Recensie: Morele ambitie – pijnlijke waarheden

Ben ik een masochist? Ik vroeg het me even af, toen ik glimlachend en met veel plezier Rutger Bregman’s Morele ambitie uit 2024 las. Hij betoogt hierin dat velen van ons, onze talenten verspillen met werk dat de maatschappij geen goed doet. De spiegel die me werd voorgehouden, gaf geen fraai beeld, de voorbeelden van effectievere mensen gaven me een schuldgevoel. En ik lachte hardop ….

De confronterende vragen en onaangename feiten in Morele ambitie doen pijn. Ik vond me altijd wel een van de Meeste mensen die deugen, maar inmiddels weet ik dat ik een gemakzuchtige verspiller ben. Ik heb zó weinig impact dat ik net zo goed niet had kunnen bestaan. Gelukkig geeft Rutger een aantal uitgangspunten waarmee ik aan de slag kan. Maar belangrijker nog: waarmee mensen die nog midden in hun werkende leven zitten, aan de slag kunnen. Een zeer nuttig boek dus, en geweldig geschreven, in de typische botte Bregman-stijl.

Het maatschappelijke boek Morele ambitie …

… begint met te stellen dat je ‘niet goed bent zoals je bent’. Misschien heb je een onzinnige baan (marketeer of bankier) of zelfs een immorele baan (werk je in de tabaks- of wapenindustrie) of nog erger: streef je naar géén baan (passief inkomen, rentenieren). Je draagt in ieder geval niks bij aan de maatschappij en die ambitie heb je ook niet. Of misschien ben je consultant, superslim en met een hoop ambitie. Je voegt best wat toe aan de maatschappij, maar niet zoveel. Je bent in ieder geval niet bezig met de grote uitdagingen van deze tijd, meer met jezelf en je corner office. Of misschien ben je wel idealistisch, maar niet zo ambitieus. Je streeft naar geen impact: geen vlees, niet vliegen, geen kinderen, geen plastic rietje. Je protesteert op sociale media. Maar woorden zijn geen daden. Geen impact. Dan kun je net zo goed niet bestaan.

Besmetting

Gelukkig zijn er ook mensen die wél idealistisch zijn, en wél ambitieus, die wél actie ondernamen. Het boek vervolgt met een groot aantal historische voorbeelden waar inderdaad heel wat van te leren valt. Regelmatig komt Thomas Clarkson voorbij, die tegen slavernij vocht. En met succes. Hij was onvermoeibaar bezig anderen achter die goede zaak te krijgen, en dat lukte. De meeste mensen komen over het algemeen pas in actie als ze gevraagd worden. Heel weinigen hebben een hele lage actiedrempel, die komen uit zichzelf in actie, hebben niemand nodig die ze overhaalt: de ‘zeroes’. Alle anderen zijn ‘ones’ of ‘two’s of zelfs ‘hundreds’ (die komen pas in actie als de halve stad meedoet). Maar iedereen laat zich vroeg of laat beïnvloeden, kuddegedrag, weetjewel. Je kunt het zien als een besmetting. Dus: laat je besmetten. En besmet anderen.

Het boek gaat verder met beschrijven op welke manieren je anderen kunt besmetten. Op de barricaden, of juist als dossiervreter, auteur, onderzoeker, door het publiceren van onaangename waarheden, het voeren van juridische procedures, etc. Zoek gelijkgestemden en vorm een ‘cult’. Maar: wees niet te radicaal, sluit compromissen om je doel te bereiken, ga strategisch te werk.

5 illusies

Vermijd de 5 illusies: 1. Bewustzijn. Bewustzijn zonder actie is nutteloos. 2. Goede intenties. Niet genoeg, het gaat om de resultaten, verspil je moeite niet aan verkeerde initiatieven, hoe goed bedoeld ook. 3 Puurheid. Verwacht niet dat je medestanders over álles precies zo denken als jij, jaag ze niet weg om zaken die minder met het doel te maken hebben. Zoals de organisatie NARAL: voor abortus zijn, maar feministen die voor abortus zijn, maar een andere mening over transvrouwen hebben dan jij, uitsluiten. Een ander, herkenbaar voorbeeld: klimaatverandering en herstelbetalingen. 4. Synergie. Denken dat ál je idealen elkaar versterken en samen opgelost moeten worden. ‘Het hele systeem moet op de schop’.  Dat vertraagt alleen maar. Clarkson was heel strategisch bezig: de slavernij afschaffen was zijn doel, maar onhaalbaar. Hij begon met het afschaffen van de slavenhandel. Kleinere scope, minder tegenstand. Lager mikken om raak te schieten.

Omvangrijke, Oplosbare en Onderbelichte problemen oplossen

Hierna lezen we over Charity Entrepreneurship, een school voor ondernemers, zeg maar een goede-doelen-incubator, en over uitdagingen die Omvangrijk, Oplosbaar en Onderbelicht zijn. Er volgt een kritisch stuk over Effectief Altruïsme, waarvan de conclusie is dat morele ambitie goed gebruik kan maken van geld. Vooral ook voor doelen die ‘impopulair’ zijn, waar bedrijven en overheden ver weg van blijven, waarvan we zeggen ‘dat we dat altijd zo hebben gedaan’. Als voorbeeld het uitbuiten van dieren. Dit is de 5de illusie: Onvermijdelijkheid.

En na de dieren volgt als doel voor onze morele ambitie de toekomstige generaties. Denk aan klimaatverandering, pandemieën en AI als gevaren die ons én hen bedreigen.

Wanneer is het genoeg?

In de epiloog wil Rutger de vraag beantwoorden wanneer je genoeg hebt gedaan voor een betere wereld. Daar is hij kort over: het is nooit genoeg. Er is altijd iets dat gedaan moet worden. Maar als je altijd het leed van de wereld op je schouders draagt, val je een keertje om. Grenzen stellen dus. En ook: je mag genieten, menselijk zijn. Je bent geen heilige. Wees ambitieus, maar niet perfect. Maar laten we eerlijk zijn, de meeste van ons hebben die grens nog lang niet bereikt.

Evaluatie  van Morele ambitie       

Ik vond het boek lezen als een vervolg op Bullshit Jobs van David Graeber, die kon ook zo lekker cynisch en bot uit de hoek komen met zijn waarheden. En natuurlijk heeft Rutger een goed punt, velen van ons besteden ons talent en onze tijd aan onzin-banen, of in ieder geval onzin-taken. We verwachten dat de overheid de maatschappelijke problemen oplost, en dat het systeem moet veranderen, niet wijzelf.

Rutger toont anekdotisch aan dat juist wij zelf heel veel kunnen veranderen, door ‘besmetting’ en dat veranderingen in het verleden ook door individuen in gang zijn gezet. Wat dat betreft is het boek inspirerend. Met zijn bijbehorende School voor morele ambitie wil hij zijn woorden in daden omzetten, en zoveel mogelijk ambitieuze, idealistische mensen besmetten. Zijn ambitie om de Omvangrijke, Onderbelichte problemen aan te pakken met een groep mensen die hij uit zeer goed betaalde banen wil wegplukken, vind ik erg sterk Hij ‘walks the talk’, zo blijkt uit de bijlage en de acties die ik inmiddels op social media zie.

Relevant, actueel en leuk

Zijn betoog is relevant en actueel en … leuk. Rutger kan goed schrijven, ondanks de zwaarte van de onderwerpen en het steeds opkomende schuldgevoel moest ik vaak lachen, en zat ik ook vaak te knikken. Hij gebruikt meerdere invalshoeken om zijn betoog kracht bij te zetten, en de voorbeelden komen in meerdere hoofdstukken terug. Zo weeft hij een web van argumenten, in plaats van een rode draad. De onderbouwing van zijn stellingen is veelal met cijfers, maar ook anekdotisch en ongetwijfeld wat versimpeld om het in een vrij compact boek te kunnen gieten. De uitvoering van het boek is vrij sober, zoals alle boeken van de Correspondent.

Tot slot: Rutger heeft veel gesprekken op gang gebracht over zijn visie en zijn beweging. Om deze op waarde te kunnen schatten is het echt nodig zelf het boek te lezen. Een beetje masochistisch ja, maar misschien word je dan ook een bron van besmetting!

Ik gaf het boek 4*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop Morele ambitie

o.a. bij

Managementboek.nl

of

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Familie: nicht Barbara Baarsma

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘nicht’ Barbara Baarsma.

Waar schrijft ‘nicht’ Barbara Baarsma over?

‘Nicht’ Barbara schrijft over Economie, in toenemende mate in combinatie met Duurzaamheid. Haar boeken zijn over het algemeen gevuld met cijfers, veel cijfers, en hier en daar een stevige mening.

Heeft ‘nicht’ Barbara Baarsma ook andere zakelijke activiteiten?

Ze werkt als econome én is hoogleraar. Daarnaast zie je haar regelmatig economie en politiek duiden in talkshows. Slim en knap is een onweerstaanbare combi op tv. Tijdens de Corona-epidemie adviseerde ze de overheid maar kreeg heel veel kritiek op enkele voorstellen, tot bedreigingen aan toe. Daar is ze dus subiet mee gestopt.

Op de site van PwC zijn blogs van haar hand te lezen, in augustus schreef ze nog over het controversiële onderwerp van Private Equity in de Accountancy. Zij ziet dat als een waardevolle boost voor de productiviteit. Vorige week nog schreef ze een blog over het korte-termijn-denken van het huidige kabinet en het effect op het ondernemingsklimaat.

Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘nicht’ Barbara Baarsma eruit?

‘Nicht’ Barbara werkt op dit moment als hoofdeconoom bij PwC en is daarnaast hoogleraar toegepaste economie aan de UvA. Als nevenfuncties doet zij het voorzitterschap van de Bankraad van DNB en het lidmaatschap van het Nederlands Comité voor Ondernemerschap.

‘Nicht’ Barbara werd geboren in Leiden, maar verhuisde al jong naar Goeree-Overflakkee. Na het Atheneum begon ze met een studie Industrieel ontwerpen aan de TU Delft, maar dit ruilde ze al na een jaar in voor Economie aan de UvA. Daar promoveerde zij ook, in 2000. Haar proefschrift ging over het monetair waarderen van externe effecten, wat we nu vertaald zien als bijvoorbeeld emissiehandel en True Price. Ze was er al vroeg bij! Ze ging aan de slag bij het adviesbureau SEO Economisch Onderzoek, werkte daar 16 jaar en schopte het tot CEO. In 2008 werd ze ook hoogleraar aan de UvA.

Ze werkte van 2016 tot 2023 bij de Rabobank eerst als Directeur Kennisontwikkeling, toen als Directievoorzitter van Rabobank Amsterdam en de laatste 2,5 jaar als directeur van de Rabo Carbon Bank.

Wat ze zoekt in het leven is uitdaging, een steile leercurve, zo zegt ze zelf. Ze heeft een relatie (met dezelfde man al sinds haar 16-de!, dat is best een uitdaging lijkt me) en twee zonen. En als kind had ze al een krantje met beursnieuws ….

Welke boeken schreef ‘nicht’ Barbara Baarsma?

‘Nicht’ Barbara schreef 5 boeken waarvan ik de laatste 2 las. Eentje staat nog op mijn TBR, want gaat over voedselproductie in Nederland.

Ik lees vrij veel over duurzaamheid en verbaas me er altijd over dat het blijkbaar zo lastig is om financiering te krijgen voor duurzame initiatieven. ‘Die stomme banken!’ mopper ik dan. Na het lezen van dit prima boek, wat ‘nicht’ ‘Barbara met Maarten Biermans schreef, begrijp ik het véél beter. Maar het blijft niet bij uitleg waarom duurzaam financieren soms níét lukt, er wordt ook heel veel aandacht gegeven aan hoe wél. Ook nuttig voor de financiers dus!

* Groene groei (2022)

Groene groei is een heet hangijzer, de meningen verschillen of dit wel of niet mogelijk is. Barbara’s standpunt is: groei moet, en ‘groen’ stelt grenzen aan die groei. Maar, niet alle economische groei is vooruitgang, zo nuanceert ze haar standpunt. Het gaat om zinvolle groei. ‘Zinvol’ is dan ook de kern van het boek, ‘groen’ is vrijwel beperkt tot de titel en de kleur van de omslag, het wordt pas een thema na 90% van het boek. Even doorbijten dus als je voornamelijk in het groene deel van groene groei geïnteresseerd bent. Greenwashing?

* Nederland voedselparadijs (2020)

Ken ik nog niet dus de flaptekst: Onder het motto ‘nooit meer honger’ transformeerde de Nederlandse landbouwsector na de Tweede Wereldoorlog in slechts enkele decennia tot een innovatieve en productieve koploper. Maar dat efficiënte en productieve voedselsysteem dat we nodig hadden, draagt bij aan de opwarming van de aarde, tast de bodemkwaliteit aan en gaat ten koste van biodiversiteit. Er is wederom een transitie nodig, naar kringlooplandbouw. Korte ketens zijn een katalysator voor kringlooplandbouw. In Nederland voedselparadijs roept ‘nicht’ Barbara op om meer in de korte ketens te produceren en te eten.

* Brievenbusmaatschappijen (2014)

Ken ik nog niet, dus de flaptekst: Bijzondere financiële instellingen (bfi’s), ook wel brievenbusmaatschappijen genoemd, worden vooral gebruikt om geld van het ene internationale bedrijfsonderdeel naar het andere door te sluizen. ‘Nicht’ Barbara geeft met Marco Kerste en Jarst Weda – niet op morele, niet op fiscale, maar op economische gronden – antwoord op de vragen: wat zijn brievenbusmaatschappijen? Hoeveel geld gaat erin om? Wat leveren die bfi’s de Nederlandse staat nu werkelijk op? Wat zijn de risico’s? Over welke geldstromen wordt nagenoeg geen belasting betaald?

* Dynamische marktwerking (2006)

Ken ik nog niet, dus de flaptekst: In dit boek wordt markwerking in vijf sectoren onder de loep genomen: zorg, elektriciteit, post, spoor en luchtvaart. Het zijn markten die in de praktijk ver afliggen van de ideale wereld van volkomen concurrentie en die het gevaar van mislukken altijd in zich dragen. Het boek geeft mede op basis van deze praktijkgevallen antwoord op vragen als: Waarom is marktwerking nodig of gewenst? Hoe komt marktwerking tot stand? ‘Nicht’ Barbara schreef het met Marc Pomp en Jules Theeuwes.

(Deze informatie is ontleend aan: Bol.com, wikipedia, nouveau.nl, LinkedIn)

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van maatschappij- en managementboeken. Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij, Sustainability | Tags: , , , | 13 reacties

Recensie: Een immense wereld – immens interessant

Wat een immens leuk en interessant boek is Een immense wereld van Ed Yong uit 2022! Met zijn gedetailleerde beschrijvingen van de zintuigen van bekende en (mij) volstrekt onbekende dieren brengt hij een belangrijke boodschap over: we bekijken de wereld enorm antropocentrisch. We hebben geen idee wat dieren zien en voelen, als we het zelf niet kunnen zien of voelen. En ondertussen veranderen we onze omgeving …. en dus die van de dieren. Veel dieren overleven dat niet.

Het veranderen van die omgeving gaat verder dan milieuvervuiling, het gaat ook over lichtvervuiling en omgevingslawaai en nog veel meer. Door Yong’s bijna liefdevolle beschrijving van de diverse bijzondere zintuigen van exotische dieren word je heel gevoelig voor de gevaren die hij pas in het allerlaatste hoofdstuk schetst. Twaalf hoofdstukken lang is het genieten en in het dertiende realiseer je je dat we de schoonheid van de natuur van onszelf afpakken.

Een immense wereld …

… staat bol van de interessante weetjes, en ik schreef er heel wat op. Lees dus vooral mijn Booknotes als je meer over de inhoud wilt lezen.

Reuk, smaak, gezichtsvermogen, kleuren

Het boek begint met de reuk en smaak. We lezen over hond Finn, over mieren, olifanten, slangen en hun reukorganen. Ruiken, of eerder geuren indelen in vies en lekker, leer je, terwijl je smaak aangeboren is. Wij proeven met onze tong, muggen met hun voetjes en de meerval met zijn héle huid.

Dan het gezichtsvermogen. We leren hoe dat werkt, met eiwitten en chromoforen. En lezen over springspinnen, primaten, leeuwen en zelfs St. Jacobsschelpen, die tientallen ogen hebben, en we hebben geen idee waarom. Ook de slangster is een mysterie.

Het derde hoofdstuk gaat over kleur, en begint met een uiteenzetting van de techniek van kleuren zien, met soorten kegeltjes. Hoe meer soorten kegeltjes, hoe meer je ziet, dat gaat met een factor honderd omhoog. Dieren hebben vaak één of twee soorten, wij hebben er drie, voor 10.000 kleuren (1 x 100 x 100). De bidsprinkhaankreeft is dodeca-chromaat, heeft dus 12 kegeltjes, en kan ook nog eens de ‘circulaire polarisatie van lichtgolven’ (heel zeldzaam) onderscheiden. Waarom deze buitensporige complexiteit bij dit dier? Alweer: we weten het niet.

Het boek gaat verder over pijn. Bij elk dier is de gevoeligheid anders, en levert morele discussies op bij experimenteren met dieren. We lezen ook over de mannelijke bidsprinkhanen, die blijven paren met vrouwtjes die hen aan het verslinden zijn. Heeft hij geen pijn? Of is zijn seks-drive sterker?

Hoofdstuk 5 gaat over temperatuur. Dieren hebben verschillende soorten temperatuursensoren. De werking wordt uitgebreid uitgelegd, met behulp van kippen, kikkers, ratten en kamelen. Maar ook met de dertienstreepgrondeekhoorn, die alles wel prettig vindt en de vuurkever, die het liefst een bosbrand heeft.

Ik lees verder over contact en stroming, waaronder snavelende kanoeten die in het zand begraven mosselen vinden, en oriputerende lamantijnen. Vergelijkbaar zijn de oppervlaktetrillingen. Ik moest lachen bij de biltrilwedstrijden van kikkers, het zanddrummen van wenkkrabben en het zingen van cicaden, die bladeren laten trillen.

Geluid, echo-locatie, electriciteit en magnetische velden.

Hoofdstuk 8 is gewijd aan geluid, en begint met het verbijsterende feitje dat de meeste insecten géén oren hebben. Over vogelgezang is heel wat te vertellen, je luistert nooit meer op dezelfde manier naar een zebravink of parkiet. Verder gaat het over zingende walvissen, muizen(!) en vleermuizen. En die vleermuizen komen daarna verder aan bod, bij echolocatie. Wist je dat ook dolfijnen en zelfs mensen echolocatie gebruiken?

Dieren die elektriciteit opwekken zijn bijvoorbeeld de meerval en de sidderaal. En zoals er echo-locatie is, is er ook electro-locatie. Dieren kunnen ook communiceren met elektriciteit: actief, door het uitzenden van pulsen, en passief, door het alleen opvangen van pulsen. Haaien bijvoorbeeld zenden zelf niet maar hebben wel receptoren om de pulsen van prooi op te vangen, tot wel 1 nanovolt (= 1 miljardste volt). Hommels pikken het elektrische veld van bloemen op.

Magnetische velden zijn er ook, en daar gaat hoofdstuk 11 over. Uiltjes (motten) en schildpadden hebben een ingebouwd kompas. En schildpadden maken ook gebruik van de inclinatie en intensiteit van het magnetische veld van de aarde. De combinatie van die twee werkt als een soort coördinaten, waarmee je een kaart van de oceaan kunt maken.

Zintuigelijke input integreren

Niet één dier gebruikt maar één zintuig tegelijk en sluit de rest af. Nee, alle input van alle zintuigen komen tegelijkertijd binnen, compenseren elkaar, vullen elkaar aan. Er is zelfs een vorm die synthesie heet: de input wordt gecombineerd. Geluiden hebben kleuren, woorden hebben smaak. Hoe ervaren het volgelbekdier en de dolfijn de verschillende soorten input? En hoe maken dieren verschil tussen input vanuit de omgeving (ze worden geduwd) en vanuit henzelf (ze duwen ergens tegenaan)?

“Om te weten hoe het is om een ander dier te zijn, moet je álles van ze weten. Van hun zintuigen, het zenuwstelsel, maar ook de rest van het lichaam, de behoeften, de omgeving, het evolutionaire verleden en ecologische heden”, zo stelt Yong.

Hoe we de omgeving van dieren veranderen

Dat brengt Yong op het behouden van de stilte en het duister. Want onze lichtvervuiling zorgt voor de desoriëntatie van vogels die migreren. Nachtvlinders stoppen met bestuiven. En door het omgevingslawaai is vogelgezang minder goed te horen, ook voor de vogels zelf. Een partner vinden wordt veel moeilijker. Door het lawaai van de scheepvaart stoppen walvissen met zingen en orka’s met fourageren.

Sommige dieren passen zich aan. Andere soorten, met langlevende generaties, kunnen dat niet snel genoeg. Het resulteert in ieder geval in minder diversiteit, ook binnen een soort. Minder kans om hun zintuigen te begrijpen en daarmee onze wereld beter te begrijpen. Want ónze zintuigen zien niet alles, horen niet alles, voelen niet alles. En zo begrijpen we ook niet wat de gevolgen kunnen zijn van het uitsterven van soorten. En we missen de kans om te leren hoe we vernietiging van de natuur kunnen omkeren, wat er nodig is om dieren terug te lokken.

Evaluatie Een immense wereld

Ik heb bijzonder veel nieuws geleerd, en dat vind ik belangrijk bij een boek. Zoveel interessante verhalen over gewone en buitenissige dieren doet mijn liefde voor de natuur groeien, en de wens om die te beschermen. Dat wens ik iedereen toe. Yong beschrijft uitgebreid de onderzoeksprojecten waaruit hij put, de onderzoekers zelf en ook de dieren die onderzocht worden en vaak een naam (en persoonlijkheid!) hebben. Heel leuk om zo over allerlei feiten te lezen die anders best droog kunnen zijn. Yong maakt onderscheid tussen wat we wetenschappelijk bewezen hebben, wat we vermoeden, en waar we werkelijk géén idee van hebben. Natuurlijk leren we steeds meer, en is dit boek over 5 jaar waarschijnlijk aan een update toe. Dan weten we wél waarom een St. Jacobsschelp zoveel ogen heeft. Of we hebben ze allemaal opgegeten en we komen er nooit meer achter, dat kan ook.

Yong heeft een heerlijke schrijfstijl, heel persoonlijk en grappig. Zelfs zijn noten zijn leuk om te lezen! Ik las het ebook, wat natuurlijk niet uitblinkt in lay-out en kleurgebruik (de paperback heeft zelfs foto’s!), maar wat goed verzorgd was, ik heb geen enkele typo of rare vertaling gevonden. Natuurlijk ben ik geen expert op dit gebied en zou een bioloog misschien wél wat vinden. Kan. Het betoog is in ieder geval zeer helder. Je raakt onder de indruk van de diversiteit van de natuur, en hoe weinig we ervan weten, en dan maakt Yong duidelijk dat we maar beter kunnen zorgen dat we die natuur beschermen, zodat we tijd hebben om verder te onderzoeken. Zijn stuk over de effecten van licht- en geluidsvervuiling is bepaald schokkend.

Het boek is in Nederland niet breed bekend, heb ik de indruk, en dat is jammer. Wel is het genomineerd geweest voor een aantal prijzen in 2022, en heeft het een hoge rating op Goodreads: 4,47. Je mist dus echt wat als je dit niet leest ….

Ik gaf het boek 5*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Koop dit boek

o.a. bij

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring

Of lees het digitaal en gratis via Kobo-Plus….. dat deed ik ook!

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in natuur, Sustainability | Tags: , , | 3 reacties

Booknotes van Ed Yong’s Een immense wereld

Als ik een non-fictieboek lees, maak ik notities. Soms veel, soms wat minder. Ik schrijf met name allerlei feitjes op die nieuw voor me zijn. Notities dus, of in het Engels: booknotes. Vaak schrijf ik te veel op voor een recensie. Te weinig voor een Impressie of Samenvatting. En tóch wil ik deze notities, deze ontzettend interessante dingen die ik in een boek las, met iedereen delen. Hoe? Nou, met Booknotes dus.  

Een immense wereld van Ed Yong uit 2022 staat bol van de interessante weetjes over de zintuigen van dieren en hoe zij hun omgeving, onze aarde, beleven. Een omgeving die wij ingrijpend aan het veranderen zijn. En waarover we nog zoveel te leren hebben.

Booknotes van Ed Yong’s Een immense wereld

H1. Lekkende zakken chemicaliën: geuren en smaken.

Het boek begint met de reuk en smaak. We lezen over hond Finn en zijn zeer geavanceerde reukorgaan. Over mieren en hun feromonen, die alles bepalen en die de mieren met hun antennes oppikken. Over olifanten en hun slurf, waarmee zij nog beter kunnen ruiken dan honden. Olifantenpoep dient als visitekaartje, olifanten weten precies welke olifant van de familie het heeft achtergelaten. Ze kunnen water ruiken, ook als dat diep ondergronds is en ‘ruiken’ het landschap, zoals wij het zien, en herinneren zich waarschijnlijk zó waar paden en waterbronnen zijn. Ze navigeren door te ruiken. Slangen ruiken met hun tong, die heeft géén smaakpapillen. Ze spuiten hun gif in hun slachtoffers en laten die dan wegvluchten, door de geur kunnen ze hun, inmiddels dode, slachtoffers weer vinden. En die gespleten tong heeft een functie: elke punt pikt geurmoleculen op, net iets na elkaar, en zo weet de slang waar die moleculen vandaan komen.

Er is verschil tussen geur en smaak. Geur werkt op afstand, smaak alleen bij contact, denk je. Maar het ligt wat ingewikkelder. Geurmoleculen worden door geurreceptoren eerst opgelost in vloeistof, voordat ze worden waargenomen. Ook pas bij ‘contact’ dus. Een beter onderscheid is dat smaak reflexief is, en aangeboren. We deinzen als baby terug voor bittere stoffen, en moeten echt leren om bier en koffie lekker te vinden. Geuren hebben geen betekenis, totdat je leert ze te associëren met ervaringen. Baby’s walgen niet van een poeplucht, dat leren ze als ze ouder worden. Geur- en smaaktriggers gaan dan ook naar verschillende delen van de hersenen: geur naar de voorhersenen, die leren; smaak naar de achterhersenen, waar de basisfuncties zitten.

Smaak wordt alleen gebruikt voor voedselselectie. De receptoren kunnen overal zitten: op de tong, op de voeten (bij muggen en vliegen) of zelfs op de héle huid (meerval). Smaak- en geurreceptoren zijn chemische zintuigen: ze detecteren moleculen.

H2. Eindeloze manieren van zien: licht.

Dan het gezichtsvermogen. Wist je dat springspinnen maar liefst 4 paar ogen hebben? Het centrale paar ziet patronen, vormen, kleuren. De secundaire paren zien beweging. Apart! Maar er zijn veel overeenkomsten tussen de diverse soorten ogen van alle dieren. Ze hebben allemaal foto-receptoren, die opsines, een soort eiwit, bevatten. Die opsine werkt samen met een partnermolecuul: het chromofoor. Dat chromofoor absorbeert energie van een foton, en verandert van vorm. Dan moet de opsine-partner zich aanpassen, en dat zet weer een chemische kettingreactie in gang die eindigt met een elektrisch signaal naar een neuron. Ook al is het proces voor alle dieren hetzelfde, de ogen zijn steeds anders afhankelijk van de eigenschappen van het licht waar het dier op focust.

Ons gezichtsvermogen is heel goed, we zien heel scherp, zoals alle primaten. Handig (toen) om insecten te vangen én (nu) om subtiele gezichtsuitdrukkingen te kunnen zien. Voor onze behoeften precies goed. Maar we zien geen bal in het donker. Leeuwen en hyena’s zien niet zo scherp als wij, maar wel veel beter bij minder licht, handig, want ze jagen bij dageraad en schemering. Alleen roofvogels zien scherper dan wij. Overdag dan. Iets anders: St. Jacobsschelpen hebben tientallen hoog-resolutie ogen, op beweeglijke tentakeltjes, langs de binnenrand van de schelp. Niemand weet waarom, en een mossel of oester heeft ze niet. De slangster heeft ook fotoreceptoren, maar geen ogen. Die duizenden receptoren zitten op zijn armen, het heeft geen hersenen om de input te verzamelen en er een ‘beeld’ van te maken. Wat moet het er dan mee? We hebben geen idee. We weten wél waarom de ogen van een rendier goudgeel zijn in de zomer en blauw in de winter.

H3. Rurper, grurper, yurper: kleur.

Het derde hoofdstuk gaat over kleur, en begint met een uiteenzetting van de techniek van kleuren zien, met soorten kegeltjes. Dieren hebben vaak 1 of 2 soorten: mono- of dichromie. Wij hebben 3 soorten, voor rood, groen en blauw. Dat was evolutionair gezien genoeg om het rode fruit tussen de groenen bladeren te spotten. Het verschil van één extra kegeltje is enorm groot. Een dichromaat ziet maar 1% van de kleuren die wij zien! Vogels, zoals kolibries, hebben 4 soorten, die drie van ons, plus ultraviolet. Dat UV moet je zien als een soort andere dimensie, een vogel kan honderden miljoenen kleuren onderscheiden. Goudvissen en ooit de dinosauriërs trouwens ook. En dan is er de bidsprinkhaankreeft, die dodeca-chromaat is, 12 kegeltjes dus, en ook nog eens de ‘circulaire polarisatie van lichtgolven’ (heel zeldzaam) kan onderscheiden. Waarom deze buitensporige complexiteit bij dit dier? Alweer: we weten het niet. De complexiteit van de ogen en kleuren zien, heeft invloed op het uiterlijk en communicatie. Primaten ontwikkelden rood zien voor het fruit, en pas daarna plekken op de huid die konden ‘blozen’ met bloed en zo een vaak seksuele boodschap konden overbrengen, denk aan de rode billen van de mandrils.

H4. Het ongewenste zintuig: pijn

Het boek gaat verder over pijn. Pijn is een waarschuwing voor gevaar, goed voor je overlevingskansen. Bij elk dier is de gevoeligheid anders, ze is afhankelijk van nociceptoren, die intense hitte of kou, zware druk, zuren, etc. detecteren. Die zijn bij verschillende dieren steeds anders ‘ingesteld’. Wat een willekeurig dier pijn doet is dus anders dan wat ons pijn doet. Eigenlijk moet je het splitsen: nociceptie is een zintuigelijk proces dat schade detecteert, pijn is het lijden dat daaruit voortvloeit. Daarom trek je je hand weg van een hete pan, nog vóórdat je pijn voelt. En zo is er fantoompijn, pijn zónder nociceptie. Maar omdat pijn een proces is waarbij de hersenen betrokken zijn, wordt het soms als ‘ingebeeld’ bestempeld. Onterecht, maar het feit dat pijn dus subjectief is, maakt de discussie over pijn bij dieren direct erg ingewikkeld.

Welke nociceptie veroorzaakt pijn, en welke niet? En hoeveel? Dit is een moreel, juridisch én economische discussie, die speelt bij het vangen, doden en eten van dieren, maar ook bij experimenteren met dieren. En helemaal als die experimenten tot doel hebben de pijnervaring van individuele dieren te onderzoeken, om het welzijn van de dieren in het algemeen te verbeteren. Onderdeel van de discussie is of kleine hersenen ook minder pijn kunnen verwerken, hoeveel neuronen zijn er minimaal nodig? En een andere discussie is of je het voelen van pijn altijd aan het gedrag kunt zien. De vraag is bijvoorbeeld of er bereidheid is om meer pijn te verdragen, als het om voortplanting of voedselverzamelen gaat? De mannelijke bidsprinkhaan blijft paren met vrouwtjes die hen aan het verslinden zijn. Accepteert hij de pijn als onderdeel van zijn behoefte om zich voort te planten? En is er verschil in pijnbeleving tussen een sowieso kortlevend dier en een langlevend dier, dat van zijn fouten moet leren? Of verschil tussen sociale dieren die hulp kunnen vragen en solitaire dieren? En er zijn nog veel meer vragen waarop nog geen antwoord is.

H5. Zo cool: hitte.

Hoofdstuk 5 gaat over hitte, of temperatuur in het algemeen. Dieren hebben verschillende soorten temperatuursensoren, waaronder eiwitten die TRP-kanalen heten. Het zijn poorten die opengaan bij een bepaalde temperatuur, dan gaan er ionen naar binnen en gaan er elektrische signalen naar de hersenen. De kanalen reageren op verschillende temperaturen, maar ook op chemicaliën, bijvoorbeeld capsaïcine uit chilipepers (door het ‘warmtekanaal’ TRPV1) of menthol in munt (door het ‘koudekanaal’ TRPM8). Bij kippen reageert TRPM8 bij 29 graden, bij ratten bij 24 graden en bij kikkers bij 14 graden. TRPV1 rageert bij 45 graden voor kippen, 42 voor ratten, en 38 voor kikkers. En denk niet dat een kameel lijdt in de woestijn, zijn TRP-kanalen zijn zo afgesteld dat hij die temperaturen fijn vindt. Bijzonder is de dertienstreepgrondeekhoorn: die heeft 0 en 55! Ze gedijen dus bijna overal. Andere bijzondere beesten: de melanophila (vuurkever) is dol op bosbranden, en zoekt ze op via infraroodstraling, op wel 120 km afstand. Parasieten vinden hun favoriete slachtoffer via diens lichaamswarmte, denk aan muggen en wantsen, ze hebben daar een speciaal TRP-kanaal voor.

H6. Een grof zintuig: contact en stroming.

Ik lees in dit hoofdstuk een boeiend stuk over de kanoet, die diepbegraven mosselen kan vinden door ‘tastzin op afstand’. Hij stopt zijn snavel in het zand, duwt tegen de dunne stroompjes water tussen de zandkorrels. Zo ontstaat een drukgolfje, en als er een hard voorwerp in de weg van dat golfje zit, wordt het drukpatroon verstoord. Groeven op de snavel detecteren dat, en ontdekken zo voorwerpen. Dat snavelen doet hij meerdere keren per seconde, hij is voortdurend aan het scannen. Ook de oriputerende lamantijnen zijn boeiend… 

H7. De rimpelende grond: oppervlaktetrillingen

Dan de oppervlaktetrillingen. Kikkervisjes reageren op specifieke trillingen, ze komen als een speer uit hun ei bij het naderen van een slang, niet bij de voetstappen van een mens. Zijn ze eenmaal kikker en willen ze zelf kikkervisjes maken, dan trillen ze sterk met hun billen, in een biltrilwedstrijd. Rivalen hoeven die billen niet te zien, ze voelen de trillingen. Hoe sterker de trilling, hoe groter en gemotiveerder de kikker. Wenkkrabben slaan met hun krabben op het zand en lokken zo partners. Cicaden zingen prachtige liederen via trillingen van planten: ‘diep en melodieus’. En natuurlijk spinnen en hun web.

H8. Een en al oor: geluid.

Hoofdstuk 8 is gewijd aan geluid, en begint met het verbijsterende feitje dat de meeste insecten géén oren hebben. En als ze ze wél hebben, zitten ze op de meest onverwachte plekken, namelijk daar waar de gewenste actie ook plaatsvindt. Bij vrouwelijke cicaden, die naar de zingende mannetjes lopen, dus op hun poten. Over zingen gesproken, over vogelgezang blijkt heel wat te vertellen. Bijvoorbeeld over de volgorde van de syllaben of noten: voor zebravinken irrelevant, voor parkieten juist wel. En over de fijne structuur binnen de noten, die wij niet horen, maar die de zebravinken heel wat nuttige info geven. Ook interessant: het gezang verschilt per seizoen. Het ene seizoen is de snelheid belangrijk, het andere seizoen de toonhoogte. Het gehoor wordt hier dus ook per seizoen op afgestemd, aangedreven door oestrogeen, die de haarcellen in de oren kunnen beïnvloeden. En dat kan ook nog eens verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes.

Ook walvissen zingen, met golflengten zo lang als een voetbalveld. Hun gezang is (ook door ons) op een afstand van zeker 2400 km te horen. Met hun geluid leggen ze waarschijnlijk ‘akoestische’ kaarten van de oceanen aan. O, en ook muizen en andere knaagdieren zingen, maar met frequenties die voor ons te hoog zijn om te horen: ultrageluid. Dit is overigens wel goed te horen door veel andere zoogdieren. En om op de vogels terug te komen, de kolibri zingt zó hoog, dat hij het zelf niet kan horen. Voor wie is het dan bestemd? Insecten? Die mét oren kunnen dat horen, maar wat doen ze ermee? Ze hebben trouwens zo’n goed gehoor omdat ze zo hun vijanden kunnen horen: vleermuizen.

H9. Een stille wereld schreeuwt terug: echo’s.

En die vleermuizen komen uitgebreid aan de orde in hoofdstuk 9, wat over echolocatie gaat. Wist je dat ook dolfijnen en zelfs mensen echolocatie gebruiken? Kish, een jonge man, is al vanaf heel jong blind, en gebruikt klikken, en de echo daarvan. Zijn visuele cortex werkt nog steeds, maar is nu een echo-verwerkende cortex. Hij heeft er veel baat bij, het is dus erg jammer dat veel ouders hun blinde kinderen verbieden om ‘rare geluiden’ te maken. Dat deden die van Kish niet.

H10. Levende batterijen: elektrische velden

Hoofdstuk 10 gaat over elektrische velden. Dieren die elektriciteit opwekken zijn bijvoorbeeld de meerval en de sidderaal. En zoals er echo-locatie is, is er ook electro-locatie. Dit staat altijd aan: de dieren wachten niet op prikkels, zoals wij met onze oren, maar ze sturen zelf voortdurend prikkels uit. Een ander verschil is dat er niet op een echo gewacht wordt, zoals bij echo-locatie, maar dat het een onmiddellijk zintuig is, de input is direct. De afstand waarop dit werkt is echter klein.

Dieren kunnen ook communiceren met elektriciteit: actief, door het uitzenden van pulsen, en passief, door het alleen opvangen van pulsen. Haaien bijvoorbeeld zenden zelf niet maar hebben wel receptoren om de pulsen van prooi op te vangen, tot wel 1 nanovolt (= 1 miljardste volt). Nu wordt álle input van onze zintuigen omgezet in elektriciteit en zo naar de hersenen gestuurd, maar voor elektra-receptoren hoeft dat dus niet, hoe makkelijk en efficiënt! Geen wonder dat deze receptoren veel voorkomen, en in de evolutie steeds weer opduiken. Trouwens, ook op land: bloemen zijn negatief geladen (aarde) en groeien in positief geladen lucht, dat creëert een electrisch veld. Hommels pikken dat veld op met hun electro-receptoren: die schattige haartjes van ze.

H11. Zij weten de weg: magnetische velden

Magnetische velden zijn er ook, en daar gaat hoofdstuk 11 over. Uiltjes zijn een soort motten die het magnetische veld van de aarde gebruiken om te navigeren bij migratie. Schildpadden gebruiken het ook, ze hebben een kompas. Maar ze hebben nóg een magnetisch zintuig, wat gebruik maakt van inclinatie, de hoek waaronder de geomagnetische veldlijnen het aardoppervlakte raken (evenaar: evenwijdig, polen: haaks erop) en intensiteit, de sterkte van het veld wat óók over de hele wereld varieert. De combinatie van die twee werkt als een soort coördinaten, waarmee je een kaart van de oceaan kunt maken. En dat is precies wat schildpadden doen, dat is een aangeboren vaardigheid.

H12. Elk venster tegelijkertijd: het verenigen van de zintuigen

Niet één dier gebruikt maar één zintuig tegelijk en sluit de rest af. Nee, alle input van alle zintuigen komt tegelijkertijd binnen, compenseert elkaar, vult elkaar aan. Daarover gaat hoofdstuk 12. Er is zelfs een vorm die synthesie heet: de input wordt gecombineerd. Geluiden hebben kleuren, woorden hebben smaak. Sommige mensen hebben dit. Het is standaard bij andere wezens. Het vogelbekdier bijvoorbeeld heeft een snavel met receptoren voor elektra en andere receptoren voor aanraking. Maar in zijn hersenen ontvangen dezélfde neuronen de signalen van beide soorten receptoren. Er ontstaat dus één ‘sensatie’. Zintuigen kunnen ook convergeren: een dolfijn kan een voorwerp, wat hij eerder met echolocatie heeft gescand, visueel herkennen.

Sommige zintuigen ‘kijken’ naar binnen en informeren dieren over de toestand van hun lichaam. Er is ook proprioceptie, het bewustzijn van de stand en positie van het eigen lichaam. En er is je evenwichtsgevoel. Ook maken we onderscheid tussen zaken die wijzelf veroorzaken en die door anderen/ iets externs worden veroorzaakt. Zoals een regenworm die door de grond kruipt: de druk op zijn hoofd veroorzaakt hij zelf. Maar je kunt de regenworm ook op zijn kop drukken, dan is het extern. Het zintuig dat dit signaleert is hetzelfde, de druk is hetzelfde. Maar je moet weten waar het signaal vandaan komt, van binnen of van buiten, anders kun je je omgeving niet begrijpen. Dat probleem hebben alle wezens op dezelfde manier opgelost. Je eigen input (besluit om iets te doen) creëert een soort ‘voorspelling’ van de sensatie in het zintuig, en als de werkelijke sensatie komt weten ze of het intern (conform voorspelling) of extern is. Dit proces bestaat in de meest simpele zenuwstelsels, is al vroeg in de evolutie ontstaan.

Begrijpen hoe zintuigen van dieren werken, is niet genoeg om te begrijpen wat ze waarnemen, je moet ook de structuur van het zenuwstelsel kennen. “Om te weten hoe het is om een ander dier te zijn, moet je álles van ze weten. Van hun zintuigen, het zenuwstelsel, maar ook de rest van het lichaam, de behoeften, de omgeving, het evolutionaire verleden en ecologische heden”. En voordat zij, of wij, uitsterven.

H13. Red de stilte, behoud het duister: bedreigde sensescapes

Dat brengt Yong op zijn laatste hoofdstuk, 13, wat gaat over het behouden van de stilte en het duister. Want onze lichtvervuiling zorgt voor de desorientatie van vogels die migreren, en kost 7 miljoen vogels per jaar het leven, alleen al in de VS en Canada, door het rode licht op communicatiemasten. En dan is er de toename van het omgevingslawaai: vliegtuigen, wegen, industrie. Vogelgezang is minder goed te horen, ook voor de vogels zelf. Een partner vinden wordt veel moeilijker. Ze trekken weg. En dan is er lawaai van de scheepvaart, waardoor walvissen stoppen met zingen en orka’s stoppen met fourageren. Nachtvlinders stoppen met bestuiven door het licht, en planten dragen veel minder vrucht. Waterinsecten leggen hun eitjes op natte wegen en ramen in plaats van op het wateroppervlak.

In 2020 kwam de wereld tot stilstand door Corona. Geen vliegtuigen, cruiseschepen, auto’s die in beweging waren, mensen bleven thuis. De wereld werd donkerder en stiller … en daarna niet meer.  We kunnen actief stappen nemen, lichten dimmen of een andere kleur geven. Snelwegen herbestraten met een ander oppervlak. Minder auto’s, die ook nog eens langzamer rijden. Maar licht- en geluidsvervuiling krijgt geen aandacht, we zien het als normaal,  … en veranderingen worden dus niet afgedwongen. Sommige dieren passen zich aan. Andere soorten, met langlevende generaties, kunnen dat niet snel genoeg. Het resulteert in ieder geval in minder diversiteit, ook binnen een soort. Minder kans om hun zintuigen te begrijpen en daarmee onze wereld beter te begrijpen. Want ónze zintuigen zien niet alles, horen niet alles, voelen niet alles. En zo begrijpen we ook niet wat de gevolgen kunnen zijn van het uitsterven van soorten. En we missen de kans om te leren hoe we vernietiging van de natuur kunnen omkeren, wat er nodig is om dieren terug te lokken.

Tot slot: het gaat niet alleen om het beschermen van ‘de wildernis’, uitgestrekte landschappen, diepe kloven, indrukwekkende bergtoppen. Het gaat ook om de moerassen, graslanden, waar vrijwel geen nationale parken voor zijn. En om de omgeving die de dieren ervaren, ook al ervaren wij die niet of anders. “De wildernis van waarneming, van een achtertuin, waar bijen de elektrische velden van een bloem meten …”.

Mijn mening?

Wat ik van dit boek vond, lees je in mijn recensie (publicatie 14 oktober). 

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van non-fictie boeken, voornamelijk over management, zelfhulp, maatschappij en geschiedenis. Ze is te volgen op Substack, waar wekelijks een te lezen én te beluisteren blog-update verschijnt. Lees / luister via de app, of via je email. 

Geplaatst in natuur | Tags: , , | 3 reacties

Elly d’r Suggesty: leestips van Q3 2024.

In mijn Substack nieuwsbrief Elly d’r Weekly geef ik elke week (duh!) een tip voor een boek wat ik óók nog niet las, maar wel op mijn leestlijst (TBR: To Be Read) zette. Soms op basis van tips van vrienden en kennissen, soms omdat ik er een samenvatting van las, en soms op basis van recensies of een goede rating bij Goodreads. Hieronder vind je de 13 leestips van afgelopen kwartaal.

Possible van Chris Goodall uit 2024.

Dit boek kwam op mij over als een update van Bill Gates’ Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden, wat ik een goed boek vond, want: hoopvol. (Possible is nog niet vertaald, dus vertaalde ik globaal de Engelstalige flaptekst). Hoe komen we tot net zero? We hebben de technologie om de economie te transformeren en ons te beschermen tegen de ergste effecten van klimaat-verandering. Goodall, adviseur op het gebied van klimaat-technologie, presenteert 16 uitdagingen die we moeten aangaan, en bespreekt de technologieën die dat mogelijk maken: over de productie van staal, cement en brandstoffen, het opslaan van koolstof in gezonde grond, groene waterstof en klimaatbestendige huizen, en nog veel meer. Goodall illustreert dit met veel voorbeelden en cases.

In onze tijd van Tim Fransen uit 2024

Onze wereld is wankel geworden. We leven in een tijd van crises en calamiteiten: het Calamiteitperk. In dit boek onderzoekt filosoof en cabaretier Tim Fransen ons huidige tijdsgewricht. Hij laat zien hoe het vooruitgangsdenken ons heeft misleid en vraagt zich af: hoe herstellen we de maatschappelijke fundamenten die daardoor zijn aangetast? Welke inzet is er van ons burgers nodig om een duurzame samenleving te scheppen en weer een slagvaardige democratie te worden? En welke rol spelen moraal en rechtvaardigheid daarbij? Fransen neemt de lezer op sleeptouw langs grote filosofen en verrassende denkers en komt met concrete ideeën om het tij te keren. Met ‘In onze tijd’ biedt hij handvatten voor een weerbare samenleving waarin weer volop hoop gloort.

Waarom je droomt van Rahul Jandial uit 2024

Vooraanstaand hersenwetenschapper dr. Rahul Jandial geeft antwoord op al je vragen over dromen. In Waarom je droomt verklaart Jandial het hoe en waarom achter onze dromen. We zijn gefascineerd door onze dromen, omdat ze realistisch en mysterieus zijn. Leer je dromen analyseren en ontdek wat jouw onderbewustzijn je wil vertellen. Met behulp van baanbrekend onderzoek en ervaringen uit zijn praktijk onthult Jandial alle geheimen over dromen. Wat betekenen ze, wat zeggen ze over je gezondheid en hoe kun je ze beïnvloeden? Leg je diepste verlangens bloot, leer jezelf nieuwe skills aan tijdens een lucide droom en ontdek vroegtijdige symptomen van ziektes als parkinson of alzheimer.

Een immense wereld van Ed Yong uit 2022

Wetenschapsjournalist Ed Yong leidt ons in ‘Een immense wereld’ voorbij de grenzen van onze eigen zintuigen. Hoe mensen de aarde waarnemen is maar een een van de vele perspectieven op onze wereld. Net zoals elk dier zitten wij opgesloten in onze eigen unieke zintuiglijke bubbel, en nemen we maar een heel klein deel waar van die immense wereld. Dit boek verwelkomt ons in dimensies die voorheen ondoorgrondelijk waren – de wereld zoals die wordt waargenomen door dieren. We maken kennis met schildpadden die de magnetische velden van de aarde kunnen volgen, we ontdekken dat de ogen van een reuzeninktvis geëvolueerd zijn om de glinstering van een walvis te kunnen zien en we leren wat zangvogels horen in hun melodieën. Yong laat ons de geursporen, elektromagnetische golven en drukpulsen om ons heen waarnemen.

De groene actiegids van Nadine Maarhuis uit 2024

Steeds meer burgers nemen het heft in eigen hand om een ecologische samenleving te creëren. Zij starten ecodorpen, voedselbossen, natuurscholen, ecologische bedrijven en geven hun lokale bos of rivier zelfs rechten. Dit boek neemt je mee op reis langs hun inspirerende verhalen en biedt een schat aan praktische tips om zelf aan de slag te gaan, met zowel grote als kleine groene projecten. Zo ontdek je hoe je een tiny house-gemeenschap start en een ecologische boerderij begint, maar ook hoe je verliefd wordt op consuminderen, je tuin transformeert tot groene oase, een kledingruil organiseert en nog zoveel meer. Of je nu een lichtgroene beginner bent of een doorgewinterde veranderaar, deze gids is jouw onmisbare metgezel op weg naar een groene toekomst.

The Singularity is Nearer van Ray Kurzweil uit 2024

Ray Kurzweil’s De Singularity is nabij was in 2005 een mega bestseller. Nu is er een update! Nog niet vertaald, dus hierbij mijn korte vertaling van de Engelstalige flaptekst. In dit nieuwe boek kijkt Kurzweil naar de voortgang van zijn voorspellingen en naar nieuwe ontwikkelingen rondom nanobots, levensverlenging, de combinatie van menselijke hersenen en intelligentie in de cloud, de afname van armoede en geweld en de groei van hernieuwbare energie en 3D-printing. Maar natuurlijk gaat het ook over de gevaren van biotechnologie, nanotechnologie en AI. Interessant: de ‘after life’ technologie, die overleden mensen kan reanimeren met een combinatie van DNA en data.

The Invisible Doctrine van George Monbiot e.a. uit 2024

George Monbiot is één van mijn favoriete schrijvers, ik las eerder van hem Hitte. Zij nieuwste boek stelt dat TINA (There Is No Alternative) een mythe is. Ik vertaalde globaal de Engelstalige flaptekst: We leven met een ideologie die het gemunt heeft op elk aspect van ons leven: onze opleiding en ons werk, onze gezondheidszorg en vrijetijdsbesteding, onze relaties en ons mentale welzijn, en ja, onze aarde en de lucht die we inademen. En het is zo alomtegenwoordig, dat het naamloos wordt, onvermijdbaar, als een natuurwet. Maar als je eens goed onderzoek doet, merk je dat het helemaal niet onvermijdelijk is. Het is bedacht, geïmplementeerd en daarna verborgen door de machtige elite. Het is onze taak om het zichtbaar te maken, en om een vervangend systeem te bouwen. Neoliberalisme. Wel eens van gehoord?

Land Smart van Tom Heap uit 2024

In Nederland zijn de grondprijzen enorm hoog en dat maakt de huizen duur. Tegelijkertijd is er weinig natuur en wordt landbouwgrond langzaam vergiftigd. Verrassing: dat is in het Verenigd Koninkrijk ook zo. Mijn vertaling van de Engelstalige flaptekst: We hebben voor zoveel zaken land nodig: voedsel, hernieuwbare energie, koolstofopslag en woningbouw. Al eeuwenlang ‘pikken’ we het van de natuur, maar het resultaat is het uitsterven van diersoorten en vervuiling. En het land is op. Dus hoe kunnen we meer doen met minder land? Tom Heap, een Britse tv-persoonlijkheid, toert over het platteland en praat met boeren, wetenschappers, activisten, en zelfs managers van distributiecentra. Hoe kunnen de natuur en de mensheid de ruimte krijgen om te bloeien?

May Contain Lies van Alex Edmans uit 2024.

Desinformatie, ik vind het zorgelijk, er lijkt geen ontkomen aan, wie of wat moet je geloven? Dit boek geeft aanwijzingen. Niet vertaald, dus ik vertaal globaal de flaptekst: Misinformatie is overal: in onze sociale media, de koppen in de kranten, de uitspraken van politici, ondernemers en beroemde schrijvers. En je kunt overal wel een studie of onderzoek vinden die willekeurig welke mening ondersteunt. Maar veel van die bronnen deugen niet, en zorgen ervoor dat we verkeerde beslissingen nemen. Alex Edmans is hoogleraar aan de London Business School, en helpt ons feiten van fictie te onderscheiden. Met aansprekende voorbeelden laat hij ons onze biases zien, biases die van uitspraken feiten maken. En: wat we er aan kunnen doen!

Wanneer ben je officieel een ouwe zak? van Japke-d. Bouma uit 2024

Publicatie 17 oktober. Flaptekst: We leven in turbulente tijden, veranderingen gaan razendsnel. Of je nou boomer bent of Gen Z’er, we kunnen allemaal wel wat hulp gebruiken. Gelukkig is er Japke-d. Bouma. Koningin van de kantoorjungle, maar ook een vraagbaak en een allesweter over het dagelijks leven. Hoe ga je om met een verbouwing (het wordt altijd drie keer zo duur), wat moet je weten voor je kinderen krijgt (de roze wolk bestaat niet), wat zet je op je dating profiel (liever geen dooie vissen), hoe overleef je de werkborrel (eet vooraf een pannenkoek), moeten we uitdrukkingen als ‘ik besef me’ gaan accepteren? Telefoonangst, autorijden, jeuktaal, slapeloosheid, vrouwen in leidinggevende posities, met de hilarische observaties en kraakheldere analyses van Japke-d. Bouma kunnen jij, je baas, je vrienden, familie en collega’s het leven weer aan.

Klimaatpsychologie, redactie Jaap van der Stel e.a. uit 2024.

Klimaatverandering heeft een directe invloed op het leven van alle mensen. Hoewel de Club van Rome ons al decennia geleden waarschuwde, lijkt het alsof we enigszins zijn overvallen door de klimaatveranderingen die nu in alle hevigheid losgebarsten zijn. Klimaat-psychologie is een relatief jong wetenschappelijk veld dat aspecten van omgevingspsychologie, sociale psychologie en klinische psychologie omvat. Omgevingspsychologie richt zich op de invloed van de omgeving op de mens en vice versa. Sociale psychologie onderzoekt hoe mensen reageren op de huidige situatie en hoe hun gedrag kan worden beïnvloed. Klinische psychologie behandelt fenomenen als klimaatstress en psychotrauma bij klimaatrampen. Dit boek behandelt deze drie velden.

Nexus van Yuval Noah Harari uit 2024

In Nexus neemt Yuval Noah Harari , die eerder de geweldige boeken Sapiens en Homo Deus schreef, ons mee naar het stenen tijdperk, de heiligverklaring van de Bijbel, vroegmoderne heksenjachten, het stalinisme, het nazisme en de heropleving van het hedendaagse populisme, om de complexe relatie tussen informatie en waarheid, bureaucratie en mythologie, wijsheid en macht bloot te leggen. Hij onderzoekt hoe verschillende samenlevingen en politieke systemen in het verleden informatie hebben gebruikt om hun doelen te bereiken en orde te scheppen, ten goede en ten kwade. In de 21ste eeuw kan kunstmatige intelligentie ervoor zorgen dat we geen grip meer hebben op de verspreiding van waanideeën en onwaarheden. Door weloverwogen keuzes te maken, kunnen we de ergste uitkomsten wellicht nog voorkomen.

Infectious Generosity van Chris Anderson uit 2024

Ik ken Chris Anderson van zijn De TED methode. Daar schreef ik ook een Samenvatting van. Dit nieuwe boek klinkt erg relevant en lekker hoopvol! Nog niet vertaald, dus mijn globale vertaling van de flaptekst: De laatste jaren zijn niet makkelijk geweest voor optimisten. We dachten da Internet mensen zou verbinden, maar in plaats daarvan heef sociale media ons verdeeld. Maar de TED-organisatie, waarin de origineelste denkers hun ideeën delen, inspireert Anderson om te zoeken naar een manier om weer van woede naar optimisme te komen. Kort gezegd: hoe zou een van onze fundamenteelste deugden, vrijgevigheid een rol kunnen spelen. Hoe maken we vrijgevigheid besmettelijk? We hebben altijd onze tijd, talent, verbinding en vriendelijkheid gegeven, dat maakt ons goede mensen. Nu kunnen we ze weggeven om nog meer impact te maken.

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van non-fictie boeken, voornamelijk over management, zelfhulp, maatschappij en geschiedenis. Ze is te volgen op Substack, waar wekelijks een te lezen én te beluisteren blog-update verschijnt. Lees / luister via de app, of via je email. 

Geplaatst in Leestips, Uncategorized | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Strategie: Samenvatting van De weg van goed naar groots



Zóveel boeken om te lezen, zó weinig tijd! Hoe maak je een keuze? Ik laat mij leiden door aanbevelingen van vrienden en kennissen, recensies op bijvoorbeeld Goodreads, tips in de krant en op social media en de flapteksten. Maar ook door samenvattingen van anderen, om een betere indruk van de inhoud te krijgen. Dat is dus een onderdeel van mijn strategie. Die strategie deel ik graag met je. Deze keer: De weg van goed naar groots, vertaling van Right Thing, Right Now van Ryan Holiday uit 2024.

 

Aanbevelingen

Ik volg Ryan Holiday op SocMed, en las daar zijn aankondiging. Omdat ik al eerder een boek van hem las, Ego is de vijand, en dat zó goed vond dat ik er een Samenvatting van schreef, ging zijn nieuwe boek direct op de lijst van potentieel leesvoer. 

Goodreads rating voor De weg van goed naar groots

Het Engelstalige origineel krijgt 4,22 uit 5 op basis van 1477 stemmen. Een goed reden om me verder te verdiepen. 

Flaptekst van De weg van goed naar groots

Ryan Holiday laat zien waarom het essentieel is om het juiste te doen, zelfs als dat de moeilijkste weg is. Dit boek is jouw gids in de jungle van morele keuzes en hedendaagse dilemma’s, met verhalen die je niet alleen raken maar ook tot actie aanzetten. Aan de hand van talloze historische grootheden zoals Marcus Aurelius, Florence Nightingale, Jimmy Carter en Mahatma Gandhi laat Ryan Holiday de transformerende kracht zien van leven volgens een morele code. Deze persoonlijkheden dienen als voorbeelden van vriendelijkheid, eerlijkheid, integriteit en loyaliteit.

De stoïcijnen beweerden nooit dat het leiden van een rechtvaardig leven makkelijk is, alleen dat het noodzakelijk is. En dat het alternatief – het opofferen van principes voor iets minders – alleen wordt overwogen door lafaards en dwazen. Dit boek is een krachtig tegengif tegen de morele tekortkomingen van onze moderne tijd en een handleiding voor een deugdzaam leven.

Ik ben nog steeds enthousiast, het boek stond op basis van bovenstaande ook al weer hoger op mijn leeslijst. 

Bewerkte samenvatting van De weg van goed naar groots 

Ryan verdiept zich al jaren in de filosofie van de Stoïcijnen, zoals Plato en Aristoteles. Vrijwel al zijn boeken gaan hierover, inclusief het al eerder genoemde Ego is de vijand. De laatste tijd hangt hij zijn onderzoek op aan wat de Stoïcijnen de ‘kardinale deugden’ noemen: Moed (Courage), Zelfbeheersing (Temperance), Rechtvaardigheid (Justice) en Wijsheid (Wisdom). Moed heeft hij uitgewerkt in Het geluk is met de dapperen (Courage is Calling), Zelfbeheersing in Discipline is het doel (Discipline is Destiny). Nu is het dus tijd voor Rechtvaardigheid, en dus dit boek De weg van goed naar groots (Right Thing, Right Now). 

Het gaat bij rechtvaardigheid niet om ons rechtssysteem, met advocaten en rechtbanken. Nee, het heeft betrekking op billijkheid (fairness), eerlijkheid (honesty), gerechtigheid (righteousness) en je aan je woord houden. Als we allemaal deze deugden zouden uitdragen, zouden we in een veel eerlijker en welvarender wereld leven. 

Ryan onderscheid drie domeinen voor rechtvaardigheid: het ‘ik’, het ‘wij’ en het  ‘allemaal’. 

Het ‘ik’. 

Wij kunnen persoonlijk, in ons eentje, niet heel veel doen aan de onrechtvaardigheid in de wereld. Wat we wel kunnen doen, is onze reacties hierop onder controle houden en ons houden aan onze eigen normen. Deugd begint dus met ons dagelijkse gedrag. Als we ons ethisch gedragen, geeft dit ons leven betekenis. Maar het is ook makkelijker! Immers, als je een ethische code hebt waar je je aan houdt, worden keuzes opeens veel makkelijker. Deugdzaam leven draait dus om welke keuzes we maken en wat dat over ons en onze ethische normen zegt. Rechtvaardig leven betekent dus integriteit, eerlijkheid en anderen goed behandelen. 

Als voorbeeld Harry Truman. Hij volgde de lessen van Marcus Aeurelius, een stoïcijn (niet verrassend) en een van de ‘goede keizers’ van Rome. Truman wilde dan ook leven met de vier deugden als basis en ontwierp voor zichzelf een persoonlijke code, gebaseerd op eerlijkheid, hard werken en dienstbaarheid. Toen hij de politiek inging, weigerde hij daarom steekpenningen en kickbacks. Dat was zó bijzonder in die tijd, dat hij er bijna financieel aan onderdoor ging en als politicus lang onbekend bleef. Maar, zo vertelde hij zijn dochter, zijn erfenis zou dan geen groot vermogen zijn, hij liet straks wél een goede naam achter, en daar heb je op de lange termijn meer aan. Diezelfde ethische code gebruikte hij toen hij president werd. Hij zorgde er bijvoorbeeld voor dat de rassenscheiding in het Amerikaanse leger werd afgeschaft, en hielp met de wederopbouw van Europa na WO2, wat miljarden kostte. Dat maakte hem als President bepaald niet populair in eigen land, zijn ‘approval rating’ was aan het eind van zijn termijn maar 20%. Maar in de jaren erna werden deze acties steeds meer gewaardeerd en werd hij het voorbeeld van ethisch leiderschap. 

Het ‘wij’

Karakter en zelfrespect zijn gebaseerd op je woord houden en verantwoordelijkheid nemen voor wat je doet, andere aspecten van rechtvaardig leven. Betrouwbaar zijn heeft invloed op anderen. Stel je eens voor dat de meest bewonderde mensen diegenen zijn die het meest behulpzaam zijn, het meest vergevingsgezind of het meest milieubewust. In plaats van het machtigst of het rijkst. Wow, wat een mooie wereld zou dat zijn! En waarom zouden we geen maatschappij kunnen creëren waarin ethisch leven en oprechte verbondenheid met anderen belangrijker zijn dan werk-gerelateerde prestaties? Waarom niet? 

De deugden van billijkheid en eerlijkheid hebben veel te maken met transparantie. Transparant leven is als een vaccin tegen corruptie en oneerlijkheid. Het gaat bij transparantie veel verder dan je aan de wet houden, het gaat om open en eerlijk zijn in álle transacties. 

Als voorbeeld Thomas Jefferson. In zijn privéleven was hij niet de meest deugdzame persoon, maar hij had een goed advies als het gaat om transparantie: als je niet wilt dat wat je doet algemeen bekend wordt, doe het dan niet! Gedraag je alsof de hele wereld kan zien wat je doet. Transparantie levert je vertrouwen en respect op. Houd je aan je normen, zelfs als niemand kijkt. Liegen mag misschien wettelijk wel, tenslotte hebben we vrijheid van meningsuiting, maar dat maakt het nog niet juist. Leef integer, volgens jouw eigen normen van wat juist is, niet waarmee je weg kunt komen. Integriteit kan je wat kosten, op de korte termijn; maar als je gaat samenwerken met anderen die minder integer zijn, werkt dit op den duur averechts. Stoïcijn Cato de Jongere waarschuwde voor het samenwerken met Julius Caesar, die hij ‘gewetenloos’ noemde. Maar je niet laten verleiden tot allerlei compromissen is de enige manier om je goede naam én zelfrespect te beschermen.  

Rechtvaardigheid kan je Poolster zijn, het principe dat je in de juiste richting stuurt, samen met eerlijkheid, respect, billijkheid en integriteit. Het tegenovergestelde is Pleonexia, een oud-Grieks woord dat zelfzuchtigheid of gierigheid betekent, en dat je mét ego, rijkdom, macht en roem in de verkeerde richting stuurt. En daarbij: ze gaan eens voorbij, terwijl rechtvaardigheid blijvend is. 

Je kunt het benutten van je potentieel ook zien als een kwestie van rechtvaardigheid. De schrijver Oscar Wilde geloofde dat het vervullen van je potentieel je uiteindelijke doel is, want het is een morele keuze die iedereen ten goede komt. Mensen die hun potentieel volledig benutten, zullen anderen inspireren en kansen creëren. Als je daar  niet naar streeft doe je zowel jezelf als de wereld tekort. 

Socrates zei ooit dat rechtvaardigheid ons nuttig maakt voor onszelf én anderen. In tegenstelling tot discipline, wat als een persoonlijke deugd kan worden beschouwd, is rechtvaardigheid een collectieve deugd. Het komt altijd neer op werken voor het algemeen belang, bijdragen aan de maatschappij en zorgen voor mensen buiten onze directe omgeving, dus opkomen voor de minder bedeelden, ruimte maken voor mensen met andere opvattingen en werken aan het verbeteren van de wereld voor toekomstige generaties.

Als voorbeeld Thomas Clarkson, een Engelse activist. In 1785 moest hij voor school een essay schrijven over de moraliteit van slavernij. Dat leidde ertoe dat hij zich zijn hele leven lang inspande om slavernij af te schaffen. Hij verkondigde overal welke wrede methoden er werden gebruikt en startte allerlei boycots van bedrijfstakken die afhankelijk waren van slavenarbeid. Uiteindelijk werd de slavernij afgeschaft, in het ene land wat eerder (Engeland: 1833) dan het andere (VS: 1865). Daar hebben zijn acties zeker aan bijgedragen. Dat is belangrijk om te onthouden als je eraan twijfelt of jouw inspanningen wel het verschil zullen maken. 

Rechtvaardigheid betekent ook vriendelijkheid. Behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden, met respect en eerlijkheid. De Stoïcijnen geloofden dat elke interactie een kans is om vriendelijkheid te tonen. Dat zorgt voor betere relaties en behoud van onze menselijkheid. In onze cynische wereld van vandaag is vriendelijkheid soms een daad van moed. 

Je kunt op verschillende manieren een ​​deugdzamere mindset kweken. Stap eens uit je bubbel en verdiep je in het leven van anderen. Als voorbeeld Beatrice Webb, een vrij rijke, Engelse sociologe. Ze ging ‘undercover’ in een fabriek werken. Ze schrok zich dood, al haar veronderstellingen en overtuigingen over de arbeidersklasse gingen overboord. Ze ging haar leven wijden aan collectieve arbeidsovereenkomsten en sociale zekerheid. Het leven bekijken vanuit het perspectief van een ander zorgt voor empathie en kan leiden tot sociale verandering.

Het helpen van anderen zou niet alleen maar een optie moeten zijn, het is juist onze verantwoordelijkheid. Of het nu gaat om het bestrijden van groot onrecht of het deelnemen aan het oplossen van lokale problemen, onze betrokkenheid maakt het verschil. Als we niets doen krijgt onrecht de ruimte om te groeien. 

Helpen in de vorm van geld geven is ook een manier om betrokken te raken. Anne Frank schreef: “Niemand is ooit arm geworden door te geven.” Het is geen toeval dat het Hebreeuwse woord voor “liefdadigheid”, of “tzedakah”, eigenlijk “rechtvaardigheid” betekent. Geven zou niet iets moeten zijn dat we later doen, als we het beter hebben, op grote, opvallende momenten, om een ​​schouderklopje te krijgen. Het zou één van onze Poolsterren moeten zijn, een onderdeel van onze identiteit. Geven is ook niet beperkt tot geld, we kunnen ook tijd, moeite en complimenten geven. En ook met een glimlach, een vriendelijk woord of een eenvoudig “Hoe is het?” maak je het verschil voor de ander.

Kennis delen is ook een vorm van geven. Een mentor zijn voor iemand is een vorm van geven die een langdurige, blijvende impact op de wereld kan hebben. Bijvoorbeeld Socrates, Plato en Aristoteles, zij hebben allemaal geweldige geesten onderwezen. 

En jij? Wie heb jij een kans gegeven? Geholpen vooruit te komen? Hoe vergelijkbaar of verschillend waren deze mensen van jou? Wees een mentor, een beschermheer, een sponsor, een bondgenoot of een leraar. Dat werkt besmettelijk! 

Bijvoorbeeld Angela Merkel, voormalig Duitse bondskanselier, die rechtvaardigheid, geven en vrijgevigheid van haar vader leerde, een dominee die een liefdadigheidsinstelling voor geestelijk gehandicapten leidde. Zij besloot in 2011 om een miljoen vluchtelingen uit Syrië op te nemen. Ze kreeg veel kritiek, maar geloofde dat ‘het juiste doen’ was om de meest kwetsbaren in de samenleving te helpen. En jij? Steunt je David of Goliath? Vecht je tegen tirannie of bent je een tiran? Het is onze taak om de onderdrukten te beschermen en ervoor te zorgen dat ze zonder angst kunnen leven.  Vrijheid van angst is essentieel. We moeten ervoor zorgen dat de kwetsbaren worden beschermd – omdat zij ons zijn, en wij zij.

Het ‘iedereen’. 

We maken allemaal deel uit van één grote familie. Degenen die onvermoeibaar werken voor een betere toekomst, die vechten voor de rechten van anderen en die van hun vijanden houden, maken de wereld beter. En elke stap voorwaarts maakt de volgende stap haalbaarder.

Einstein zei dat mensen een ‘optische bewustzijnsillusie’ hebben, een gevoel dat we afzonderlijke, geïsoleerde individuen zijn, ook al zijn we dat niet. Echte vrede, zo suggereert hij, komt voort uit het overwinnen van deze illusie en het erkennen van onze diepe verbinding met alles en iedereen. Dit idee is niet alleen filosofisch, ook wetenschappers, priesters en denkers toen en nu stellen dit. We delen een energie, een eenheid, die onze individuele ervaringen overstijgt. We zijn nooit echt alleen. Deze onderlinge verbondenheid is iets dat astronauten diepgaand ervaren wanneer ze de aarde vanuit de ruimte zien, en het staat bekend als het “overzichtseffect”. Dit uitzicht wekt een bewustzijn van de wereld op, waardoor ze beseffen dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten.

De Romeinse politicus Pericles benadrukte ooit dat een bloeiende gemeenschap iedereen ten goede komt, terwijl individueel succes in een falende samenleving uiteindelijk hol is. En als succes ten koste gaat van anderen, kan het dan wel echt succes worden genoemd? Wanneer we vergeten dat we allemaal deel uitmaken van iets dat groter is dan het individu, kan onrecht wortel schieten.

Albert Schweitzer had een concept genaamd “eerbied voor het leven”. Het breidt in feite de kring van zorg (circle of concern) uit naar alle levende wezens. Hij geloofde dat ware ethiek inhoudt dat je alles wat leeft helpt en schade vermijdt. Dit is een weg vooruit, omdat het niet alleen zorgt voor het heden, maar ook de samenleving beschermt voor toekomstige generaties. Natuurlijk betekent het uitbreiden van onze kring van zorg dat er mensen inzitten waar we het niet mee eens zijn. Vervelend, maar onvermijdelijk.

Bijvoorbeeld Harvey Milk, de eerste openlijk homoseksuele man die werd gekozen voor een overheidsfunctie in Californië, en dit lukte hem door contact te zoeken en bruggen te bouwen, zelfs met intolerante groepen en mensen. Een van die mensen was Dan White, een mede-politicus die Milk uiteindelijk vermoordde. Je zou kunnen zeggen dat Harvey Milk nog in leven zou zijn als hij niet zo optimistisch over anderen was geweest. Maar daar bewonderen we hem juist zo voor. Hij was bereid om in gesprek te gaan met zijn tegenstanders door zijn geloof in de potentie van ontwikkeling en verandering. Milk’s geloof inspireert ons om te blijven hopen dat gerechtigheid zal zegevieren.

Uiteindelijk is liefde de onderliggende kracht die al deze ideeën verbindt. Zoals de auteur James Baldwin schreef: “Haat … heeft nooit nagelaten de mannen die haatten te vernietigen.” Liefde beschermt en volhardt. 

Kurt Vonnegut, een Amerikaanse auteur, zei ooit dat wat het leven de moeite waard maakte, de heiligen waren die hij ontmoette – mensen die zich fatsoenlijk gedroegen in een uiterst onfatsoenlijke samenleving. Deze heiligen geven om alles en iedereen, zelfs degenen die nog geboren moesten worden, en doen wat juist is, zelfs als het hen alles kost. Ze zijn niet bovenmenselijk, maar wel volledig toewijd aan rechtvaardigheid. Laten wij ervoor kiezen om óók toegewijd te zijn aan rechtvaardigheid.

Bovenstaande samenvatting van De weg van goed naar groots is ontleend aan een Blink van Blinkist. Typisch voor de Blinks, is dat ze onvolledig zijn. Uit ervaring weet ik dat bijna de helft van de inzichten, en vrijwel alle praktische tips en voorbeelden worden overgeslagen om een relatief korte impressie te geven van een boek. Om een indruk te geven van alle onderwerpen uit het boek, heb ik hieronder de inhoudsopgave opgenomen. 

Inhoudsopgave

De vier deugden
Inleiding

Deel I: Ik (persoonlijk)
Bij koningen dienen
Houd je aan je belofte
Spreek de waarheid
Neem je verantwoordelijkheid
Wees je eigen scheidsrechter
Goed, niet groots
Wees een open boek
Wees fatsoenlijk
Doe je werk
Houd schone handen
Integriteit is alles
Besef wat je potentie is
Wees loyaal
Kies je leidend principe
De weg van goed naar groots

Deel 2: Wij (sociaal-politiek)
Geef je fakkel door
Wees gewoon aardig
Kijk naar hoe de andere helft leeft
Je moet helpen
Begin klein
Vorm bondgenootschappen
Word machtig
Wees pragmatisch
Ontwikkel bekwaamheid
Geef met gulle hand
Ontwikkel een coachingsboom
Kom op voor de kleine man
Kom in goede problemen
Blijf steeds terugkeren
Iets wat groter is dan wij…

Deel 3: Iedereen (is één geheel)
De wereld zo liefhebben
Beklim je tweede berg
Hou op met vragen om erkenning
Geef hun hoop
Wees een engel
Vergeef
Maak het goed
De grote eenheid
Breid de kring uit
Vind het goede in iedereen
Met hart en ziel
Liefde overwint
Geef het door

Nawoord
Leestips
Dankwoord

Conclusie

Na het lezen van de samenvatting ben ik geïntrigeerd. Hoe moeilijk is het écht om altijd rechtvaardig te zijn? Heel moeilijk denk ik. Zeker als je zelf risico loopt, zoals Harvey Milk. Ik ga dus zeker het boek lezen om het wat handjes en voetjes te geven. 

Koop dit boek

Koop De weg van goed naar groots bij Bol of bij Libris. .

Of beter nog, bij Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring. Misschien is het er al tweedehands!

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van non-fictie boeken, voornamelijk over management, zelfhulp, maatschappij en geschiedenis. Ze is te volgen op Substack, waar wekelijks een te lezen én te beluisteren blog-update verschijnt. Lees / luister via de app, of via je email. 

Geplaatst in filosofie | Tags: , , | 2 reacties

Samenvatting van Marina Mazzucato’s De waarde van alles

Links cover oorspronkelijke boek De waarde van alles, rechts cover van de Samenvatting

Over de Samenvatting van Marianne Mazzucato’s De waarde van alles

Snel

Je leest de Samenvatting in 45 minuten. Dat is exclusief de inleiding, met allerlei metadata, en exclusief de ‘uitleiding’ waarin informatie over mijzelf en de andere producten te lezen is. Vergelijk dat eens met de 7 1/2 uur van het oorspronkelijke boek! 

Goed

Mijn Samenvattingen worden goed gewaardeerd. De meeste ratings en reviews zijn te vinden bij Kobo. Deze specifieke Samenvatting kreeg 4 sterren (1 rating) bij Kobo, het kreeg (nog) geen reviews bij Bol. 

Goedkoop

Je betaalt voor mijn Samenvatting op de eBook verkoopsites rond de EUR 3. Het oorspronkelijke boek kost nieuw EUR 31 en EUR 15 voor het eBook. Natuurlijk is het ook tweedehands te koop. 

Geen AI

Ik gebruik geen AI voor mijn Samenvattingen. Enerzijds omdat ik daar zéér slechte exemplaren van heb gezien die absoluut niet weergeven wat er in een oorspronkelijk boek staat. Soms is het gewoon fout, wat er staat. En veel AI-gegenereerde Samenvattingen laten gewoon de helft van de onderwerpen weg. Anderzijds omdat ik denk een uniek smaakje aan een Samenvatting te kunnen geven, door mijn persoonlijke keuzes en een stukje humor. Ik lees het boek gewoon drie tot vier keer en zorg er bij een Samenvatting voor álle onderwerpen weer te geven en alleen te schrappen in de voorbeelden, waarbij ik die voorbeelden kies die mij met name aanspreken.   

Kopen

Koop bij Kobo.

Koop bij Bol.

Koop in mijn eigen webshop. Je krijgt dan een ePub én een PDF.

Koop bij andere aanbieders (Libris, Apple, etc.)

Proeven

Is dit je eerste kennismaking met een Samenvatting van mij? Dan wil je misschien eerst eens ‘proeven’, er eentje uitproberen zonder dat het je geld kost. Dat kan op mijn eigen webshop, daar is een Samenvatting helemaal gratis te downloaden

Over het oorspronkelijke boek De waarde van alles

Natuurlijk wil je eerst weten waar dit boek nu eigenlijk over gaat. Lees dan vooral door!

Lees verder

Mariana Mazzucato is een invloedrijke econome, met adviesfuncties bij de EU, VN en VS. Haar tweede boek, De waarde van alles, uit 2018, gaat over de onzinnigheid van het bbp en stelt de vraag waarom er geen waarde wordt toegekend aan alles wat gratis is. Zoals onderwijs, zelf je rotzooi opruimen, mantelzorg. Alsof dat niet bijdraagt aan welvaart. Ik was zó enthousiast dat ik er in 2021 een Samenvatting van schreef. Met 45 minuten leestijd en 9% van de oorspronkelijke omvang leer je 100% van de inzichten.

Links cover oorspronkelijke boek De waarde van alles, rechts cover van de Samenvatting

Over de Samenvatting van Marianne Mazzucato’s De waarde van alles

Snel

Je leest de Samenvatting in 45 minuten. Dat is exclusief de inleiding, met allerlei metadata, en exclusief de ‘uitleiding’ waarin informatie over mijzelf en de andere producten te lezen is. Vergelijk dat eens met de 7 1/2 uur van het oorspronkelijke boek! 

Goed

Mijn Samenvattingen worden goed gewaardeerd. De meeste ratings en reviews zijn te vinden bij Kobo. Deze specifieke Samenvatting kreeg 4 sterren (1 rating) bij Kobo, het kreeg (nog) geen reviews bij Bol. 

Goedkoop

Je betaalt voor mijn Samenvatting op de eBook verkoopsites rond de EUR 3. Het oorspronkelijke boek kost nieuw EUR 31 en EUR 15 voor het eBook. Natuurlijk is het ook tweedehands te koop. 

Geen AI

Ik gebruik geen AI voor mijn Samenvattingen. Enerzijds omdat ik daar zéér slechte exemplaren van heb gezien die absoluut niet weergeven wat er in een oorspronkelijk boek staat. Soms is het gewoon fout, wat er staat. En veel AI-gegenereerde Samenvattingen laten gewoon de helft van de onderwerpen weg. Anderzijds omdat ik denk een uniek smaakje aan een Samenvatting te kunnen geven, door mijn persoonlijke keuzes en een stukje humor. Ik lees het boek gewoon drie tot vier keer en zorg er bij een Samenvatting voor álle onderwerpen weer te geven en alleen te schrappen in de voorbeelden, waarbij ik die voorbeelden kies die mij met name aanspreken.   

Kopen

Koop bij Kobo.

Koop bij Bol.

Koop in mijn eigen webshop. Je krijgt dan een ePub én een PDF.

Koop bij andere aanbieders (Libris, Apple, etc.)

Proeven

Is dit je eerste kennismaking met een Samenvatting van mij? Dan wil je misschien eerst eens ‘proeven’, er eentje uitproberen zonder dat het je geld kost. Dat kan op mijn eigen webshop, daar is een Samenvatting helemaal gratis te downloaden

Over het oorspronkelijke boek De waarde van alles

Natuurlijk wil je eerst weten waar dit boek nu eigenlijk over gaat. Lees dan vooral door!

Lees verder

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , | Plaats een reactie

Recensie: Gekaapt door het kapitaal – uiterst relevant

Kan dat wel? Dat je een boek zó goed vindt, dat je geen zin hebt om verder te lezen? Ja dat kan, en dat ligt aan mij, teveel onaangename feiten in één keer. En die feiten verdwijnen niet als je ze negeert, dus … las ik Gekaapt door het kapitaal van Mirjam de Rijk uit 2024 helemaal uit. En vraag ik me nu af hoe ik zo’n kaping kan tegengaan.

De Rijk beschrijft hoe Private Equity steeds meer invloed krijgt op, en geld onttrekt uit, de publieke sector. Denk aan zorg, onderwijs, wonen, kinderopvang. We hebben al in de krant gelezen dat huisartsenpraktijken worden opgekocht, en dat je dan als patiënt zómaar zonder huisarts kunt zitten. We weten dat beleggers woningen opkopen. Maar dit boek gaat véél verder dan deze constateringen, verklaart waarom dat gebeurt, welke verstrekkende gevolgen dat heeft en hoe ons belastinggeld opeens in Bermuda terecht komt. Zonder dat je dat beseft … Schokkend en ja, onaangenaam ook. En ook goed geschreven, uiterst relevant en met handvatten voor de politiek om dit tegen te gaan.

Het maatschappelijke boek Gekaapt door het kapitaal …

… begint met de zorgsector. Bergman Clinics, Benu Apotheken, en nog veel meer bekende instanties zijn in handen van Private Equity (PE). Dat lijkt niet zo heel zorgelijk. Maar toen kwam PE aan onze huisartsen, en dat hadden ze nou niet moeten doen. Naast het feit dat ze niet kunnen leveren wat ze zouden moeten leveren, namelijk huisartsenzorg, binnen 15 minuten afstand, zijn er nog meer zorgelijke zaken. De huisarts was altijd een soort poortwachter: gaf doorverwijzingen als dat echt nodig was en had puur jouw eigen belang voor ogen. Maar nu! Nu zijn zowel de huisartsenpraktijk als de specialistische praktijken vaak van dezelfde investeringsmaatschappij, en is zoveel mogelijk doorverwijzen, naar de eigen specialisten, in het belang van het bedrijf. Als patiënt word je dan dus meer, en vaak ook naar andere partijen doorverwezen. Maakt dat uit? En hoe zou je dat moeten weten?

Op de financiën kom ik zo terug, maar de invloed van deze bedrijfsvoering op de zorgprofessionals is groot. Bij de private zorginstanties kunnen ze meer verdienen, waardoor steeds meer de overstap maken van overheidsinstellingen naar private instellingen. Maar dat hogere salaris moet wel terugverdiend worden. Die zorgprofessionals krijgen dan ook rendementsdoelen mee, waardoor er opeens meer aandacht is voor verhogen van de omzet en wat minder voor kwaliteit van de zorg. Dat klinkt negatief, maar die zorgprofessionals kunnen daar niets aan doen, het komt omdat de hersenen veranderen. Wat je aandacht geeft, groeit, letterlijk, als dikkere synapsen in je brein.

Winst in de zorg

Die private specialistische instellingen nemen alleen de makkelijke, relatief goedbetaalde klussen aan; het ingewikkelde, en dus verliesgevende werk blijft bij de overheid. De private instellingen maken winst, die wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders, die daar (natuurlijk) zo min mogelijk belasting over betalen en het zo snel mogelijk uit Nederland wegsluizen. Ze zijn toch zeker geen sociale instelling!

Ehhhh, er is toch een winstverbod in de zorg? Jawel, maar slechts op delen, en jawel, maar daar wordt niet op gehandhaafd. En door een wirwar van BV’s wordt het omzeild. Eigenaarschap en financiën zijn niet transparant. Het toezicht door de NZa hapert. De Algemene Rekenkamer deed onderzoek naar toezicht op fraude in de zorg en schreef een vernietigend rapport (‘gebrek aan daadkracht’). En de marges zijn niet mals: voor ‘caregivers’ van Home Instead die via pgb’s voor onze oudjes zorgen, wordt EUR 58 per uur in rekening gebracht. De caregiver zelf krijgt hiervan EUR 14. Bruto.

Onderwijs

Een vergelijkbaar betoog wordt gehouden over onderwijs, waar de digitale hulpmiddelen, zoals de online leeromgeving, in handen zijn van Big Tech (Amazon, Google, Microsoft). Tijdens Corona kwam die ontwikkeling in een stroomversnelling terecht. Big Tech leveren echter niet alleen de infrastructuur, ze bepalen ook de inhoud en de aard van het onderwijs. Een algoritme ‘personaliseert’ de interactie tussen systeem en leerling, als docent heb je er geen enkele zicht op. Docenten verliezen kennis over hoe mensen leren, die kennis is volledig eigendom van BigTech. Het onderwijs zélf wordt door die bedrijven veranderd, en daarbij stroomt een steeds grotere hoeveelheid publiek onderwijsgeld naar de aandeelhouders van die bedrijven. En stroomt zomaar door naar een belastingparadijs, denk ik zo.

En de studieboeken dan? Ja, óók in handen van grote buitenlandse commerciële partijen, via Noordhoff (van NPM Capital), en Malmberg (van Sanoma, geen PE maar beursgenoteerd). Ze verplichten de scholen extra lesmateriaal af te nemen wat helemaal niet gebruikt wordt.

Wonen

De overheid stopt jaarlijks 20 miljard subsidie in wonen, denk aan de hypotheekrenteaftrek, huurtoeslag, bouwsubsidie en dergelijke. Hiervan komt 15 miljard terecht bij banken, grondeigenaren, ontwikkelaars en beleggers. Al deze partijen hebben baat bij zo hoog mogelijke woonkosten, en die in Nederland horen bij de hoogste van Europa. Woning-schaarste levert hogere huren op, goed voor beleggers. Hoge huizenprijzen leveren hoge hypotheken op, met veel rente-inkomsten voor de banken. Voor woningen is grond nodig, en die grond is in handen van grote grondeigenaren. Grond is 60% van de prijs van een huis. Als de huizenprijzen stijgen (door schaarste én verruiming van leenmogelijkheden), stijgen de bouwkosten maar iets mee, de rest gaat naar een hogere grondprijs. Was die grond ooit in handen van het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten, sinds Rabobank dit bedrijf kocht, vloeien winsten op grond niet meer naar een overheidsinstantie. Beetje dom dus, die verkoop. En (andere) grondeigenaren blijven graag wachten tot de grond nóg meer waard is. Dus wordt er minder gebouwd dan wat kan. En gaan de huizenprijzen omhoog …

Kinderopvang

De helft van de Nederlandse kinderopvang is in handen van commerciële partijen, waaronder 4 grote PE-partijen. Die laatste categorie is overigens het duurst, en dus vaak gevestigd in rijke buurten. Deze grote commerciële partijen kopen bestaande kleine stichtingen of zzp-opvangbedrijfjes. Is het rendement van bepaalde vestigingen te laag (minder dan 20%), dan worden die gesloten. Per saldo gaat het aantal kinderopvangplaatsen omlaag. Kinderopvang wordt voor 70% collectief gefinancierd, uit onze belastingen en premies, totaal 3,5 miljard per jaar. Bij kinderopvang is overigens geen sprake van een winstverbod of -restrictie.

Bedrijven

PE in de publieke sector is relatief recent, maar bij bedrijven speelden ze natuurlijk al veel langer en rol. Het idee is om binnen 5 jaar een bedrijf te kopen, het rendement ervan te verbeteren zodat het meer waard wordt, en dan het bedrijf verkopen. Een bedrijf als handelswaar. Die bedrijfjes zijn vaak gestart met start-up- en innovatie-subsidies van onze overheid, maar 90% ervan wordt verkocht aan een buitenlandse PE. In dit soort verkopen gaat in Nederland 100 miljard per jaar om. PE bulkt van het geld, én heeft zo heel veel invloed, want inmiddels is sprake van oligopolies.

Is er niks om te kopen? Dan besteden ze het geld aan Inkoop Eigen Aandelen. Daarover hoeft geen dividendbelasting betaald te worden. Dat geld had ook gebruikt kunnen worden aan investeringen, betere beloning van werknemers, prijsverlaging van producten. Of aan belastingen natuurlijk. Interessant: dat geld is niet hun eigen geld vanuit de winst, nee, het zijn leningen van de banken. Hun eigen geld zit ‘vast’ in belastingparadijzen. En financieren met leningen is natuurlijk risico-vol, als het onderpand toch niet zoveel waard is als gedacht, valt het investeringsbedrijf zo om. Vervelend! Nou ja, voornamelijk voor de schuldeisers, want er zijn héél veel manieren om het risico voor aandeelhouders zo klein mogelijk te maken. Garanties van de EU, exportkredietverzekering, allerlei constructies voor risicobeperking ….. Er is echter wel één belangrijk risico: PE wil het bedrijf na 4 jaar weer verkopen, maar dan moet er wel een koper zijn voor dit nóg duurder geworden bedrijf. Een beetje een pyramidespel dus. En als er geen koper wordt gevonden, zit het bedrijf zelf óók in de problemen.

Waar komt al dat geld vandaan?

In het tweede deel van het boek wordt ingegaan op de ‘vermogensberg’, hoe het komt dat er ‘opeens’ zoveel kapitaal is dat rendement zoekt. De Rijk identificeert 7 oorzaken.

  1. Bedrijven maken winst, die niet wordt geïnvesteerd in het bedrijf, maar uitgekeerd.
  2. De rijken worden rijker, de armen steeds armer. Dat resulteert ook in minder investeringen in echte productie, want de afzet is afgenomen.
  3. Er wordt weinig winstbelasting betaald.
  4. Het beleid van de ECB. Om de economie te stimuleren werden leningen overgenomen. Het vrijgekomen geld wordt geïnvesteerd in …. nee niet de reële economie, maar PE.
  5. Hoe meer geld je hebt, hoe meer je kunt lenen.
  6. Kapitale deregulering uit 1980-1990. Kapitaal reist nu vrij de wereld over.
  7. Pensioenfondsen, verzekeringen e.d. hebben enorme buffers.

Politieke verwaarlozing

En waarom zoekt die vermogensberg ingangen in de publieke sector? Is daar zoveel rendement te behalen dan? De overheid heeft (bewust) een gat laten vallen waar commerciële bedrijven in het algemeen en PE in het bijzonder nu inspringt. Bovendien accepteert de overheid kritiekloos de voorwaarden en tarieven. En soms heeft ze het er zelf naar gemaakt. Zo zijn er in de zorg zóveel regels en zóveel gedoe met zorgverzekeraars, dat het hebben van een eigen praktijk niet heel aantrekkelijk meer is. Wat ook niet helpt is het steeds ter beschikking stellen van tijdelijk geld, daar kun je geen vast personeel van inhuren, en zo komt het geld dan terecht bij commerciële partijen zoals detacheringsbureaus. En tenslotte: het is niet verboden, of verboden worden niet gehandhaafd.

Kunnen we er nog iets aan doen? Het boek geeft 10 lessen die direct af te leiden zijn uit de eerdergenoemde oorzaken. Deze 10 lessen zijn vrij uitgebreid, met veel concrete voorbeelden hoe e.e.a zou kunnen worden vormgegeven, bijvoorbeeld met Steward Ownership. Mooie quote uit dit stuk: ”Als iets te belangrijk is om failliet te laten gaan, moet je het in publieke handen houden”. En impliciet stelt ze natuurlijk: ‘Als iets van publiek belang is, moet je de bedrijfsvoering niet laten bepalen door (buitenlandse) commerciële partijen’. Misschien te laat voor Bouwfonds Nederlandse Gemeenten, maar niet te laat voor veel andere publieke instanties. Marktwerking prima, maar niet zonder waarborgen.

Evaluatie van Gekaapt door het kapitaal

De Rijk schreef een uitstekend boek, waarin ze veelal bekende zaken op een rijtje zet en daar de (voor mij onbekende) oorzaken bij zoekt, onderbouwd met statistieken en onderzoeksrapporten. Ik leerde ook veel nieuws, met name over onderwijs en kinderopvang. Zonder (klein)kinderen houd je dat toch wat minder bij, maar ik schrok van wat ik las. Het resultaat van het geheel vond ik bepaald onthutsend.

De structuur is goed, met een steeds herhaalde onderverdeling in zorg, onderwijs, wonen en kinderopvang. Het betoog is logisch, de oorzaken uit deel 2 zijn goed af te leiden uit de beschrijvingen van deel 1, en de aanbevelingen, de 10 lessen, sluiten hier ook weer goed op aan. Qua voorbeelden is het een feest der herkenning: van nieuws wat recent de kranten haalden, tot bekende bedrijven als de HEMA en Benu Apotheken. En of je nu wel of geen kinderen hebt, één of meer van de vier publieke domeinen raken je. Als daarin geld verspild wordt, ga je dat merken aan de kwaliteit of de toegankelijkheid. Er zullen weinigen zijn die vinden dat goede zorg, goed onderwijs, goede huisvesting en goede kinderopvang alleen beschikbaar moeten zijn voor degenen die daar (steeds) meer voor kunnen betalen. Voor iedereen relevant dus, dit boek!

Het boek is goed verzorgd qua lay-out en redactie. Ik las het eBook, en zag geen plaatjes, foto’s of grafieken, en natuurlijk geen kleuren. Dat had de zaak (misschien ten onrechte) nog wat opgevrolijkt! Anderzijds zag ik wel een aantal referenties naar boeken, die ik óf al had gelezen (zoals Mazzucato’s De waarde van alles) of die op mijn TBR staan (zoals Piketty’s Kapitaal in de 21ste eeuw). Daar word ik wél blij van. En ondanks de stevige financiële rode draad is er weinig jargon te bespeuren, en worden de ins-and-outs goed uitgelegd.

Wat deed ik met de kennis, cq wat kunnen wij ermee? Naast stemmen voor partijen die de overheid graag wat meer grip op de publieke instanties wil laten houden, kunnen we zelf ook kritisch zijn waar we zaken mee doen. Mijn tandarts zit inderdaad plots in een gedeelde praktijk. Maar even zo plots verwijst hij me door naar een kaakchirurg in een private instelling, niet in een ziekenhuis, voor ‘even kijken naar een bobbeltje op mijn tong’. Hij maakt opeens ook best veel foto’s. Daar kan ik vragen over stellen, en waarschijnlijk kan ik een andere aanbieder kiezen. Want mijn geld mag best naar Bermuda, maar dan met mij erbij!

Ik gaf het boek 4 ½*

Je kunt dit boek kopen bij

Bol

Libris

(Hiervoor krijg ik een beetje provisie)

Duurzaam lezen kan ook!

Koop het tweedehands bij Boekwinkeltjes

Of lees het via Kobo Plus (deed ik ook)

Of via je lokale bibliotheek, op papier of digitaal

Of misschien vind je het in een minibieb?

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , | Plaats een reactie

Recensie van In de schaduw van de mens



Onlangs las ik In de schaduw van AI en dacht ik hé, heb ik niet nog In de schaduw van de mens op mijn plank staan? En jawel. Jane Goodall schreef dit boek in 1970, destijds onder de titel Mijn leven met chimpansees. Ik was diep onder de indruk van de beschrijvingen van de 10 jaar die ze doorbracht met het observeren van chimpansees in Gombe in Tanzania. En van haar geduld, haar liefde voor de natuur én hoeveel wij lijken op dit ‘familielid’.

Recensie In de schaduw van de mens boekcover

Jane is gepromoveerd op het gedrag van de chimpansees, haar beschrijvingen zijn dus best wetenschappelijk, en tegelijkertijd vol emotie en empathie. Het boek leest als een documentaire die vertraagd wordt afgespeeld, zó gedetailleerd geeft ze alles weer. Tegelijkertijd leren we haar leven in Gombe kennen: primitief, eenzaam, best gevaarlijk en vol enthousiasme. Uren zit ze op haar uitkijkpunt en ‘s avonds gaat ze nog even terug om te kijken welke chimp in welk nest ligt….

Het boek In de schaduw van de mens …. 

… is een kruising tussen een biografie en een natuurboek. In de 10 jaar die Jane beschrijft ontwikkelt ze zich van vakantievierder in Kenia, naar secretaresse van palaeo-antropoloog Dr. Louis Leaky, naar chimpansee-observator, naar promotie-onderzoekster. Op haar eerste opdracht wordt ze nog gechaperonneerd door haar moeder, later trouwt ze met de later aan het team toegevoegde fotograaf: de Nederlander Hugo (baron) van Lawick. Haar privé leven komt echter niet expliciet naar voren, wel hoe ze haar dagen vult met de chimps. Een deel van dit stuk is overigens bijna letterlijk overgenomen in haar recente boek: Het boek van hoop.

Geduldig en alleen op de uitkijk naar chimpansees

Ik was onder de indruk van haar geduld. Ze beschrijft hoe ze de eerste 5 maanden elke dag, de hele dag, uitkijkt naar de chimps, die zich nauwelijks van dichtbij laten zien. Als ze probeert dichterbij te komen dan zeg 60 meter, verbergen ze zich snel. Jane behelpt zich met haar verrekijker. Alles wat ze ziet wordt gedetailleerd vastgelegd in haar notitieboek, en ‘s avonds in de tent (!) uitgewerkt. Ik denk dan ‘eenzaam’, maar dat klopt niet. Alleen, ja dat wel. Als je maandenlang, jarenlang zelfs, elke dag alleen in het oerwoud zit, alsmaar rondkijkend, of klauterend naar de volgende vallei, dan verandert je relatie met de omgeving zegt ze. Ze geniet ervan, houdt ervan, en lijkt nooit bang te zijn.

De volgende 5 maanden zijn de chimps niet langer schuw, maar agressief. Dat weerhoudt haar niet om nog steeds in haar eentje op pad te gaan. Soms doodsbang, als ze op haar afstormen, en soms bekaf als ze besluit te vluchten in plaats van heel stil te blijven zitten.

Chimpansees voeren

Na deze periode zijn de chimps aan het fenomeen mens gewend. Het nadeel is dat ze nu ook de lokale vissers lastigvallen, die aan de overkant van de rivier Gombe in een dorp wonen. Het voordeel is dat Jane de chimps met bananen naar een open plek kan lokken, om ze van dichtbij te observeren. Dat loopt op den duur uit de hand. De chimps gaan niet meer weg van de voederplaats, en slopen en passant het kamp, op zoek naar zoete bananen en bezwete shirtjes, want daarop sabbelen voor het zout vinden ze heerlijk. Zelf als er nog een mens in zit. Uiteindelijk stopt Jane met de regelmatige snacks en gaan de chimps terug het oerwoud in. Ze zijn nu wel héél tolerant naar mensen geworden en laten Jane (en Hugo inmiddels) heel dichtbij komen. Dat levert prachtige foto’s op, en zeer gedetailleerde beschrijvingen van hun gedrag, beide in het boek te vinden.

Het gedrag van de chimpansees en dat van ons

Dat Jane zich heel erg verbonden voelt met de chimps blijkt onder andere uit het feit dat elke chimp een naam heeft. David Grijsbaard en Flo spelen de hoofdrol, en we leren ze héél goed kennen. Als Flo weer zwanger blijkt, korten Jane en Hugo hun huwelijksreis in om zo snel mogelijk terug te zijn in Gombe. Als Jane zelf een kind heeft, voedt ze het de eerste jaren net zo op als de chimps dat doen. Het resultaat is heel goed, maar ja, misschien was hetzelfde resultaat gerealiseerd met een andere opvoedmethode, zo schrijft ze. Haar observaties kunnen ons helpen ons eigen gedrag te analyseren, en er wat van te leren, dat is het doel van haar onderzoek. Zo is de manier waarop de chimps met trauma (de dood van een kind, ziekte) omgaan leerzaam, want de chimps hebben geen last van sociaal wenselijk gedrag, ze zijn heel puur. Jane geeft in een bijlage aan dat de studie van agressie ook erg nuttig kan zijn. (Het is nu 60 jaar later: hebben wij iets over agressie geleerd? Het lijkt alleen maar erger te worden).

Chimpansees zijn nuttig voor ons

Bepaald pijnlijk vind ik drie andere redenen die Jane noemt: als we meer weten over chimps in het wild, kunnen we beter zorgen voor chimps in gevangenschap, en ook chimps fokken als proefdier, in plaats van steeds wilde chimps hiervoor te vangen. We kunnen ook de chimps beter beschermen in Nationale parken (jammer dat er geen wilde natuur meer over is). Tenslotte kan in Gombe een observatiegebied worden ingericht voor bezoekers. (Inmiddels kun je hier als toerist 2-daagse chimpansee-safari’s boeken).

De mens overschaduwt de chimpansee, al was het alleen maar qua gebruik van werktuigen, communicatie, en zelf-bewustzijn. Anderzijds overschaduwt de chimp op dezelfde aspecten ook weer andere dieren. Als we hem de kans geven door te ontwikkelen, wie weet hoe hij zal zijn over, zeg, 40 miljoen jaar, speculeert Jane. Dan moeten we wel zorgen dat chimps niet meer gevangen worden om op te eten, en moeten we hun habitat beschermen. Saillant detail: op het moment dat ze dit schrijft is ze niet meer zo vaak in Gombe, want haar kind wordt te groot om steeds in kooien opgesloten te worden. Want ja, chimps stelen mensenbaby’s… om op te eten.

Evaluatie

Wat vond ik van dit boek? Ja, voor mij heeft het alles wat ik in een goed non-fictie boek zoek. Ik heb veel nieuwe dingen geleerd, die wetenschappelijk onderbouwd zijn. Ik las iets wat tijdloos is, de observatie van dieren om iets over onszelf te leren. Kennis van en liefde voor de natuur, inclusief al haar dieren is nog steeds relevant, het (dreigende) verlies van biodiversiteit is urgenter dan ooit. Door dit boek wordt jouw liefde voor de natuur aangezwengeld, en waar je van houdt, daar ben je voorzichtig mee. Goed voor Duurzaamheid dus.

De schrijfstijl is subliem. Je ziet de chimps voor je door de gedetailleerde en liefdevolle beschrijvingen. Flo en alle anderen voelen halverwege het boek al als goede vrienden. In het boek zijn een aantal foto’s (door Hugo gemaakt) van scenes die in het boek beschreven worden, en aan het eind is er een bijlage met tekeningen van gezichtsuitdrukkingen, met beschrijvingen van de bijbehorende emoties én geluiden. Qua lay-out en kleur is het echter vrij saai. Het boek is chronologisch geschreven, en dat is heel prettig lezen, zowel qua het steeds meer vorm krijgen van Jane’s onderzoek en haar team, als de levensloop van een chimp, van geboorte, puberteit, paren, ziek en ouder worden en sterven. Heel ontroerend en vaak ook heel herkenbaar. Daarnaast heeft Jane gewoon een goede pen, schrijft ze zonder jargon en vaak heel humoristisch.

Tenslotte: dit is echt een klassieker, en toch nauwelijks gedateerd. Jane is een icoon en haar eerste boek was een must read. In de 60-er jaren als twintiger alleen het oerwoud in, wie deed haar dat na? Anderzijds: hierna kwamen nóg een aantal boeken over Gombe en over haar leven, die een langere tijdsperiode beslaan. Die lijken me vollediger, dus nét iets meer Must Read.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd -, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO -. 

Ik gaf het boek 4 *

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Koop dit boek

Nieuw is dit boek niet meer te krijgen. Wel tweedehands en als eBook.

Bijvoorbeeld bij Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring

Of lees het gratis via Kobo-Plus…..

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van non-fictie boeken, voornamelijk over management, zelfhulp, maatschappij en geschiedenis. Ze is te volgen op Substack, waar wekelijks een te lezen én te beluisteren blog-update verschijnt. Lees / luister via de app, of via je email. 

Geplaatst in Biografie, natuur | Tags: , | 5 reacties

Samenvatting van Berthold Gunster’s Ja maar, wat als alles lukt?

Links cover oorspronkelijke boek, rechs de Samenvatting van Ja maar wat als alles lukt

Over de Samenvatting van Berthold Gunster’s Ja maar, wat als alles lukt?

Snel

Je leest de Samenvatting in 35 minuten. Dat is exclusief de inleiding, met allerlei metadata, en exclusief de ‘uitleiding’ waarin informatie over mijzelf en de andere producten te lezen is. Vergelijk dat eens met de 8 uur van het oorspronkelijke boek! 

Goed

Mijn Samenvattingen worden goed gewaardeerd. De meeste ratings en reviews zijn te vinden bij Kobo. Deze specifieke Samenvatting kreeg 4 sterren (1 rating) bij Kobo, het kreeg (nog) geen reviews bij Bol. 

Goedkoop

Je betaalt voor mijn Samenvatting op de eBook verkoopsites rond de EUR 3. Het oorspronkelijke boek kost nieuw E 22,50. Natuurlijk is het ook tweedehands te koop. 

Geen AI

Ik gebruik geen AI voor mijn Samenvattingen. Enerzijds omdat ik daar zéér slechte exemplaren van heb gezien die absoluut niet weergeven wat er in een oorspronkelijk boek staat. Anderzijds omdat ik denk een uniek smaakje aan een Samenvatting te kunnen geven, een stukje humor. Ik lees het boek gewoon drie tot vier keer en zorg er bij een Samenvatting voor álle onderwerpen weer te geven en alleen te schrappen in de voorbeelden. Veel AI-gegenereerde Samenvattingen laten gewoon de helft van de onderwerpen weg.  

Kopen

Koop bij Kobo.

Koop bij Bol.

Koop in mijn eigen webshop. Je krijgt dan een ePub én een PDF.

Koop bij Libris.

Koop bij andere aanbieders (Apple, etc.)

Proeven

Is dit je eerste kennismaking met een Samenvatting van mij? Dan wil je misschien eerst eens ‘proeven’, er eentje uitproberen zonder dat het je geld kost. Dat kan op mijn eigen webshop, daar is een Samenvatting helemaal gratis te downloaden

Over het oorspronkelijke boek Ja maar, wat als alles lukt. 

Natuurlijk wil je eerst weten waar dit boek nu eigenlijk over gaat. Lees dan vooral door!

Lees verder

Berthold Gunster is de grondlegger van het fenomeen Omdenken, wat hij kortweg omschrijft als: van Ja-maar naar Ja-en. Zijn eerste boek over dit onderwerp, Ja maar, wat als alles lukt? kwam uit in 2009 en was jarenlang een bestseller. En nog steeds is het populair, want: relevant én tijdloos. Ik was zó enthousiast dat ik er in 2017 een Samenvatting van schreef. Met 35 minuten leestijd en 7% van de oorspronkelijke omvang leer je 100% van de inzichten.

Links cover oorspronkelijke boek, rechs de Samenvatting van Ja maar wat als alles lukt

Over de Samenvatting van Berthold Gunster’s Ja maar, wat als alles lukt?

Snel

Je leest de Samenvatting in 35 minuten. Dat is exclusief de inleiding, met allerlei metadata, en exclusief de ‘uitleiding’ waarin informatie over mijzelf en de andere producten te lezen is. Vergelijk dat eens met de 8 uur van het oorspronkelijke boek! 

Goed

Mijn Samenvattingen worden goed gewaardeerd. De meeste ratings en reviews zijn te vinden bij Kobo. Deze specifieke Samenvatting kreeg 4 sterren (1 rating) bij Kobo, het kreeg (nog) geen reviews bij Bol. 

Goedkoop

Je betaalt voor mijn Samenvatting op de eBook verkoopsites rond de EUR 3. Het oorspronkelijke boek kost nieuw E 22,50. Natuurlijk is het ook tweedehands te koop. 

Geen AI

Ik gebruik geen AI voor mijn Samenvattingen. Enerzijds omdat ik daar zéér slechte exemplaren van heb gezien die absoluut niet weergeven wat er in een oorspronkelijk boek staat. Anderzijds omdat ik denk een uniek smaakje aan een Samenvatting te kunnen geven, een stukje humor. Ik lees het boek gewoon drie tot vier keer en zorg er bij een Samenvatting voor álle onderwerpen weer te geven en alleen te schrappen in de voorbeelden. Veel AI-gegenereerde Samenvattingen laten gewoon de helft van de onderwerpen weg.  

Kopen

Koop bij Kobo.

Koop bij Bol.

Koop in mijn eigen webshop. Je krijgt dan een ePub én een PDF.

Koop bij Libris.

Koop bij andere aanbieders (Apple, etc.)

Proeven

Is dit je eerste kennismaking met een Samenvatting van mij? Dan wil je misschien eerst eens ‘proeven’, er eentje uitproberen zonder dat het je geld kost. Dat kan op mijn eigen webshop, daar is een Samenvatting helemaal gratis te downloaden

Over het oorspronkelijke boek Ja maar, wat als alles lukt. 

Natuurlijk wil je eerst weten waar dit boek nu eigenlijk over gaat. Lees dan vooral door!

Lees verder

Geplaatst in zelfhulp | Tags: , | Plaats een reactie