze huidige manier van leven dat dan wel? Interessante gedachte!

De democratie onder vuur

In het hoofdstuk Onder vuur geeft Sander ons mee dat ook al is Trump democratisch verkozen, zijn acties zeker niet de wil van het volk weerspiegelen. Hij trekt blokje na blokje uit de democratische Jenga-toren. Statistieken geven aan dat het aantal democratieën in de wereld daalt, en ook de mate van democratie per land. Nederland daalde in score van 9,7 naar 9,0 en België is inmiddels een ‘gebrekkige’ democratie.

De democratie als huis

In het hoofdstuk ‘Anatomische les’ geeft Sander aan dat een democratie 3 lagen heeft. De eerste laag, als het fundament van een huis, bestaat uit ideologie: ideeën, opvattingen, principes. Voor de ideologie van een democratie is het idee dat het hoogste gezag is belegd bij de bevolking, een liberale democratie gaat ervan uit dat de individuele rechten van ieder mens worden beschermd tegen onredelijke inbreuken op diens vrijheid. Voor iedereen geldt dezelfde wet. Een democratie kán dus niet democratisch worden afgeschaft ‘door de meerderheid’.

De tweede laag zijn de draagmuren van het huis, en dit zijn de instituties, waarbinnen je heel goed discussie en meningsverschillen kunt hebben over de invulling van de ideologie.

De derde laag zijn de bewonersvertrekken, daarin vind je de ideeën van de verschillende politieke partijen, sociaaldemocraten, christendemocraten. En laten we niet de fout maken om antidemocratisch rechts ‘extreemrechts’ of ‘radicaalrechts’ te noemen, ze zijn antidemocratisch. Klaar.

De verhalen die we elkaar vertellen

Het volgende hoofdstuk heeft een intrigerende titel: Waarom heb ik nooit iemand gedood en mijn opa wel? Sander begint met duiden dat wij, Homo Sapiens, machtiger werden dan de dieren en andere mensachtigen door het fenomeen taal: hiermee konden we makkelijk samenwerken, ervaringen delen en besluiten nemen. Het schrift versterkte dit, omdat het schaalbaarder is dan mondelinge overlevering, het gaat over afstand én tijd heen. Taal hielp ook bij compromissen sluiten, het gemeenschappelijk belang boven het eigenbelang stellen. We vertellen elkaar verhalen om elkaar te overtuigen. Taal onderscheidt ons dus van dieren, en ook ons intellect. En het feit dat wij onderscheid kunnen maken tussen goed en kwaad. Onze democratie gaat uit van goedwillende mensen. Maar er zijn ook moorddadige mensen, en onverschillige mensen. Onze democratie is gebouwd op de aanname dat we redelijke mensen zijn en gemeenschappelijk belang vooropstellen.

Helaas. We willen vliegen, en CEO’s van oliemaatschappijen stellen dat wíj dus verantwoordelijk zijn voor de klimaatschade. De burgerrechten van minderheden worden geschonden omdat volgens politici ‘wíj klaar zijn met migratie’. De machtigen doen wat ze doen omdat wíj dat willen. Maar, zijn we wel rationeel in onze keuzes? Nee, er is sprake van groepsdruk / de conformity bias. En we zijn heel gevoelig voor nieuws in de media: lees je vaak over moord, dan denk je dat dat véél vaker voorkomt dan in werkelijkheid. Kortom: we laten ons leiden door de verhalen en informatie die we aangereikt krijgen. Zijn we dan wel de hoogste macht in de democratie?

En: hoe zit dat met ons morele kompas? Sander’s opa vocht in de Tweede Wereldoorlog en waarschijnlijk doodde hij Duitsers. Hij vocht ook in de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog en waarschijnlijk doodde hij Javanen. Als dienstplichtig militair werd hij door de Nederlandse regering naar beide oorlogen gestuurd. Eerst aan de goede kant, later aan de verkeerde kant. Was hij een goed mens of slecht mens? Goed of slecht is dus afhankelijk van de omstandigheden. In beide gevallen kreeg hij hetzelfde verhaal te horen: het is nodig voor het land.

Het schrift en informatietechnologie

Het volgende hoofdstuk heet Revoluties en gaat verder over verhalen en informatietechnologie. We leren Waldemar van Kyiv kennen, hij leefde rond 1000 AD. Bepaald geen lieverdje, verkrachtte een prinses om haar te dwingen hem te trouwen, en veroverde vanuit Scandinavië grote delen van wat nu Oekraïne en Polen is. Dat ging relatief makkelijk, want de inwoners daar waren bang dat hun heerser, een halfbroer van Waldemar, zich zou bekeren tot het Christendom. In Waldemar zien ze een verdediger van hun oude geloof. Maar als de oorlog is uitgewoed, heeft hij een ander probleem: hoe bestuurt hij al dat land, hoe int hij belasting. Hij moet nu juristen en boekhouders hebben in plaats van soldaten. Mensen die kunnen schrijven. De enige geletterde mensen in die tijd zijn … Christelijke priesters en monniken. En dus bekeert hij zich tot het Christendom, verstoot zijn heidense vrouwen, en dwingt zijn onderdanen zich te laten dopen. En regelt geschiedschrijvers die zijn verhaal opschrijven … hij wordt Vladimir de Heilige, door de macht van het schrift.

De kerk wordt dus ook machtig, heer mensen zijn de enigen die het schrift én de verhalen beheersen, alleen de haar welgevallige kennis wordt met de hand door monniken gekopieerd. Tot de uitvinding van de boekdrukkunst. De critici van de kerk, zoals Erasmus en Maarten Luther, kunnen nu hun pamfletten drukken en verspreiden. En daarna de wetenschappers, die veel kerkelijke dogma’s ter discussie stellen, zoals de aarde als middelpunt van het heelal. Door hun bevindingen vast te leggen, konden andere wetenschappers hun experimenten herhalen en erop voortborduren.  

De wetenschap heeft ons een gestructureerde manier van denken en waarheidsvinding geleverd, die ons ook in staat stelt ons recht te halen. Het staat aan de basis van onze samenleving en onze grondrechten. Een aanval op de wetenschap is dus een aanval op onze democratie. Het bestaan van God is niet te bewijzen, dit wordt dus een geloof, door mensen geschapen. De adel heeft niet langer ‘het mandaat van God’ om te regeren. In de 17de eeuw leidt dit tot de Verlichting. De Trias Politica wordt geïntroduceerd.

So here we are. De antidemocraten proberen dit proces om te keren. Putin zocht de steun van de patriarch van de Orthodox Russische kerk. Trump van de evangelisten. ‘De hand van God’ beschermde hem bij de aanslag tijdens zijn campagne. Dictators beweren dat zij door God op hun ‘troon’ zijn gezet. Netanyahu, Orban en Erdogan bedienen zich ook van heilige geschriften. De wetenschap wordt verdacht gemaakt. Grote multinationalszijn de nieuwe adel. Het bestuur door ‘het volk’ staat onder druk, burgerrechten worden ingeperkt, bijzonder genoeg met het argument ‘de wil van het volk’ uit te dragen. Maar een ideologie waarom een theocratie of autocratie beter zou zijn voor het volk, hebben ze niet.

Terug naar de informatieverstrekking, die ging uit van de wetenschap, van bewijs, van waarheidsvinding. Iedereen geloofde het en hield zich eraan. Tot de opkomst van sociale media. Ooit waren journalisten poortwachters, die zorgden dat onzin en leugens weggefilterd werden. Nu is zorgvuldigheid een bedrijfsrisico, het voorkomt dat je de eerste bent, dat je lezers trekt, met clickbait.  De informatie die ons bereikt wordt nu bepaald door algoritmen, in handen van een paar miljardairs in de VS en China. Zij zijn de nieuwe revolutionairen. En ons brein lukt het niet meer om tot een onafhankelijk politiek oordeel te komen.  Verkiezingen zijn nu geen graadmeter meer van de wil van het volk. Onze instituties zijn  afhankelijk van de mindset van hun leden, de parlementariërs, de rechters, de journalisten, en die mindset verandert.

Hoe dood je de democratie?

In hoofdstuk 5, De democratie is dood, onderzoekt Sander hoe autocratieën in het verleden de democratie hebben ontmanteld. De opkomst van het fascisme rond 1930 is te vergelijken met wat we nu zien. Het startte met maakbaarheidsdenken, een superras, nieuwe technologie, dat was goed voor de vooruitgang. Zondebokken waren natuurlijk nodig. De media publiceerden de speeches van de fascisten, vaak retorisch begaafd, zoals Hitler, zonder duiding, ze dachten dat de mensen zelf wel zouden zien wat een onzin het was. Maar dat gebeurde dus niet, en de media werden roeptoeter van het fascisme. Nu zien we het weer. Controversiële maatregelen leiden tot juridische procedures, en dus wordt de rechterlijke macht verdacht gemaakt, en zittende rechters vervangen door loyalisten. Dan ingrepen bij universiteiten en media: nieuwe mensen aan de top, bezuinigingen of simpelweg sluiting. Dan aanval op het demonstratierecht, het verbannen van boeken, het verbieden van woorden hetzij direct hetzij via de algoritmen, waardoor je critici monddood maakt. En het grootste gevaar: de klassieke politieke partijen die eraan meedoen, die het raam van Overton naar rechts, naar antidemocratisch schuiven.

Onze instituties, media, rechterlijke macht, parlement, moeten dus anders worden ingericht, om de weeffouten in onze democratie te herstellen.  

We moeten de strijd aanbinden 

In het laatste, relatieve korte hoofdstuk, onder de titel Waarom de politiek ons blijft teleurstellen, geeft Sander zijn conclusies. De samenvatting van het voorgaande is: we hebben een prehistorisch brein, middeleeuwse instituties en de technologie van goden (quote van Edward O. Wilson). Aan ons brein doen we weinig, en daarom worden we bij de verkiezingen gemanipuleerd, en valt het resultaat weer eens tegen, omdat de echte problemen niet geadresseerd worden. En ook: antidemocraten hebben aan één verkiezing genoeg om de democratie af te breken. Democratie is een overtuiging, een manier van leven, onze cultuur.

We moeten de strijd aanbinden.

Maar hoe?

Tot zover geen oplossingen voor het herstel van de weeffouten? Nee. Maar dan is er nog de epiloog van 20 pagina’s. Hierin zijn wél wat aanknopingspunten te vinden.

*Onttrek je aan de groep, stop met je kuddegedrag, verzet je tegen peer pressure en herken je conformity bias: neem je verantwoordelijkheid als individu. Zorg voor betere verhalen en durf die ook uit te dragen.

* Big Tech aan de ketting: we hebben een gedeelde realiteit nodig, niet de onzin die zij ons voorschotelen. Verplicht sociale media om tenminste 20% aan content aan te bieden die afkomstig is van erkende journalistieke media, die uitsluitend geverifieerde berichten publiceren. Maak de sociale mediabedrijven ook juridisch verantwoordelijk voor de content die hun algoritmes verspreiden, conform de content van haatimmams, die al beperkt zijn. Verder een totaalverbod van trollenlegers en automatisch door AI gegenereerde content.

*Farmaciebedrijven en autoproducenten moeten uitvoerig de veiligheid van hun producten aantonen, dezelfde eisen moeten we stellen aan digitale technologieën.

*De scheiding der machten, Trias Politica, volledig doorvoeren. Politici hebben dan geen bemoeienis meer met de aanstelling van rechters en geen invloed op de begroting van de rechterlijke macht. En dit geldt ook voor de wetenschap en de media. Misschien een vast percentage van ons bbp aan die instituties toewijzen?

*Minder politici! Het vak politicus ontstond in de tijd van vóór de telefonie, hoe kon anders de mening van de burgers invloed hebben op de besluiten? Nu kan het wél anders, van indirecte democratie naar directe democratie. Daarbij: wat lossen de politici nu eigenlijk op? Onze huidige welvaart komt door investeringen in het verleden in onderwijs, in innovatie, in wetenschap. Lange-termijnbesluiten, die ook haalbaar waren omdat de kiezer zijn partij meestal trouw bleef. Dat is niet meer zo, en daarom worden de grote problemen niet opgelost. Burgers moeten dus meer betrokken worden bij het bestuur van het land: met een stem op een (jaar)begroting per ministerie; toegankelijke uitleg(-video’s); met visies en scenario’s over de toekomst van gemeenten en het land; met burgerberaden die oplossingen zoeken voor de verdeling van lusten en lasten.

Laten we een context creëren waarin kiezers daadwerkelijk overzien hoe ze met hun stem invloed uitoefenen op de wereld waarin we leven.  

Mijn evaluatie van De meeste stemmen gelden niet.

Sander heeft kans gezien om een bekend onderwerp, waar momenteel heel veel over geschreven en gesproken wordt, op een bijzondere manier te belichten. Eigenlijk is het een stukje geschiedenisles vanaf de prehistorie, en ik vind het knap hoe hij zóveel historisch relevante ontwikkelingen in een relatief dun boek heeft weten te proppen. Waldemar en Erasmus, Copernicus en Trump, Aristoteles en Rutte, wie komt er niet voorbij? Over die relevantie had ik wel mijn twijfels terwijl ik het boek las, Sander gaat zó diep met zijn beschrijvingen, dat ik me afvroeg of het nu wel nodig was om zó diepgaand te analyseren wat iedereen eigenlijk wel weet. Achteraf vind ik dat dát juist het boek onderscheidt van veel andere. Leerzaam dus, en onderbouwd ook nog, maar met een relatief korte literatuurlijst: zo’n 50 boeken en wat websites.

Het nadeel van de diepgaande beschrijvingen is dat ik af en toe de draad van het betoog kwijtraakte. Ja, Sander laat zien dat we een prehistorisch brein hebben, ouderwetse instituties en waanzinnige technologie, en dat de combinatie dus heel makkelijk misbruikt kan worden voor het eigenbelang van enkelen, in plaats van voor het gemeenschappelijke belang. Maar wat doen we met die wijsheid? De oplossingen vond ik zeker niet slecht, maar zijn erg ad hoc en gedetailleerd, zoals de 20% geverifieerde content voor sociale media. Ik had het graag wat holistischer gezien: bijvoorbeeld meer standaard-info per sociale mediapost over wat wel en niet wetenschappelijk bewezen is, meer individuele zeggenschap over óf en wat je aan technologieën tot je neemt, meer gedachten over hoe je als kiezer meer invloed hebt op het begroten. Enzovoorts.

De schrijfstijl is prima, de omschrijving van het ‘huis van de democratie’ bijvoorbeeld vond ik erg mooi. Illustraties heeft het boek niet, en aan het eBook zag ik het eventuele kleurgebruik niet af. Verder is het goed verzorgd, slechts een enkele typo.

Had ik het WOW-gevoel? Nee, ik denk niet dat je heel veel mist over de staat van onze democratie als je het boek niet leest.  

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd 0, Relevant 0, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees De meeste stemmen gelden niet duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
  • of uit een minibieb!

Koop De meeste stemmen gelden niet duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
  • of via B-Corp Bol (aff).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Actie: Black Friday? Nee: Green Friday

Vrijdag 28 november 2025: Black Friday. Ga jij ook helemaal los op de koopjes? Sla je heerlijk een hele stapel nieuwe boeken in? Waarom eigenlijk? Lees eens een ‘groen’ boek! Eentje uit je eigen boekenkast! Of eentje die je geruild hebt met een vriend of collega. Eentje die je bij de bibliotheek hebt besteld. Eentje die je vond in de kringloopwinkel. Eentje die je spotte in een minibieb.

Ik heb een tsundoku-boekenkast. Dat is een boekenkast vól boeken die ik nog niet gelezen heb. Recente en klassiekers. In de loop der jaren gekregen, gekocht of gevonden. Ik kijk er met plezier naar. Zóveel keus! En toch …. iedere keer als ik lees dat er een boek uit is van één van mijn favoriete auteurs, mijn familie, wil ik het hébben, direct! Alsof ik al niet niet genoeg heb. Alsof dat nieuwe boek beter is dan wat er nog in de kast staat. Herkenbaar?

Wil je boeken hebben? Of wil je boeken lezen?

Ik koop geen boeken meer. Dat kost héél veel moeite, ik geef het toe. Als ik iets lees over een nieuw boek dat ik graag wil lezen, zet ik het op mijn leeslijst. En dan zoek ik naar manieren om het in handen te krijgen zónder het te kopen. Allereerst kijk ik of het via een eBook-abonnement wordt aangeboden, ik heb een abonnement op Kobo Plus. Maar niet alle nieuwe boeken zijn daarop te vinden. Wat dan?

Wil je het boek nú lezen of later lezen?

In het verleden kwamen de nieuw gekochte boeken fysiek op een leesstapel terecht. Ik kocht meer dan ik direct kon lezen. Natuurlijk, als het een urgent probleem behandelde, las ik het direct. Maar veel vaker kocht ik een boek omdat het onderwerp of de auteur me aansprak. Als het over leiderschap ging. Of over duurzaamheid. Klimaatverandering. Of als het een biografie van een interessant mens was. Die gingen op de stapel. En bleven daar een tijdje liggen, want ach, de informatie erin was tijdloos, dat was later óók nog interessant. En zo gingen er een paar weken of maanden voorbij. En sommige las ik helemaal niet meer …. omdat ik er steeds maar nieuwe boeken bovenop legde. Herkenbaar?

Daar heb ik nu mijn leeslijst voor, dat is mijn virtuele leesstapel. Ik bekijk het regelmatig, en als een boek me niet meer zo aanspreekt, haal ik het weer van de lijst. Want vaak is er dan een nieuw boek uit, over hetzelfde onderwerp, wat me nóg meer aanspreekt.

Waarom zou je nieuwe boeken kopen?

Met mijn leeslijst ga ik dan aan de slag. Mijn eerste keus is dus mijn eReader. Qua duurzaamheid is dat beter als je meer dan 30 boeken daarop leest. Dat haal ik met gemak.

Mijn volgende halte is … de bibliotheek. Daar kun je al na een paar maanden die nieuwe boeken bestellen. Op papier, dat leest ook wel weer heel fijn. Voor Kobo Plus en de bibliotheek geldt dat de auteurs een vergoeding krijgen. Dat spreekt me aan, al is het niet veel.

Mijn volgende keuze is tweedehands aanschaffen, ik ben regelmatig te vinden op de tweedehands-boekensite Boekwinkeltjes. En als ik ze uit heb, gaan ze daar ook weer op, voor de volgende liefhebber.

Ruilen is natuurlijk altijd een goede optie. Ik doe dat regelmatig met mede-recensenten en vrienden. Niet iedereen neemt makkelijk afscheid van zijn boeken, maar als je ruilt, is het wat makkelijker, minder verlies-aversie denk ik. Vraag eens aan een vriend of collega of die dat ene boek heeft wat jij zo graag wilt lezen, en dat wil ruilen voor een boek uit jouw collectie. Voor je het weet zit je een avond te praten over jullie favoriete boeken en schrijvers, óók fijn!

Naar een specifiek boek zoeken bij een antiquair, een tweedehandsboekwinkel, de kringloop, of in een minibieb, is bijna onbegonnen werk. Daar speelt serendipity een rol: als je regelmatig snuffelt vind je altijd wel iets dat op je leeslijst staat, of wat er op had moeten staan. En dat snuffelen is bijna net zo leuk als lezen.

Wist je dat er meer dan 10.000 minibiebs zijn in Nederland? Mijn goede vriend Jacques Zuiderwijk houdt deze op Google bij op 12 provinciekaarten! Zo vind je makkelijk de minibiebs in jouw buurt. Hier vind je de 12 links: Groningen Friesland Drenthe Overijssel Flevoland Gelderland Utrecht Noord-Holland Zuid-Holland Zeeland Noord-Brabant Limburg

Oude wijsheid in nieuwe kaften

En dan de laatste optie: dat nieuwe boek gewoon helemaal niet lezen. Het valt me namelijk op dat veel boeken wel héél erg lijken op het vorige boek van die auteur. De kern wordt eens flink herkauwd, het ziet er anders uit, maar het ís niet anders. Of het is gebaseerd op klassiekers als De 7 eigenschappen, Invloed, Ons feilbare denken, etcetera. Het moderne vernisje is vaak erg dun en de diepgang van het origineel verdwenen in populair taalgebruik en onrealistische voorbeelden. Staat er niet nog een bestofte klassieker in je kast? Herlees die eens!

Andere ‘spullen’: moet je ze echt hebben? Of wil je ze gebruiken?

Ik heb een boekverslaving, maar natuurlijk zijn er veel andere zaken die je kunt kopen, terwijl je er al genoeg van hebt. Schoenen, kleding, elke maand is de mode weer anders. Je wordt gemanipuleerd door de mode-industrie. Overweeg tweedehands mode, koop het bij vintage zaken, via een ‘clothing loop’ of via Vinted. Of ruim je kledingkast eens op, wie weet wat je daarin nog eens ontdekt! Gereedschap leen je van de buren, een auto deel je met de buurt …. en je laptop kan écht nog wel een jaartje mee.

Spullen hebben de grootste impact qua duurzaamheid, zo legt Babette Porcelijn uit in De verborgen impact, een briljant boek dat de impact van ons koopgedrag haarfijn uit de doeken doet, je zult van de ene in de andere verbazing rollen. Maar … koop dat boek niet nieuw!

Laat je niet verleiden door alle aanbiedingen op Black Friday. Spaar je bankrekening én de aarde. Maak er een Green Friday van!

Geplaatst in Maatschappij, Sustainability | Tags: , , | Plaats een reactie

Familie: ‘neef’ Roman Krznaric

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘neef’ Roman Krznaric.

Waar schrijft ‘neef’ Roman Krznaric over?

‘Neef’ Roman schrijft over maatschappelijke problemen, die hij met inspiratie uit de geschiedenis van oplossingen voorziet. En de meeste van zijn boeken pakken een onderwerp per hoofdstuk, zodat je het in gedeelten kunt lezen, heel prettig! Hoewel hij bekend staat als filosoof, zijn zijn boeken heel praktisch, zowel qua schrijfstijl als qua oplossingen.

Heeft ‘neef’ Roman Krznaric andere zakelijke activiteiten?

‘Neef’ Roman is Senior Research Fellow bij de Universiteit van Oxford. Daarnaast is hij lid van de Club of Rome en Research Fellow bij de Long Now Foundation.

Zijn ‘Empathy Museum’ is een pop-up museum dat tentoonstellingen in verschillende plaatsen organiseert. De meest recente was … op de COP30 in Belém in november 2025.

Natuurlijk spreekt hij op allerlei events, meestal over zijn laatste twee boeken.

Op zijn eigen website heeft hij een interessant blog: https://www.romankrznaric.com/blog.

Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘neef’ Roman Krznaric eruit?

‘Neef’ Roman werd in 1970 geboren in Australië, in Sydney om precies te zijn. Daar deed hij de lagere school, de middelbare school volgde hij in Hong Kong. Vervolgens ging hij naar Engeland, waar hij PPE (filosofie, politiek en economie) studeerde in Oxford. Zijn master deed hij in Londen, en dat was in Latijns-Amerikaanse politiek, en hij promoveerde in Essex. Zijn promotieonderzoek ging over de oligarchie in Guatemala. Zijn thesis is als boek uitgebracht.

Tijdens en na zijn promotieonderzoek deed ‘neef’ Roman mensenrechtenwerk in Guatemala. Vervolgens ging hij lesgeven aan de Universiteiten van Essex, Cambridge en Londen. Daarna ging hij aan de slag als projectdirecteur voor The Oxford Muse, dat is een culturele instelling opgericht door Theodore Zeldin. Met Zeldin schreef ‘neef’ Roman ook twee boeken.

In 2008 richtte hij met een aantal andere filosofen The School of Life op. Daar gaf hij les in de onderwerpen werk, politiek en liefde. Hij vertrok daar in 2012 om zich helemaal op het schrijverschap te storten.

‘Neef’ Roman is getrouwd met ‘nicht’ Kate Raworth, die we kennen van het boek Donuteconomie. Ze hebben een tweeling en wonen in Engeland. ‘Neef’ Roman is ook een fanatiek tennisser.

Welke boeken schreef ‘neef’ Roman Krznaric?

‘Neef’ Roman schreef zo’n 11 boeken. Daarvan las ik er 3, en van 1 daarvan, Empathie, schreef ik een Impressie, een mini-samenvatting. Die is te koop. Van een andere, Geschiedenis voor morgen, schreef ik Booknotes, dat is ook een mini-samenvatting, maar dan gratis te lezen op deze site.

Geschiedenis voor morgen – History for Tomorrow (2024)

Denk je dat al onze huidige problemen hardstikke nieuw zijn? Think again! Alles, maar dan ook alles, zélfs de opkomst van iets als AI, hebben we al eens eerder meegemaakt. Daar zijn we soms goed mee omgegaan, en soms minder. Van onze fouten uit het verleden kunnen we leren. Slimme oplossingen van ooit kunnen ons inspireren. ‘Neef’ Roman schotelt ons 10 actuele problemen voor, mét de historische lessen uit alle delen van de wereld. Verrassend! Met zijn aangename schrijfstijl, verrassende verhalen en hoopvolle conclusies is dit weer een écht goed boek geworden. Lees mijn Booknotes | Lees mijn recensie | Koop bij Libris

De goede voorouder – The Good Ancestor (2020)

‘We koloniseren de toekomst, zoals we in het verleden gebieden koloniseerden. Zoals Australië, wat we terra nullius noemden, niemandsland, terwijl er zát mensen woonden. En nu hebben we tempus nullius, niemandstijd. Alsof er in de toekomst geen mensen wonen op onze aarde. Maar die wonen er wél, maar kunnen nu, als ongeboren generatie, niets doen, net als destijds de aboriginals’. Wat een sterke opening van dit boek! Dat ‘koloniseren’ komt omdat we te veel aan kortetermijndenken doen, en te weinig aan langetermijndenken. Lees mijn recensie | Koop bij Libris

Carpe Diem – Carpe Diem Regained (2017)

Dit boek las ik nog niet, dus hierbij de flaptekst: In Carpe diem haakt Roman Krznaric in op het feit dat het motto van de Romeinse dichter Horatius nog altijd springlevend is. Maar ‘Pluk de dag’ is ook gekaapt door de consumentenindustrie en de mindfulnessbeweging. Zij hebben het motto vernauwd tot ‘Koop de dag’ en ‘Pluk het nu’. Krznaric wil het tweeduizend jaar oude motto heroveren op zijn kapers. Daarvoor schrijft hij de eerste cultuurgeschiedenis van Carpe diem. Hij laat zien hoe de slogan kan inspireren om je over te geven aan waarachtig genot, om spontane acties te verzinnen, en kansen te grijpen in het dagelijks leven én in de politiek. Koop bij Bol

How Should We Live (2015)

En ook dit boek las ik nog niet, hierbij de flaptekst: There are many ways to try to improve our lives—we can turn to the wisdom of philosophers, the teachings of spiritual guides, or the latest experiments of psychologists. But we rarely look to history for inspiration—and when we do, it can be surprisingly powerful. In How Should We Live? the cultural historian Roman Krznaric explores twelve universal topics—including love, family, and empathy; work, time, and money—by illuminating the past and revealing the wisdom we have been missing. Koop bij Bol

Empathie – Empathy (2014)

Ik vond dit boek zó goed dat ik direct een Impressie, een mini-samenvatting, schreef en niet eens meer recenseerde. Dus de flaptekst: De mens is in essentie een empathisch wezen. Empathie verbetert de kwaliteit van ons leven. Volgens ‘neef’ Roman hoort empathie nu eenmaal bij mensen. Sterker nog, empathie verbetert onze kwaliteit van leven. Bovendien is ze de motor achter sociale verandering. Roman onderzoekt in zijn boek hoe de hoog-empathische mens in elkaar zit en hoe we zo iemand kunnen worden. Hiervoor sprak hij met acteurs, activisten, vormgevers, undercoverjournalisten, verpleegkundigen, bankiers en neurowetenschappers. Koop de Impressie

Werk vinden dat bij je past – How to Find Fulfilling Work (2012)

Nee, dit boek las ik niet, en ga ik ook niet meer doen. De flaptekst: Dé absolute droombaan is een illusie, maar werk dat de kwaliteit van je hele leven op een hoger plan tilt, wil iedereen wel. In deze gids helpt bedrijfsconsultant Roman Krznaric je dat werk te vinden. Daarvoor raadt hij je aan breder te zoeken dan je voorheen misschien hebt gedaan zonder in een doolhof aan keuzemogelijkheden te verdwalen. Verder laat hij zien welke concrete stappen je nog moet nemen om je ambities waar te maken en die bevredigende carrière voor jezelf te creëren waar je zo naar verlangt. Koop bij Bol

De wonderbox – The Wonderbox (2011)

Dit boek las ik ook nog niet, maar staat zeker wel op mijn leeslijst. Flaptekst: Zelfhulpgidsen zijn onderhevig aan trends. Waarom gaan we voor levenslessen dan niet grasduinen in iets dat veel rijker is dan de nieuwste modegril: de geschiedenis? Of het nu om opvoeding, werk, geld of sterven gaat, de Brits-Poolse (?) denker Roman Krznaric, medeoprichter van de Londense School of Life, komt in ‘De wonderbox’ met verrassende inzichten die hij baseert op historische feiten en verhalen. Koop bij Bol

What The Rich Don’t Tell The Poor (2008)

Nee, dit boek las ik ook nog niet, maar lijkt me best interessant. Flaptekst: How does oligarchic power work in practice? In this fascinating and original study of Guatemala’s economic elite or ‘oligarchy’, Roman Krznaric explores the inner workings of the country’s wealthy business sector and how they have maintained power and privilege in the face of change. Based on extensive personal interviews, What The Rich Don’t Tell The Poor reveals the oligarchs speaking candidly in their own words on issues ranging from political violence and civil war to race and inequality. The result is a pathbreaking work of political and sociological analysis that offers unique insights into the global phenomenon of oligarchic power. Het boek werd in 2022 opnieuw uitgegeven. Koop bij Bol

How Change Happens (2007)

Een uitgave van Oxfam, die niet meer leverbaar is. Hij staat dan ook niet op mijn leeslijst. Flaptekst: Has development thinking become too narrow and specialised? Does it fail to draw on learning from outside the realm of development studies about how social change happens? This report presents an overview of approaches used to explain social change from a wide range of academic perspectives, from history, politics and economics to psychology and geography. These are summarised in a useful table, which presents a series of questions as a flexible tool for thinking about how change happens. The author argues that current development thinking uses only a narrow range of approaches to change and the result is that most development strategies are limited.

The First Beautiful Game (2006)

En ook dit boek is niet meer leverbaar, ik las het niet en zette het ook niet op mijn leeslijst. Voor de liefhebbers van mijn ‘neef’ Roman de flaptekst: The First Beautiful Game tells the personal stories behind real tennis; its obsessives and eccentrics, why they play this extraordinary sport and the unexpected lessons they have learned about ambition, passion, respect and love.

Guide to An Unknown University (2005)


‘Neef’ Roman’s allereerste boek, heel specifiek over de Universiteit van Oxford. Ik las het niet. Ik vond wel een exemplaar, dat EUR 125 moet kosten, dus voor de liefhebber! Flaptekst: The thoughts, feelings and imaginations of a University by students, researchers, professors, staff and alumni: *How a specialist in brain diseases cultivates his own mind. *How an undergraduate lives in doubt, in rebellion and in an imagined world. *Why a college porter writes poetry. *How polio has and has not coloured a professor’s life. *What motivates a government advisor, head of an Oxford college. *Why a former management consultant has returned to study history. *Why I painted my face, tooth and glasses black. *Why diary-writing and navel-gazing do not tell you who you are. What kind of human beings inhabit and inspire the University of Oxford? In what state do they emerge from it? What is most important to them and what is missing from their lives? This book reveals what they seldom make public, presenting them not as statistics or stereotypes, but as unique individuals. Each speaks in their own words, uncensored.

“Neef’ Roman zou samen met Theodore Zeldin ook ‘Guide to an Unknown City’ geschreven hebben, ook uitgegeven door The Oxford Muse, maar dit boek is zó ‘unknown’ dat het onvindbaar is.

Verantwoording

Alle informatie is ontleend aan WikipediaBolRoman’s eigen website.

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 (update november 2025) stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
  23. In november was de beurt aan neef Adam Grant
  24. December was voor nicht Susan Cain
  25. In januari 2025 stelde ik neef Kees Klomp aan je voor.
  26. En in februari nicht Nadine Maarhuis.
  27. In maart was de beurt aan oom Robert Cialdini
  28. April (update november 2025) was voor tante Jane Goodall
  29. In mei stelde ik neef Jaap Bressers aan je voor
  30. En in juni nicht Babette Porcelijn.
  31. In juli was de beurt aan mijn neef Yuval Noah Harari
  32. Augustus was voor nicht Robin Wall Kimmerer
  33. In september stelde ik neef Rutger Bregman aan je voor
  34. En in oktober nicht Roxane van Iperen
  35. In november was de beurt aan neef Roman Krznaric.

Geplaatst in filosofie, Maatschappij | Tags: , , , | Plaats een reactie

Recensie: 20 vragen en antwoorden over AI – relevant

Leren prompten is één, AI inbedden in je organisatie is iets heel anders! Menno Lanting gaat in 20 vragen en antwoorden over AI uit 2025 in op dat laatste onderwerp: hoe zorg je ervoor dat je organisatie álles uit de mogelijkheden van AI haalt, het strategisch inzet, en de weerstand van de medewerkers overwint? Natuurlijk worden zijn antwoorden weer gelardeerd met veel voorbeelden van bekende bedrijven, denk aan Stena Line, Bol, Politie Nederland, de gemeente Amsterdam, FMO, en KLM.  

Door de indeling in 20 zelfstandig leesbare hoofstukken, is het een toegankelijk boek voor iedereen die snel wat specifieks wil weten. De focus ligt op verandermanagement en leiderschap, met een oproep tot durven, tot experimenteren. En ook wordt ons voorgehouden dat AI altijd ondersteunend is, dat de typisch menselijke input zoals moraliteit, empathie en creativiteit niet snel door AI vervangen zal worden. Relevante en interessante inhoud, in een vorm die niet helemaal de mijne is.

Het managementboek 20 vragen en antwoorden over AI …

…. is geen boek wat je van begin tot eind moet lezen, je kunt gerust een aantal voor jou interessante vragen eruit plukken en daarover lezen. Elke vraag heeft een volledig antwoord, waarbij soms wordt terugverwezen naar een eerdere vraag en antwoord. Dat houdt in dat als je toch het hele boek in 1 ruk uitleest, zoals ik, je de nodige herhalingen zult tegenkomen. Dat je het weet …

Ik las het boek dus helemaal, van vraag 1 tot en met vraag 20, en geef je graag bij elke vraag wat persoonlijke highlights en observaties, bij de ene vraag wat meer dan bij de andere.

1. Wat is AI eigenlijk en is het een verrijking of niet?

    Menno behandelt Machinelearning, Deep learning, Natural Language Processing, Computer Vision, Reinforcement learning, en Generatieve AI. Supernuttig om deze verschillende termen goed uitgelegd te krijgen. En ja, het kan een verrijking zijn, stelt Menno, bijvoorbeeld in de geneeskunde. Daar gaat hij in een latere vraag verder op in.

    2. Waarom is AI belangrijk voor de toekomst van organisaties?

    We zitten in de 5de Industriële Revolutie (5IR), die wordt gekarakteriseerd door de focus op samenwerking tussen mens en machine. Dat gaat verder dan de focus van 4IR: automatisering en efficiency. Wat nu nodig is, is regulering, en dat is lastig omdat het niet zo ‘fysiek’ is als bijvoorbeeld zelfrijdende auto’s. Ook moeten we ons bewust zijn van de schaduwzijden, bijvoorbeeld het inzetten van AI voor criminele doeleinden. Er is dus noodzaak voor wetgeving en beveiliging van o.a. het menselijk lichaam (tegen hacking van pacemakers en prothesen!).

    3. Wat zijn de beperkingen van AI?

    Het belangrijkste probleem is de inherente bias van AI, ontstaan door de bias in de trainingsdata. Ook zien we onzin in bijvoorbeeld recepten (lijm i.p.v. kaas op je pizza), door gebrek aan kennis. En heel specifiek: AI wil op álle vragen antwoord geven, ook al weet hij het antwoord niet. AI heeft geen ‘begrip‘.

    4. Welke ethische vraagstukken zijn er rond AI?

    AI kan efficiënt en objectief zijn door de vele data, maar mist de menselijke inbreng van nuance, empathie, morele overwegingen. Verder zijn er issues rond privacy, transparantie en verantwoording. De EU legt de nadruk op ethiek, maar kan zo jaren gaan achterlopen op China en de VS, die zich daar weinig aan gelegen laten liggen. Verder loopt de wereld risico door misbruik door de monopolies op informatie en de centralisatie van macht. En tenslotte ontstaat er een tweedeling in de samenleving: de AI-haves en de AI-havenots.  

    5. Welke nieuwe mogelijkheden biedt generatieve AI?

    Met generatieve AI kun je meer doen met je eigen input en ook sneller zaken produceren. Je kunt meer creatieve ideeën opdoen. (Menno verwijst naar iets over de boekcover, maar dat kan ik in de tekst niet vinden.) Generatieve AI kan content creëren, maar er ook voor zorgen dat je arts niet alleen maar zit te typen als je hem iets vertelt. Hoera! Maar ook kan het leiden tot stress, hogere werkdruk en lagere productiviteit door te weinig training, of omdat alle output meermalen gecorrigeerd moet worden. Het kan dus een toename van problemen veroorzaken.

    6. Hoe kies je een strategie voor AI?

    Veel organisatie kiezen ervoor om te starten met optimalisatie om snel winst te behalen en ervaring op te doen, en daarna in te zetten op innovatie. Menno adviseert niet té enthousiast te beginnen, maar ook niet te afwachtend te zijn. Gewoon stap voor stap bewegen, en focussen op doelen met meetbare impact. Niet gelijk allerlei processen herontwerpen, maar AI integreren in bestaande processen, dan ziet AI eruit als een natuurlijk verlengstuk van de huidige werkwijze. Dat maakt de overgang makkelijker voor de medewerkers. Franka Vossen (werkt bij FMO: de Nederlandse Financierings-Maatschappij voor Ontwikkelingslanden N.V.) vertelt:  ‘bij ons, met aanwezigheid in 85 landen, is het essentieel om de spelregels goed te definiëren voordat je AI implementeert.’

    7. Hoe gebruik je AI voor optimalisatie van processen?

    In dit antwoord staat een interessant voorbeeld van Shell: zij ontwikkelden nieuwe brandstof, waarbij ‘bestaande brandstofmoleculen moesten worden vervangen door biomoleculen, zonder prestatieverlies’. Het was namelijk bedoeld voor een GPMoto motorwegrace. Door het gebruik van AI modellen (digital twins – ESC) kregen ze het in 6 weken voor elkaar om precies de juiste biomolecuul te vinden. Zo werd dus het Shell R&D-proces geoptimaliseerd.   

    8. Hoe kan AI innovatie stimuleren?

    Franka Vossen vertelt dat toen zij bij Leaseplan werkte (2017-2020) ze een innovatieve methode voor restwaardebepaling gingen gebruiken. Dat sprak me aan omdat ik er ooit werkte en het probleem herkende. De oplossing is niet zo gedetailleerd uitgewerkt, misschien wil ze de concurrentie niet wijzer maken? Maar ja, na 5 jaar is die oplossing vast niet zo innovatief meer.

    9. Hoe organiseer je het gebruik van AI in de organisatie?

    Centraal of decentraal? Met een lange-termijnplan of gericht op concrete problemen? Dat lijkt voor iedere organisatie anders te zijn. Menno adviseert een implementatie in 3 stappen. Begin met ‘consumeren’: je gebruikt bestaande AI-oplossingen om een goede database te creëren, want goede data zijn key. Dan: ‘samenstellen’: je eigen data gebruiken met bestaande AI-tools. En dan ‘bouwen’: aan je eigen AI-modellen.

    10. Welke nieuwe rollen en functies ontstaan er in organisaties door AI?

      In dit hoofdstuk weinig concreets over nieuwe functies en rollen, het draait erom de huidige rollen aan te passen aan het samenwerken met AI. Ik las een interessant stuk over de relatief nieuwe CEO van schoenenbedrijf Van Lier: een 26-jarige dame met een achtergrond in economie en machine learning. Dan draait het dus meer om de invulling van de rol. En ook was ik geraakt door een quote van Alan Kay: “Sommige mensen zijn bang dat AI ons het gevoel zal geven dat we minderwaardig zijn, maar dan zou iedereen met een beetje gezond verstand een minderwaardigheidscomplex moeten krijgen elke keer dat hij naar een bloem kijkt.”.  

      11. Hoe begeleid je medewerkers en teams in de AI revolutie?

        Als je medewerkers het idee krijgen dat hun werk ‘ook zomaar door computers gedaan kan worden’, raken ze gedemotiveerd. Gebruik AI dus niet alleen maar om de productiviteit te verhogen, maar om het werk voor de medewerkers meer voldoening en betekenis te geven. Menno gebruikt Bullshit Jobs van David Graeber om zijn betoog over ‘nutteloos werk’ kracht bij te zetten. Ik ben niet zo overtuigd van zijn betoog, nutteloos werk wordt niet nuttiger als AI het doet, David refereerde met de term bullshit job naar werk wat volgens de werknemer zelf überhaupt geen toegevoegde waarde had voor de maatschappij.  Vervelend, routinematig werk, of (nuttig) administratief werk als je zorgprofessional bent, dát moet juist wel door AI vervangen worden. Verder in dit hoofdstuk gaat het over weerstand overwinnen, en de risico’s goed in kaart brengen en afwegen tegen de voordelen. Je moet je medewerkers goed uitleggen wat AI wél en niet kan. Je moet niet te snel willen gaan en altijd zorgen dat er menselijke controle is. En duidelijk maken dat mensen nuance, context en ethiek toevoegen.

        12. Hoe vind, bind en boei je het benodigde AI talent?

          Je kunt AI-talent aantrekken door een omgeving te bieden waarin experimenteren, leren en innoveren centraal staat. Waarin resultaten direct waarneembaar zijn en waar de AI-talenten betrokken worden bij strategische beslissingen. Leuk weetje: Nissan heeft antropologen aangetrokken om AI te trainen in menselijk gedrag.  In dit hoofdstuk gaat het ook over bouwen aan AI-capaciteit, ik veronderstel dat het boeien uit de titel hiervoor een voorwaarde is.

          13. Welke toekomstige trends in AI zijn belangrijk om te volgen?

            De belangrijkste ontwikkeling is de opkomst van avatars en virtuele persoonlijkheden, ondersteund door steeds betere spraakherkenning en natuurlijke taalverwerking (NLP). Een groot risico is lock-in, door dominante platforms, wat weer kan leiden tot veroudering. Op dit moment gebruiken we AI voornamelijk als extern geheugen, om informatie op het juiste moment beschikbaar te krijgen. In de toekomst zal het meer actief zijn bij besluitvorming, creativiteit en dergelijke. De ontwikkelingen zijn afhankelijk van de beschikbaarheid van data, de vooruitgang in NLP en de integratie met andere technologieën zoals Internet of Things en robotica. Een technische ontwikkeling in opkomst is quantum computing, in combinatie met AI kan dit leiden tot een veel hogere snelheid en lager energieverbruik.

            14. Wat vraagt AI van het leiderschap in de organisatie?

              Van het leiderschap wordt verwacht dat men begrip heeft van techniek en data, verandering en innovatie omarmt, zichzelf openstelt voor nieuwe inzichten, en vertrouwt op experts. Ook toezichthouders (die blijkbaar niet tot ‘het leiderschap’ behoren) hebben dit nodig, bijvoorbeeld door de AI Act (of wat daar straks nog van over is).  Overheden zijn terughoudender door de complexe bureaucratische processen en gebrek aan technische expertise. Ook gebrek aan data is een issue, er zijn complete, geordende actuele datasets nodig, zowel uit de organisatie als informatie over markt en trends.  

              15. Hoe kan de samenwerking worden verbeterd met behulp van AI?

                AI is heel goed in te zetten bij projectmanagement. Er zijn supernuttige notuleringstools, alsmede NLP voor samenvattingen, en voorstellen voor reacties op vragen. Verder kan het hulp bieden bij brainstormsessies en de haalbaarheid van ideeën toetsen. Ook kan het persoonlijke leer- en opleidingsprogramma’s samenstellen. Verder: het bevorderen van diversiteit en inclusie door grotere objectiviteit (mits geen bias door trainingsdata) en het bieden van vertaaltools aan multiculturele teams.

                16. Kan AI helpen bij het begrijpen en voorspellen van klantbehoeften?

                  AI kan veel beter en dieper klanten segmenteren. Ook zou het nog beter de optimale voorraadhoogte voor versproducten in de supermarkt kunnen voorspellen bij hittegolven, feestdagen of een ‘stormachtig seizoen’.  (Dat laatste snap ik niet. Geen veldsla in de zomer omdat die van je bord waait? Meer wokgroenten omdat iedereen in de file staat en er minder tijd voor koken is?). En natuurlijk zijn er de chatbots, die de klantenservice 24/7 kunnen openhouden, wat veel puur menselijke afdelingen nu niet bieden.

                  17. Hoe verandert AI marketing- en communicatiestrategieën?

                    Data-gestuurde marketing levert aantoonbaar hogere conversie-ratio’s op. Een mooi voorbeeld is Netflix, die persoonlijke aanbiedingen doet met unieke ‘thumbnails’ uit de films, en hierdoor haar omzet met 1 miljard (!) verhoogde. 80% van de kijkactiviteit ontstaat uit aanbevelingen. De keerzijde is natuurlijk privacy, en je merkbeleving die verandert als gevolg van de inbreuk op je persoonlijke levenssfeer.  De quote van Google hierbij (AI gebruiken … ethisch en verantwoord … privacy van gebruikers) is wat nietszeggend.

                    18. Hoe beïnvloedt AI de logistiek en het supply-management?

                      AI kan het orderpicken veel efficiënter maken. Ook kan het de vraag naar een product beter voorspellen en routeplanning verbeteren. AI vergt een hoge investering in techniek en training, maar op de langere termijn zijn er zeker besparingen. In combinatie met blockchain kan het worden gebruikt voor de gegarandeerde herkomst van producten zoals voedsel, en zo een bijdrage leveren aan duurzaamheid(-srapportage). Unilever gebruikt het voor de supplychain van palmolie.  

                      19. Hoe kan AI bijdragen aan duurzamere bedrijfsprocessen en -praktijken?

                        Een mooi voorbeeld is de voorspelling van de cateringbehoefte van KLM-vluchten waardoor er minder wordt weggegooid. (Tip voor Transavia: ook nuttig tegen nee-verkopen). Verder helpt het de energietransitie omdat het de beschikbaarheid van zonne- en windenergie beter managet. Ook staat er een mooi voorbeeld in van Zen Robotics, wat AI gebruikt voor afvalsortering.  

                        20. Hoe kan AI een positieve bijdrage leveren aan maatschappelijke uitdagingen?

                        Ook weer een mooi voorbeeld: Kopenhagen gebruikt AI om het energieverbruik perfect af te stemmen op de inwoners, door vraag en aanbod continue te voorspellen zónder stroomuitval: Smart City. Minder CO2 uitstoot! Het IPCC stelt dat de inzet van AI de uitstoot in 2030 met 4% kan verminderen. Het enige nadeel is dat het trainen van AI ook veel energie vraagt. Verder een interessant stuk over precisie-geneeskunde, en het personaliseren van onderwijs. De quote van Microsoft hierbij gaat over de rol van AI: het aanvullen en niet vervangen van menselijke capaciteiten en AI ondergeschikt maken aan de behoeften van de maatschappij. Ook weer vrij algemeen in dit kader.

                        Geklungel

                        De epiloog tenslotte roept op om te durven, om te experimenteren, want ‘het is juist dat menselijke geklungel dat ons onderscheidt van machines en ons in staat stelt echt te innoveren’.

                        Mijn evaluatie van 20 vragen en antwoorden over AI

                        Er is een hoop te doen over AI, waarvan de levensechtheid van afbeeldingen en de toon van teksten de bulk van de artikelen vormt die ik de laatste tijd las. Ik ben zelf nogal sceptisch over AI en was blij om in dit boek een aantal voorbeelden tegen te komen die echt toegevoegde waarde kunnen hebben. Minder verspilling van voedsel, minder kilometers rijden door bezorgdiensten, precisie-geneeskunde, wie wil dit nu niet?  

                        Wat betreft de inbedding van AI in de organisatie was ik een beetje verrast door de voorzichtige toonzetting: stap voor stap, bestaande processen laten ondersteunen, etc. Dat is toch een iets ander verhaal dan wat Menno in zijn boeken over digitale transformatie poneerde. Digitalisering is dan ook ‘veiliger’ dan AI, zal zijn uitgangspunt zijn. Hoe je AI het best introduceert en gebruikt heeft nog nauwelijks wetenschappelijke basis, de voorbeelden van de aanpak bij verschillende organisaties geven een aardig inkijkje, terwijl iedereen het toch anders doet. Dat kan ook aan het soort AI liggen, natuurlijk. Plus: anekdotisch bewijs, want AI is nog te kort in gebruik voor een goede studie, denk ik.

                        Natuurlijk zijn de wat meer algemene adviezen, op het gebied van verandermanagement en leiderschap, niet heel nieuw, ik lees dit al zo’n 10 jaar in Menno’s boeken. Niets verrassends dus. De organisatorische adviezen zullen daarom niet snel achterhaald zijn, techniek en de mogelijkheden van AI gaan echter heel snel, in die zin zullen de voorbeelden juist weer wél snel verouderen. Daarmee is dit boek niet heel tijdloos.

                        Wat mij opviel van de voorbeelden is dat zij niet met veel details beschreven worden. Van een paar, zoals de biobrandstof van Shell, heb ik via de notes de betreffende web-pagina opgezocht om verder te lezen. Dat bracht wat meer duidelijkheid. Gevalletje ‘kennisvloek’ denk ik.

                        De vorm van het boek

                        De indeling in 20 hoofdstukjes geeft de mogelijkheid om alleen dat te lezen waar je op een moment behoefte aan hebt. Het nadeel ervan is dat er veel herhaling zit tussen de hoofdstukken, en ook dat ze overlappen, bijvoorbeeld qua duurzaamheidsvoordelen.

                        Menno geeft aan dat hij AI heeft gebruikt bij het schrijfproces. Ik heb de indruk dat een aantal hoofdstukken, zoals 8 en 9, bijna volledig door AI geschreven zijn, en dat de prompt ‘in de stijl van Menno Lanting’ niet heel goed gewerkt heeft. Die hoofdstukken vond ik lezen als een marketingbrochure, of als een typisch antwoord van ChatGPT op een vraag: veel woorden, lange zinnen, veel herhaling, heel weinig concrete inhoud. In de andere hoofdstukken trof ik meer ‘Lanting’ aan, en dat is fijn want ik houd van zijn schrijfstijl.

                        Tijdens het lezen, en het schrijven van dit stuk, merkte ik dat ik minder enthousiast ben over dit boek, dan over het vergelijkbare 20 over … digitale transformatie. Dat heeft misschien te maken met mijn vooroordeel over AI, wat mijn inziens veel meer nadelen en gevaren heeft dan digitalisering. Maar ook denk ik dat ik meer verwacht had van de diepgang, van passende quotes, van verrassende observaties, als Lanting-veellezer. Leg ik de lat steeds hoger? Omdat Menno ‘familie’ is?

                        Must-Read? Nee, er wordt veel geschreven over AI, dit boek springt er niet uit.

                        Conclusie

                        Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd 0, Relevant +, Tijdloos 0.

                        Vorm: Aansprekend +, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl 0

                        FOMO -. 

                        Ik gaf het boek 3*

                        Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

                        Lees 20 vragen en antwoorden over AI  duurzaam …

                        • via de (online) bibliotheek
                        • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
                        • of uit een minibieb!

                        Koop 20 vragen en antwoorden over AI duurzaam … 

                        • bij de kringloop;
                        • bij een tweedehandsboekwinkel zoals Boekwinkeltjes;
                        • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
                        • of via B-Corp Bol (aff).

                        Keus genoeg!

                        Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

                        Geplaatst in Innovatie, IT | Tags: , , , | Plaats een reactie

                        Recensie: Hoop voor de toekomst – spiritueel

                        Jane Goodall’s ‘spirituele autobiografie’ Hoop voor de toekomst, de vertaling van Reason for Hope, A Spiritual Journey, uit 1999, stond al een tijdje in mijn tsundoku-boekenkast, maar verhuisde na het overlijden van Jane afgelopen oktober naar de top van mijn lees-stapel. Het is een prachtig verslag van haar leven, met de nadruk op de spirituele kant: haar mystieke ervaringen, haar hoop voor de toekomst, haar innerlijke kracht, die haar tot op het eind de wereld rondstuurde om haar boodschap van hoop te verkondigen en geld voor natuurbehoud in te zamelen.  

                        In het nawoord lees ik dat het boek oorspronkelijk bedoeld was als een dialoog tussen een theoloog en een antropoloog, maar het evolueerde tot een biografie. Opvallend is dat zij net zoveel aandacht besteedt aan de harde feiten van haar leven, als aan haar binnenwereld. Een groot deel van het boek gaat over onze ‘morele evolutie’, onze hedonistische levensstijl en de noodzaak tot natuurbehoud. Het boek is bepaald niet zweverig, wat je misschien zou verwachten, maar wel emotioneel geladen. De passie spat er vanaf!

                        De biografie Hoop voor de toekomst …

                        … begint natuurlijk in Jane’s kindertijd. Ze was dol op de boekjes over Tarzan en zegt dat dáár haar liefde voor Afrika vandaan kwam. Tarzan had alleen wel de verkeerde Jane … Een andere belangrijke invloed was haar geloof in God, ze werd zelfs een beetje verliefd op de predikant.

                        Omdat het gezin niet heel rijk is, is er geen geld om Jane naar een universiteit te laten gaan. Ze volgt een secretaresseopleiding en heeft verschillende baantjes in Londen en Brighton. Totdat …. ze op 18 december 1956 dé brief ontvangt! Een schoolvriendin vraagt haar of ze op bezoek komt in Kenia. Natúúrlijk. Ze verlaat Londen, gaat weer thuis wonen en werkt 5 maanden als serveerster, om de niet onaanzienlijke reissom bij elkaar te kunnen sparen.

                        1957: Kenia

                        Ze reist per boot naar Kenia, die trip duurt 3 weken, en daarna zit ze nog 2 dagen in de trein en een dag in een jeep. Maar dan is ze er, en geniet met volle teugen. En gaat zéker niet terug naar Engeland, nee, ze gaat als secretaresse aan de slag voor een Brits bedrijf in Nairobi. Daar maakt ze een afspraak met Dr. Leakey, een paleo-antropoloog en archeoloog, want ze wil iets met dieren doen. Ze werkt een jaar voor hem als secretaresse in het Nationaal Museum in Nairobi. Ook gaat ze met Leakey en zijn familie 3 maanden fossielen zoeken in de Olduvai-kloof, de ‘wieg van de mensheid’.

                        Tot zover is het boek een vrij feitelijk geschreven biografie, met hier en daar gedichten van Jane, die ze al die jaren heeft bewaard. Vanaf dit punt komt ze in contact met dieren, en worden de beschrijvingen passievoller. Dat begint als ze meegaat op een jachtpartij van het museum, om allerlei dieren te vangen en te doden om ze kunnen onderzoeken en tentoon te stellen. Ze is ontzet. Niet alleen over de jachtpartij an sich, maar ook over de aantallen. Waarom is één per soort niet genoeg? Waarom zo véél?

                        1960: Gombe, Tanzania

                        In 1959 vraagt Leakey haar om onderzoek te doen naar chimpansees in Tanzania. Ze vindt het een geweldig idee! Ze gaat terug naar Engeland om zich in te lezen in het doen van veldonderzoek en dergelijke, en Leakey gaat op zoek naar sponsoren voor het onderzoek. In 1960 heeft hij die gevonden, voor 6 maanden onderzoek in het reservaat Gombe. Op 16 juli 1960 komt Jane daar aan, met haar moeder als chaparonne en lokale staf voor het koken en de beveiliging. Ze slaan hun kamp op bij het ranger-station van het reservaat.

                        Op zoek naar de chimpansees

                        Jane’s eerste gedachte als ze het bos in stapt: hoe moet ik die chimps in hemelsnaam vinden? En na 6 weken heeft ze nog geen chimp gezien, maar samen met haar moeder wel malaria gekregen! Als ze weer hersteld is gaat ze het bos weer in … en ontdekt De Piek: een heuvel van waaruit ze twee dalen kan bekijken. Dagenlang zit ze alleen te kijken en te wachten, neemt geen boek mee, niets wat af kan leiden van het spotten van de chimps. En ze ziet ze!

                        Nadat 4 van de 6 maanden zijn verstreken doet ze haar grootste ontdekking: de chimps gebruiken grassprieten om in termietenheuvels naar termieten te hengelen. Dat de chimps bewust gereedschap maken en gebruiken is wereldnieuws. Leakey vraagt direct méér subsidie aan om het onderzoek voort te zetten. Aan het eind van maand 5 ontvangen ze bevestiging. Moeder Vanne gaat terug, Jane blijft met de lokale staf achter.

                        15 jaar in Gombe, trouwen, moeder worden en scheiden

                        Ze spendeert nóg meer tijd in het bos, en beschrijft de spirituele kracht die ze voelt. Ze is alleen met de natuur, gaat er helemaal in op, en ervaart een verhoogd bewustzijn. Het gevoel van vrede dat ze ervaart is prachtig omschreven, en ook de interactie met de chimps is ontroerend om te lezen. Filmmaker Hugo van Lawick brengt een bezoek, en in 1964 trouwen ze. Zoon Hugo junior, die ze Grub noemen, wordt in 1967 geboren.

                        Deze episode van haar leven wordt heel kort beschreven. Ze managet voornamelijk het onderzoeksstation, allerlei studenten doen de observaties. Ze mist het zélf doen van onderzoek en het contact met de chimps. In 1974 scheiden Jane en Hugo, ze zijn te verschillend, ze dachten beiden de ander wel te kunnen veranderen, maar dat gebeurde natuurlijk niet. In 1976 gaat Grub naar Engeland, naar school, tot die tijd heeft hij schriftelijk les gehad van Jane en Hugo, en tijdelijke onderwijzers.

                        In die periode bezoekt Jane de Notre Dame in Parijs, en heeft een intense mystieke ervaring die ze uitgebreid beschrijft.   

                        1975, mooie en verschrikkelijke ervaringen

                        In 1975 ontmoet ze Derek, haar tweede man. Ze zitten samen in een klein vliegtuigje als die een noodlanding moet maken. Het loopt maar nét goed af, en Derek doet haar het aanzoek. Ze accepteert. Hij woont en werkt in Dar-Es-Salaam en het stel verdeelt de tijd tussen de hoofdstad en Gombe, het klinkt als een goedwerkende LAT-relatie.

                        Ook in 1975 speelt de ontvoering van 3 van haar studenten en 1 medewerkster, door 40 (!) gewapende mannen die handelen in opdracht van Laurent-Désiré Kabila, de latere president van Congo. Na betaling van losgeld worden de 4 een paar weken later losgelaten. Maar daarmee is het niet afgelopen, Derek wordt beschuldigd van het niet willen betalen van het losgeld, en Jane van onverantwoordelijk gedrag, terwijl ze in de VS was toen het gebeurde, ze had een tijdelijk contract bij Stanford Universiteit. Dat contract wordt beëindigd en ook haar onderzoeks-subsidie komt in gevaar.  Dat is voor haar aanleiding om het Jane Goodall Instituut op te richten, ze wil een meer structurele oplossing voor de financiering van haar onderzoek. Lange tijd mag ze ook niet terug naar Gombe. In dit deel lees je duidelijk de ontzetting, de gekwetstheid en de frustratie van Jane terug.

                        Agressie en zorgzaamheid, nature of nurture?

                        Hierna volgt een gedetailleerde beschrijving van de agressie bij chimps, gevolgd door een vergelijkbare beschrijving van liefde. Jane beschrijft hoe volwassen chimps een vrouwtje van een andere groep aanvallen, en haar jong vermoorden en gedeeltelijk opeten. Daarna ziet ze hetzelfde gebeuren bij een vrouwtje van de eigen groep. Sterker nog, ze heeft bewijs dat er 4 baby’s zijn opgegeten door het vrouwtje Passion en haar dochter Pom. Waarom? Geen idee, maar het is de start van een 4-jarige oorlog. Een groep chimps die zich had afgesplitst wordt volledig uitgemoord. Ze vergelijkt dit gedrag met de menselijke agressie. Is dat dan toch meer nature dan nurture?

                        Het vergelijkbare deel over zorgzaamheid en mededogen bij de chimps is ontroerend, en hieruit blijkt dat altruïsme óók in onze genen zit. Jane concludeert dat we onze agressieve neigingen kunnen overwinnen, onze genetische erfenis ontstijgen. Daaruit ontleent ze ‘hoop voor de toekomst’.

                        1979: de dood, onrust en verspilling

                        Het huwelijk met Derek is geen lang leven beschoren: hij overlijdt in 1979 aan uitgezaaide kanker. Haar beschrijving van zijn onsuccesvolle zoektocht naar genezing is erg pijnlijk en verdrietig om te lezen. Na zijn dood gaat ze naar Gombe, en daar krijgt ze weer een spirituele ervaring: hun geesten spreken met elkaar. Het geeft haar rust, en ze is wat gelukkiger.

                        Dit emotionele stuk wordt vervolgd met een even emotioneel stuk over de onrust in de wereld op dat moment, in alle buurlanden van Tanzania is wel wat aan de hand, daarbij komt vernietiging van de natuur en luchtvervuiling, en onze verspillende leefwijze. Is er nog hoop voor de toekomst, vraagt ze zich af.

                        1986: proefdieren en weesjes

                        In 1986 is ze spreker op een conferentie die haar diep raakt. Het gaat hier niet alleen over het gedrag van de chimps, maar ook over de bedreiging van hun leefgebied, en het gebruik van chimps als proefdieren. Ze hoort dingen die ze niet voor mogelijk had gehouden. Ze voelt dat haar leven wordt overgenomen door ‘een kracht die sterker is dan ikzelf’ en richt zich op de ‘chimpansee-weesjes’: verlaten huisdieren, proefdieren, jonkies waarvan de moeder voor vlees is afgeschoten.  Ik las het met tranen in mijn ogen. We gebruiken de chimps als proefdieren omdat ze voor 99% genetisch aan ons gelijk zijn. Maar zouden ze ook niet cognitief, emotioneel op ons lijken, vraagt Jane zich af. Zouden ze niet kunnen voelen wat wij voelen, kunnen lijden?

                        De overstap naar de bio-industrie is snel gemaakt, en Jane stopt met het eten van vlees. Inmiddels, zegt ze (in 1999) bewegen we ons weg van wreedheid, naar mededogen, we denken anders over dierproeven. Ze heeft weer hoop voor de toekomst, maar alleen als we onze levensstijl veranderen. Voor die hoop heeft ze 4 redenen, die ook in haar latere boek, Het boek van hoop uitgebreid aan de orde kwamen. Daar heb ik een recensie én samenvatting van, dus verwijs ik daarnaar. Dat boek is als het ware een spiegelbeeld van Hoop voor de toekomst, met heel veel spiritualiteit en minder biografische stukken.

                        Ze wil nog véél doen!

                        Aan het eind van het boek vraagt ze zich af hoe lang ze nog heeft. Ze is 65, maar haar hele familie werd vér in de 90. Ze wil nog zóveel doen! Haar werk in natuurbehoud voortzetten natuurlijk, maar ook een roman schrijven.

                        Inmiddels weten we dat dát er niet meer van gekomen is ….        

                        Mijn evaluatie van Hoop voor de toekomst

                        Het boek is een bijzondere mix van feitelijkheden over Jane’s leven tot 1999, en haar gedachten over God en/of een spirituele kracht. Al las ik eerder twee andere boeken van haar die semi-biografisch zijn, ik leerde toch weer meer over haar leven, en met name over haar mystieke ervaringen. Ik kan me ook goed voorstellen dat je, om overtuigend een boodschap van hoop uit te dragen, ook een stevige basis in spiritualiteit moet hebben.

                        Het boek is heel persoonlijk geschreven, het raakte mij ook vaak emotioneel. Bij de beschrijvingen van de chimps in Gombe natuurlijk, die stralen echt haar liefde voor de dieren  en de verwondering over hun gedrag uit. Maar ook bij de beschrijvingen van het overlijden van Derek, en haar bezoek aan het laboratorium met proefdieren.

                        Het boek is mooi uitgevoerd met een flink aantal foto’s. Ook staan er een aantal gedichten van haar hand in. Het is een prachtige herinnering aan een bijzondere vrouw, mijn ‘tante’ Jane.  

                        Conclusie

                        Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

                        Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

                        FOMO -. 

                        Ik gaf het boek 4 1/2*

                        Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

                        Lees Hoop voor de toekomst  duurzaam …

                        • via de (online) bibliotheek; 
                        • digitaal en gratis via Kobo Plus;
                        • of uit een minibieb (dat deed ik ook!)!

                        Koop Hoop voor de toekomst duurzaam … 

                        • bij de kringloop;
                        • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
                        • niet meer beschikbaar bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
                        • of via B-Corp Bol (aff).

                        Keus genoeg!

                        Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

                        Geplaatst in Biografie | Tags: , , , , | 1 reactie

                        Recensie: Continent van de kwaliteit – filosofisch, holistisch, praktisch

                        Europa moet steviger inzetten op waar ze goed in is, en dat is kwaliteit. Dit betoogt Paul Schenderling in Continent van de kwaliteit. Hoe Europa een eigen economische koers kan varen, uit 2025. Europa heeft altijd voorop gelopen als het gaat om regelgeving voor productkwaliteit en duurzaamheid. Het zou onverstandig zijn om te proberen te concurreren met China in het produceren van goedkope rommel, en juist zeer verstandig om digitale ontwikkelingen meer in eigen hand te houden, ons los te maken van de digitale diensten uit de VS. De visie die Paul schetst is tegelijk filosofisch, holistisch en praktisch.

                        Filosofisch als het gaat om te bespreken waar mensen gelukkig van worden, wat een goed leven betekent. Spoiler: niet meer spullen. Holistisch als het gaat om het schetsen van de problemen waar Europa nu mee worstelt, van oorlog in Oekraïne tot hyperglobalisatie, van verslavende apps tot toenemende ongelijkheid, van ecologische crises tot schadelijke efficiëntie. Praktisch als het gaat om handelingsperspectief voor burgers, bedrijven, regionale overheden en de Nederlandse regering. Goed gedaan!

                        Het maatschappelijke boek Continent van de kwaliteit …

                        … begint met het uiteenzetten van de problemen waar Europa tegenaan loopt. De oorlog in Oekraïne is een bedreiging voor Europa. De extreemrechtse politieke wind die in de VS heerst, ook. Maar er zijn ook interne bedreigingen: economisch, sociaal en ecologisch verval. De Europese industrie verzwakt, de ongelijkheid neemt toe, de democratie staat onder druk, en met de natuur gaat het steeds slechter. Hoe dat komt? Door de economische keuzes die we hebben gemaakt.

                        Maar dat verval is niet onvermijdelijk. Als we nu eens niet kijken naar de maatstaven van vooruitgang die alleen maar kwantitatief zijn, zoals bbp, productiviteit, het aantal multinationals, maar juist naar de kwalitatieve maatstaven? Als we nu eens zouden focussen op kwalitatieve groei, op beter in plaats van meer? Op een goed leven? Dan gaat het helemaal niet zo slecht met Europa. Want we zijn al koploper qua kwaliteit: van producten, van zorg en onderwijs, van verduurzaming van de industrie. Kwaliteit is onze kracht!

                        Het goede leven met de economie als middel

                        Je kunt ‘het goede leven’ vatten in de gemeenschappelijke waarden vrede, vrijheid, rechtvaardigheid en naastenliefde. Die doeleinden bereiken we met middelen als geld, (militaire) macht, en in het algemeen: met onze economie. Maar we zijn daarin doorgeslagen, economie is niet meer dienstbaar, maar autonoom.  Door globalisering hebben natiestaten macht verloren aan grote corporaties en miljardairs. Kortweg ‘de rijken’. De natiestaten sloten handelsverdragen, en verloren hierbij bevoegdheden om te sturen op handel, industriepolitiek, wisselkoersen, verplaatsing van kapitaal.

                        Dat sturen gebeurt nu door private partijen, middels het gebruiken van het ‘vestigingsklimaat’, opgebouwd door belastingwetgeving en sociale zekerheid. Bevalt het vestigingsklimaat ze niet dan verkassen ze naar een ander land, of dreigen daarmee. Er is concurrentie tussen verschillende landen, en dat resulteert in een race to the bottom op economisch, sociaal (toenemende ongelijkheid) en ecologisch (afzwakking Green Deal) gebied. De baten van economische groei gaan voornamelijk naar de rijken. Niet goed. We moeten (dus) naar kwalitatieve groei.   

                        Europa verbouwen

                        Het boek geeft ons een verbouwingsplan in 5 delen. In deel I wordt de historie en de werking van het huidige economische systeem geanalyseerd. Dat vond ik bekende stof, prettig uiteengezet.

                        In deel II behandelt Paul 4 ‘game-changers’:

                        1. Digitale monopolies, waarin AI, digitale verslaving, en de macht van de VS en China op dit gebied aan de orde komen.
                        2. Toekomstig concurrentievermogen, waarin ook weer de overmacht van China aan de orde komt. Wat nodig is, zijn investeringen in kennis, duurzaamheid, defensie en energie-infrastructuur, het probleem is natuurlijk hoe we dit moeten financieren.
                        3. De internationale economische en politieke orde, met opkomst van BRICS, het ontstaan van een multipolaire wereldorde wat weer zal leiden tot minder internationale samenwerking en minder internationale handel. Het eerste is vervelend, je hebt dit nodig om oorlogen en milieucrises op te lossen. Het tweede is misschien een kans voor eerlijker handelsrelaties.
                        4. Een leefbare toekomst. Hierin legt Paul de Jevons-paradox uit, waarbij steeds een groot deel van bereikte efficiency weer teniet wordt gedaan door hogere consumptie. Dat geldt ook voor milieuwinst, wel 50%, waardoor groene groei gewoon niet mogelijk is. Onze economie en samenleving moet minder groei-afhankelijk worden.

                        Een visie voor een Eco-sociaal model voor Europa

                        In deel III wordt een visie gepresenteerd die bovenstaande problemen aanpakt. Dat begint met voortaan ‘kwaliteit’ te zien als kompas bij de te maken keuzes, en de doeleinden (vrede, vrijheid, rechtvaardigheid, naastenliefde) leidend te maken.

                        Ik lees dat het maken van kwalitatief betere producten ervoor zorgt dat we welvaart behouden en welzijn bevorderen. Die producten hebben een langere levensduur, zijn functioneler, beter ontworpen, en beter te repareren. De productieprocessen zijn innovatiever en verspillen minder. Dit levert dan welvaartswinst op die gebruikt kan worden voor de benodigde investeringen en ons sociale stelsel. Dat leidt tot een groter gevoel van zekerheid bij de bevolking, en dit leidt weer tot solidariteit. Dit betoog is mooi geformuleerd, maar toch komt het wat kort door de bocht over.

                        5 strategische stappen

                        Voor het realiseren van die visie zijn 5 strategische stappen nodig:

                        1. Europese waarden en kwaliteitsnormen herstellen.
                        2. De vloer (sociale zekerheid) en plafond (draagkracht van de aarde) van de economie herstellen.
                        3. Europese digitale soevereiniteit opbouwen.
                        4. Een structurele financiering voor investeringen opbouwen.
                        5. Actief ruimte scheppen voor gemeenschapseconomieën (de meent, het commonisme).

                        Elke stap wordt in een hoofdstuk uitgewerkt. Ik vond met name de 1ste  stap, die ook het gebruik van industriepolitiek middels importheffingen aanbeveelt, erg interessant. Bij stap 2 wordt een historisch inkijkje gegeven in het ontstaan van landeigendom, en wordt het gebruik van quota uitgewerkt. In stap 3 vinden we een plan voor ‘digitale dekolonisering’, en dat is nodig, want nu zijn we chantabel door onze afhankelijkheid. Europa moet eigenaar zijn van data én infrastructuur. En digitale producten kunnen we hetzelfde reguleren als fysieke producten, waar we naar veiligheid en schadelijkheid kijken. Software die verslavend werkt, is schadelijk, dus húp, van de markt halen. Goed stuk. De financiering is niet zo ingewikkeld volgens Paul, want importheffingen en quota leveren geld op. Ook zal de focus op een goed leven in plaats van consumptie geld besparen bij de burger, die dan weer wat meer aan bijvoorbeeld defensie kan bijdragen. Klinkt in theorie goed, maar is ook wel weer kort door de bocht. Wat betreft de gemeenschapseconomieën is met name vereenvoudiging van regelgeving van belang.

                        Sufficiëntie vervangt efficiëntie

                        Deel 4 is geheel gewijd aan ‘sufficiëntie’, als vervanger van efficiëntie.  De uitleg wordt opgehangen aan de Fairphone, die probeert de hele productieketen eerlijker en duurzamer te maken, in plaats van te sturen op de laagste prijs. Het prijsmechanisme heeft een aantal grote gebreken: prijzen zeggen niets over de kwaliteit, zijn geen échte prijzen omdat maatschappelijke schade niet is ingecalculeerd, en houden geen rekening met absolute schaarste, bijvoorbeeld grondstoffen die binnen een mensenleven niet hernieuwbaar zijn.

                        Sufficiëntie draait om ‘voldoening gevend’, met relaties in de waardeketen die wederkerig zijn, zodat de héle keten kwalitatief goed is, voor arbeid, voor ecosystemen, voor de dienstverlening aan de klant.

                        9 knoppen voor sufficiëntie

                        Hiervoor kunnen bedrijven aan 9 knoppen draaien:

                        De eerste drie gaan over de goede dingen doen: betere kwaliteit van de dienstverlening, goed werk en nieuwe natuur. De tweede drie gaan over de dingen goed doen: regeneratief beheer van de natuur, wederkerige relaties in de keten, veerkracht in de keten. De derde groep gaat over geen kwaad doen: zuinig zijn met grondstoffen, schade aan de natuur minimaliseren, zorgen voor voldoende vrije tijd.  

                        Wie kan wat doen?

                        Deel V tenslotte zoomt in op wat elk van de spelers kan doen om dit allemaal te verwezenlijken. Dat lijkt een bottom-up aanpak te zijn: nieuwe bedrijfjes starten op, burgers zijn enthousiast en kopen er én investeren erin. Het netwerk wordt steeds groter, bedrijven gaan samenwerken. Dit is niet naïef, er zijn al best veel bedrijvennetwerken die dit doen, en burgerbewegingen. Het gebruik van zonne-energie is op deze manier groot geworden.  De overheid kan deze ontwikkeling financieel en organisatorisch ondersteunen en beide groepen actief koppelen.

                        Daarna is het nodig om op te schalen. Daarvoor zijn 3 stappen: mensen direct vragen om bij te dragen, de hele keten gelijktijdig opschalen, en een gezamenlijke leercurve.

                        Hoe kunnen we de economie democratischer maken

                        Het laatste hoofdstuk gaat in op manieren om te economie democratischer te maken. Het begint met de burgers er meer bij te betrekken met een soort referendum of burgerberaad. Verder komen er ideeën wat er op regionaal gebied moet gebeuren: voorzieningen selectiever inzetten, scherpere voorwaarden stellen aan de besteding van publiek geld, ondersteunen van ondernemers die hun bedrijfsmodel ombouwen, etc. En dan zijn er landelijke speerpunten: belastingherziening, waaronder een progressief tarief en belasting op vermogen, op consumptie en op financiële transacties.  Verder suggesties als een participatie-inkomen voor onbetaald werk zoals mantelzorg, een aparte rechtsvorm voor sufficiënte bedrijven.

                        Dit zijn allemaal praktische zaken die zeker haalbaar zijn. Wat natuurlijk het grootste struikelblok is: álle landen in Europa op één lijn krijgen. Want ongetwijfeld zal men het eens kunnen worden over de probleemstelling, echter over oplossingen heb ik nog niet vaak een unanieme uitspraak gehoord, laat staan ééntje die zo ver gaat als dat wat dit boek voorstelt.  En zóveel tijd hebben we niet, lijkt me.

                        Mijn evaluatie van Continent van de kwaliteit

                        Paul heeft de bedreigingen van Europa behoorlijk breed ingestoken, en dan is het lastig om overal even diep op in te gaan. Hier en daar noteerde ik dan ook ‘kort door de bocht’. Gelukkig zijn de inzichten ontleend aan het werk van een aantal economen, zoals Thomas Piketty, Paul Collier, Dani Rodrik, en aan Paul’s voorgaande boek. Het is dus makkelijk om je verder te verdiepen in bepaalde onderwerpen. Een literatuurlijst per hoofdstuk helpt hierbij.

                        De probleemstelling levert weinig verrassends op, ik denk dat iedereen de dreiging wel ziet van de goedkope spullen uit China, de macht van Big Tech, de problemen van de uitbuiting van het mondiale Zuiden, en de ecologische crisis (ik schrijf dit tijdens COP 30). Het is wel heel knap hoe Paul hier een goed lopend, inzichtelijke analyse van heeft gemaakt, waarbij alles met alles te maken heeft. Het is ook duidelijk dat er iets grondig ‘verbouwd’ moet worden en dat hier en daar een beetje plamuren niet gaat werken.

                        Zijn oplossingen, focus op de doeleinden, op het goede leven, op sufficiëntie, zullen bij een grote groep resoneren, maar die groep is nauwelijks groot genoeg om snel iets substantieels voor elkaar te krijgen. Desondanks is het heel praktisch om uit te gaan van een bottom-up aanpak, die als een olievlek kan werken. Top down vanuit de EC zie ik niet snel gebeuren. Als de diverse lagere overheden en landen dit nog wat meer zouden stimuleren en structureren, kan ik mij vinden in het hoopvolle betoog. Terwijl ik dit schrijf zitten we ook midden in de formatie, dus wie weet. Over relevantie heb ik niet te klagen!  

                        Paul gebruikt goede voorbeelden om zijn wat ‘zweverige’ visie handen en voeten te geven, er gebeurt al veel, en er is bewijs dat focus op de doeleinden, op een goed leven, meer geluk brengt dan steeds maar meer consumeren en produceren. Anderzijds, het succes van Shein en Temu in Europa is natuurlijk wel zorgelijk, er zijn nog erg veel mensen die kwaliteit niet zo belangrijk vinden. Paul gaat niet erg in op verandering van de mentaliteit van mensen. Regelgeving en heffingen lijken onvermijdelijk als we voor kwaliteit willen gaan, vrijhandel is niet ideaal.

                        De structuur van het boek is goed, er zit een duidelijke rode lijn in. De korte hoofdstukken houden het overzichtelijk, evenals het gebruik van vele opsommingen en lijstjes die steeds terugkomen.  Het boek heeft weinig illustraties, en een aantal daarvan waren slecht leesbaar in het eBook dat ik las. Ook zitten er wat typo’s in (casus in plaats van cases, wel 2x), ontbrekende woorden, een foutieve formule in hoofdstuk 18. Ik schrok van het toeschrijven van Eureka! aan Einstein. Dat was toch echt Archimedes. En als ik zo’n fout zie, twijfel ik direct aan alle uitspraken over onderwerpen waar ik minder van weet, en dat is natuurlijk vrijwel het hele boek. Erg jammer zo’n blunder. De schrijfstijl is dan wel weer prima, weinig jargon, lekker vlot.

                        Overall beveel ik het boek aan, omdat het een holistisch overzicht geeft van problemen en oplossingen die impactvol en urgent zijn, en praktische verwijzingen als je je verder wilt verdiepen. Heb je nog niet zoveel gelezen over deze onderwerpen, pak dan dít boek.

                        Conclusie

                        Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

                        Vorm: Aansprekend+, Verzorgd -, Illustraties 0, Structuur +, Schrijfstijl +

                        FOMO 0. 

                        Ik gaf het boek 4*

                        Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

                        Lees Continent van de kwaliteit  duurzaam …

                        • via de (online) bibliotheek; 
                        • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
                        • of uit een minibieb!

                        Koop Continent van de kwaliteit duurzaam … 

                        • bij de kringloop;
                        • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
                        • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
                        • of via B-Corp Bol (aff).

                        Keus genoeg!

                        Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

                        Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

                        Recensie: First, Break All The Rules – win-win

                        First, Break All The Rules, in het Nederlands Weg met alle regels, geeft de resultaten weer van 2 ‘mammoet’- onderzoeken, uitgevoerd over 25 jaar, onder meer dan 1 miljoen werknemers en 80.000 managers.  Het onderzoekende bedrijf was Gallup, en Gallup-hotshot Marcus Buckingham geeft in dit boek uit 1999 antwoord op een simpele vraag: wat doen de beste managers om de beste resultaten uit hun werknemers te halen? De titel geeft het antwoord: ze houden zich niet aan de gangbare regels.

                        Die gangbare regels stellen onder andere dat werknemers aan hun zwakke punten moeten werken. Nee, zeggen die beste managers: ze moeten aan hun sterkste punten werken, je kunt zó véél meer verbetering realiseren. Dat is mooi, want als werknemer is aan je sterke punten werken natuurlijk ook veel leuker.  Win – win. En voor managers die dit niet kunnen geloven: het boek puilt uit van wetenschappelijk bewijs dat deze aanpak echt beter werkt. En ik weet zeker: na 25 jaar nog steeds. Want: ik werkte niet zo lang geleden bij een bedrijf dat deze aanpak letterlijk wereldwijd geïmplementeerd had.

                        Het managementboek First, Break All The Rules …

                        …. begint met een beschrijving van de onderliggende mammoet-onderzoeken. Allereerst werden aan meer dan 1 miljoen werknemers van veel verschillende bedrijven in de VS en daarbuiten, honderden vragen gesteld over hun werkomstandigheden. Daarna werden de statistieken bekeken: welke van die honderden vragen werden door de meest loyale en productieve werknemers ánders beantwoord dan door de gemiddelde werknemers, of zelfs de ROAD-warriors (Retired On Active Duty, die er met de pet naar gooien dus). Vragen over salaris en zo vielen dus af, daar gaf iedereen hetzelfde antwoord. Er bleven 12 vragen over, die meten wat de belangrijkste elementen zijn om getalenteerd personeel binnen te halen, te houden, en het productiefst te krijgen.

                        12 vragen voor de beste werkomgeving

                        Dit zijn de 12 vragen:

                        1. Weet ik wat er op het werk van me verwacht wordt?
                        2. Heb ik de materialen en uitrusting om mijn werk goed te doen?
                        3. Krijg ik de kans om te doen wat ik het beste doe, elke dag?
                        4. Over de afgelopen 7 dagen, heb ik complimenten of waardering gekregen voor het leveren van goed werk?
                        5. Lijkt mijn manager, of iemand anders op het werk, om mij te geven als persoon?
                        6. Is er iemand op het werk die mijn ontwikkeling aanmoedigt?
                        7. Doen mijn meningen er toe op het werk?
                        8. Zorgt de missie of doelstelling van het bedrijf ervoor dat ik voel dat mijn baan belangrijk is?
                        9. Zijn mijn collegae toegewijd aan het uitvoeren van kwalitatief goed werk?
                        10. Heb ik een beste vriend op het werk?
                        11. Heeft er iemand de afgelopen 6 maanden over mijn voortgang gesproken?
                        12. Heb ik het afgelopen jaar de mogelijkheid gehad om te leren en te groeien?

                        Deze 12 vragen werden gelinkt aan de resultaten van de afdelingen van die geweldige werknemers: de productiviteit, de klanttevredenheid, de winstgevendheid en het personeelsverloop. De eerste 6 vragen blijken het meest kritisch.

                        De beste managers

                        Nou, dat is makkelijk te regelen, zou je zeggen. Nee dus. Als voorbeeld: een winkelbedrijf met 300 winkels liet de scores analyseren. De winkels waren in alles identiek, het materiaal en de uitrusting was identiek, de procedures vanuit het hoofdkantoor natuurlijk ook. Toch scoorden ze allemaal verschillend, bij antwoorden op een schaal van 1 tot 5, sterk oneens tot sterk eens. De cultuur is dus bij allemaal anders, en dat lag ongetwijfeld aan de managers. Toevallig, of niet, waren de resultaten van de winkels, in productiviteit, klanttevredenheid, winstgevendheid en personeelsverloop, ook allemaal anders, en de hoogst scorende winkels op de 6 vragen, scoorden ook de beste resultaten.

                        Vervolgens werden er 80.000 managers geïnterviewd, en werden hun antwoorden gecorreleerd met hun resultaten, denk aan verkopen, klanttevredenheidsonderzoeken, 360graden-beoordelingen, personeelsverloop, etc. Het werd al snel duidelijk dat de beste managers zeker niet allemaal hetzelfde deden, maar wel dat ze allemaal een persoonlijke stijl hadden, en zich zeker niet hielden aan de gangbare regels.

                        Sleutels voor de beste werkomgeving

                        Het boek geeft wel handvatten, sleutels noemt Marcus ze,  hoe de beste managers ongeveer te werk gaan.

                        *Bij het aannemen van personeel (gerelateerd aan vraag 3) draait het om onderscheid maken tussen talent, kennis en vaardigheden, waarbij de eerste een gegeven is, en de andere twee te leren zijn. De kern is dus het focussen op talent. Dit talent ontstaat in de jeugd, bij het aanleggen en snoeien van verbindingen in de hersenen. Waar je veel verbindingen hebt, daar heb je je talent, je karakter. Dat stabiliseert rond het 13-de jaar. Talenten zijn dus daarna niet meer aan te leren.  Talent herkennen bij het aannameproces is dus heel belangrijk.

                        *Het duidelijk maken wat de verwachtingen qua resultaten zijn (vraag 1 en 2). Bij het formuleren van de verwachtingen, is het zaak dat de werknemer op zijn eigen manier die resultaten weet te behalen, elk talent gebruikt een andere manier. Er is dus geen ‘beste manier’.

                        *Het motiveren van de medewerkers (vraag 4 en 5). Het motiveren van de werknemer draait om diens sterke punten, niet het verbeteren van non-talenten, die fix je niet. Hoogstens leren ze trucjes, maar dat zal nooit hoge resultaten opleveren. En top-talenten hebben het meeste potentieel voor meer groei, extra productiviteit, geef hen dus de meeste aandacht.  

                        *Het ontwikkelen van de medewerkers (vraag 5 en 6). Het ontwikkelen draait om het zoeken van een rol die goed bij het talent past, en passende uitdagingen geven. Elke werknemer wil promotie, meer status, meer geld. Dat is bijna nooit de ‘right fit’, denk aan het Peter Principle. Zorg ervoor dat er in élke rol status is door expertise-niveaus, en meer geld door overlappende salarisschalen. Ontwikkel iemand tot expert, en promoveer niet bij voorbaat tot manager.     

                        Mijn evaluatie van First, Break All The Rules

                        Het is bijzonder handig dat het boek begint met statistisch bewijs dat bedrijfsresultaten sterk samenhangen met loyale en productieve medewerkers, en dat hun loyaliteit en productiviteit in hoge mate van de kwaliteiten van de manager afhangt. Misschien een open deur, maar als uitgangspunt staat het als een huis. Dat de beste managers focussen op sterke punten, talenten, kan als een verrassing komen, maar is met de onderliggende neurologische uitleg heel plausibel. Het boek is helemaal gewijd aan wat die managers dan doen, in allerlei varianten, en is heel inspirerend. Het boek is duidelijk geen handboek, je krijgt geen verplichte stappen voorgeschoteld. Wel allerlei mogelijkheden, die je in kunt passen in je eigen stijl van leidinggeven.  

                        Het boek is al wat ouder, maar de methode die gebaseerd is op de 12 vragen en de sterke punten, wordt (nog steeds) in veel bedrijven gebruikt. Omdat het om algemene managementvaardigheden gaat, zoals het motiveren van mensen, is het boek dan ook nauwelijks gedateerd. Inmiddels is een nieuwe generatie aan het werk, en zij lopen nog sneller weg dan de generaties voor hen. Een goed passende rol en passende uitdagingen zijn daarom belangrijker dan ooit, want ook zij zullen vertrekken als ze niet goed gemanaged worden.

                        Bij elk van de mogelijkheden worden veel voorbeelden gegeven, vaak gelardeerd met een bestaande casus. Die zijn nog steeds herkenbaar, misschien wel enorm gefocust op productiviteit. En sommige zijn ronduit grappig! Zo is er een voorbeeld bij ‘verwachtingen’. Een enorm vertraagd vliegtuig staat al uren op de startbaan. De passagiers willen natuurlijk terug naar de gate, en daar wachten, benen strekken. Maar nee, legt de stewardess uit, we kunnen niet terug want de belangrijkste maatstaf van de maatschappij qua klanttevredenheid is ‘op tijd vertrekken’, en ‘op tijd’ betekent op tijd weg van de gate zijn…. Dan heb je de verwachtingen toch niet zó best gecommuniceerd.

                        Het is een zeer prettig leesbaar boek (ik las het Engelstalige origineel) met een goede structuur en rode draad. Het is het eerste deel van een serie (hierna komen Now, Discover Your Strengths, waar ik een samenvatting van schreef, en Go, Put Your Strengths at Work), maar elk van de 3 delen hebben een volledig afgeronde aanpak, dus je hoeft de andere delen niet te lezen om er nut van te hebben.

                        Het boek heeft een paar tabellen en illustraties. In de appendices zijn alle statistieken en formules voor de analyse van de onderzoeken weergegeven. Ook vind je daar uitgebreide voorbeelden voor interviews en beoordelingen en dergelijke. Superhandig!

                        Must Read? Niet persé, maar als je denkt dat je manager wel erg zeurt over je zwakke punten, dan zeker. En als je manager bent met een medewerker die zijn zwakke punten maar niet verbetert, dan dubbel zeker.

                        Conclusie

                        Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

                        Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties 0, Structuur +, Schrijfstijl +

                        FOMO 0. 

                        Ik gaf het boek 4 ½ *

                        Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

                        Lees First, Break All The Rules duurzaam …

                        • via de (online) bibliotheek; 
                        • of uit een minibieb (dat deed ik ook!).

                        Koop First, Break All The Rules duurzaam … 

                        • bij de kringloop;
                        • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
                        • niet meer beschikbaar bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
                        • of via B-Corp Bol (aff).

                        Keus genoeg!

                        Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

                        Geplaatst in management | Tags: , , , , | Plaats een reactie

                        Recensie: De prijs van ophef – verhelderend

                        Ophef leidt tot verdeeldheid, en verdeeldheid tot minder welvaart voor (bijna) iedereen. Knap als je je titel en kern van je betoog in zo’n helder statement kunt samenvatten. Dat statement is de ondertitel van De prijs van ophef uit 2025, van Hendrik Noten. In het boek toont hij aan dat bewijzen bewust onderschikt worden gemaakt aan beeldvorming. Het verklaart waarom in een land dat cultureel ‘rechts’ is en economisch ‘links’, alle aandacht uitgaat naar culturele conflicten, waardoor economische problemen niet worden opgelost. Het boek geeft ook richting aan een oplossing voor deze situatie. Ben benieuwd hoe Jetten dit gaat oppakken ….

                        Het boek is een aardige mix van keiharde statistieken, analyses van de val van het kabinet Rutte IV, en een bijna filosofische oplossingsrichting. De waarde is wat mij betreft gelegen in het herkennen van de strategieën van politici en van de doorgeeffunctie van journalisten, en de noodzaak van het zoeken naar gedeelde belangen. Van het instandhouden van de grootst mogelijke meerderheid voor economische problemen en je niet laten verdelen op basis van culturele conflicten die bewust worden ingezet.

                        Het boek De prijs van ophef …

                        … stelt in de inleiding dat ‘niemand verplicht is om ophef een probleem te vinden, maar (bijna) iedereen er de prijs voor betaalt’. Ophef beschrijft Hendrik als het zaaien van tweespalt, het voeden van verwarring en het oppoken van woede. De ophef trekt ál onze aandacht en leidt af van de ongelijke verdeling van welvaart. We zijn boos, wantrouwend en werken niet meer samen. De problemen worden niet opgelost, de welvaart blijft ongelijk verdeeld. En natuurlijk betaalt niet iedereen daar de prijs voor: degenen die niets hoeven af te staan, de grote bedrijven, de rijke Nederlanders, houden de status quo graag in stand. Tot zover niets nieuws, denk ik. 

                        De analyse van Hendrik bevat echter veel waardevolle observaties.

                        Verwarring veroorzaken

                        Het eerste deel van het boek gaat over ‘Handelen in verwarring’. Hij gaat hiervoor terug naar 2020. Vlak na het verschijnen van Hendrik’s bestseller Fantoomgroei, dat hij samen met Sander Heijne schreef, start hij met een klein groepje economen met een onderzoek voor het FNV over ongelijkheid in Nederland. Hoe staat het ervoor en waarom is verandering zo moeilijk? Dat eerste blijkt een stuk makkelijker te analyseren dan het tweede.

                        Zijn team duikt in de data en toont om te beginnen 2 dingen aan: de loonprijsspiraal bestaat niet en de arbeidsinkomensquote gaat omlaag. Intrigerend, want hier weet ik bijna niks van. En velen met mij, lijkt me. Wat volgt is een gedetailleerde uiteenzetting van de oorzaken van de inflatie in 2023 (Oekraïne), loononderhandelingen, onderzoeken naar de loonprijsspiraal, en het beeld dat hogere lonen iedereen in de ellende zullen storten. Wat aantoonbaar niet klopt, het is de hogere bedrijfswinst die de prijzen doet stijgen. Tot grote frustratie van Hendrik zijn de feiten, het bewijs, niet in staat dat beeld te verslaan.

                        Beeldvorming

                        Hendrik en zijn team duiken in beeldvorming, want dát moeten zij nu verslaan. Al snel komen we op de rol van de media. Journalisten maken het nieuws niet meer, zij geven alleen door wat we zelf allang op social media hebben gelezen. Misschien geven ze wat context, duiding. De journalist als sportcommentator. Ondernemingen doen aan bedrijfsjournalistiek, een vorm van marketing die nauwelijks van onafhankelijke journalistiek te onderscheiden is. Verwarrend.  Hendrik en zijn team begrijpen het nu beter. Zij moeten van hun feiten een beeld maken. Graaiflatie! Dat werkt, iedereen heeft het erover, het wordt zelfs Woord van het Jaar bij Van Dale. Nu is het een ander gesprek geworden: wie moet er wat inleveren? De werknemers? Of het bedrijf?

                        We moeten harder werken

                        De bedrijven vechten terug: ze willen af van de arbeidsinkomensquote. We zitten namelijk al jaren ruim onder de overeengekomen hoogte daarvan. VNO-NCW komt met een onderzoek en opeens gaat de discussie over een wiskundige formule in plaats van Graaiflatie.

                        Een recent rapport echter stelt dat minima fors geld tekort komen, de koopkracht van het minimumloon is in de loop der jaren 20% minder geworden, en de koppeling daarmee van bijstand en AOW is al een paar keer losgelaten. Er wordt snel een nieuw beeld geschapen: men werkt te weinig. Er komt een tegenonderzoek, waaruit blijkt dat ook dat niet juist is, maar het beeld van ‘De hardwerkende Nederlander’ en ‘Werken moet lonen’ overheerst.

                        Bijna naadloos gaat het boek over naar de arbeidsmigranten, die werken in sectoren met hoge maatschappelijke schade en weinig nut voor Nederland. Slechts 1-3% werkt in de zorg of de energiesector. Moet je de schadelijke sectoren wel willen, in het volle Nederland? Maar deze economische vraag verdwijnt onder de beeldvorming van o.a. uitzendbureau Otto en de BBB namens de grote Agro-bedrijven. 

                        Verdeeldheid creëren

                        Via een uitstapje naar de VS komen we bij de vraag terecht: als 90% van de bevolking het gedeelde belang van een betere verdeling van de welvaart heeft, waarom gebeurt dat dan niet? Omdat er binnen die 90% voor verdeeldheid wordt gezorgd. In de VS in de 60-er jaren, ten tijde van de New Deal, werden de witte kiezers tegen de gekleurde opgezet. Er werd door de Republikeinen een cultureel conflict geschapen met als basis racisme. Zwarten werden weggezet als criminelen en uitkeringstrekkers. De witte kiezers verkasten naar de Republikeinen, ook al was dat economisch gezien een slechte keuze. In de 80-er jaren werd het racisme vervangen door christelijke familiewaarden en verzet tegen feminisme.

                        In Nederland kennen we dezelfde scheidslijnen: economisch links of rechts en cultureel conservatief of progressief. In Nederland zijn we gemiddeld economisch links en cultureel conservatief. Wat we op verkiezingsdag het belangrijkst vinden, dat is de inzet van de campagnes. Het economisch conflict is rationeel. Culturele onderwerpen zijn altijd meer emotioneel geladen, het gaat over onze identiteit. ‘Hardwerkende Nederlander’ tegenover ‘de uitvreters’ is een cultureel conflict geworden. Daar lijden vaak de feiten onder. Dit illustreert Hendrik met een uitgebreid stuk over nareis op nareis op nareis.

                        Oplossingen

                        Inmiddels zijn we op ¾ van het boek en is het tijd voor wat oplossingen.

                        Hendrik begint met solidariteit. Mensen kunnen volledig van elkaar verschillen en tegelijkertijd erkennen dat zij dezelfde afhankelijkheid delen en bereid zijn voor elkaars belangen op te komen. De tweede oplossing is deliberatie. Culturele conflicten weer terugbrengen naar de oorspronkelijke economische conflicten door overleg, discussie.

                        Wat kunnen politici doen? De nadruk leggen op economische conflicten, en dit creatief doen, met humor en positiviteit. Verder moeten ze overstappen van de ‘overtuigingsethiek’, waarbij alles geoorloofd is en de gevolgen de schuld zijn van een ander, naar de ‘verantwoordelijkheidsethiek’, waarbij je rekening houdt met de tekortkomingen van mensen en de verantwoordelijkheid neemt voor de gevolgen van je handelen. Politici moeten het goede voorbeeld geven en genuanceerde taal gebruiken.

                        Dan de journalisten. Ze moeten gefundeerde informatie geven, niet wat mensen willen weten maar wat ze moeten weten. Fungeren als een soort kijkwijzer, wijzen op motieven achter de ophef, de waarheid vertellen. Leugens, schofterigheid en versimpeling benoemen! Er is wel een klein probleem hier: de meeste media zijn in handen van maar een paar grote bedrijven. Die zien liever ophef dan vraagtekens bij de macht van de rijken, zijzelf dus.

                        En dan wijzelf. Laten we niet bijdragen aan de verkeerde conflicten. Dit heeft voor Hendrik 6 aspecten: 1. Aandacht geven aan wat er toe doet. 2. Empathie en luisteren oefenen, je vooroordelen kennen. 3. Realistisch zijn. Politici kunnen niet alles, zij zijn ook maar mensen. We moeten plannen en stappen in de goede richting waarderen. 4. Nuance betrachten, geen oneliners debiteren. We moeten zoeken naar de waarheid en zoeken naar de juiste woorden, naar rijke taal. 5. Delibereren, onderdeel zijn van het collectief, weten dat je aan dezelfde kant staat. 6. Expressie, jezelf uiten, eerlijk zijn over je gedachten, zodat men weet wat je denkt.

                        En vooral: open staan voor twijfel en voor verscheidenheid, nieuwsgierig zijn.

                        Mijn evaluatie van De prijs van ophef

                        Hendrik start zijn betoog met veel concrete issues en voorbeelden, en daar was ik zeer van gecharmeerd. Ik leerde er wat van, en het illustreerde ook heel goed het punt wat hij wil maken: dat het beeld niet altijd overeenkomt met de realiteit, en dat beeldvorming bewust wordt ingezet om de grote meerderheid te neutraliseren. Dit onderdeel is onderbouwd met rapporten. Daarna komt een deel dat wat meer activerend en vaak ook filosofisch is, gebruikmakend van historische ontwikkelingen en boeken van filosofen. Ik vond dit deel wat té voor-de-hand-liggend en ook te weinig praktisch. Journalisten die niet met de ophef mee moeten doen, terwijl dat kijkcijfers en geld oplevert, sja dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Natuurlijk kunnen we de onderzoeksjournalistiek meer steunen, maar dan toch, hoe volledig onafhankelijk is dat?

                        Het boek is gebaseerd op de formatie van 2023 en het aantreden van het kabinet in 2024. Dat lijkt nu opeens achterhaald, zo na de campagnes en de verkiezingen. Toch zijn er veel lessen te trekken uit de voorbeelden van economische en culturele conflicten, die we bij deze formatie ongetwijfeld weer gaan zien en nu beter zullen herkennen. Ook kunnen we beter door de beeldvorming van de politieke partijen en de media heenprikken, en ons steeds afvragen, waar draait dit in de kern om? En maar hopen dat de journalisten dit ook doen.

                        De vele voorbeelden zijn herkenbaar, ik herinner me de politiek van 2023 en 2024 nog goed, en ben wéér boos over de nareis-op-nareis-bullshit.

                        De rode lijn in het betoog was mij af en toe niet helemaal duidelijk, een hoofdstuk dat bijvoorbeeld begint met lage lonen gaat snel over in arbeidsmigranten en dan in ‘Nederland is vol’. Natuurlijk is dat ook een probleem, maar zo kun je veel problemen op één hoop gooien. Een ander puntje van kritiek: ik las het eBook, wat enige rare afbrekingen heeft en af en toe een typo. Graaiflat is een voorbeeld van een van beiden. Jammer van zo’n mooi woord. Iets betere redactie zou prettig geweest zijn.

                        De schrijfstijl is prima, vooral in het begin slaagt Hendrik er goed in om de wat technische materie rond loonprijsspiraal en arbeidsinkomensquote simpel en met duidelijke rekenvoorbeelden uit te leggen. Ook de hele discussie rond het ‘harde werken’ is goed uiteengezet. Het is wel duidelijk dat Hendrik uit de economisch linkse bubbel komt, waar ikzelf ook grotendeels inzit. Er zijn weinig economisch rechtse standpunten of zienswijzen te vinden, en dat vind ik wel jammer, past dat bij Hendrik’s oproep tot delibereren?  Het activerende en wat meer filosofische deel vond ik wat minder makkelijk te lezen, ik moest een paar keer terugbladeren om te herlezen. Met name het stuk over taal was een worsteling.

                        Overall vond ik dit toch een boek dat het lezen meer dan waard is, met name door het eerste deel en de waarde die het heeft bij de huidige formatieperikelen en de toekomstige debatten in de Kamer. Eigenlijk had ik het een paar maanden geleden moeten lezen, toen de campagne nog in volle gang was. Maar er is altijd een volgende verkiezing, een volgende verkiezingscampagne …. ook in de VS, wat een leerzaam voorbeeld kan zijn.  

                        Conclusie

                        Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos -.

                        Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl +

                        FOMO + 

                        Ik gaf het boek 3 1/2*

                        Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

                        Lees De prijs van ophef duurzaam …

                        • via de (online) bibliotheek;
                        • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
                        • of uit een minibieb!

                        Koop De prijs van ophef duurzaam … 

                        • bij de kringloop;
                        • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
                        • bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
                        • of via B-Corp Bol (aff).

                        Keus genoeg!

                        Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

                        Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | Plaats een reactie