Recensie: Green Hearts – Great Business – Met sterrenstof?

Green hearts – Great business van Manon van Leeuwen uit 2025 is gericht op CSO’s. Corporate Sustainability Officers dus. En dan met name op de CSO’s die worstelen met de vraag: Hoe krijg ik ze zover? Het boek gaat dus over overtuigen, beïnvloeden en gedragsverandering, waarbij alle cases en voorbeelden uit de praktijk van duurzaamheid komen. Nuttig, nu de focus op klimaatverandering verzwakt bij onze overheid, en bij die in andere landen. Laat dat niet in je bedrijf gebeuren!

Manon stelt dat het boek juist niet over duurzaamheid gaat, en ook niet over weerstand tegen verandering. Maar over emotioneel raken. Ze maakt onder andere gebruik van de theorieën van Daniel Kahneman over rationaliteit, van die van James Clear over gewoonten, en Jan van Setten’s Hoe krijg ik ze zover? Bekende stof die het boek een goed fundament geeft. Deze theorie wordt afgewisseld met columns, eigen ervaringen, bijdragen van experts en checklists. Manon geeft het een persoonlijk sausje door haar eigen model toe te voegen en haar eigen schrijfstijl, inclusief het veelvuldige gebruik van ‘harten laten shinen’, ’toverstokje’, ‘sterrenstof’ en dergelijke, wat aan mij helaas niet besteed was.

Het managementboek Green hearts – Great Business …

…. begint met een interessant voorwoord. Manon is bestuurder bij een aantal zorgbedrijven en wil daar vergroenen. De weerstand is enorm. Ze verdiept zich in gedragsverandering en begint haar eigen adviespraktijk, een familiebedrijf. Direct merkt ze het verschil tussen families en bedrijven. Families gaan over verbinden, voor elkaar zorgen, delen, rekening houden met de gevolgen van je gedrag voor een ander. Ze stelt ons de vraag waarom we die ‘familiewaarden’ niet meenemen naar kantoor of ziekenhuis. Daar komt ze later in het boek uitgebreid op terug. Wat schreef ik verder op?

Haar verhaal hoe ze geraakt werd door een documentaire over onze overconsumptie, vooral die van kleding, vond ik erg herkenbaar (ik las er een boek over). Kleurstof van kleding verdwijnt in rivieren, fabrieken braken CO2 uit, boten vol ongedragen kleding meren aan in Afrikaanse landen. Ze stopt met het kopen van nieuwe kleding, koopt alleen nog tweedehands. En verzint verhalen bij die items: het vintage-rokje (wat snel scheurde) heeft in Parijs gewoond, het leren jasje heeft achterop een motor gezeten. Ik vind dat slim: het maakt de items bijzonder, in plaats van iets waar menigeen nog steeds zijn neus voor optrekt. Manon voelt dan ook blijdschap bij haar nieuwe manier van leven, en gunt dat de lezer ook.

Toverstokje voor vrouwen?

In de inleiding stelt ze dat we ‘betoverd’ moeten worden om in actie te komen, want eigenlijk veranderen we niet zo graag, we vermijden risico’s en sparen onze energie voor acute dreiging. Klimaatverandering is dat niet (denken we), en 2030 is ver weg. We hebben dus sterrenstof nodig, Tinkelbel moet met haar toverstokje aan het werk. Ik frons wat, waar gaat dit heen?

In hoofdstuk 1 lees ik dat er meer vrouwelijke duurzaamheidsstrijders, dan mannelijke, dat vrouwelijke energie in een team zorgt voor meer aandacht voor duurzaamheid en dat greenwashing minder voorkomt bij bedrijven met vrouwen aan de top. Onderzoek van HelloFresh (ik wist niet dat dat een onderzoeksbureau was) geeft aan dat vrouwen vaker een tas meenemen naar de supermarkt, meer doen aan energie- en waterbesparing, het tegengaan van voedselverspilling, en minder dierlijke producten eten. Een onderzoek van Aaron Brough geeft aan dat mannen een grotere ecologische voetafdruk hebben. Hoe komt dat? Dat is een cultuurdingetje. Je eigen tas meenemen wordt gezien als ‘ iets voor vrouwen’. ‘Zorgen’ is vrouwelijk, vleeseten is typisch mannelijk. Een onderzoek van Harvard geeft aan dat vrouwelijke leiders beter presteren in (langdurige) crisissituaties, zoals Covid. En klimaatverandering dus. Ze hebben vaker een langetermijnvisie en hechten meer belang aan duurzaamheidsdoelstellingen. Daarnaast zijn bedrijven die vooroplopen met duurzaamheid, ook de bedrijven die een focus hebben op DEI (Diversiteit, Gelijkwaardigheid en Inclusie). Daarom zijn er dus  meer vrouwelijke duurzaamheidsstrijders, dan mannelijke. Maar álle duurzaamheidsstrijders zijn intrinsiek gemotiveerd, zegt Manon.

Het hoofdstuk geeft verder aandacht aan persoonlijkheid, waarden, drijfveren en de verschillende modellen hiervoor. Aardig is het stuk over het verschil tussen arme en rijke mensen, die toch beiden duurzaam leven. Rijk kan kiezen voor duurdere biologische groenten. Arm heeft vaak gewoon geen geld voor een auto en vlees.

10 fouten bij de implementatie van duurzaamheidsmaatregelen

In hoofdstuk 2 geeft Manon een overzicht van 10 fouten die de CSO maakt bij het implementeren van duurzaamheidsmaatregelen bij het bedrijf.

  1. Je gaat te snel van start.
  2. Je loopt voor de troepen uit.
  3. Je enthousiasme wordt gezien als ‘woke’. Dat komt vaak omdat je je collegae er niet bij betrekt, zie ook 2.
  4. Je denkt dat je alles alleen moet doen. Tip: zoek gelijkgestemden, en vergeet zeker Gen Z niet.
  5. Je denkt dat ze je wel snappen. Houd in je communicatieplan rekening met kennisontwikkeling, en gebruik inspirerende voorbeelden.
  6. Je focust op techniek en vergeet gedrag. Blijf je mensen motiveren, raak ze met verhalen, vier je mijlpalen.
  7. Je houdt geen rekening met het oerbrein. Mensen houden niet van iets ‘verliezen’, dus geef aandacht aan de leuke aspecten en de ‘winst’ van de acties.
  8. Je behandelt duurzaamheid stand alone. Zie het niet als een project, maar integreer het in de bedrijfsvoering.
  9. Je focust teveel op compliance. Dan maak je er een papieren tijger van, met formulieren, audits, checklists, en kijk je niet naar (het gebrek aan) impact.
  10. Je vertrouwt blind op externe consultants. Dan krijg je plannen die niet goed aansluiten op de bedrijfscultuur.

Deze fouten verrassen mij niet, het zijn de gangbare problemen die optreden bij verandermanagement.

Weerstand tegen verandering

In hoofdstuk 3 behandelt Manon het oerbrein, gedrag, besluitvorming, gewoonten, met behulp van o.a. Daniel Kahneman’s Systeem 1 (‘holbewoner/gewoontedier’) en Systeem 2 (‘professor’), en James Clear’s habitloop. Daarbij komt Tinkelbel met haar sterrenstof. Manon legt uit wat verliesaversie is, en hoe dat zorgt voor weerstand tegen verandering. Neem daarom kleine, haalbare stappen die niet als bedreiging worden gezien, maar als makkelijk, aantrekkelijk. Voeg humor toe. De habitloop is: Cue-aanwijzing; Routine-gedrag; Reward-beloning.  De beloning kan iets zijn als gratis opladen voor degenen die met de elektrische fiets naar kantoor komen. Zodra de kleine stappen ‘gewoon’ zijn geworden, breid je ze uit. Om mensen te raken op emotioneel niveau, te betoveren, moet je verhalen vertellen en positieve emoties oproepen, om je team te laten verlangen naar duurzame verandering.

Een liefdevolle cultuur

Hoofdstuk 4 gaat over cultuur, relaties op de werkvloer. Liefdevolle families vinden we heel gewoon, liefdevolle bedrijven maar gek. Nu is het zo dat familiebedrijven wél liefdevol zijn, mensgerichter. Je gaat met je broer of zus gewoon geen strijd aan over de meeste declarabele uren. Familiebedrijven hebben een lange termijnfocus, omdat ze het bedrijf door willen geven aan de volgende generatie. Ook klanten en leveranciers behoren tot de ‘familie’. Ze hebben meer aandacht voor sociale impact in de stad of de maatschappij, zijn betrokken bij lokale sportverenigingen en vrijwilligersorganisaties. Organisaties die alle medewerkers als aandeelhouder hebben, zoals accountantskantoor aaff, hebben óók kenmerken van familiebedrijven. Omdat we bij de groep willen horen, wijken we liever niet af van sociale normen. Als je dus een cultuur schept die als norm liefdevolle relaties heeft, landen de maatregelen rond duurzaam handelen beter in de organisatie. Er is gewoon meer motivatie om zich aan te passen.

Voorlopers in een organisatie zijn heel belangrijk, als de groep ‘early adopters’ zo’n 20% van de medewerkers beslaat is een omslag naar de hele organisatie waarschijnlijk. Gebruik die voorlopers als ‘Green Team’. Gen Z is heel geschikt als voorlopers, zij hechten belang aan impact maken, betekenis en purpose. Verder: mindful leiding geven, bewuster in het moment aanwezig zijn, aandacht hebben voor je mensen. Hoeft niet persé met meditatie, maar dit kan wel een hele goede start van je vergadering zijn, je hebt dan meer focus voor de agenda-onderwerpen.

Goede voornemens blijven vaak voornemens. Je ‘ideal self’ wijkt af van je ‘actual self’. Dit heet ‘self-discrepancy’. Hoe dicht je die kloof? De oorzaak aanpakken is de meest voor-de-hand-liggende methode. Maar moeilijk. Liever verzinnen we een symbolische actie. Je gaat niet sporten, nee, je koopt een leuk yoga-pakje en maakt foto’s van jezelf. Als je ernaar kijkt, krijg je een goed gevoel! Of je negeert het gevoel gewoon. Zo groot is die kloof niet … Of je leidt jezelf af van het gevoel met iets anders. Binge-watchen, een superdrukke agenda. Als laatste kun je compenseren met iets anders. Oké, niet gesport, maar wél die vette hamburger laten staan. De eerste methode is natuurlijk de beste. Aanpakken en volhouden. Iets aanpakken en volhouden wil je van je team, dus ga je eerst self-descrepancy oproepen. Schep voor hen een ideal self door ze te raken met een verhaal.

Emotioneel raken

Als iets je raakt, voel je dat direct. Tranen in je ogen. Of een warm gevoel. Een verhaal dat raakt, maakt dat mensen het verhaal worden ingezogen, zich identificeren met wat ze voelen. Daar zijn ‘geheime wapens’ voor, zo lees ik in hoofdstuk 5: dopamine, endorfine, oxycotine, hormonen die vrijkomen bij storytelling. Wil je meer motivatie? Zorg dan voor dopamine, met een spannend verhaal of een wedstrijd. Verbinding? Dan oxycotine, met een ontroerend verhaal of documentaire. Creativiteit? Endorfine, met een grappig verhaal, wat ontspant.

Het GHEART-model

Natuurlijk heeft ook Manon een eigen model, haar GHEART werkt ze uit in hoofdstuk 6. G = Grow your mind. Dit gaat over kennis opdoen. H = Help ze (nee, niet Help them). Maak het makkelijk. E = Eager. Zorg dat ze naar de nieuwe werkwijze gaan verlangen, maak het spannend. A = Awards. Beloon je team met cadeaus en aandacht. R = Roll with it. Ga gewoon dingen doen. Vegan bitterballen op de vrijmibo. T = Thrive. Volhouden en laten beklijven. ‘Laat de groene harten shinen’.  De onderdelen worden gevuld met de eerder behandelde theorie. Persoonlijk zou ik met het model gestart zijn, dat voorkomt overlap en herhaling.

Mijn evaluatie van Green hearts – Great business

Manon heeft veel wetenschappelijke onderzoeken en bekende theorieën gebruikt om haar visie op gedragsverandering te formuleren. Over dat onderwerp is al zóveel geschreven dat het niet zo raar is dat hier weinig origineels in terug te vinden is. Misschien de namen die ze eraan geeft: de holbewoner voor Systeem 1, de professor voor Systeem 2, en dan nog Tinkelbel voor het emotioneel raken. Eerlijk gezegd vond ik dat gezocht en ook best kinderachtig. Het model GHEART waarin de theorie die eerder is behandeld, weer samenkomt vond ik óók gezocht en weinig toevoegen.

Wat wél toegevoegde waarde heeft is het gebruiken van duurzame problemen en oplossingen als voorbeelden. Bepaald relevant voor deze tijd. Aan de andere kant zitten ook daar geen hele originele cases tussen: fietsen in plaats van autorijden, vegan eten in de bedrijfskantine. Wél zijn die voorbeelden herkenbaar en praktisch toepasbaar.

Manon heeft veel persoonlijke verhalen en ervaringen toegevoegd, van de allereerste documentaire die haar zó raakte dat ze duurzamer ging leven, tot een totaal uit de hand gelopen vergadering die ze met 3 minuten meditatie weer op het goede spoor zette. Deze voorbeelden van storytelling raakten me inderdaad, de eerste door de onthutsende beschrijving van de vervuilende kleding-industrie, de tweede door de humor. Dat is knap. De ervaringen van de geïnterviewden vond ik minder boeiend.

De doelgroep is CSO’s, en ook de meeste cases komen uit de hoek van de CSO’s. Ik denk dat veel méér mensen baat hebben bij het lezen van dit boek, denk aan afdelinghoofden, teamleiders, HR. En als de doelgroep, CSO’s, voor 70% uit vrouwen bestaat, waarom dan ‘waar hij staat, kan ook zij of hen worden gelezen’?  Of moeten juist de mannelijke CSO’s gaan toveren met sterrenstof?

Uitvoering

De uitvoering van het e-boek dat ik las, is voor verbetering vatbaar. De beperkt aanwezige illustraties zijn vaag en erg slecht leesbaar in de grijstinten op mijn eReader, ook als je ze apart als afbeelding bekijkt.  En ook op mijn iPad, waarin ik in kleur kan lezen, zijn niet alle plaatjes duidelijk, de grijs-tinten zijn veranderd in groen-tinten, maar dat is het dan ook wel. Daarnaast is het italic maken van woorden is in veel gevallen maar half gelukt.  In de literatuurlijst tenslotte viel mijn oog op Jan van Setten’s ‘Hoe krijg ik ze zover’ uit 2022. Dit boek las ik ook, het stamt uit 2010 en is zeer vaak herdrukt. Jammer, dit soort dingen leiden mij af van de inhoud.

De structuur van het boek en de indeling per hoofdstuk zijn aardig. Het toevoegen van columns en expert-ervaringen aan elk hoofdstuk is een goed idee. Aan het eind van elk hoofdstuk staat een checklist en samenvatting. Zondermeer nuttig. Tussendoor verwijst Manon naar whitepapers die direct te downloaden zijn, maar pas na achterlating van je gegevens, dus daar heb ik verder niet naar gekeken.

Over de schrijfstijl heb ik gemengde gevoelens. Ik vond dat er veel overlap tussen de hoofdstukken zat. De schrijfstijl is soms heel concreet als het over wetenschap of bestaande theorieën gaat, soms humoristisch bij Manon’s eigen ervaringen, soms wat kinderachtig (sterrenstof) en soms irritant (veel te veel ‘shinen’).

En? Mis je wat als je dit boek niet leest? FOMO? Dat denk ik niet.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam 0, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos 0.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties -, Structuur +, Schrijfstijl 0

FOMO -.

Ik gaf het boek 3*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Lees Green hearts – Great business  duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek;
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook);
  • of uit een minibieb!

Koop Green hearts – Great business duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris;
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Geplaatst in Sustainability | Tags: , , , | 1 reactie

Familie: ‘tante’ Jane Goodall

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn Britse ‘tante’ Jane Goodall.

Waar schreef ‘tante’ Jane Goodall over?

Chimpansees, en hoop. De meeste boeken van ‘tante’ Jane gaan over haar jaren in Gombe in Tanzania, waar zij de chimpansees bestudeerde. Maar haar belangstelling ging natuurlijk ook uit naar het beschermen van de natuur in het algemeen, al jaren koppelt ze daar een boodschap van hoop aan. Hoop dat we de natuur beter zullen beschermen, dat we ons één zullen voelen met de aarde, dat we onze planeet en daarmee onze beschaving niet onherstelbaar zullen veranderen. ‘Tante’ Jane was ook spiritueel, dus dat sijpelt door haar boeken heen.

Had ‘tante’ Jane Goodall andere zakelijke activiteiten?

‘Tante’ Jane was oprichtster van het Jane Goodall Institute en het jongerenprogramma Roots & Shoots. Verder reisde zij de wereld rond voor presentaties en speeches over het belang van natuurbescherming en de kracht van hoop, waarmee ze geld inzamelde voor haar JGI.

Hoe zag het persoonlijke leven van ‘tante’ Jane Goodall eruit?

Toevallig (of niet) schreef ik het grootste gedeelte van deze post op haar verjaardag: 3 april 2025. Ze werd toen 91. Ze werd geboren in Londen en heette eigenlijk Morris-Goodall, net zoals haar vader. Weetje: ze werd geboren met (een lichte vorm van) prosopagnosie, waardoor ze heel slecht was in het herinneren van gezichten.

En nu komt zeker een heel verhaal over haar bachelor en master op allerlei universiteiten? Eh, nee. ‘Tante’ Jane volgde een opleiding tot secretaresse, want er was geen geld voor de universiteit. Ze ging in 1957 bij een klasgenootje in Kenia logeren en ontmoette daar Dr. Louis Leaky, een Britse archeoloog en paleontoloog, die in Kenia was geboren en getogen. Hij specialiseerde zich in de evolutie van de mens, en dacht dat veel informatie te vinden was door primaten in hun natuurlijke omgeving te bestuderen. Leaky stuurde 3 ‘Engelen’ de jungle in: Dian Fossey ging in 1967 naar de berggorilla’s in Rwanda, Biruté Galdikas ging in 1971 naar de oerang-oetans in Borneo. Maar ‘tante’ Jane was de eerste Engel.

Nadat zij in 1957 en 1959 als secretaresse voor hem had gewerkt, vroeg hij haar naar de chimpansees in Gombe, Tanzania te gaan. Zonder dat zij een studie daarnaar had gedaan, en dat was juist een voordeel, vond Leaky. Niks geen vooroordelen! Ze ging in 1959 naar Engeland terug om zich in te lezen in veldstudies, en Leakey ging op zoek naar subsidie voor haar onderzoek. Hij had het geld in 1960 bij elkaar, en ‘tante’ Jane vertrok naar Gombe. De subsidiegevers vereisten een chaperonne, en dus gaat haar moeder Vanne mee.

Waarom 3 vrouwen, zul je je afvragen? Omdat deze zich beter kunnen inleven in de primaten, zo dacht Leaky. Wat tante Jane betreft had hij daar zeker gelijk in, zij was de eerste die haar ‘onderzoeksobjecten’ namen gaf, in plaats van nummers. En als je met haar praat, en haar boeken lees, dan merk je hoe goed ze zich kan inleven in hun gedrag en gevoelswereld. Jaren en jaren klauterde zij door de jungle op zoek naar de troep, ging zitten en keek. Keek en keek. Observeerde en legde vast. De chimps accepteerden haar als vast onderdeel van hun omgeving.

Maar goed, geen universitaire studie dus, en toch promoveerde zij. Onder druk van Leaky ging ‘tante’ Jane in 1962 weer terug naar Engeland, waar ze in 1965 haar doctoraat in de ethologie aan de Universiteit van Cambridge haalde. Niet zonder moeite, de hoogleraren daar konden zich sommige van haar bevindingen echt niet voorstellen, en vonden dat ze het gedrag van de chimps teveel verwoordde in menselijke emoties. Dat waren dus de vooroordelen waar Leaky terecht voor vreesde. Haar bevindingen en onderzoeks-aanpak bewezen zich echter in de praktijk, en zijn inmiddels algemeen geaccepteerd. Haar belangrijkste observatie ging over het systematisch gebruik van gereedschappen, zoals twijgjes.

In Gombe werkte ze samen met een Nederlandse adellijke fotograaf: Hugo van Lawick. Ze trouwden in 1965 en kregen een zoon. De verhalen over het opvoeden van Hugo jr., ‘Grub’, in Gombe zijn aandoenlijk. ‘Oom’ Hugo maakte in zijn leven 40 natuurfilms, en kreeg er 8 Emmy’s voor. Een getalenteerde man! In 1974 scheidden ‘tante’ Jane en ‘oom’ Hugo en in 1975 trouwde ‘tante’ Jane met Derek Bryceson. ‘Oom’ Derek overleed in 1980 aan kanker. Grub deed weinig aan natuurbescherming, maar zijn 3 kinderen Angel, Merlin en Nick wel. Grub, zijn vrouw Maria, en hun kinderen wonen in Tanzania, naast het voormalige huis van ‘tante’ Jane.

In 1977 richtte ‘tante’ Jane het Jane Goodall Institute op. Dat probeert de chimpansees en hun leefgebieden overal ter wereld te beschermen. Het is in meer dan 30 landen actief. In 1991 volgde Roots&Shoots. Sinds 2002 is ze ambassadeur voor de Verenigde Naties. Ze kreeg een enorm aantal ere-doctoraten, een Nederlands lintje (Officier) in 2023, vergelijkbare onderscheidingen in o.a. Italië, de UK en Frankrijk, en op 4 januari 2025 nog de Amerikaanse Presidential Medal of Freedom (van Joe Biden).

Er is een groot aantal documentaires over haar gemaakt en er zijn veel boeken over haar geschreven. Haar persoonlijk leven komt ook terug in veel van haar eigen boeken, waaronder ‘Hoop voor de toekomst, haar ‘spirituele autobiografie’. Ze inspireerde ook Patrick van Veen, de voormalige directeur van de Nederlandse vestiging van JGI, tot het schrijven van boeken, de laatste is ‘Help, het is hier een beestenbende‘. Niet toevallig worden daarin veel vergelijkingen met chimpansee-gedrag gemaakt.

Tante Jane overleed op 1 oktober 2025. Voor haar dood nam ze een video op, die na haar dood gepubliceerd mocht worden. Die video vind je hier

Welke boeken schreef ‘tante’ Jane Goodall?

‘Tante’ Jane schreef zo’n 26 boeken voor volwassenen en nog 12 kinderboeken. Ik beschrijf hierna alleen de boeken die een Nederlandse vertaling hebben: 6 voor volwassenen en 2 voor kinderen. Van die 6 las ik er 3, en van 1 daarvan, Het boek van hoop, schreef ik een Impressie, een mini-samenvatting. Die is te koop.

Het boek van hoop – The Book of Hope (2021)

Jane Goodall heeft goede hoop dat we klimaatverandering en verlies van biodiversiteit tijdig kunnen stoppen. Waaróm ze die hoop heeft, hoe haar hoop haar tot een activist maakt en hoe ze één is met de natuur vertelt ze in 2021 in Het boek van hoop aan Doug Abrams. Het gaf mij óók hoop! Het gesprek, dat bijna woordelijk wordt weergegeven, geeft een heel mooi inkijkje in het leven en de overtuigingen van Jane. Ook de sfeer is mooi getroffen, met de rode wangen en blauwe coltrui van Jane, een beschrijving van de omgeving (waaronder een huisje op de Veluwe) en de vele glazen whisky. Een flink aantal foto’s brengt Jane én Doug tot leven. Alsof je een documentaire zit te lezen! Lees mijn recensie | Koop mijn Impressie | Koop bij Bol

Hoop voor dier en wereld – Hope for Animals and Their World (2009)

‘Tante’ Jane schreef het met Gail Hudson en dierentuin-directeur Thane Maynard. Flaptekst: Om de haverklap horen we over dieren die op het punt van uitsterven staan en slecht nieuws over het milieu staat elke dag in de krant. Jane Goodall heeft in dit boek verhalen verzameld die wél goed aflopen, want er zijn mensen die de moed niet opgeven en erin slagen de laatste exemplaren te beschermen, of de soort in gevangenschap te laten voortbestaan. En dat lukt vaker dan we in de krant lezen, zoals Goodall in haar spannende boek laat zien. Er is nog steeds Hoop voor de dierenwereld. Koop bij Bol

Want mens en dier hebben hetzelfde lot – The Ten Trusts (2002)

Flaptekst: Jane Goodall ontvouwt, samen met etholoog Marc Bekoff, tien stellingen die ertoe moeten leiden dat er een einde komt aan dierenmishandeling, de geleidelijke vernietiging van het milieu en dientengevolge ook aan veel menselijk leed. Goodall en Bekoff vertellen vol liefde en compassie over hun belevenissen met dieren en laten zien hoe een goede relatie tussen mens en dier voor beiden van levensbelang kan zijn. Maar zij beschrijven ook de gruwelen die de mens het dier aandoet ten behoeve van wetenschap, medicijnen, veeteelt, cosmetica en zelfs voor puur vermaak. En voor wie het nog niet wist: zij maken duidelijk dat het dier wel degelijk over gevoel beschikt! Koop bij Bol

Hoop voor de toekomst – Reason for Hope, A Spiritual Journey (1999)

Jane Goodall’s ‘spirituele autobiografie’ Hoop voor de toekomst, de vertaling van Reason for Hope, A Spiritual Journey, uit 1999, stond al een tijdje in mijn tsundoku-boekenkast, maar verhuisde na het overlijden van Jane afgelopen oktober naar de top van mijn lees-stapel. Het is een prachtig verslag van haar leven, met de nadruk op de spirituele kant: haar mystieke ervaringen, haar hoop voor de toekomst, haar innerlijke kracht, die haar tot op het eind de wereld rondstuurde om haar boodschap van hoop te verkondigen en geld voor natuurbehoud in te zamelen. Het boek is bepaald niet zweverig, wat je misschien zou verwachten, maar wel emotioneel geladen. De passie spat er vanaf! Lees mijn recensie | Koop bij Bol

Hé, chimpansee – With Love (1994)

Flaptekst: Meer dan dertig jaar bracht wetenschapster Jane Goodall door met het bestuderen van chimpansees in het regenwoud in Tanzania. In Hé, Chimpansee vertelt zij op ontroerende wijze over de relaties tussen deze chimpansees, die in staat blijken te zijn tot ‘menselijke’ emoties als mededogen, hulpvaardigheid en liefde. Kinderboek. Koop bij Bol

Oog in oog met de chimpansees – Through a window (1990)

Flaptekst: Jane’s eerste observaties werden vastgelegd in het boek In de schaduw van de mens (‘In the shadow of man’), dat een internationale bestseller werd. ‘Oog in oog met chimpansees’ is het vervolg op dit adembenemende verhaal. Wij ontmoeten de zachtaardige moeder Flo, de femme fatale Gigi, de reus Romeo, de trieste Gilka en vele anderen. Oorlog, kannibalisme, medelijden, dapperheid, liefde en seks passeren de revue. Het zijn de oermenselijke drama’s die de lezer van deze saga een spiegel voorhouden. Jane Goodall observeert haar chimpansees met grote nauwkeurigheid maar vooral met intense liefde. Zij viert hun geboorte, rouwt om hun dood en vecht voor hun voorbestaan in vrijheid. Koop bij Bol

De familie chimpansee – Chimpanzee Family (1989)

Dun boekje met foto’s voor hele jonge kinderen. Het werd in 1989 door de FEE en UNICEF bekroond met de Internationale Kinderboekenprijs Genève 1989. Koop bij Bol

In de schaduw van de mens / Mijn leven met chimpansees – In the shadow of man (1970)

Ik was diep onder de indruk van de beschrijvingen van de 10 jaar die ze doorbracht met het observeren van chimpansees in Gombe in Tanzania. En van haar geduld, haar liefde voor de natuur én hoeveel wij lijken op dit ‘familielid’. Jane is gepromoveerd op het gedrag van de chimpansees, haar beschrijvingen zijn dus best wetenschappelijk, en tegelijkertijd vol emotie en empathie. Het boek leest als een documentaire die vertraagd wordt afgespeeld, zó gedetailleerd geeft ze alles weer. Tegelijkertijd leren we haar leven in Gombe kennen: primitief, eenzaam, best gevaarlijk en vol enthousiasme. Uren zit ze op haar uitkijkpunt en ‘s avonds gaat ze nog even terug om te kijken welke chimp in welk nest ligt…. Lees mijn recensie 4* | Koop bij Boekwinkeltjes

Andere boeken geschreven door ‘tante’ Jane Goodall:

Voor volwassenen:

  • #Eat Meat Less (kookboek van het Jane Goodall Institute) (2021)
  • 60 Anos En Gombe (2016)
  • Prayer for World Peace (2015)
  • Conversaciones con Jane Goodall (2015)
  • Chimpanzee Children of Gombe (2014)
  • Seeds of Hope: Wisdom and Wonder from the World of Plants (2013)
  • 50 Years at Gombe (2010)
  • Return to Gombe: The Homecoming (2010)
  • Harvest for Hope: A Guide to Mindful Eating (2005)
  • All Earth’s Creatures: Words of Hope (2004)
  • Beyond Innocence: An Autobiography in Letters, the later years (2001)
  • Chimpanzees I love (2001)
  • Africa In My Blood (2000)
  • 40 Years At Gombe (2000)
  • Brutal Kinship (1999)
  • Visions of Caliban (1991)
  • Through a Window: 30 years observing the Gombe chimpanzees (1990)
  • The Chimpanzees of Gombe: Patterns of Behavior (1986)
  • Innocent Killers (1971)
  • My Friends the Wild Chimpanzees (1969)

Voor kinderen:

  • Pangolina (2021)
  • Rickie and Henri: A True Story (2004)
  • Chimpanzees I Love: Saving Their World and Ours (2001)
  • The Eagle & the Wren (2000)
  • Dr. White (1999)
  • Animal Family Series: Lion Family; Elephant Family; Zebra Family; Giraffe Family; Baboon Family; Hyena Family; Wildebeest Family (1989)
  • Jane Goodall’s Animal World: Chimps; Gorilla’s (1989)
  • The Chimpanzee Family Book (1989)
  • My Life with the Chimpanzees (1988)
  • Grub: The Bush Baby (1972)

En dan zijn er nog ontelbare boeken waarvoor ze het voorwoord schreef.

(Deze informatie is ontleend aan: Bol.comWikipedia, en haar 3 boeken die ik las)

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 (update november 2025) stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
  23. In november was de beurt aan neef Adam Grant
  24. December was voor nicht Susan Cain
  25. In januari 2025 stelde ik neef Kees Klomp aan je voor.
  26. En in februari nicht Nadine Maarhuis.
  27. In maart was de beurt aan oom Robert Cialdini
  28. April (update november 2025) was voor tante Jane Goodall

 Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in natuur | Tags: , , | 14 reacties

Recensie: In gesprek met de Noordzee – diep

Het boek Rechten voor de natuur vond ik bepaald een eye-opener, we doen vaak maar wat zonder rekening te houden met de belangen van een rivier, een lagune, een berg, om min of meer ongerept te kunnen voortbestaan. Arita Baaijens doet in In gesprek met de Noordzee uit 2025 hier nog een schepje bovenop. Als de zee, de Noordzee bijvoorbeeld, kon spreken, wat zou ze dan zeggen? Arita neemt zich voor de Spreker van de Noordzee te worden. Haar ‘sollicitatie’ is boeiend!

Het idee van een sollicitatie is origineel, en de uitwerking ook. Om de Noordzee in de bestuurskamers te kunnen vertegenwoordigen wanneer er besloten wordt over offshore windparken en stroomkabels en zo, moet Arita de zee en haar onderdelen natuurlijk eerst goed leren kennen. Dat levert een aantal leerzame, persoonlijke en spirituele hoofdstukken op, waarin Arita de hele wereld rondreist. Gevolgd door een camera …  

Het maatschappijboek In gesprek met de Noordzee…

…. is namelijk een verslag van een expeditie, waarvan ‘live’ een documentaire is gemaakt: ‘Het gezicht van de zee’. Dat is slim, want de verhalen over de dieren en planten in de zee zijn overtuigender als je ze kunt zien. Het werd in 2024 uitgezonden.

Expedities zijn Arita niet vreemd, ze is ontdekkingsreiziger en verkende eerder de woestijn van Soedan (alleen, met 3 kamelen) en het gebergte van Altaj in Siberië. Op die reizen is het spirituele altijd aanwezig, en ze kreeg dan ook een vraag van de lezers van haar boeken daarover: is er in Nederland ook ‘bezielde’ natuur? ‘De zee doet waar zij zin in heeft’ stelt Arita. We denken dat natuur maakbaar is, maar het zoute water kruipt onder de dijken door en de Oosterscheldekering houdt over 30 jaar de springtij-golven niet meer tegen. Wat denk de zee? Het wier, de oester?

Zeehonden, getijdepoelen, onderwaterbossen en wieren, wat leert ons dat over de Noordzee?

De expeditie begint in Schotland. De Finse Tuulikki ‘zingt’ de zeehonden naar zich toe. Wat horen zij, en wat willen zij van ons? Arita filosofeert dat er meer is dan wetenschappelijke kennis. De volgende stop is bij een onderzoeker van getijdepoelen, met steurgarnaaltjes, anemoontjes, krabbetjes en nog veel meer -tjes, die Arita in het begin niet eens ziet, zo klein zijn ze. Maar hun levens in de poelen zijn interessant! ‘Rechten voor de natuur’, gek eigenlijk stelt Arita. Wie zijn wij om te bepalen wat wél en wat niet aanspraak kan maken op juridische bescherming? Ook weer een vraag om langer over na te denken, vind ik, ongeacht het goede werk dat deze beweging doet. Hierna lezen we prachtige beschrijvingen van een onderwaterbos en van de verschillende wieren.

Walvissen, orka’s en een natuuropstelling, wat leert ons dat over de Noordzee?

De volgende stop is Noorwegen, vlakbij de poolcirkel. Hier leven walvissen en orka’s. Arita gaat mee met een onderzoeksteam wat zich afvraagt wat de invloed is van duikers en snorkelaars op deze dieren. Tijdens een duik in een droogpak maakt Arita oogcontact met een bultrug. Het raakt haar diep en verandert haar relatie met de zee. De walvis, dat ben ik, de zee, dat zijn wij.

Wie is de zee? Arita vraagt het aan de Noordzee tijdens een natuuropstelling in Scheveningen. Denk aan een familie-opstelling, maar dan met zee-elementen: Noordzee, getijden, vervuiling, leven in zee, krachten. Alle elementen doen actief mee, behalve de Noordzee. De vragen over vervuiling lijken haar niet te raken. Het element geeft aan dat Arita moet uitzoeken wat ongezegd en ongevraagd is gebleven ….

Zeevolken en vissers, wat leren die ons over de zee?

De expeditie gaat verder met een verhaal over de zeevolken in de Straat van Makassar, via een interview met een milieu-antropoloog. Hoe kijken de Bajau, een zeevolk, aan tegen het beschermen van het leven in de zee? Op dat moment is er een conflict tussen de zeemensen en natuurorganisaties over de bescherming van schildpadden en koraalriffen. De Bajau leven van de verkoop van schilpadden-eieren en schelpdieren, en waren niet blij met allerlei dictaten wat zij mochten vangen, zonder rekening te houden met hun cultuur. Die cultuur houdt in dat zij ‘voedsel delen met de zee’, voor het daadwerkelijke vissen. Ze geven de zee aandacht, erkenning. Een ander onderdeel van de cultuur zijn de ‘zeetweelingen’. Tegelijk met een mens wordt uit de moeder ook een octopus of krokodil geboren. Die zie je niet, maar het blijkt uit het grote bloedverlies bij de bevalling. De moeder droomt over haar ‘zeekind’ en het verklaart ook de onverwachte hulp van zeedieren als mensen in nood zijn. Deze relatie, genegenheid, voor de zee kwam natuurlijk niet terug in de statistische aanpak van de milieubeschermers.  

Diezelfde milieu-antropoloog doet later onderzoek naar oesterriffen in de Noordzee. Ook hier botsen milieubeschermingsprojecten met de cultuur en de ‘stem’ van de vissers én de oesters. ‘Oesters zijn betere woordvoerders dan mensen’ zegt ze. ‘Je proeft aan de oesters hoe het met de zee gaat, hun smaak is hun stem.’ Oesters filteren het water, niet alleen voor plankton, maar ook voor vervuiling zoals zware metalen. Die blijven in hun weefsel achter. Teveel lood, en de oester legt het loodje.

Taal, is onze taal wel toereikend voor de Noordzee?

Een volgend hoofdstuk gaat over iets wat onontbeerlijk is voor de rol van Spreker: taal. Na een stuk over dichters die zich door de zee laten inspireren, en AI die de rol van zee op zich neemt en orakelachtige zinnen spuwt, gaat het over onze beleidstaal: baggerboer, omgevingswet, zee-akkers. We verstaan de taal van zeebewoners niet, begrijpen de gezangen van walvissen niet. De taal van natuurvolken kent woorden die onvertaalbaar zijn: ‘su’ , de adem van de wind, van de Altaj bijvoorbeeld. Het Navajo heeft allerlei verschillende woorden voor ‘geven’ afhankelijk van het soort voorwerp. Het Navajo hecht dus meer aan de aard van het object, het Nederlands meer aan de transactie. De naamvallen in het IJslands hangen af van de richting: over de fjord, in de fjord, naar de fjord.

Onze taal is te beperkt, ons brein is te beperkt om de omvang en impact van de klimaatverandering te vatten. Een woord als verzuring geeft geen beeld van de ramp die het oplossen van kalk in de oceanen veroorzaakt: schelpdieren, kreeften, koralen, plankton zijn afhankelijk van kalk en zullen sterven. De hele voedselketen stort in.

De bureaucraten en de Noordzee

In de bestuurskamers gaat het daar niet over. Er is geen eerbied voor de zee. Het slopen van het ecosysteem is geen probleem, omdat er geen wet is die het verbiedt. Arita twijfelt nu aan haar sollicitatie. De kloof tussen haar visie op de zee en dat van de bureaucraten is te groot, ze kan geen bruggenbouwer zijn. Ze gaat praten met pioniers die wél een brug hebben weten te slaan. Zoals de aanjager van Zoöperaties, een organisatievorm die met ‘zoè’, leven, samenwerkt, via een Spreker. Bevlogen verhalen vertellen over dat leven is cruciaal, zegt deze. Arita vraagt zich af of dat haar lukt in officiële bijeenkomsten. Een ander werkt bij onderzoeksinstituut Deltares. Deze is héééél geschikt als Spreker: ze voelt zich in beide sferen, de zee en de vergaderzaal, thuis. Arita niet.

Arita wil spreken, maar geen Spreker zijn. Ze blijft haar beeldende verhalen schrijven en zó een stem aan de natuur geven.

Ik vind het prima! Kom maar door met het volgende prachtige, poëtische boek!

Mijn evaluatie van In gesprek met de Noordzee

De beschrijvingen van wat Arita Baaijens ziet en hoort zijn prachtig. Het gaat wat verder dan de gangbare natuurfilm, is naast realistisch ook poëtisch en filosofisch. Ik leerde dus niet alleen wat over het leven in de zee, maar ook leerde ik nadenken over de human-centrische manier om naar de natuur te kijken.

Arita onderbouwt haar verslag regelmatig met cijfers, het merendeel is echter anekdotisch, uit haar eigen ervaringen of dat van haar geïnterviewden. Hoewel ik helemaal voor windmolens in de Noordzee ben, zie ik dat haar betoog relevant is voor deze besluitvorming: hebben we in de bestuurskamers wel genoeg eerbied voor, kennis van, liefde voor de zee? Hebben we het recht om andere soorten leven zó te beïnvloeden? Een tijdloze vraag.  

Ik vind het knap hoe Arita de toch wat grijze Noordzee tot leven weet te brengen, zónder foto’s (ik las het sobere eBoek, maar ook de geprinte versie heeft geen illustraties), maar via de passievolle betogen van bevlogen liefhebbers van getijdepoelen, oesters en wieren. De geïnterviewden zijn goed gekozen: experts op hun gebied, maar naast wetenschappers ook halve filosofen. Elk met een bijzonder verhaal, buiten het gangbare om. Een paar stukken vond ik minder, zoals de klimaatdichters, dat werd me té spiritueel, en dat van AI, waar ik niets leerzaams uithaalde.

Daarnaast is Arita er in geslaagd om me deelgenoot te maken van haar eigen twijfels en dilemma’s. Ze dacht zich extra nuttig te kunnen maken als Spreker voor de Noordzee, maar realiseert zich dat haar bevlogenheid niet past bij ’10 minuten op een jaarvergadering’, en beter bij het schrijven van boeken, waar ze alle tijd kan nemen voor een onderwaterbos en ‘zeetweelingen’. En haar lezers ook ….

Móét je dit boek lezen? Niet persé, de documentaire kijken kan natuurlijk óók!

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees In gesprek met de Noordzee duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook!);
  • of uit een minibieb!

Koop In gesprek met de Noordzee duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris;
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Sustainability | Tags: , , , , | 2 reacties

Recensie: Naar de aarde – voor inspiratie

In 2017 wil Laura Vegter de natuur een prominentere plaats geven in haar leven. Maar hoe? Ze zegt haar vaste baan bij een non-profit op, en trekt het land in, inspiratie zoekend bij ‘groene pioniers’. Ze noemt het een expeditie, en haar expeditieverslag komt in 2019 uit: Naar de aarde. Ik vind dat ze haar doel, ons laten zien dat het anders kan, hoop te geven en te inspireren, zeker heeft bereikt.

Laura stelt zich in dit heel persoonlijke verslag steeds kwetsbaar op. Durft ze haar hart wel te volgen en haar zekerheden op te geven? Durft ze de bijzondere uitdagingen, zoals een stikdonker zweethok, blind dwalen door een bos, wel aan te gaan? We lezen erover in dit aardige boekje, waarin Laura’s eigen ervaringen worden afgewisseld met die van 9 groene pioniers, onder wie Li An Phoa en Arita Baaijens, waarvan ik eerder boeken las. En? Was ik geïnspireerd? Door een paar pioniers zéker.

Het maatschappijboek Naar de aarde …

… staat geclassificeerd onder natuur, maar gaat in feite meer over hoe wij ons daarmee verhouden, hoe we er anders in kunnen leven. Van redelijk beperkt, door het gebruik maken van een wormenhotel om onze eigen compost te maken, tot behoorlijk ingrijpend, met het wonen in een levend dorp.

Om te beginnen met dat wormenhotel, dat sprak me zeker aan. Het idee om daar een buurtproject van te maken is heel interessant, het heeft dan veel volume, plus een mooie reden voor samenwerking en verbinding in de buurt. Iets nuttigs doen met je groen- en tuinafval is al best ingeburgerd, om er een sociaal project van te maken geeft het iets extra’s.

De tweede pionier is Li An, en haar Drinkbare rivieren-initiatief. Daar schreef zij een boeiend boek over, met als kern haar wandeling langs de Maas, van bron tot monding, waarbij ze overal de waterkwaliteit meet en gemeenschappen langs de rivier inspireert om zich in te zetten voor het terugdringen van de vervuiling.

Het levende dorp en andere eco-gemeenschappen

Het gaat verder met proeftuinen en moestuinen van en voor buurtbewoners, eco-gemeenschappen, en het kweken van oesterzwammen op koffiedik. Dan komen we bij het levende dorp. Pionier Bob leeft een paar maanden onder een zeiltje in de Australische bush en eenmaal terug in Nederland wil hij naar een vorm van ‘levend bouwen’. Het begint met een levende schutting van wilgen, zijn droom is een heel levend dorp, voor zo’n 100 mensen. Ik googelde de huidige stavaza, en vond een leuk filmpje over zijn huis, waar hij met het planten van levende bomen de muren aan het vervangen is. Dat zal een paar jaar kosten, vertelt hij. Ook Floortje Dessing besteedde in 2022 nog aandacht aan Bob en zijn huis-op-weg-naar-een-dorp. Het huis brandde eind 2023 af …

Geef-economie

Iets heel anders is het item over de geef-economie, waarin IT-er Marc gratis werkt, hij geeft cursussen over het belang van onze bodem en maakt websites. Hij leeft van donaties, en wil absoluut geen geld voor zijn werk. Voor iets betalen is vereffening, het beëindigt de relatie. Dat wil hij niet. Hij heeft een website waarop staat wat hij nodig heeft, en ontvangt goederen en geld van donateurs. Het lukt hem ervan te leven. Hij moest wel leren om te ontvangen, vertelt hij, hij vond het in het begin erg gênant. Boeiend!

Het laatste item gaat over ontdekkingsreiziger Arita Baaijens, van wie ik In gesprek met de Noordzee las. Zij vertelt over ‘witte vlekken’, plekken waar je niet aankomt, omdat ze iets speciaals vertegenwoordigen voor mensen. Plekken in de natuur waar mensen bijzondere, diepe ervaringen hebben gehad. In andere culturen zou je ze heilig noemen.

Mijn evaluatie van Naar de aarde

Ik vond het een bijzonder boekje, de pioniers zijn best extreem (behalve het wormenhotel en de oesterzwammen), radicaal zelfs, wat het moeilijk maakt je concreet te laten inspireren, maar wat heel verhelderend werkt als je wilt weten wat er allemaal kán. Het voordeel is dat niet de ‘usual suspects’ worden belicht, die binnen het systeem zaken proberen te veranderen, maar dat het over mensen gaat waar ik (op 2 na) nog nooit iets over gelezen had en die veelal buiten het systeem leven. Dat heeft dus zeker toegevoegde waarde!

De ervaringen van Laura gaan vaak over het spirituele, het proberen te ‘aarden’, knap hoe ze zich daar zo instort. Ook dat is leerzaam.

De schrijfstijl is erg persoonlijk, dat is leuk, vaak ook wat simpel. Het boekje is goed verzorgd en er staan veel foto’s in, van de pioniers zelf, niet van hun tuinen, dorpen, rivieren. De verhalen gaan ook meer over hun persoonlijke ervaringen en drijfveren, minder over de ‘producten’. Je moet aanvullend onderzoek doen om daar meer over te weten te komen. De inspiratie komt dus eerder van hun drijfveren en lef, dan hun concrete initiatieven.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos -.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3 ½ *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Naar de aarde duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • of uit een minibieb (dat deed ik ook!)!

Koop Naar de aarde duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • niet meer beschikbaar bij je lokale boekwinkel, via Libris;
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , | 1 reactie

Recensie: De kunst van niet kiezen – fraai betoog

Waarom doet de ene leidinggevende het heel goed in een VUCA-omgeving, en de andere niet? En de andere prima in voorspelbare, transparante omgevingen, maar de ene weer niet? Ja, dat zou ik ook wel willen weten! Dus las ik De kunst van niet kiezen van Danny Mullenders uit 2025. Een intrigerende titel: die succesvolle leidinggevenden kiezen niet? En wát dan niet? Danny legt het uit in een fraai betoog waar psychologische theorieën worden gemengd met filosofische overwegingen. De praktijkvoorbeelden zijn herkenbaar voor iedereen, denk ik. Het geheel is geen how-to-stappenplan, maar bedoeld als inspiratie, iets om over na te denken. En daarvoor is er genoeg!

Het uitgangspunt is niet bijzonder origineel, als leidinggevende moet je niet anders gaan leidinggeven maar meer de stijl van leidinggeven toespitsen op de omstandigheden. De verbijzondering in 5 paradoxen is wel goed gevonden. De mix van psychologische theorieën en filosofische stukken was dan weer wél origineel, maar voor mij water en olie: het mengde niet echt lekker. Wat inhoud betreft las ik wel wat nieuwe zaken, en de stukken over onze heuristieken, biases en ander Kahneman-gedachtegoed waren een feest der herkenning.

Het managementboek De kunst van niet kiezen …

… gaat over schijnbare tegenstellingen, die geen of-of dilemma’s zijn, maar spanningsvelden, paradoxen, twee kanten van dezelfde medaille. Hierbij maak je geen keuzes, maar zie je in dat beide kanten onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. En dat inzicht vinden we terug bij leidinggevenden die met name 4 specifieke persoonseigenschappen hebben. Zo zijn zij succesvol in het huidige speelveld.

Dat speelveld is veranderd, stelt Danny, bedrijven opereren steeds meer in een omgeving die dynamisch is, onduidelijk, ambigue, complex. (Terwijl ik dit schrijf is Trump bezig met zijn heffingen. Best VUCA!). Dat leidt tot problemen in de interne organisatie. Als reactie hierop kun je die problematiek vereenvoudigen. Je bakent verschillende delen af. En elk probleem heeft dan één oplossing. Je gaat bijvoorbeeld óf voor mensen óf voor resultaat. Maar dat soort tegenstellingen werken niet als het complexer wordt. Je hebt te maken met paradoxen.

5 paradoxen

Een paradox is een spanningsveld met twee uitersten. Geen dilemma dus, waar je moet kiezen tussen twee tegenstellingen. Je moet juist leren om steeds soepeltjes te bewegen tussen die twee uitersten, om niet te kiezen voor een vaste positie ertussen. Het boek onderscheidt 5 paradoxen.

  1. Individualiteit versus verbondenheid. Je onderscheiden én lid van het team zijn.
  2. Authenticiteit versus professionaliteit. Bij jezelf blijven én je aanpassen aan andermans verwachtingen van je werk.
  3. Doelgerichtheid versus procesgerichtheid. Resultaat produceren én goed samenwerken.
  4. Sturen versus loslaten. Controle én autonomie.
  5. Nederigheid en heldhaftigheid. Dienend leiderschap en kracht.

Danny heeft zijn eigen praktijkervaringen gebruikt om de persoonlijke eigenschappen te identificeren die zorgen dat je soepel kunt navigeren binnen deze paradoxen. Hij is assessment- en ontwikkelpsycholoog, en ziet daardoor heel veel leidinggevenden.

4 persoonlijke eigenschappen

De 4 eigenschappen zijn:

  1. Zelfinzicht. Dit deel start met een vrij uitgebreid overzicht van diverse filosofische visies op het Zelf. Daarna volgt een stuk over heuristieken, beoordelingsfouten en meer van Kahneman’s inzichten, allemaal zeer nuttig bij het begrijpen hoeveel domme dingen je onbewust doet.
  2. Evenwicht. Dit heeft ook een flink filosofisch deel, en gaat met name over emoties. Evenwichtig is een combinatie van emoties reguleren, ontspannen en objectief zijn.
  3. Ruimdenkendheid. Dit gaat over open staan voor nieuwe dingen en alternatieven. Wat mij specifiek opviel: dit is te leren door o.a. het lezen van boeken, met name biografieën en filosofie, of boeken met steeds verschillende schrijfstijlen. Danny’s suggesties zijn De ondraaglijke lichtheid van het bestaan en Karakter. Beide las ik eerder, maar wat Danny beschrijft haalde ik er, als ik het me goed herinner, niet uit. Nog maar een keer, dan?
  4. Empathie. Spreekt voor zich, en Danny verwijst o.a. naar Roman Krznaric’s Empathie, zeer lezenswaardig. Ook dit blijkt te verbeteren door het lezen van boeken, met name realistische romans en alweer biografieën, zodat je je ‘kunt verliezen in de complexe emotionele levens van de personages’. Detectives en thrillers doen juist niets voor empathie. Jammer.

Structuur

De structuur die is gebruikt om deze 4 eigenschappen uit te werken is erg prettig. Het start steeds met ‘perspectieven’, waarin een aantal deelonderwerpen aan de orde komen en theoretisch worden uitgewerkt. Daarna volgen de ‘uitdagingen’ waarin bijvoorbeeld biases aan de orde komen. Vervolgens een onderdeel dat ‘ontwikkelen’  van die eigenschap als onderdeel heeft en het sluit af met ‘in een notendop’ waarin niet zozeer een samenvatting wordt gegeven, maar kort in andere woorden de hoofdpunten worden weergegeven.

Cases

Door het hele boek zijn cases gesprenkeld, natuurlijk geanonimiseerd. Maar, zoals Danny zegt, met zulke algemene problematiek dat ze in heel veel bedrijven voorkomen. Elke overeenkomst met je eigen bedrijf is dus zowel toeval, en juist niet toevallig. Ik vond de cases veelal oppervlakkig, niet altijd even goed bij het onderwerp passen, en ook niet altijd het fenomeen ‘niet kiezen’ onderbouwend. Zoals bij de paradox doelgerichtheid versus procesgerichtheid. Een sterke focus op de doelen leidde bij een bedrijf tot burn-out etc. De oplossing is om aandacht aan de onderlinge relatie te geven met teamuitjes en dergelijke. Het ziekteverzuim gaat omlaag, de productiviteit omhoog en de doelen zijn (makkelijker) behaald. Dat lijkt me wat te kort door de bocht. Maar er waren er ook een paar die mij raakten. Binnen het deel Evenwicht is een praktijkvoorbeeld opgenomen over ‘Sanne’ die achter haar doelen aanjaagt, wat steeds een shotje dopamine oplevert. Heel herkenbaar vond ik dat. Ze gaat van ‘gejaagd geluk’ naar ‘stil geluk’, genieten van gewoon er zijn, gearriveerd zijn. Dit is te leren, mindfulness kan helpen. Heel interessant.

Wat vond ik van De kunst van niet kiezen? 

Nou, het WOW-gevoel ontbrak, dat had ik wel bij Danny’s vorige boek: Daarom doen ze dat. Misschien omdat het aantal cases minder is/lijkt, terwijl die zo’n mooie kapstok voor theorie vormen. Misschien omdat het minder over assessments gaat, wat voor mij altijd wel een black box was.

In ieder geval zitten er wel zeker originele aspecten aan dit boek, al was het alleen maar de toevoeging van een flinke dosis filosofie aan de psychologische theorieën. Ik vond de twee niet bijster goed mengen. Ik las binnen de psychologische stukken niet superveel nieuws, maar als je Kahneman’s Ons feilbare denken niet uit je hoofd kent, levert het zeker een aantal interessante inzichten over biases en dergelijke op.

Is het onderwerp relevant en langdurig interessant? Ja, dat denk ik wel, leidinggeven blijft een lastig te leren vaardigheid en als leidinggevende ben je al snel de kop van jut bij elke interne strubbeling. Zeker nuttig om je kennis hierover te verbreden dus. Ik las geen specifieke actuele uitdagingen voor leidinggevenden, de behandelde problematiek is van alle tijden.

Over de uitvoering ben ik wat minder te spreken. Ik las het ebook, die begon met een foutieve binnenpagina. Dit boek is niet de 2de druk van juli 2023, maar gloednieuw, uit 2025 dus. Ook zitten er wat structuurfouten in de ePub, veel dubbele bladzijdenummers (lastig als je notities maakt die je later terug wilt lezen), en bovenaan de pagina hoofdstukkopjes die niet altijd overeenkomen met wat je zit te lezen. Dat levert bij mij kleine ergernissen op, die zich ongetwijfeld vertalen naar mijn tevredenheidsgevoel tijdens het lezen, wat weer tot uitdrukking komt in mijn notities en deze recensie. Die biases toch!

Ik gaf het boek 3 ½ *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Lees De kunst van niet kiezen …

  • via de (online) bibliotheek
  • digitaal en gratis via Kobo Plus (dat deed ik ook)
  • of uit een minibieb!

Koop De kunst van niet kiezen… 

  • bij de kringloop
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes
  • bij je lokale boekwinkel, eventueel via Libris
  • of via B-Corp Bol (affiliate link)

Keus genoeg!

Geplaatst in Persoonlijke effectiviteit | Tags: , , | 1 reactie

Recensie: Van Rotterdam naar het Witte Huis – boeiend

Kirsten Verdel schrijft momenteel dagelijks een overzicht van alle besluiten van Trump, en wat daartegen gebeurt: rechtszaken en dergelijke. Ook is ze regelmatig te zien als deskundige Amerikaanse politiek in allerlei talkshows. Hoe word je dat, expert? Ik had in de boekenkast nog haar boek Van Rotterdam naar het Witte Huis staan, uit 2009, waarin ze haar deelname aan de verkiezingscampagne van Obama beschrijft. Dus hup, uit de kast, en met veel interesse haar observaties gelezen. Ja, ze heeft er wel verstand van.

Omdat het campagnevoeren in de VS niet zomaar uit de lucht kwam vallen, en om een beeld te geven wat haar drijft, begint het boek met een korte biografie. Eenmaal in het Democratische campagneteam opgenomen, schrijft Kirsten een dagboekachtig verslag van alle activiteiten, de sfeer, de hectiek, de rol van de media, en met name hoe er campagne gevoerd wordt. Veel geld en vooral, veel desinformatie. Het geeft een ontluisterend inkijkje in de Amerikaanse politiek, is goed geschreven en, ook nu nog, zeer boeiend om te lezen en relevant.

Het boek Van Rotterdam naar het Witte huis …

… beschrijft heel kort Kirsten’s middelbare schooltijd (allerlei commissies, redacteur van de schoolkrant), haar reizen naar China om in een weeshuis te werken en naar Sierra Leone om te inventariseren waar een goede-doelen-instelling het best geld aan kan besteden, en daartussendoor hoe ze heel succesvol campagne voert voor de PvdA in Rotterdam en Provinciale Staten. Ze kan niet tegen onrecht zegt ze, en uiteindelijk is politiek het gebied waar je de meeste impact kan hebben.

Dan krijgt ze een studiebeurs uit Canada, en ze pakt daar twee onderzoeken op: de complexiteit van ontwikkelingssamenwerking en de verkiezingen in de VS. Voor dat tweede onderzoek houdt ze interviews met Democratische campagnemedewerkers en daar rolt een aanbod uit om als trainee mee te werken aan de verkiezingscampagne van Obama in 2008. Ze heeft immers ervaring met campagnevoeren, én een goede indruk achtergelaten. Ze is de enige buitenlander in het team. Hét onderwerp van die verkiezingen is … (illegale) immigratie. Toen al!

Bill Richardson, Obama, Robert Kennedy jr.

In eerste instantie is ze fan van kandidaat Bill Richardson, maar die is al snel uit de race. Niet omdat hij geen goed achtergrond heeft, nee, hij is volgens haar inhoudelijk het beste. Maar media-aandacht bepaalt alles, campagnevoeren is dus heel belangrijk, en dat kost geld. Veel geld. En als je dat niet hebt, val je af. Zelfs al vóór de voorverkiezingen. Ik leerde in dit stuk onder andere over het verschil tussen een primary en een caucus, interessant.

Uiteindelijk wint Obama de voorverkiezing, en moet het opnemen tegen John McCain. Ik had de indruk dat dit een ‘goede’ republikein was, maar Kirsten is niet zuinig met haar kritiek, met name als het over de persoonlijke aanvallen op Obama gaat. McCain’s verdediging van Obama, dat hij geen moslim is, leest in haar stuk toch anders dan wat je recent nog op tv zag. Grappig genoeg is het thema wat tegen McCain werd gebruikt, dat hij ‘te oud’ was. Hij was toen 71.

De keuze voor een vicepresident is ook interessant. Kirsten wilde graag een Kennedy, en dan niet Caroline, waar nog even sprake van was, maar Robert Kennedy jr. Daar is ze een fan van. Dat zal inmiddels anders zijn. De keuze van McCain voor Sarah Palin blijkt de nagel aan zijn doodskist, en niet de vrouwelijke-stemmen-trekker waarop was gehoopt. Ze was dan ook geen Hillary, die het in de voorverkiezingen tegen Obama had afgelegd. Uitgebreid worden de blunders van Palin, en dan met name hoe de media er mee omgaan, beschreven.

Het campagneteam en de media

En dat is wat me toch het meest verraste, hoewel ik de politiek in de VS toch aardig volg. De macht van de media, de desinformatie via de media, het proberen de media te beïnvloeden, het gereed maken van allerlei stukken en video’s in de hoop dat de media het oppikken. De media lijken zélf geen onderzoekers te hebben, ze krijgen alles voorgekauwd aangeleverd van beide partijen. Fact-checking? Welnee. En fact-checks van derden worden genegeerd … Breaking News is belangrijker dan goed onderbouwd nieuws. Nu hebben wij in Nederland dit ook wel, met politiek gekleurde kranten en talkshows, maar de VS heeft de overtreffende trap. De gedetailleerde beschrijvingen van Kirsten hoe dit in zijn werk gaat leverde nieuwe inzichten op.

Mijn evaluatie van Van Rotterdam naar het Witte Huis

Ik vond het een bijzonder goed leesbaar en boeiend verslag. Met name het dagboek-achtige werkt erg goed, je krijgt zo goed inzicht in de hectiek. De spanning van de strijd is voelbaar, en de frustraties over de persoonlijke aanvallen op Obama spatten van de pagina’s. Leuk is het om te lezen over de opluchting en de feeststemming op 4 november 2008, 23.00 uur. Ook al weet je hoe het afliep, de spanning wordt goed weergegeven.

De schrijfstijl is leuk, Kisten weet haar belevenissen levendig op te schrijven. Soms ietwat zelfvoldaan vond ik, maar aan de andere kant ook wel met reden. Ze is enorm pro-actief, op het brutale af. Ze heeft al snel een enorm netwerk opgebouwd waar ze wat voor kan doen, én die haar kan helpen. Zo ritselt ze vrijkaartjes voor allerlei belangrijke events, en kan ze er wat nonchalant eentje weggeven aan diezelfde Robert Kennedy jr. Dat vond ik dan wel heel grappig. Er staan veel foto’s in het boek, zowel van China en Sierra Leone, als van de campagne.

Is dit boek nog relevant? Ja, toch wel. De details van de politieke spelletjes en het bespelen van de media toen geven weer wat inzicht in de politieke slangenkuil in de VS nu. En ook: het verhoogt Kirsten’s geloofwaardigheid bij het duiden van de politieke situatie nu. Want het is natuurlijk niet zo dat ze tussen 2008 en 2025 de Amerikaanse politiek niet intens gevolgd heeft. Integendeel, zij duidde bijvoorbeeld ook de afgelopen verkiezingen.

Daarnaast is het gewoon leuk om Kirsten zo wat beter te leren kennen.  

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos 0.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd -, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 3 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Van Rotterdam naar het Witte Huis duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek; 
  • digitaal en gratis via Kobo Plus;
  • of uit een minibieb! (Dat deed ik ook!)

Koop Van Rotterdam naar het Witte Huis  duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris;
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Biografie | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Geschiedenis voor morgen – voor veranderaars

Denk je dat al onze huidige problemen hardstikke nieuw zijn? Think again! Alles, maar dan ook alles, zélfs de opkomst van iets als AI, hebben we al eens eerder meegemaakt. Daar zijn we soms goed mee omgegaan, en soms minder. Van onze fouten uit het verleden kunnen we leren. Slimme oplossingen van ooit kunnen ons inspireren. Roman Krznaric schotelt ons in zijn Geschiedenis voor morgen uit 2024 10 actuele problemen voor, mét de historische lessen uit alle delen van de wereld. Verrassend!

In 1962 zat JFK midden in de Cuba-crisis. Hij ging te rade bij The Guns of August, een kroniek van misvattingen en geknoei van politieke en militaire leiders die bijdroegen aan WO1. Onder invloed van dit boek koos hij voor een diplomatieke aanpak. Zo kan een geschiedenisboek oorlog voorkomen. Roman wil echter niet de activiteiten van machtige leiders, maar juist de acties van gewone mensen laten zien, zodat de veranderaars in onze samenleving hier kracht uit kunnen putten. Daar slaagt hij heel goed in! Met zijn aangename schrijfstijl, verrassende verhalen en hoopvolle conclusies is dit weer een écht goed boek geworden.

Het mens & maatschappijboek Geschiedenis voor morgen ….

… is gericht op de 10 belangrijkste crises van nu waar gewone mensen invloed op kunnen uitoefenen.

De kick-off is voor ‘Afkicken van fossiele brandstoffen’. De ondertitel, een tipje van de sluier waar de oplossingen te vinden zijn, zegt: Radicaal activisme en de kracht van burgerlijke ongehoorzaamheid. Hierin maakt Roman de vergelijking met de afschaffing van de slavernij, in de UK rond 1830. Net als nu bij fossiel, was de afschaffing een kwestie van tijd, iedereen zag dat. Er werd vreselijk gelobbyd om het tientallen jaren te laten duren. Totdat er twee opstanden kwamen. De eerste was van werkloze landarbeiders, wat tot een andere regeringssamenstelling leidde. En dat, in combinatie met de tweede opstand, van slaven in Jamaica, leidde tot steun voor directe afschaffing. Een andere les is dat bij protesten en opstanden, een extreme flank erg nuttig is, die maakt de meer gematigde hervormingen acceptabel. XR is dus nodig.

Het tweede hoofdstuk heet ‘Naar meer verdraagzaamheid’, met als ondertitel Samenleven in een middeleeuws Islamitisch rijk. Dat rijk was Al Andalus, met de hoofdstad Cordoba zo rond het jaar 1000. Daar leefden moslims, joden, christenen en heidenen min of meer harmonieus samen. Het geheim: dat ze ook echt samen leefden, economisch van elkaar afhankelijk waren, elkaar overal tegenkwamen. Dit heet de ‘contacttheorie’. In steden werkt dat beter dan op het platteland.

Consuminderen, uit hoofdstuk 3, laat ons leren van de Edonomie uit Japan rond 1750. Geïsoleerd van het buitenland moest Japan zich redden met de eigen resources. Alles werd hergebruikt en hout werd gerantsoeneerd. Deze Edonomie hield 200 jaar stand! Deels door het dictatoriale regime van de shoguns, deels door de bestaande culturele focus op de banden tussen verschillende generaties, wat lange-termijnbeleid ondersteunt, deels door het idee van mottainai, precies genoeg, wat door hoog en laag werd uitgedragen, ook door de heersers, die best sober leefden. Wij hebben dus regelgeving, cultuurverandering en CO2-rantsoenering nodig.

Door met nummer 4: Sociale media beteugelen. De uitvinding van de boekdrukkunst leidde tot de opkomst van pamfletten. Enerzijds leidde dat tot heksenvervolging tussen 1450 en 1650. Anderzijds tot discussies tussen allerlei sociale klassen, in Britse koffiehuizen rond 1700. Dat laatste, de vrije ‘publieke sfeer’, moet terugkomen. Zou het helpen om de grote platforms van nu op te breken? Of nieuwe koffietentjes om de inhoudelijke gesprekken weer op gang te brengen?

Hoofstuk 5 is Water voor iedereen. Aquacide. Dat staat ons te wachten, klimaatverandering, bevolkingsgroei en industriële landbouw zorgen voor toenemende waterschaarste. In de 7de eeuw werd in China het Grote Kanaal gebouwd, de langste waterweg ooit, om het noorden van water te voorzien. Door corruptie en incompetentie verziltte het in de 19-de eeuw. Het gevolg was hongersnood, kannibalisme en tussen de 10 en 20 miljoen doden. Rond de 8ste eeuw ontstond het watertribunaal in Valencia, een gerechtshof met vertegenwoordigers per kanaal, dat zorgde en nog steeds zorgt voor de eerlijke verdeling van water in het achterland. Met de toenemende waterschaarste in het heden neemt de kans op conflicten toe. Zouden we (internationale) watertribunalen kunnen gebruiken? Waterbeheer in commons? Ook het slechte beheer van water door private partijen pleit voor het onderbrengen van water in commons.

Een heel actueel thema zien we in hoofdstuk 6: Vertrouwen in de democratie herstellen. Djenné-Djeno was een bloeiende stad in Mali, tussen 250 v. Chr. en 1400 n. Chr. Er woonden 40.000 mensen die mooi aardewerk, metaal en beeldhouwwerk maakten. Maar … geen paleizen, geen vestingwerken bouwden. Djenné-Djeno had geen hiërarchie maar heterarchie: zelfbestuur met vertegenwoordigers van de diverse beroepsgroepen. Géén beroepspolitici. Het moderne burgerberaad is een uitstekend initiatief, echter de uitkomt is een advies, het burgerberaad heeft geen macht. Anderzijds, er is minder risico op partijpolitiek, bedrijfslobby en korte-termijndenken. We moeten naar een vorm toe met decentralisatie, deliberatie en directe besluitvorming.

Nummer 7 is De genetische revolutie in goede banen leiden. We kiezen de specs van onze nieuwe telefoon. Kiezen we binnenkort ook de eigenschappen van onze baby? Geslacht, haarkleur, ogen, vrij van ziekten, talent voor muziek of sport? We kunnen biotechnologie inzetten voor algemeen welzijn, denk aan het polio-vaccin. Maar ook voor minder fraaie doelen: de eugenetica, door middel van selectieve voortplanting de menselijke soort verbeteren. Hitler was een fan! Tegenwoordig is biotechnologie een winstmaker voor de farmaceuten. Het is beter om deze ontwikkeling in overheidshanden te houden, al was het alleen maar om eugenetica onder controle te houden. De evolutie van de mens staat op het spel! En ook: DNA is een schat van en voor ons allen.

De ongelijkheidskloof dichten is nummer 8. De pest, de Zwarte Dood van rond 1350, kostte miljoenen het leven, maar had ook een voordeeltje: het verkleinde de kloof tussen arm en rijk. Want: veel minder mensen om het werk te doen, die konden dus hogere lonen vragen of een lagere pacht bedingen. Vier rampen zorgen voor meer gelijkheid: oorlogsmobilisatie, revolutie, ineenstorting van de staat en dus pandemie. Maar … kan dat ook zonder ramp? Jawel. In Kerala, India, is het welzijn, inclusief lagere ongelijkheid, hoger dan in andere deelstaten. Dit is veroorzaakt door een reeks opstanden en protesten waarin vrouwen de leiding namen. Dus naast de vier rampen, is politieke en sociale strijd óók een bron van verandering.

Hoofdstuk 9 gaat over AI en heet Machines onder controle houden. AI heeft risico’s: het verspreidt zich razendsnel en helemaal onder controle hebben we het niet. Is er een historische parallel te trekken? Jawel, met het systeem van het (financieel) kapitalisme. Dat ontstond in Amsterdam, 1602, toen de Verenigde Oost-Indische Companie, het allereerste bedrijf met aandelen, haar allereerste aandelen op de markt bracht. Het werd overgenomen door anderen en het resultaat was de eerste financiële crash: de Mississippi Bubble. Het systeem was onbeheersbaar geworden. Het mondiale financiële kapitalisme is inmiddels zo groot en verweven dat het niet meer te reguleren is. In 2008 bleek dat de val van één bank, rampzalige gevolgen had voor het hele systeem. Wat zijn precies de parallellen met AI? Complexiteit en omvang. Roman ziet heil in het onderbrengen van AI in gedistribueerd eigenaarschap, bij een groep belanghebbenden. Steward-owned, of rentmeesterschap. Wat daarvoor nodig is, is startkapitaal en regulering.

En als laatste ‘De ineenstorting van de beschaving afwenden’. De ‘collapsologie’ zoekt naar mogelijke oorzaken van de opkomst en ondergang van beschavingen in het verleden. En naar de oorzaken waarom andere samenlevingen blijven bestaan. Dat blijkt te liggen aan asabijja, biofilie en crisisrespons. Asabijja is een Arabisch woord en betekent collectieve solidariteit of groepsgevoel. Biofilie gaat over de strijd tegen overexploitatie van het milieu, over solidair zijn met álle leven op aarde. Maar terwijl we werken aan asabijja en biofilie, wat tijd zal kosten, moeten we wel de optredende crises het hoofd kunnen bieden. En snel!

Het boek wil laten zien dat verandering mogelijk is, geeft ons ‘radicale hoop’. 5 redenen hiervoor:

  1. Ontwrichtende bewegingen kunnen het systeem veranderen. Burgerbewegingen hebben tot transformatie geleid. Hierbij is een radicale flank nodig, die dwingt tot actie.
  2. ‘Wij’ kan het winnen van ‘ik’. Dit zie je aan Valencia’s watertribunaal en aan de samenleving in Al Andalus. Asabijja loopt als een rode draad door de geschiedenis.
  3. Er zijn alternatieven voor het kapitalisme. Denk aan Edonomie, en het uitvinden van het poliovaccin met (crowdfunding) en voor (patentvrij) de gemeenschap.
  4. Mensen zijn sociale vernieuwers. Laten we dus niet alleen kijken naar nieuwe technologie, of grote leiders, maar ook naar elkaar.
  5. Er zijn andere toekomsten mogelijk. Onze voorouders konden leren om dingen anders te doen, wij kunnen dat ook. De geschiedenis geeft ons allerlei alternatieven. Het breekt onze verbeelding open, maakt ons ontvankelijk voor andere mogelijkheden.

Laten we putten uit de geschiedenis, voor morgen, en radicale hoop omzetten in actie, aldus Roman.

Mijn evaluatie van Geschiedenis voor morgen

Het uitgangspunt: leren van het verleden, werkt over het algemeen heel goed in dit boek. Ik leerde veel nieuwe dingen uit de geschiedenis en zie dat veel zaken vergelijkbaar zijn. De huidige problemen zijn niet echt nieuw, en voor de meesten is er een bewezen aanpak. Of we het ook willen, maakt het verschil. Ik had wel wat moeite met het 9de thema, over AI en de vergelijking met het kapitalisme. Ik zie de overeenkomsten qua systeem, maar of ‘commons’ ook voor AI-ontwikkeling gaat werken … Ook item 10 vind ik wat abstract. Wél geeft het heel wat om over na te denken. De genoemde 10 problemen zijn zeer relevant en niet een-twee-drie opgelost. Wat dat betreft is dit boek ook nog lange tijd interessant en bruikbaar.

Het voordeel van putten uit geschiedenis, is dat het betoog goed onderbouwd is. De gebeurtenissen hebben plaatsgevonden, de oorzaken en oplossingen zijn uitgebreid onderzocht door heel veel historici, antropologen en andere vaklieden. Behalve dan weer voor item 9 en 10, naar mijn mening. Natuurlijk is er een uitgebreide bibliografie en flink wat noten met extra informatie en verwijzingen.

Wat de vorm betreft ben ik erg te spreken over dit boek, net zoals over Roman’s vorige boeken. De historische voorbeelden vond ik erg treffend, en hij beschrijft ze ook erg levendig. Je kunt je daarin makkelijk inleven. De opgenomen foto’s zijn interessant, maar niet heel noodzakelijk. De tabel, met problemen en voorbeelden van oplossingen op een tijdlijn is nuttig. Je ziet nog even dat voor elk probleem meerdere voorbeelden uit meerdere perioden en regio’s zijn gebruikt. Die structuur werkt ook heel goed, elk probleem heeft voorbeelden met negatieve en positieve uitkomsten. De conclusie zet het nog even op een rijtje. De aansporing, dat wij, gewone mensen, meer macht hebben dan we denken, en dat wij zaken kunnen veranderen, is niet onverwacht, maar toch wel redelijk verrassend onderbouwd. Protesteren helpt, zo blijkt uit de geschiedenis.

Maar, mis je wat, als je dit boek niet leest? Nee, dat niet. Het geeft wel weer een scheutje hoop dat het beter kan, dus voor wie daar aan twijfelt … is het wél een must read.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties 0, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 4*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Geschiedenis voor morgen duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!); 
  • digitaal (en gratis te luisteren) via Kobo Plus;
  • of uit een minibieb!

Koop Geschiedenis voor morgen duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (affiliate link);
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van managementboeken.

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 2 reacties

Topboeken: de beste boeken van Q1 2025

In Q1 van 2025 las ik weer een hele stapel non-fictie boeken, recent gepubliceerde én klassiekers. Natuurlijk schreef ik er recensies over. En ik gaf ze een rating. Hieronder vind je de 5 beste boeken van afgelopen kwartaal, ik gaf ze 4 1/2 of zelfs 5*. Zoek je nog inspiratie? Lees dan zéker deze 5! Of anders kies je iets uit de 6 ‘runners up’! Ga Lekker Lezen en Efficiënt Leren!

Mijn top 5 non-fictieboeken van Q1 2025

Statusangst – Status Anxiety (2004) 5*

Statusangst van filosoof Alain de Botton uit 2004 stond al een tijd op mijn leeslijst. Waarom? Omdat veel managementboeken die ik de laatste jaren las, ernaar verwezen. En dan wil je natuurlijk weten waaróm. En omdat ik meer over filosofie wil lezen, en ik Alain héél prettig vind schrijven, ik las eerder De kunst van het reizen. En omdat ik last heb (gehad) van statusrouw, wat er dicht tegenaan ligt. Dus verschanste ik me eindelijk op een strandbedje met dit boek, 20 jaar na publicatie. Dat had ik véééél eerder moeten doen, het is uitstekend én heeft me geholpen! Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol

Het happy 2050 scenario, herziene editie (2023) 4 1/2*

Wow, wat een geweldig boek is dit! Babette Porcelijn noemt haar Het happy 2050 scenario uit 2023 (de herziene editie) een soort ‘lees-encyclopedie’. Ja, dat dekt de lading zeker: veelomvattend, feitelijk, gestructureerd, geïllustreerd en heerlijk leesbaar. Zó knap hoe Babette het best complexe onderwerp ‘geluk’ uiteenrafelt in veiligheid, duurzaamheid, rechtvaardigheid en welzijn. Van macro (de aarde) naar micro (jouw lichaam & geest) en alles ertussenin. Petje af. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol

Nexus – Nexus (2024) 4 1/2*

Een historicus die over AI schrijft. Hoe zinnig is dat, hij weet immers weinig van de techniek? Zeer zinnig, zo concludeer ik na het lezen van Nexus, van Yuval Noah Harari uit 2024. Geschiedenis is niet de studie van het verleden, maar de studie van verandering, zo stelt Yuval. Zijn analyse hoe informatie de wereld vormgeeft; hoe informatie zorgt voor waarheid, en daarmee wijsheid én macht, of alleen macht als het de populistische in plaats van naïeve kijk betreft; hoe informatienetwerken democratieën en totalitaire regimes beïnvloeden én vice versa, die analyse is uitermate boeiend en dwingt tot reflectie. Lees verder in mijn recensie | Lees mijn uitgebreide booknotes | Koop bij Bol

Regenesis – Regenesis (2022) 4 1/2*

George Monbiot is niet vies van het fileren van de status quo en het promoten van radicale nieuwe ideeën. En zijn boek Regenesis uit 2022 doet precies dat, met de landbouw en akkerbouw. Met stijgende verbazing las ik over de huidige methoden van voedselproductie, de experimenten met biologisch boeren en hoe onhoudbaar het is. De toekomst ligt onder de grond, want bij: bacteriën. Jawel, eiwitten uit bacteriën. En met zijn uitstekende betoog heeft hij van mij een fan gemaakt. Nu die bacteriën nog op mijn bord zien te krijgen… Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol

Niet het einde van de wereld – Not the End of the World (2024) 4 1/2*

Een boek in de stijl van Feitenkennis van Hans Rosling, en dat is geen toeval. Hannah Ritchie ziet Rosling als haar voorbeeld, kijkt óók naar de positieve trends in data, als onderzoeksleider bij Our World in Data. In Niet het einde van de wereld uit 2024 gebruikt ze die trends om een einde te maken aan het doemdenken. Waarom? Omdat die doemverhalen vaak niet waar zijn, worden gebruikt om urgentie te creëren maar het vertrouwen in de wetenschap juist omlaaghalen, en ons verlammen. Goed uitgangspunt! Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol

Verder las ik deze 6 non-fictie boeken:

Faalmoed van Stine Jensen (2021) – 3 1/2* (recensie)

O nee dit gaat over mij van Roos Vonk (2024) – 3 1/2* (recensie)

Uit de puinhopen van George Monbiot (2017) – 3 1/2* (recensie)

Komt een land bij de dokter van Michelle van Tongerloo (2024) – 3 1/2* (recensie)

Apocalypsofie van Lisa Doeland (2023) – 3 1/2* (recensie)

Help, het is hier een beestenbende van Patrick van Veen (2024) – 3 1/2* (recensie)

Zit er wat voor je bij?

Geplaatst in filosofie, IT, Maatschappij, psychologie, Sustainability | Tags: , , , | Plaats een reactie

Familie: ‘oom’ Robert Cialdini

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn Amerikaanse ‘oom’ Robert Cialdini.

Waar schrijft ‘oom’ Robert Cialdini over?

Invloed. ‘Oom’ Robert schrijft over hoe je anderen beïnvloedt en overtuigt. Met woorden, met daden, of in het onderbewuste. Hij schrijft over het kruispunt van psychologie en marketing, en zijn boeken worden voornamelijk voor marketingdoeleinden gebruikt. Dat had hij niet zo bedoeld, vertelde hij vlak nadat zijn boek Influence uitkwam. Hij schreef het om de argeloze consument inzicht te geven in allerlei manipulatieve technieken. Daar gingen echter de marketeers mee aan de haal, en zij manipuleerden wat af met ‘oom’ Robert’s inspiratie. Het boek onderscheidt 6 principes: schaarste, autoriteit, social proof, sympathie, wederkerigheid, en consistentie. Later voegde hij daar een zevende aan toe: eenheid, jezelf identificeren met de ander maakt je nóg gevoeliger voor beïnvloeding.

Hij maakt zich echter steeds sterk voor de ethische toepassing ervan in het bedrijfsleven. Hij publiceerde er zelfs een Code of Ethics voor:

  • Be truthful
  • Forgo manipulation of others
  • Forgo manipulation of facts
  • Use the principle(s) that already exist naturally in your situation.
  • Use the principle that demonstrate what is wise for all concerned
  • Refrain from using any Principle in a way that could injure your relationship.
  • Inform (that is, educate) people into agreement
  • Ensure any “contrast” used is relevant to the situation
  • Own up to any mistake ASAP. And remember the “but”.

Heeft ‘oom’ Robert Cialdini ook andere zakelijke activiteiten?

Nou, ‘oom’ Robert wordt volgende maand 80, en is met lesgeven gestopt. Hij geeft nog wel presentaties, hoewel deze vaak virtueel plaatsvinden. Je kunt hem echter nog steeds boeken, óók fysiek! Natuurlijk doet hij podcasts, wie niet? Ook is hij nog steeds betrokken bij zijn twee bedrijven: Influence at Work en The Cialdini Institute.

Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘oom’ Robert Cialdini eruit?

‘Oom’ Robert Beno Cialdini komt uit een Italiaanse familie, dat had je natuurlijk al gedacht. Hij is geboren in Milwaukee, een van oorsprong Duitse stad, in een Poolse buurt. Een lekker Europees begin van zijn leven! Hij vertelde vaak dat deze mix van achtergronden en tradities de belangstelling voor gedrag en beïnvloeding opwekte: elke groep had zijn eigen normen, en als hij iets voor elkaar wilde krijgen moest hij die normen van die groep kennen.

‘Oom’ Robert deed zijn Bachelor aan de Universiteit van Wisconsin-Milwaukee, in psychologie, maar niet die van mensen, nee, van dieren. Hij deed onderzoek naar …. wormen en hun feromonen. Daarna ging hij voor een master in Sociale psychologie naar de Universiteit van North Carolina. Hoezo opeens sociale psychologie? Nou, hij werd verliefd op een mede-studente en ging háár colleges volgen. De liefde voor de studente beklijfde niet, die voor Sociale psychologie wél. ‘Oom’ Robert promoveerde op dat onderwerp bij de Universiteit van Colombia.

En ook in de liefde ging het crescendo. ‘Oom’ Bob trouwde met ‘tante’ Bobette. Je kunt je de grappen over Bob en Bobette wel voorstellen. Zij hebben een zoon, mijn ‘neef’ Christopher.

Na de studie ging hij aan het werk. ‘Oom’ Robert was gast-docent op de Universiteit van Ohio State en de Universiteit van California. Vanaf 1971 gaf hij les, vanaf 1979 als hoogleraar (vanaf 2008 met emiraat), bij de Universiteit van Arizona. Wow, hij zag maar liefst 6 Staatsuniversiteiten; de andere 44 wachten nog steeds ….

Naast zijn werk op de universiteit, wilde hij ook als auteur aan de slag. Rond 1980 ging hij 3 jaar ‘undercover’ werken bij allerlei tweedehands-autodealers, een telemarketing bedrijf en een goededoelen-stichting, en verwerkte zijn ervaringen daar in zijn eerste boek: Influence, uit 1984. En er bleef zelfs nog tijd over voor ondernemerschap: in 1999 richtte zijn eerste bedrijf op: Influence at Work, wat grote multinationals adviseert. In 2022 kwam daar The Cialdini Institute bij, wat trainingen geeft.

Waren zijn dagen daarmee gevuld? Toen hij met emiraat ging niet meer. Met zijn kennis van ons gedrag en hoe dat te beïnvloeden was hij een goede aanvulling op het campagneteam van Barack Obama in 2012 en dat van Hilary Clinton in 2016. (Waarom heeft hij niet ook Kamala geadviseerd? Daar hebben we het nooit over gehad).

Welke boeken schreef ‘oom’ Robert Cialdini?

‘Oom’ Robert schreef tussen 1984 en 2021 4 boeken, die elk flink wat updates kregen. Ik las er 2, vond ze beiden echte Must Reads en schreef dan ook van beiden een Samenvatting. De andere twee, waarvan hij co-auteur was, staan inmiddels in mijn tsundoku. Mijn antilibrary dus, naar Taleb.

Invloed – Influence (1984 – laatste Engelstalige update 2021)

Wat een gaaf boek is dit! Deze Nederlandstalige update is van 2016. Bedoeld als waarschuwing voor consumenten hoe we ons laten manipuleren, werd het juist het handboek voor marketeers. Daarom is het uitstekend leesvoer voor beide groepen die willen weten hoe je wordt verleid / je iemand kunt verleiden ergens ‘ja’ op te zeggen. Het boek geeft een overzicht van de psychologie van ‘meegaandheid’, en barst van de aansprekende voorbeelden uit wetenschappelijke onderzoeken, maar ook uit Cialdini’s eigen ervaring. Hij ging namelijk ‘undercover’ als fondsenwerver, autoverkoper, en allerlei andere functies in organisaties die ‘verleidings-tactieken’ gebruiken om onze medewerking te krijgen. Ga naar mijn Samenvatting | Lees waarom ik dit een Must Read vond. | Koop bij Bol.

Overtuigingskracht – Yes (2007, update in 2017)

Co-auteurs: Noah Goldstein en Steve Martin. De 2017 update heeft 10 nieuwe hoofdstukken. Ik las het nog niet dus hier de flaptekst: Hoe verhoog je je invloed waar dan ook, en kun je andere mensen beter overtuigen van wat dan ook? De 60 wetenschappelijk bewezen tips en strategieën in dit boek laten zien hoe een kleine verandering van je aanpak direct een drastisch effect kan hebben op je slagingskans – of je nu wilt dat iemand zijn medicijnen slikt, iets voor je doet, milieubewuster wordt, tevreden is over je product of op je stemt. De auteurs vertalen de uitkomsten van gedegen wetenschappelijk onderzoek op aanstekelijke wijze naar de dagelijkse praktijk. De uitgebreide editie van deze klassieker en internationale bestseller bevat tien nieuwe opmerkelijke inzichten en bevordert gegarandeerd uw overtuigingskracht, zowel privé als op het werk.  Koop bij Bol

De kracht van timing / Presuasion – Presuasion (2016)

De kracht van timing werd in 2018 uitgegeven, maar is identiek aan het Nederlandstalige Presuasion uit 2016. Ik denk dat de oorspronkelijke titel niet zo duidelijk was … Dit schreef ik erover in 2017: ‘Afgelopen week: ik slenter door Ikea en mijn oog valt op de theedoeken. Niet omdat ik ze nodig heb, nee, omdat mijn naam er op staat! Elly-theedoeken. Ik koop er 8. Terwijl ik zàt theedoeken heb, thuis. Al op de IKEA-parkeerplaats realiseer ik me: dit is zelfrelevantie, hierover heb ik net gelezen in Presuasion. Pre-suasion is een niet-bestaand woord, hiermee drukt de auteur uit dat het bij beïnvloeden nog het meest gaat om wat je als beïnvloeder doet nét vóórdat je de boodschap brengt. Dus niet Per-suasion – overtuigen, maar Pre-suasion – ‘voortuigen’, voorbereiden. Lees mijn recensie | Lees waarom ik dit een Must Read vond | Ga naar mijn Samenvatting | Koop bij Bol.

klein GROOT – The small BIG (2014)

Met co-auteurs Noah Goldstein en Steve Martin. Ik las dit boek nog niet, hierbij de flaptekst: Elke dag moet je wel iemand overtuigen: je baas, als je steun nodig hebt voor een idee; een collega, als je hulp wilt bij een project; een klant, als je iets te verkopen hebt; je echtgenoot, als het vuilnis moet worden buitengezet; je kinderen, als het tijd wordt voor hun huiswerk. Wie je ook waartoe wilt overhalen, de vraag is: welke KLEINE verandering in je benadering of verzoek zorgt voor een GROOT effect? Zo’n doorslaggevende verandering is een ‘kleinGROOT’. In 53 korte, kernachtige hoofdstukken ontdek je de psychologische mechanismen achter de strategieën – eyeopeners die je direct kunt toepassen in herkenbare situaties: op het werk met collega’s en klanten, thuis, in vergaderingen, telefoon-gesprekken, e-mails en sociale media. Koop bij Bol

(Deze informatie is ontleend aan: Bol.comRobert’s eigen websiteWikipedia)

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
  23. In november was de beurt aan neef Adam Grant
  24. December was voor nicht Susan Cain
  25. In januari 2025 stelde ik neef Kees Klomp aan je voor.
  26. En in februari nicht Nadine Maarhuis.
  27. In maart was de beurt aan oom Robert Cialdini

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van maatschappij- en managementboeken. Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Uncategorized | 13 reacties

Recensie: Niet het einde van de wereld – zeggen de feiten

Een boek in de stijl van Feitenkennis van Hans Rosling, en dat is geen toeval. Hannah Ritchie ziet Rosling als haar voorbeeld, kijkt óók naar de positieve trends in data, als onderzoeksleider bij Our World in Data. In Niet het einde van de wereld uit 2024 gebruikt ze die trends om een einde te maken aan het doemdenken. Waarom? Omdat die doemverhalen vaak niet waar zijn, worden gebruikt om urgentie te creëren maar het vertrouwen in de wetenschap juist omlaaghalen, en ons verlammen. Goed uitgangspunt!

Wat mij betreft is Hannah in haar opzet geslaagd om ons wél bezorgd, maar ook vastberaden te maken, ons perspectief te geven. Zij laat in feite hetzelfde zien als Rosling in Feitenkennis: De wereld is verschrikkelijk. De wereld is enorm verbeterd. De wereld kan (moet) nog verder worden verbeterd. Voor 1 oplossing en 7 specifieke problemen laat ze ons zien wat de trends zijn, wat we echt moeten doen, en wat we net zo goed kunnen laten, omdat het nauwelijks impact heeft. Vooral in die laatste categorie las ik heel wat verrassende feitjes. Want dat is ook dít boek weer: volledig op feiten gebaseerd, zeg maar Feitenkennis 2.0.

Het Mens & Maatschappijboek Niet het einde van de wereld…

… pakt in 8 hoofstukken, 1 oplossing en 7 urgente problemen bij de kop. De oplossing is Duurzaamheid; de 7 problemen zijn Luchtverontreiniging, Klimaatverandering, Ontbossing, Voedsel, Biodiversiteitsverlies, Plastic in de oceanen, Overbevissing. Ik merkte dat ik voor een aantal van deze onderwerpen heel veel las wat ik nog niet wist, en dus veel hierover opschreef. Wat waren mijn eye-openers?

Duurzaamheid

Hannah geeft Duurzaamheid een definitie die aansluit op de Donut van Kate Raworth: Duurzaamheid is én welzijn voor nu en voor iedereen én het milieu niet verpesten voor later. Ze stelt dat de inheemse volken helemaal niet zo duurzaam leefden als je deze definitie hanteert: ze waren goed voor het milieu, maar er was weinig welzijn en een enorme kindersterfte. De wereld is wat dát betreft nog nooit duurzaam geweest. Dit uitgangspunt verklaart ook de ondertitel van het boek: Waarom wij de eerste generatie zijn met perspectief op een duurzame planeet. Inmiddels is het welzijn overal gestegen, en we weten wat we moeten doen om overal een voldoende niveau voor elkaar te krijgen.

Resteert dus het tweede deel: het milieu niet verpesten voor later. Ze maakt korte metten met twee veelgenoemde andere oplossingen. Krimp van de wereldbevolking kán niet zo snel dat het voldoende helpt tegen de milieuproblemen, tenzij we actief mensen gaan doden of voorkomen dat er überhaupt nog kinderen komen (nu ligt het gemiddelde op 2 kinderen per vrouw, zelfs een wereldwijde 1-kind politiek zal niet genoeg zijn). En Degrowth maakt de wereld arm, terwijl er nog zoveel armoede op de wereld is. Duurzaamheid is de verzamelnaam van alle oplossingen die wél werken voor de 7 problemen die erna komen.

Luchtverontreiniging

Luchtverontreiniging is het eerste probleem, en Hannah gebruikt de ‘airpocalyps’ van Beijing om aan te geven hoe erg die was. Wás, ja, want Beijing slaagde erin om die binnen 7 jaar terug te dringen door alle oude auto’s van de weg te halen en industrieën rond de stad te sluiten. De luchtkwaliteitsverbetering was aanzienlijk. Het kán dus.

De oorzaak van die smerige lucht is het verbranden van dingen. Dat probleem ontstond 400.000 jaar geleden al, toen er hout werd verbrand voor warmte, om te koken, voor licht in de duisternis en het afschrikken van dieren. Kolen waren efficiënter, maar zorgden voor sterkere vervuiling. En ook voor zure regen. De veroorzaker ervan, SO2-emissie, werd later wereldwijd afgevangen. (En ook de cfk’s die de ozonlaag oplosten hebben we verbannen met wereldwijde actie).

Hoewel wereldwijd de luchtverontreiniging afneemt, gaan er nog steeds ontstellend veel mensen aan dood: 8 miljoen per jaar (door luchtvervuiling buitenshuis, maar ook binnen). Wat moeten we daaraan doen? Schone brandstof om te koken, geen gewasverbranding (bijv. rijst-stro) in de winter, zwavel afvangen, minder (oude) auto’s op de weg, minder fossiele brandstoffen. En: geen ‘nostalgische’ open haarden of houtkachels in de rijke landen!

Klimaatverandering

Over klimaatverandering ziet Hannah dat de beloften en ambities hoopvol zijn. Duurzame energie en duurzame producten (elektrische auto’s) worden steeds goedkoper. Ook kunnen we steeds beter omgaan met de gevolgen van klimaatverandering: er sterven steeds minder mensen door rampen als overstromingen. Ook lijkt er sprake van decoupling: het bbp in veel landen groeit, terwijl de emissies, inclusief die van import, dalen. Dat lijkt dus wel te kunnen. Ander goed nieuws: omdat de kosten van hernieuwbare energie zo sterk dalen, kunnen arme landen zich ontwikkelen zonder de hoge emissies die het westen ooit produceerde. Het grondgebruik voor duurzame energie is overigens vergelijkbaar met dat voor fossiel; kernenergie is het meest grond-efficiënt.

Transport is verantwoordelijk voor 16% van de emissies, het meeste daarvan gaat over de weg (75%). Elektrisch rijden, en ook vliegen en varen is dus goed, maar lastig voor lange afstanden i.v.m. de zware batterijen. Ook onze voedselproductie zorgt voor emissies: minder vlees (met name rundvlees) en zuivel produceren is nodig. Wat er minder toe doet: recyclen, spaarlampen, lokaal eten (als het in kassen is geteeld, want dan is transport vanuit het buitenland tóch beter), elektrische apparaten van standby afhalen. Al deze acties vóélen beter dan dat het iets bijdraagt.

Ontbossing

Het hoofdstuk ontbossing levert een interessant weetje op: bossen, jungles, vegetatie, het draagt niet veel bij aan de hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer. Die zuurstof kwam miljoenen jaren geleden via fytoplankton uit de oceanen, en het zal ook zolang duren voordat het significant minder is geworden. Maar … die bossen, het Amazone regenwoud en de rest, zijn wel cruciaal voor de biodiversiteit.

Het vellen van bossen zorgt niet alleen voor habitatverlies, maar ook voor het vrijkomen van CO2. De piek van ontbossing was (mondiaal) in de 80-er jaren, maar in de tropen is de ontbossing nu het hoogst. Door palmolie zeker! Eh, nee. Driekwart van die plantages zijn geplant op grond die al eerder was ontbost voor hout en papier. En palmolie verbannen is ook geen goed idee, het is qua olie het meest efficiënt: 1 hectare oliepalmen levert 2,8 ton olie op. Vergelijk dat eens met olijfolie: 0,3 ton. Of met kokosolie: 0,26 ton. Het is dus juist een landbesparend gewas.

Wat is dan de schuldige? Sja, landbouw natuurlijk, en ook de productie van papier en pulp. 40% van de huidige ontbossing is voor ruimte om runderen te laten grazen. Daarna pas komen de plantages voor soja-olie en palmolie (18%), en de ontbossing daarvoor daalt snel. En daarna papier (13%). De rest is voedsel: granen, groente, fruit, rijst, suiker. Wat kunnen we tegen ontbossing doen? Minder vlees eten, gewasopbrengsten verbeteren, maar ook armere landen betalen om niet te kappen.

Geen soja eten? Onzin, 77% van de soja gaat naar diervoer, 13% naar olie, 3% naar biodiesel. De rest, 7%, eten wij op, maar daar wordt het Amazone regenwoud niet voor gekapt. In Brazilië verbouwen ze namelijk alleen genetisch gemodificeerde soja, die in de EU, en ook daarbuiten, niet is toegestaan voor (directe!) menselijke consumptie.

Voedsel

Over eten gesproken, we verbouwen genoeg voedsel om 10 miljard mensen te kunnen voeden, maar 52% daarvan gaat nu naar vee (41%) en naar biobrandstoffen (11%). Het goede nieuws is dat we op steeds minder grond steeds meer verbouwen, o.a. door kunstmest, en dat we dáárvan steeds minder gebruiken.

Het produceren van voedsel is de bron van veel problemen: broeikasgasemissies, te veel zoetwatergebruik, ontbossing, verlies van biodiversiteit door verwoesting van habitats en het gebruik van pesticiden en kunstmest, waterverontreiniging door het wegspoelen daarvan. Dus: hoe kunnen we iedereen voeden zonder de planeet te verwoesten? Hogere gewasopbrengsten, minder vlees eten, vlees- en zuivelvervangers maken. Maak je niet druk over lokaal eten, biologisch eten en plastic verpakkingen! Dit hoofdstuk herhaalt veel feiten die ik al in Regenesis van George Monbiot las, ik was dus niet zó verbaasd.

Biodiversiteitsverlies

Dit hoofdstuk hakte er wel even in. Wij mensen hebben overal waar we kwamen de grote zoogdieren uitgeroeid. De jacht en habitatverlies door landbouw zorgde er ook voor dat zoogdieren evolueerden en steeds kleiner werden. Maar liefst 85% van de biomassa van wilde zoogdieren zijn we verloren. Onvoorstelbaar. Hoe zit het met de 6de massa-extinctie, is die aan de gang? We spreken van massa-extinctie als het gaat om 75% verlies  van de soorten in 2 miljoen jaar. We zitten nog niet op die 75% maar het gaat wel héél snel: 1% in pakweg 500 jaar. Dat lijkt weinig, maar als we niks doen zitten we over nog 37.500 jaar op die 75%. Dus ja, we zitten erin.

Maar bij deze, de 6de, kunnen we er ook wat aan dóén, namelijk de oorzaken aanpakken. Dat zijn voornamelijk overexploitatie (jacht, visserij), landbouw, verstedelijking, invasieve soorten, ziekten, verontreiniging, verzuring van de oceanen, plastic, ander gebruik van land (dammen), klimaatverandering. Een ‘dood van duizend sneden’. Wat het probleem hierbij is, is dat we het nut van biodiversiteit voor onszelf niet zien, het is meer een ‘goed doel’. Maar gelukkig zijn al die oorzaken voor biodiversiteitsverlies ook problemen voor ons eigen voortbestaan, dus indirect gaan we er waarschijnlijk toch mee aan de slag.

Plastic in de oceanen

Ik was geschokt toen ik las dat de Great Pacific Garbage Patch, de ‘Plasticsoup’, tussen Hawaii en Californië een oppervlakte heeft van 3x Frankrijk!. En dan hebben we het alleen nog maar over het dichte centrum van die soep. Plastic bedreigt het zeeleven, en in de vorm van microplastics ook óns leven, maar is o zo nuttig in gebruik. Het gaat enorm lang mee, en dat is ook gelijk het probleem: het vergaat maar langzaam. Ook is het slecht recyclebaar, hoe we met plastic afval omgaan is dus het grootste probleem.

Wist je dat maar 0,3% van het plastic afval in de oceanen terechtkomt? Bij de GPGP is 80% afkomstig van de visserij, de rest spoelde via de rivieren in zee. Voor álle plastic in álle oceanen is het gemiddeld net andersom: 80% via land en 20% uit visserij.

Rijke landen, die veel plastic gebruiken, zorgen voor goede afvoer van plastic afval. Juist de armere landen, die minder gebruiken, doen niks met het afval, en dát komt in rivieren en oceanen terecht. De rijke landen moeten de arme landen helpen met afvalbeheerssystemen.

Wat recycling betreft: plastic kan maar 2x ‘mechanisch’ gerecycled worden, en onbeperkt chemisch, maar dit laatste is héél duur. Bij plasticproductie worden allerlei soorten door elkaar gemengd, wat recyclen lastig maakt. Gerecycled plastic is veel duurder dan nieuw geproduceerd, dus tja. Dáár moet dus wat aan gebeuren. En aan het visserij-plastic natuurlijk. Daar moeten we ons druk over maken, niet over verpakkingen of plastic rietjes.

Overbevissing

En van plastic in de oceanen gaan we naar vis in de oceanen, in het hoofdstuk Overbevissing. Nee, in 2048 zijn de oceanen niet leeg, dat was een verkeerde interpretatie van een onderzoeksrapport. En ook was daarin het uitgangspunt dat ‘leegvissen’ onveranderd door zou gaan. Maar zo al doemdenkend extrapoleren is niet realistisch, gezien allerlei maatregelen die al worden getroffen op allerlei gebieden. Recenter onderzoek wijst op vispopulaties die afnemen én op populaties die toenemen. Gemiddeld blijft het nu stabiel.

Duurzame visserij is gebaseerd op zoveel mogelijk vis vangen zonder de vispopulaties nog verder te laten afnemen. Die vispopulaties zijn ongeveer 50% van het niveau vóór visserij, en dat moeten we handhaven. Op dit moment is 66% van de vispopulaties duurzaam (waaronder tonijn), 34% wordt overbevist. Dat kan beter. Maar wel bijzonder, want we eten steeds meer vis. Hoe dan? Nou, we kweken ze. We kweken zelfs meer dan we in het wild vangen. Alleen maar goed nieuws dus? Nee. We weten niet genoeg van de visbestanden bij Azië, Afrika en Zuid-Amerika, daar wordt niet gemonitord. We weten wél dat China en India zeer veel vissen, met grondtrawlers. Dus het is zeker niet onder controle.

Onze rol bij de problemen en de oplossing

Leuk en verrassend om te lezen zijn de stukken over hoe we milieubewust (denken te) leven. Wat we doen zet soms geen zoden aan de dijk en we hebben te weinig begrip van wat er echt toe doet. Biologisch voedsel heeft vaak een grote CO2 afdruk, plastic verpakkingen verlengen de houdbaarheid en verminderen verspilling. Vleesvervangers zijn bewerkt, ja, maar vééél beter dan vlees eten. Kernenergie is duurzaam en grond-efficiënt.

Met alleen individuele gedragsverandering komen we er niet, het systeem moet op de schop. Tijdens Corona zaten we allemaal thuis. Toch daalde de uitstoot maar met 5%. Voor meer impact zijn technologische innovaties nodig en politieke besluiten voor systeemverandering. De politiek kunnen we beïnvloeden met onze stem en acties. De markt van technologie beïnvloeden we met ons geld: waar geven we het aan uit? Tenslotte kun je invloed hebben met je tijd, besteed je carrière aan impactvol werk.

Tenslotte, laten wij, milieubewuste mensen, niet elkáár bestrijden: niet zon en wind tegen kernenergie, maar zon/wind/kernenergie tegen fossiel. Niet veganist tegen flexitariër, maar gezamenlijk tégen de veel-vleeseters. Laten we samen werken aan oplossingen die ons vooruithelpen, laten we ons niet laten afleiden door doemdenkers. We gaan niet richting het einde van de wereld!

Mijn evaluatie van Niet het einde van de wereld

Verrassend genoeg schreef ik weer heel wat op, terwijl ik toch meer dan gemiddeld lees over duurzaamheid. De eye-openers betroffen voornamelijk het cijfermateriaal, wat hetzelfde effect had als bij het lezen van Feitenkennis: je weet het wel ongeveer, maar je onderschat vooruitgang. En de grote stappen die we toch wel hebben gezet geven goede hoop voor de haalbaarheid van verdere verbetering. Tot mijn schande zaten er ook veel nieuwe feiten in de dingen die ik net zo goed kan laten: biologisch eten bijvoorbeeld.

Uiteraard is het boek uitputtend onderbouwd met feiten en statistieken, dat kun je wel aan het hoofd onderzoek van Our World in Data overlaten. Hoe lang de trends nog juist blijken is afwachten denk ik, met sloper Trump weet je het niet. We waren goed bezig, welke invloed gaat hij hebben? Dat maakt het hebben en updaten van feitenmateriaal nóg belangrijker en relevanter.

De schrijfstijl is heel prettig, met heel veel voorbeelden, anekdotes uit Hannah’s eigen leven en lifestyle, en herkenbare misvattingen en discussies tussen vrienden. Ook het benoemen van het schuldgevoel dat je hebt als je weet (of denkt) dat je niet genoeg doet, draagt bij aan de herkenbaarheid.

Het betoog is goed opgezet, met een duidelijke rode draad en een structuur die in elk hoofdstuk wordt herhaald. Wat is het probleem, achtergronden, hoe ging het vroeger, hoe gaat het nu, wat kan beter, welke voorbeelden van verbetering zijn er waar we inspiratie uit kunnen halen, waar moeten we ons niet druk om maken. Voor mij werkt dit heel goed. Het hele betoog is natuurlijk geïllustreerd met tabellen en grafieken.

Ik trok een paar keer mijn wenkbrauwen op, bijvoorbeeld bij de opmerking dat ‘decoupling’ mogelijk is en zelfs al gebeurt. Ik had eerder steeds iets anders gelezen. Hannah krijgt dan ook veel kritiek op dit statement, met name dat ze alleen naar emissies kijkt, en niet naar uitputting van de aarde. Ook haar opmerking over Degrowth is kort door de bocht, maar de meningen zijn ook hierover verdeeld. Verder krijgt ze kritiek omdat ze nauwelijks ingaat op hoe de ‘politieke’ oplossingen dan wel geïmplementeerd moeten worden. Dat snap ik dan weer wel van haar, ik hoef alleen maar te denken aan de ‘kleinere veestapel’ discussie in Nederland. Natuurlijk zijn er bij elke logische oplossing zat nadelen te verzinnen, voor bedrijven of groepen mensen. Deze kritiek weerhoudt me er niet van om te zeggen dat je écht wat mist als je dit boek niet leest!

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO +. 

Ik gaf het boek 4 ½ *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Lees Niet het einde van de wereld duurzaam …

  • via de (online) bibliotheek (dat deed ik ook!);
  • digitaal, bijvoorbeeld via Kobo;
  • of uit een minibieb!

Koop Niet het einde van de wereld duurzaam … 

  • bij de kringloop;
  • bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
  • bij je lokale boekwinkel, via Libris (affiliate link).;
  • of via B-Corp Bol (affiliate link).

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van managementboeken.

Abonneer je hier op op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Sustainability | Tags: , , , | 1 reactie