Ik heb mij voorgenomen om meer biografieën te lezen. Om me wat voor te bereiden las ik De biograaf (Kiss & Tell) van filosoof Alain de Botton uit 1995. Dit is een grappige, intelligente mix van een roman en een bespiegeling aan welke eisen een goede biografie moet voldoen. En wat zijn de bestaande conventies? Want: een biografie zou moeten leiden tot meer begrip voor de hoofdpersoon, we moeten ons in hem/haar kunnen inleven.
Het idee om deze bespiegelingen in een roman te stoppen, is briljant. Alain neemt ons mee in zijn relatie met Isabel, van wie hij alle mogelijke feitjes noteert. De gangbare, zoals familie en werk, en de niet zo gangbare, zoals wat zij met haar ‘snotjes en pulkjes doet’. En niet te vergeten haar reactie op het ononderbroken vragenstellen van Alain. Ook komen de dingen die ze samen doen uitgebreid aan bod, inderdaad als een roman. Alain is er zeker in geslaagd mij me te laten inleven in Isabel, ik vind het een leuke spontane meid! En hij laat me nadenken over welke feitjes nu wél en niet relevant zijn voor een biografie, en hoe (on)betrouwbaar een biografie kan zijn. Daar ga ik zeker wat aan hebben!
Het ‘semi-biografische’ boek De biograaf …
… is ook het verhaal van de ik-persoon, Alain, die een relatie heeft met Isabel. Van elk dingetje dat hij over haar leert, vraagt hij zich af hoe relevant het is, of daar eerder in biografieën over geschreven is. Hij schrijft dus ook over zichzelf. En dat is één van de eerste vragen die hij opwerpt: hoe interessant is het leven van de auteur van een biografie, de biograaf dus. En dat van zijn vrouw, die altijd wordt genoemd in het dankwoord. Hij maakt ook een vergelijking met de kwantummechanica: de waarnemer neemt waar maar beïnvloedt ook het gedrag van wat wordt waargenomen. Als je een poosje door een microscoop kijkt ‘geef je de atomen zo’n onbehaaglijk gevoel dat ze dingen doen die ze anders niet zouden hebben gedaan’. Of anders gezegd: als je moeder erbij is, wordt er over sommige dingen wél gesproken en over andere juist niet, en als je de buren begluurt zullen zij hun potje vrijen op de huiskamervloer uitstellen. In hoeverre beïnvloedt de biograaf het gedrag van zijn onderwerp? Interessante gedachte, en superleuk verwoord.
Wat is de ideale biograaf?
En dat leidt tot de volgende vraag: worden de levens waarheidsgetrouwer beschreven als er veel afstand is tussen biograaf en onderwerp? Kent een vriend of geliefde het onderwerp niet juist veel beter dan een afstandelijke biograaf ooit zou kunnen? Want voor een goede biografie moet je gefixeerd zijn op het onderwerp, iemand door en door willen kennen. Zoals een geliefde dus. Of heeft een geliefde juist teveel vooroordelen, een té roze bril op?
Zijn eetgewoonten relevant in een biografie?
Wat zijn interessante weetjes en wat niet? Wat iemand eet, en lekker vindt? Daar lees je bijna nooit over. En dat terwijl een groot deel van de tijd in ons leven opgaat aan eten (per dag 2-3 van de 16 uur, schat ik, inclusief snacks zo’n 20%) en nog meer aan nadenken over wat je gaat koken, je verheugen op dinertjes en treuren over vreetbuien. Deze vraag vloeit voort uit een ruzie tussen Alain en Isabel, omdat hij een doosje bonbons bijna heeft leeggegeten en haar ‘laat zitten met die stomme citroenparfaits’. Wat is dat, zo’n parfait, en waarom stom? En waarom vindt Isabel het onvoorstelbaar dat Alain denkt dat zij die lekker vindt? Alain gaat op weg om nieuwe bonbons te kopen, maar …. welke vindt ze dan wél lekker? Waarom zegt wát we eten en hóé we eten (boerend, onze jus opdweilend met een stuk brood) volgens de biografen niets over ons karakter, en met wie we slapen en op wie we stemmen wél? Slechts van enkele beroemdheden weten we iets culinairs: Rousseau was dol op peren, Sartre haatte schaaldieren. Dat is nogal magertjes.
Isabel echter denkt het karakter van mensen wél aan de hand van het eten te kunnen afleiden. Zij doet in de supermarkt de winkelwagentjes-test. Een tube ansjovispasta plus een fles walnootolie? Een kinderpornografie-type, ultrarechts, vóór de doodstraf. O, en mensen die tijdens het eten iets anders doen, zoals de krant lezen, tv-kijken, dat zijn ‘verloederde types’, volgens Isabel.
Horen privé-zaken wel in een biografie?
Dan de vraag: wat is té privé voor een biografie? Ik lees een gedetailleerd verslag hoe Isabel met haar snotjes omgaat. Alain vraagt of ze ze ook opeet? Nee, ‘de mijne zijn te zout’. Brrr. Zou ze die van anderen hebben geprobeerd om te vergelijken? Brr Brr. Dat vind ik te privé. Maar verhalen over de eerste kus, de eerste keer seks, aantallen bedpartners, ……
Wat zeggen uitzonderlijke verhalen over een hoofdpersoon?
Men zegt dat biografen teveel aandacht geven aan uitzonderlijke verhalen, denk aan een incidentele knokpartij. In hoeverre is dat een teken van een gewelddadig karakter? Toch is het volgens Alain relevant, omdat in een ‘normaal’ leven er waarschijnlijk zeer weinig aanleidingen zijn geweest voor gewelddadig gedrag, terwijl iemand dat misschien tóch is. Hoe kun je weten of je dapper bent, als je nooit bent toegebruld door een leeuw, midden in de jungle?
En boeken?
Wat zeggen boeken over iemands karakter? Wie heeft er niet tijdens een bezoek of op een feestje, de boekenkast van de gastvrije vreemden bekeken? En als iemand dezelfde literaire smaak heeft, mag je die nét iets liever, maar als je doorpraat over het boek zul je merken dat de ander toch een andere voorstelling heeft over de hoofdpersoon en de omgeving. Die vul je namelijk in met je eigen herinneringen: het gezicht van je neef, de kamer van je opa.
Verschillende biografieën over dezelfde persoon
Over die herinneringen schreef Alain een heel interessant stuk, waarin hij laat zien dat specifieke details en herinneringen anders worden ingekleurd als je een ander humeur hebt. De geboorte van Isabel’s zusje Lucy is dan óf een heerlijke gebeurtenis tegen de eenzaamheid geweest, die haar leerde speelgoed te delen en verantwoordelijkheid te nemen, óf iets wat Isabel beroofde van de aandacht van haar ouders en wat leidde tot rivaliteit. Is ze nu aardiger of juist gemener geworden door Lucy’s geboorte? Je kunt dus twee verschillende biografieën schrijven…
Er is ook verschil tussen biografieën van dode en levende onderwerpen. Bij dode hoofdpersonen weet je welke bekentenissen op het sterfbed zijn gedaan, wie wat kreeg in het testament, en is het duidelijk wanneer het boek afgerond is. Anderzijds word je als biograaf waarschijnlijk beïnvloed door de manier van overlijden: van Mozart ‘was het altijd al duidelijk dat hij arm zou sterven’. Je mist dan alle toevalligheden, en alle keuzes die onuitgesproken gemaakt zijn. Alain zegt dat één persoon in feite een opeenvolging van verschillende mensen in hetzelfde lichaam is. Denk maar aan alle verschillende beroepen die je ooit wilde worden, voor Isabel onder andere metselaar en melkboerin, om allerlei verschillende redenen. Wát je uiteindelijk geworden bent, is niet wíé je bent, dat vergeten we bij dode hoofdpersonen nog wel eens.
Is een autobiografie betrouwbaarder dan een biografie?
En dan de autobiografie. Begrijpen we onszelf beter dan onze vrienden dat doen? Nee. Onze herinneringen zijn gekleurd, en vaak ook aangepast, dus onbetrouwbaar. We interpreteren wat af! Een autobiografie zit dus vól verzinsels. Als biograaf van een levende persoon is het dus dubbel zo lastig een waarheidsgetrouwe biografie te schrijven: niet alleen de hoofdpersoon interpreteert, maar de biograaf óók!
Misschien dat de bekende questionnaires betrouwbare resultaten over iemands karakter opleveren? Onze biograaf Alain en Isabel vullen er samen een paar in. Zegt je favo kleur, vogel of bloem iets over je persoonlijkheid? Dat slaat (natuurlijk) nergens op. Handlijnkunde dan? Isabel vindt dat bijgeloof. Maar ze gelooft wél in het lot en in karma, hoewel haar gedrag er blijkbaar niet door wordt beïnvloed. Is dat relevant? Kent Alain Isabel nu beter? Jawel, maar of hij ook haar karakter beter kent …
Is dikker beter?
Tot slot wat over de steeds maar toenemende dikte van de biografieën. We weten niet goed wát we moeten weten om iemand te doorgronden, de biograaf schrijft dus maar álles op. Of is het zo dat gewoonten en zaken van gewone mensen zoals jij en ik triviaal zijn, terwijl diezelfde gewoonten van beroemdheden automatisch wél interessant zijn? (Die gedachte leeft zeker bij de schrijvers van Dagelijkse rituelen en vergelijkbare boeken). Anderzijds, deze triviale zaken weglaten en je als biograaf beperken tot enkele bijzondere trekjes leidt ertoe dat de lezer deze uitvergroot en van de hoofdpersoon een karikatuur maakt. Oók niet goed!
Mijn evaluatie van De biograaf
Dit boek is een roman en dus fictie. Maar het maakt filosofie zó behapbaar dat het voor de helft echt wel non-fictie is, én leerzaam. Alain heeft de gave om je, al filosoferend, op een andere manier naar dingen te laten kijken die je altijd maar voor vaststaand aannam. Natuurlijk weet je dat een (auto)biografie maar een selectie van het leven van iemand weergeeft, maar ik had nooit zo over de details, over relevantie, over interpretatie nagedacht. Ik kijk nu iets anders terug op de bio’s die ik al las, en de bio’s die nog komen (in één ben ik al halverwege) lees ik met andere ogen.
Alain voert Isabel op om zijn stellingen te ‘onderzoeken’ en te ‘bewijzen’, maar verwijst ook naar biografieën van historische figuren om zijn punt te maken. Isabel is verzonnen, maar levensecht, en haar ervaringen en gevoelens zijn zeer herkenbaar. Ook na 30 jaar nog!
Het boek is geïllustreerd met tabellen (over bonbons, bedpartners etc.) en foto’s, onder andere van de grootouders van Isabel. Hoe relevant zijn die, vraag ik me af. En Alain heeft ze waarschijnlijk precies daarom opgenomen. Het maakt wel dat je inderdaad denkt de bio van een ‘echt’ persoon lezen. (Wie zijn die mensen écht, vraag ik me nu af.)
Alain’s schrijfstijl is bijzonder grappig. De passage die Isabel’s huidverzorging beschrijft is herkenbaar én hilarisch. Ze zijn al laat voor een afspraak als Isabel een pukkeltje op haar slaap ontdekt …. Ze missen de afspraak, en wat volgt is 4 pagina’s met reinigingsmelk, tonic, vochtinbrengende crème enzovoorts tot en met het borstelen van de wenkbrauwen. Mét gedetailleerde beschrijvingen van de flesjes, potjes en kleuren. En zo zijn er meer stukken, heerlijk.
Deze stukken maken ook héél duidelijk wat Alain wil zeggen met zijn beschouwingen over details en relevantie. En ook dat het hele ochtendritueel voor vrouwen niks bijzonders is, maar voor mannen superinteressant kan zijn, in 1995 althans. Een goed voorbeeld van triviaal of niet: als het een bio van, zeg, Kim Kardashian zou zijn, was dit vast héél relevant. En ook: kan een mannelijke biograaf wel de ervaringen van vrouwen volledig begrijpen? Daar heb ik óók nooit zo bij stilgestaan. Knap, als je dergelijke voorbeelden kunt geven, verzonnen of niet.
Mis je iets als je dit boek niet leest? Nee. Behalve als je een enthousiast biografieën-lezer bent.
In Q2 van 2025 las ik weer een hele stapel non-fictie boeken, recent gepubliceerde én klassiekers. Natuurlijk schreef ik er recensies over. En ik gaf ze een rating. Hieronder vind je de 4 beste boeken van afgelopen kwartaal, ik gaf ze 4 1/2*. Zoek je nog inspiratie? Lees dan zéker deze 4! Of anders kies je iets uit de 16 ‘runners up’! Ga Lekker Lezen en Efficiënt Leren!
Mijn top 4 non-fictieboeken van Q2 2025
De sterkste schouders (2025) – 4 1/2*
Wat een leuk en interessant boek! Nee, ik zit niet te dollen. De sterkste schouders van Reinier Kooiman uit 2025 gaat over de geschiedenis van de belastingen. Saai? Nee! Complex? Nee! Een uitstekend geschreven en slim opgezet boek waarin onze huidige belastingstructuur gespiegeld wordt aan die van het Romeinse Rijk en het 12-de -eeuwse Italië, en de wereldwijde ontwikkelingen daarna. Voor iedereen die bijna niks over belastingen weet, en de rest, is dit uitstekend leesvoer. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol.
Dit kan geen toeval zijn (2025) – 4 1/2*
Als je écht wilt weten hoe iets in elkaar zit, moet je er niet alleen over lezen, nee, je moet er mee aan de slag. Al doende leert men. Dus ga je eigen complottheorie bouwen! Dat is het uitgangspunt van Dit kan geen toeval zijn van Lisa Loeb en Daniel Paarlberg uit 2025. Ze geven je gedetailleerde instructies én heel veel voorbeelden in dit uitstekende boek, wat een best-wel-moeilijk-onderwerp uiterst smakelijk uitdiept. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol
Eindtijd – End Times (2023) – 4 1/2*
Wat een fascinerend en intrigerend boek! Eindtijd (End Times) van Peter Turchin uit 2023 gaat over ‘cliodynamica’, de cycli die de geschiedenis laat zien, en dan toegespitst op de patronen rond menselijke samenlevingen. Het boek laat zien hoe onze wereldwijde politiek ook patronen laat zien, van integratie en desintegratie, stabiliteit en onrust, hervormingen en revoluties. Alles gebaseerd op Big Data en wiskunde, en daarom mét de mogelijkheid om de toekomst te voorspellen. Uiterst boeiend! Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol
Over tirannie, geïllustreerde versie – On Tiranny, comic version (2022) – 4 1/2*
Ik las Over tirannie van Timothy Snyder, de geïllustreerde uitgave, uit 2022. Dit is een leuke, toegankelijke samenvatting van zijn gelijknamige boek uit 2017. Voor de duidelijkheid: de samenvatting is leuk door de tekeningen, de inhoud is behoorlijk zorgwekkend. Het gaat over ‘een Amerikaanse president’ die nooit bij naam wordt genoemd, en wiens acties, in 2017 dus, veel overeenkomsten hebben met de bekende totalitaire regimes uit het verleden. Leerzaam, juist nu. Lees verder in mijn recensie | Koop bij Bol
Verder las ik deze 16 non-fictie boeken:
De Bermuda-driehoek van talent van Simon van Teutem (2025) – 4* (recensie)
Geschiedenis voor morgen van Roman Krznaric (2024) – 4* (recensie)
Pak je Carlosmoment van Jaap Bressers (2019) – 4* (recensie)
Project Dromenland van De ZoZa’s (2014) – 3* (recensie)
De klantenfluisteraar van Jan van Setten (2011) – 3* (recensie)
Hoe krijg ik ze zover? van Jan van Setten (2010) – 3* (recensie)
Zit er wat voor je bij?
En hoe staat het met mijn voornemen 50% van vrouwelijke auteurs te lezen? Heel goed! Dit kwartaal waren weer 10 van de 20 boeken van een vrouwelijke auteur.
Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘nicht’ Babette Porcelijn.
Waar schrijft ‘nicht’ Babette Porcelijn over?
‘Nicht’ Babette Porcelijn schrijft over duurzaamheid en andere maatschappelijke thema’s. Als ingenieur begon ze met het in kaart brengen van de duurzaamheidsaspecten rond de productie van allerlei producten, daarna breidde ze haar visie uit naar sociale en economische thema’s, zoals klimaatonrechtvaardigheid.
Op dit moment is ze bezig met een nieuw boek, die haar visie op een nieuwe economie moet weergeven: de ‘Trias Economica’. Hierbij draait het om Financiële, Commerciële en Publieke macht. De effecten van de scheiding van die machten zijn bijvoorbeeld: scheiding van lobby en staat, schulden uit de commerciële markt halen, en stakeholdersmacht in plaats van aandeelhoudersmacht. De trias economica biedt een denkraam om economische belangenverstrengeling en machtsconcentratie die het kapitalisme in de hand werkt te doorbreken, zo legt ze uit. Interessant! Het komt 24 maart uit.
Heeft ‘nicht’ Babette Porcelijn andere zakelijke activiteiten?
Babette startte haar (ANBI) stichting ‘Think Big Start Now’ in 2014. Deze stichting heeft tot doel de maatschappij ecopositief te maken, waarbij een focus wordt gelegd op álle factoren die ecologische impact hebben. Haar aanpak bestaat uit onderzoek naar de impact, en effectieve communicatie plus trainingen daarover om zoveel mogelijk mensen te inspireren. Babette deed dit onder andere voor de Gemeente Amsterdam, APG, Eneco.
Zij is dus ook spreker en trainer, verder is zij gastonderzoeker bij het Copernicus Instituut.
Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘nicht’ Babette er uit?
Babette werd geboren in Amstelveen en groeide op in Zuid-Limburg. Zij zat van 1986 tot 1991 op het Grotius College in Heerlen en ging daarna korte tijd filosofie studeren aan de Universiteit Utrecht. Ze volgde van 1994-1995 een vooropleiding viool aan het Conservatorium Rotterdam. Ze studeerde Industrial Design Engineering aan de TU Delft, waar ze zich specialiseerde in industriële processen en ketenanalyse. Ze studeerde daar in 2001 af.
Na haar afstuderen werkte ze tot 2014 als ontwerper voor verschillende bedrijven: Go designers, KVD, Brandvast, Kubik, Oil for life. In 2014 begon ze met haar stichting Think Big Act Now.
Verder is ze ambassadeur van Maatschapwij en TreesforAll. Ze zat in de jury van de Trouw Duurzame 100, Dutch SDG-Awards en What Design Can Do Challenge.
Ze is getrouwd met Rick en heeft twee kinderen. Ze woont in Amsterdam. Rick’s onderzoek naar de impact van de productie van een nieuwe auto in 2014 was voor Babette de start van haar impact-onderzoeken.
Welke boeken schreef ‘nicht’ Babette Porcelijn?
‘Nicht’ Babette schreef 5 boeken waarvan ik er 2 las. Eentje staat klaar op mijn reader. De twee andere probeer ik ergens te lenen, de bibliotheek heeft ze (nog) niet. Kopen is geen optie, ik volg Babette’s overtuiging dat spullen kopen de allergrootste impact heeft.
De trias economica (2026)
Ik las dit boek nog niet. dus de flaptekst: In De trias economica geeft Babette Porcelijn zichzelf de uitdaging om een economie te ontwerpen die democratisch en verdelend is. Een economie zonder groeidwang, die bovendien rekening houdt met de draagkracht van de Aarde. Een economie die geen verborgen impact op mensen en de planeet veroorzaakt, maar juist meer goed doet dan schaadt. Een set fundamenteel nieuwe spelregels voor de economie, die economische macht verdeelt. De zeggenschap ligt niet langer bij wie het meeste bezit, maar bij degenen die de gevolgen dragen van economische beslissingen. Koop bij Libris
Stemmen met je portemonnee (2025)
Ik las het nog niet, dus de flaptekst: Als jij buikpijn hebt van het onrecht in de wereld en in actie wilt komen, hoef je niet als politicus de Kamer in of als activist de straat op. Met iets simpels als je portemonnee en dagelijkse keuzes maak je als individu al het verschil. • Boek je jouw accommodatie via Booking.com of rechtstreeks bij een hotel? • Bestel je je eten bij Domino’s of de lokale Italiaan? • Koop je je kleding bij H&M, Zara of Vinted? • Beleg je in duurzame aandelenfondsen of koop je een huis voor je kinderen? Babette schreef dit boek met 20 andere auteurs, maar wordt vaak als eerste auteur vermeld. Koop bij Bol
Het Happy 2050 scenario(herziene editie 2023, oorspronkelijk 2021)
Uit mijn recensie: Wow, wat een geweldig boek is dit! Babette noemt haar Het happy 2050 scenario een soort ‘lees-encyclopedie’. Ja, dat dekt de lading zeker: veelomvattend, feitelijk, gestructureerd, geïllustreerd en heerlijk leesbaar. Zó knap hoe Babette het best complexe onderwerp ‘geluk’ uiteenrafelt in veiligheid, duurzaamheid, rechtvaardigheid en welzijn. Van macro (de aarde) naar micro (jouw lichaam & geest) en alles ertussenin. Petje af. Lees mijn recensie.Koop bij Bol.
Ecopositief in 5 stappen (2020)
Ik las dit boek nog niet, dus de flaptekst: Hoe verduurzaam je je dagelijks leven? Wat werkt nou echt en wat juist niet? Dit doeboek helpt je om effectief aan de slag te gaan. Je ontdekt waarmee je de meeste impact hebt, welke oplossingen bij jou passen, en wat ze je opleveren. Misschien word je zelfs wel eco-positief. Weten wat dat is en hoe je het wordt? Doorloop de vijf stappen en ontdek het allemaal. De methode EcoPositief in vijf stappen is gebaseerd op inzichten uit de bestseller De verborgen impact. Het doeboek staat op zichzelf en is ook te gebruiken zonder eerst het boek te lezen. Koop bij Bol.
De verborgen impact (2016)
Uit mijn recensie: Wat een geweldig boek vind ik dit! Heel mooi uitgevoerd en met cijfermatige onderbouwing voor alle berekeningen en statistieken, die in mooie inzichtelijke infographics zijn weergegeven. Babette is op onderzoek gegaan naar de ‘externaliteiten’ van ons voedsel, huis, auto en allerlei andere zaken. Want we focussen nu wel op onze energie en (fossiele) brandstof, maar we hebben eigenlijk geen idee hoeveel uitstoot en andere klimaat- (en sociale) ellende er bij de productie kwam kijken. Lees mijn recensie. Koop bij Bol
Slaap je wakker en gezond (2022)
Babette deed de tekstredactie van dit boek van haar broer Hans Hamburger. Hans overleed in 2021, en Babette maakte het boek af. Het staat op mijn eReader, maar ik las het nog niet, dus hierbij de flaptekst: In onze 24/7 maatschappij, waar je zelfs midden in de nacht een wc-borstel kunt kopen, valt slaap uit de toon. Is het niet gewoon zonde van onze tijd? ‘Het belang van slaap wordt enorm onderschat, slaap is net zo belangrijk voor je gezondheid als eten, drinken en ademen.’ Hans Hamburger was een bevlogen neuroloog en voorvechter van slaapzorg en slaaponderzoek. Koop bij Bol
Verantwoording
Alle informatie is ontleend aan Babette’s eigen website, Bol, Wikipedia, Duurzaam ondernemen.
Ik las Over tirannie van Timothy Snyder, de geïllustreerde uitgave, uit 2022. Dit is een leuke, toegankelijke samenvatting van zijn gelijknamige boek uit 2017. Voor de duidelijkheid: de samenvatting is leuk door de tekeningen, de inhoud is behoorlijk zorgwekkend. Het gaat over ‘een Amerikaanse president’ die nooit bij naam wordt genoemd, en wiens acties, in 2017 dus, veel overeenkomsten hebben met de bekende totalitaire regimes uit het verleden. Leerzaam, juist nu.
Het originele boek is geschreven net ná de verkiezingen in de VS in 2016, gewonnen door hij-die-niet-genoemd-wordt. Dat houdt in dat de acties die we nú in de VS zien, niet zijn opgenomen. Timothy slaagt er wel in om in zijn waarschuwingen deze min of meer te voorspellen. Ik verwacht dat in het oorspronkelijke, dikkere, origineel de onderbouwing vanuit de historie omvangrijker en gedetailleerder is. Dat boek gaat dan ook op mijn leeslijst; ik zie deze korte en opgeleukte versie als een fijne amuse en heel geschikt voor de jeugd.
Het maatschappijboek Over tirannie, geïllustreerde versie …
… geeft ons 20 lessen uit de 20ste eeuw. Timothy plaatste direct na de verkiezingsuitslag van 2016 op Facebook een lijst van twintig aanbevelingen die van belang zijn als de democratie wordt bedreigd. Dat bericht ging direct viral, en in zijn boek werkt hij die aanbevelingen uit met concrete voorbeelden van het fascisme, nazisme en communisme uit de vorige eeuw.
Het begin is al heel sterk: de Founding Fathers van de VS vonden hun Britse overheersers ‘tiranniek’, en bij het ontwerpen van de grondwet bestudeerden ze de oudheid. Hoe waren de democratieën en republieken van toen vervallen tot oligarchieën en keizerrijken? Wat schreven Aristoteles en Plato hierover? De lessen gingen de grondwet in. Inmiddels zijn er ook recentere voorbeelden van verval. Het communisme in de Sovjet-Unie vanaf 1922, en die in Oost-Europa vanaf de 40-er jaren. Het fascisme in Zuid-Europa vanaf de 20-er jaren en het Nazisme in Duitsland vanaf de 30-er jaren, allemaal voorbeelden van tirannie.
20 lessen tegen tirannie
Les 1 is: Gehoorzaam niet bij voorbaat. Hitler’s opkomst had alles te maken met mensen die vanaf het begin klakkeloos gehoorzaamden en vrijwillig hun diensten aanboden. Niet-nazi’s deden mee aan het verjagen van de joden uit hun straat. De SS verzon uit eigen beweging, dus zonder een bevel daarvoor, manieren voor massamoord. Timothy verwijst naar het Milgram experiment met stroomstoten om uit te leggen dat allerlei mensen dit doen, niet alleen ‘slechte’.
Verder gaat het met les 2: Verdedig maatschappelijke instellingen (kranten, rechtbanken, vakbonden, wetten); les 3: Voorkom een 1-partijstaat (eerlijke verkiezingen en kiesdistricten); en les 4: Neem verantwoordelijkheid voor het aanzien van de wereld (verzet tegen het ontmenselijken van groepen mensen, zoals de rijke boeren in de Sovjet-Unie, de joden in Duitsland, de niet-communisten in Tsjechoslowakije).
Les 5 is heel interessant: Bewaak de beroepsethiek. Het is moeilijk een rechtsstaat af te breken zonder meewerkende juristen en rechters, zonder ambtenaren, zonder zakenlieden die alleen voor eigen gewin gaan. De medische experimenten in de concentratiekampen waren niet mogelijk geweest zonder onethische artsen, dwangarbeid daar niet zonder regelende ambtenaren en profiterende zakenlieden. Voor dat laatste zie ik ook een parallel met onze arbeidsmigranten.
Dan les 6: Pas op voor paramilitairen, denk aan de SA, van oorsprong beveiligers van Hitler. Maar ook huurlingen en particuliere gevangenissen vallen hieronder. En gerelateerd hieraan les 7: Blijf nadenken als je een wapen moet dragen. De Russische NKVD, die bijna 700.000 mensen executeerde, kreeg hulp van politiekorpsen.
Voor ons, gewone mensen zonder wapens is les 8: Wees het eerste schaap over de dam. Geef het goede voorbeeld. Wees een Winston Churchill, Rosa Parks of Teresa Prekerowa. Mij sprak met name les 9 aan: Koester onze taal. Herhaal niet wat anderen zeggen, week jezelf los van het internet. Lees boeken. Bijvoorbeeld George Orwell’s 1984, waarin boeken verboden zijn en woorden simpelweg geschrapt worden. Of lees Harry Potter en de relieken van de dood, wat óók gaat over tirannie en verzet. Les 10 ligt voor de hand: Geloof in de waarheid. Bescherm feiten tegen verzinsels en leugens, zelfs als ze van de president komen. Les 11: Onderzoek alles, zoek zélf dingen uit. Steun onderzoeksjournalistiek. Stuur geen nepnieuws van het internet door naar anderen.
Erg mooi vond ik les12: Maak oogcontact en ga in gesprek. Zo leer je begrijpen wie je wel en niet kunt vertrouwen. En heel erg van deze tijd is les 13: Bedrijf politiek fysiek. Ga naar buiten, ontmoet onbekende mensen, demonstreer samen met je nieuwe vrienden. Neem een voorbeeld aan de vakbond Solidariteit, waarbij tijdens de demonstraties van 1980 niet alleen de arbeiders, maar ook studenten, juristen en wetenschappers en allerlei anderen de straat opgingen.
Dan wijze woorden over privacy in les 14: Zorg voor een privéleven. Kwaadaardige heersers zullen alles wat ze van je weten tegen je gebruiken. Voer gesprekken in de echte wereld, gebruik het internet minder. Wat je daarop zegt kan volstrekt uit z’n verband gerukt worden. En nieuwsmedia gebruiken dat graag om te scoren. Ook mooi zijn les 15:Geef aan goede doelen (ngo’s bijvoorbeeld en wees actief in organisaties. Behoud de vrijheid van vereniging.) en les 16: Leer van mensen in andere landen, want tirannie is zó de grens over. Oekraïne is erg fel op Russische desinformatie, daar kan de VS nog wat van leren.
Les 17 gaat weer over taal: Let op gevaarlijke woorden (zoals extremisme, noodtoestand, etc.). Die zijn een voorbode van vrijheidsbeperkende wetten. Les 18: Blijf kalm als het ondenkbare gebeurt. Een terroristische aanslag wordt zó misbruikt door autoritaire leiders om hun macht te consolideren. De vrijheid van meningsuiting, het recht op een eerlijk proces, het is zomaar verdwenen.
Een genuanceerde les 19 zegt: Wees vaderlandslievend. Na twee pagina’s van allerlei zaken die niet vaderlandslievend zijn, maar wel karakteristiek voor een zeker persoon waarvan-we-de-naam-niet-noemen, legt Timothy het verschil uit tussen een nationalist (die al deze dingen doet) en een patriot, die wil dat een land zijn idealen waarmaakt.
En dan een bemoedigende laatste les 20: Wees zo moedig als je kunt zijn. “Als niemand bereid is voor de vrijheid te sterven, zullen we allemaal sterven in dictaturen.” Deze les heeft geen toelichtende tekst nodig, heeft Timothy gedacht. Het bestaat uit louter deze twee zinnen.
Mijn evaluatie van Over tirannie, geïllustreerd
Bijna alle zaken die Timothy aankaart, worden inmiddels, in 2025, breed uitgemeten als het over de VS gaat. De consensus in het democratische westen is dat de VS hard op weg zijn een autocratie te worden, als het al niet zover is. De discussie gaat wel over wat hier (nog) aan te doen is. In die zin heb ik veel bewondering voor zijn bijna voorspellende beschouwingen, maar leerde ik er minder van. Anderzijds is het ook goed om deze 20 lessen op Nederland te projecteren, waar we ook een aantal van dergelijke ontwikkelingen zien. Het inperken van het demonstratierecht bijvoorbeeld. Of de woorden die gebruikt worden als het over asielzoekers gaat. Of het gebrek aan onderzoeksjournalistiek bij de nieuwsmedia. Nog steeds relevant voor ons landje dus.
Uit deze verkorte versie is de wetenschappelijke onderbouwing van de voorbeelden van tirannie niet af te leiden, daarvoor moet je, denk ik, het origineel uit 2017 hebben. De voorbeelden zijn wél goed gekozen, met name de vergelijking met het nazisme is schokkend en ook herkenbaar. Hier lezen ook jongeren nog veel en vaak over, lijkt me, dat is wellicht minder als het over het communisme in de Sovjet-Unie of Oost-Europa gaat.
Prachtige vorm
Wat eruit springt zijn natuurlijk de tekeningen en de lay-out van het boek. Vaak wat kinderlijk of romantisch getekend, het doet aan een stripverhaal denken. De eerste indruk is dan ook leuk en vrolijk, maar dat is dit boek natuurlijk helemaal niet. Heel bijzonder dat deze tegenstrijdigheid toch goed werkt. Ook de rest van de uitvoering, met ‘handgeschreven’ tekst, mooi kleurgebruik en een afwisselende layout van tekst en plaatjes plus foto’s is erg aantrekkelijk. De schrijfstijl is heel prettig: simpel woordgebruik, geen jargon, maar toch niet kinderachtig. Praktisch en concreet, met uitzondering van het nawoord, dat wat meer filosofisch van aard is, een toevoeging uit 2021.
Dat nawoord gaat over ‘onvermijdelijkheid’, de toekomst zien als een vervolg op het recente verleden, met groeiende mondialisering, toenemende redelijkheid en meer welvaart. Teleologie dus. Dit smoort de discussie en zorgt ervoor dat we niet meer van het verleden leren. Daar tegenover zet hij de politiek van de ‘eeuwigheid’. Het verleden wordt mooier gemaakt dan hij is, gemanipuleerd. Dat geldt ook voor de communistische jaren ’30 in Oost-Europa. En voor America First. Beide uitgangspunten zijn anti-historisch, en hebben de jonge generatie van nu beïnvloed. Het is dus belangrijk dat de jongeren iets van de geschiedenis weten. Vandaar het (strip)boek.
Is Timothy Snyder de VS ontvlucht?
Terzijde: Timothy Snyder is historicus en openlijk anti-Trump, en eind 2024 verhuisde hij naar Canada. Men zegt vanwege de aanvallen op de universiteiten in de VS, hijzelf noemt familie-omstandigheden als de reden, en de mogelijkheden die hij bij de universiteit in Toronto krijgt, met name toegang tot meer en diversere studenten. Hij volgt zijn les 13, maar ook les 20, zegt hij zelf in een video. Hij is niet laf, hij was recent in Oekraïne om van hun moed te leren, en zijn vrouw is er regelmatig.
Mis je iets als je dit boek niet kent? Gezien de bekendheid van Timothy én dit boek zeg ik: Ja.
Op je 12-de milieuactiviste worden, daarna op het WEF en voor de VN spreken, en op je 20ste de hoofdpersoon zijn van een documentaire. Dan heb je wel wat te vertellen! En inderdaad, Melati Wijsen heeft in haar boek Change starts now uit 2025 héél wat te vertellen. Het is een mix van biografie, actiegids en zelfhulpboek waar jongeren veel van kunnen leren. Als oudere jongere schaamde ik me vooral voor mijn eigen inactiviteit.
De beschrijvingen van Melati’s jeugd op het, in haar kind-ogen, paradijselijke Bali zijn ontroerend, en die van haar activiteiten soms bijna niet te geloven. Ze realiseert zich terdege dat ze alle aandacht voornamelijk kreeg in verband met haar jonge leeftijd en dat de milieuvervuiling op het tweede plan stond. Desondanks is ze nu, 12 jaar later, nog niets van die passie kwijt. Die passie is nu gericht op het enthousiasmeren van andere jongeren voor activisme en ze behoeden voor de valkuilen waar zij zelf intrapte. De schrijfstijl en structuur van het boek kunnen zeker beter, maar haar passie straalt van elke pagina af.
Het duurzaamheidsboek Change starts now …
… laat ons eerst kennismaken met Melati’s familieleven op Bali. Haar Nederlandse moeder en Indonesische vader ontmoetten elkaar op het zeilschip de Ombak Putih (grappig, daar heb ik jaren later ook een tocht mee gemaakt). Ze wonen op het platteland, in een huis met open voorkant, zodat ze één zijn met de natuur. Het gezin gaat veel zeilen en Melati en haar zusje ‘ontdekken’ allerlei eilanden. Tijdens de tochten leren ze veel over de natuur, zoals dat de oceaan zorgt voor 70% van de zuurstof. Melati groeit op met allerlei tradities, waaronder de Tri Hita Karana, de drie pilaren van welzijn: leven in balans met de omgeving, met elkaar en met je innerlijke zelf (environment, community, self).
Elke dag hollen de kinderen naar hun favoriete strand om te gaan zwemmen. En op een dag valt het Melati op dat dat mooie strand vol ligt met plastic. Het spoelt aan vanuit de oceaan, onze zuurstof-producent. En het wordt opgeruimd door een schoonmaker, die het plastic verbrandt, want andere opties heeft hij niet. Melati is geschokt, en bezoekt op haar 12-de een vuilstortplaats met plastic.
Bye Bye Plastic Bags
Dat is de start van haar eerste project, samen met haar 2 jaar jongere zus Isabel: Bye Bye Plastic Bags. Een slimme keuze: al dat plastic is opvallend én het verbannen van single use plastic zakken is al eerder, in andere landen, gedaan. Ze heeft succes omdat het ‘leuke kinderen’ zijn die de boodschap verkondigen.
De volgende hoofdstukken gaan in op enerzijds de opwarming van de aarde, vervuiling, de SDG’s, de urgentie enzovoorts, de probleemkant dus, en anderzijds de activiteiten van Melati en haar organisatie van kinderen. Ze gaat op haar 13-de naar een conferentie in Mumbai, en als ze vindt dat er op Bali te weinig gebeurt, gaat ze in hongerstaking, alleen overdag. Na 2 dagen mag ze bij de gouverneur komen om haar zaak te bepleiten. Melati is onder de indruk, maar ook teleurgesteld, want er komen geen harde toezeggingen. Ze start een petitie, die viral gaat. Inmiddels heeft ze een groot team van vrijwilligers en leert ze hoe ze dat wel en niet moet managen. De tips zullen je bekend voorkomen, jong en oud maken dezelfde fouten.
Wereldwijde impact
Op haar 14de heeft ze franchises over de hele wereld en een hoofdkantoor op Bali, zelf gebouwd van zeecontainers. Het behouden van haar betaalde staf is niet makkelijk, ze wijt het aan haar rondrennen als ‘een kip zonder kop’, slecht prioriteren, uitstelgedrag.
Een volgend hoofdstuk gaat over spreken in het openbaar, en zij staat als 15-jarige te speechen bij de VN. Leuke tips: neem jezelf niet te serieus en afwijken van je script is prima, je publiek weet niet beter. Verder presenteert ze een model voor de opzet van een goed verhaal, de diamant, die uit 5 delen bestaat: de ijsbreker, dan de intro, de kern van het verhaal, de samenvatting en de call to action. Leuk is haar tip om je speech beter te onthouden: oefen hem met rare accenten. Voor haar heeft het gewerkt, inmiddels is ze full time betaald spreker. Waar ze wel wat moeite mee heeft is de reactie van haar publiek: o, je was zo inspirerend! Ze wil geen inspiratie zien, maar actie, verandering! Maar ze realiseert zich ook dat inspiratie altijd de eerste stap is.
Volwassen worden
Op haar 18-de is ze klaar met school, en ze merkt dat het ontbreken van die dagelijkse structuur het teken is van de overgang naar volwassenheid. Ze is niet meer dat ‘schattige kind’ en krijgt nu niet meer alle aandacht omdat ze zo jong is. Naar de universiteit wil ze niet. Veel mensen adviseren haar dit wel te doen, dat geeft haar meer geloofwaardigheid denken ze. Maar zij leert door te doen, door te netwerken met jongeren over de hele wereld. Verder gaat het over intergenerationeel samenwerken, en wat ze ‘youth washing’ noemt: wel de jeugd vragen om te komen spreken, maar verder de jeugd niet concreet steunen. In de tussentijd is zij het enige gezicht van haar organisatie, ze delegeert niets, wil alles zelf doen, steeds iets nieuws oppakken. Haar ego zit haar in de weg, en ze krijgt 3x een burn-out.
Het systeem werkt tegen en mee
In een hoofdstuk over vriendschap en liefde lees ik ook dat Melati altijd een dubbele nationaliteit had: Indonesisch en Nederlands. Ze heeft in Bali altijd gestemd, had een Indonesisch paspoort. Maar op haar 21ste moet ze kiezen tussen haar beide nationaliteiten. Dan blijkt dat ze de Indonesische nationaliteit die ze zo graag wil, niet kan krijgen. Er ontbreekt iets juridisch …. én ze is activiste, dus gewoon niet welkom. Ze is geschokt! (Inmiddels woont ze in Amsterdam.) Ze herinnert de lezer eraan dat veel activisten in eigen land worden vervolgd of helemaal verbannen. Het systeem laat ze in de steek. Maar …. je kunt dat systeem ook voor je laten werken. Denk aan de juridische procedures tegen vervuilende bedrijven.
Het slot gaat over hoop, meedoen, en ze geeft een call to action: zorg voor milieu en sociale zaken in je ‘1 meter bubbel’ en word een changemaker. Zelf neemt ze afscheid van de BBPB: het is niet meer nodig en andere instanties hebben meer impact nu op dat gebied.
Mijn evaluatie van Change starts now
Tot mijn schande moet ik bekennen dat ik hiervoor nog nooit gehoord had van Melati Wijsen. Hoe is dat nu mogelijk, ze heeft in de afgelopen 12 jaar op heel wat podia gestaan en veel publiciteit gehad. Voor mij was haar levensverhaal dus helemaal nieuw, en ik was onder de indruk van haar passie, haar daadkracht en haar vermogen om een beweging te creëren. Het leerpunt hier is natuurlijk: als een 12-jarig meisje uit Bali dit kan bereiken, wat houdt ons, ouderen uit rijkere landen, dan tegen om dezelfde impact na te streven? Ik schaam me een beetje over mijn leunstoel-activisme.
Naast de biografische stukken komen de milieuproblemen aan bod. Deze onderdelen zullen voor de veel-lezers rond duurzaamheid niet heel nieuw zijn, maar wellicht voor veel jongeren toch nog wel. Aangezien het boek Engelstalig is, zou het niet misstaan op een Engelse literatuurlijst op de middelbare school of als discussiestuk bij een jongerenvereniging.
Het grootste deel van het boek heeft betrekking op persoonlijke ontwikkeling, en de 100 tips waarmee de hoofdstukken zijn gevuld zijn zondermeer nuttig. Managementboekenlezers zullen niet veel nieuws lezen, maar leest de jeugd van tegenwoordig al managementboeken? Ik denk het niet. Mij lijkt de doelgroep dan ook voor de hand liggen: middelbare school-gangers.
Alle tips zijn opgehangen aan Melati’s eigen ervaringen, maar zijn naar mijn mening gangbaar en in menig zelfhulpboek met wetenschappelijke onderbouwing terug te vinden. Ik trof in ieder geval geen tips aan die ik onzin vond. De tip voor het beter onthouden van je speech door hem met verschillende accenten uit te spreken was wél nieuw voor me, en kon ik al googelend, nergens terugvinden. Misschien gewoon eens uitproberen? Het boek heeft geen literatuurlijst, wel een ‘resource library’ die niet zozeer verwijst naar bronnen voor het boek, maar naar interessante en mij onbekende organisaties, naar TEDTalks, documentaires en podcasts. En naar programma’s van Melati’s Youthtopia die je kunt volgen.
Het voordeel van een biografie is dat deze tijdloos is, tenzij er ‘updates’ komen natuurlijk. Melati is nog erg jong, dus die kans zit er zeker in. De twee andere onderdelen van het boek, informatie over duurzaamheid en persoonlijke ontwikkeling / activisme zijn misschien minder tijdloos, maar op dit moment erg relevant en maken de biografische stukken extra interessant.
Vorm
Melati schrijft erg levendig over haar familie en vrienden, over het opgroeien op Bali, over hoe ze zich voelt bij de belangrijke ontmoetingen. Ze stelt zich ook erg eerlijk en kwetsbaar op als ze het heeft over haar beperkte managementvaardigheden en haar ongeduld om resultaat te zien. Ook al was ze piepjong, deze ervaringen zijn erg herkenbaar, ook voor ouderen. Wie heeft er niet eens voor groot publiek gestaan en dacht de hele tekst vergeten te zijn? Wie heeft zich niet eens geërgerd aan een politicus die veel mooie woorden voor je heeft, maar weinig actie?
Helaas is de structuur rommelig. Dat komt deels door de combi biografie en actiegids. Enerzijds wordt het verhaal chronologisch verteld, anderzijds zijn de hoofdstukken ingedeeld per thema, waarbinnen ze regelmatig springt van ‘in het begin’ naar een aantal jaren later of het heden. Ook worden er in de biografische stukken grote delen overgeslagen. Op haar 12-de start ze haar activisme, op haar 13-de is ze bij een conferentie in Mumbai. Wat is er in dat jaar gebeurd? Werd ze uitgenodigd? Wilde ze er zelf naar toe? Ideetje van haar ouders? Ik ken niet veel kinderen die op hun 13-de al zo internationaal geëngageerd zijn, waar kwam dat vandaan?
Qua redactie heb ik ook wat ergernissen. Zo staat deze zin er in: Did you know that the Latin word for ego is ‘I’? Dat lijkt me niet helemaal juist. Verder staan er kromme Engelse zinnen in (one of my first mistakes I made), is de lay-out op plekken in het eBook superlelijk, en springt Melati soms van de hak op de tak. Leuk zijn de foto’s, die dragen zeker bij aan het biografische deel.
En? Mis je wat als je dit boek niet leest? Dat denk ik niet, maar voor jongeren die tegen een depressie aanzitten over de grote problemen van tegenwoordig kan het zeker wat handelingsperspectief bieden en activeren. Ook geeft het informatie over organisaties om je bij aan te sluiten als jongere, altijd goed om gelijkgestemde zielen te ontdekken.
Jan van Setten schreef eerder de bestseller Hoe krijg ik ze zover, en direct daarna de opvolger, De klantenfluisteraar uit 2011. Relevant of inmiddels rotzooi? Parel of rijp voor de papierbak? Op zijn onnavolgbare, humoristische manier laat Jan zien hoe je je klanten kunt geven wat ze écht nodig hebben. Wat mij betreft: nog steeds relevant.
Las ik wat nieuws? Niet direct, dit wat oudere boekje lijkt veel, heel veel, op de boekjes die Jos Burgers uitbrengt en die ik vrijwel allemaal gelezen heb. Jan gaat iets meer in op theorie en heeft een andere soort humor, met veel woordgrappen. Hij put wederom uit eigen werk-ervaring, heerlijk over-the-top, en geeft tegendraadse adviezen. Lekker luchtig leerzaam leesvoer!
Het managementboek De klantenfluisteraar …
… begint met een hoofdstuk over kiezen. Want als jij duidelijk kiest, kiezen klanten jou. Je kiest dus je product of dienst, en dat moet iets zijn wat je zelf ook écht leuk vindt. Hoe leuker je het vindt, hoe beter je er in wordt. Zo onderscheid je je. Maar je kunt je ook onderscheiden in … eerlijkheid. Zoals een ICT-dienstverlener, die op de nogal standaardvraag ‘Waarom zouden we met jullie in zee moeten gaan?’ antwoordde: Omdat je met ons gegarandeerd shit krijgt! De klant is verbijsterd. De uitleg is duidelijk: ‘dit soort ICT-projecten levert altijd issues op: over tijd en over budget. Wij hebben daar veel ervaring mee, en lossen het meestal op voordat u het merkt, en van wat u wel merkt bespreken we van te voren met jullie hoe we er mee omgaan.’ De klant vond dit een hele reële benadering, beter dan de mooie praatjes van de concurrentie.
Waar blijkt dat uit?
Ook belangrijk: ga na of dat wat je feitelijk doet én communiceert overeenstemt met de keuzes die je hebt gemaakt. Oftewel: Waar blijkt dat uit?
Over communicatie: waar worden klanten écht blij van? Van oprechte aandacht en interesse, en initiatief tonen. Niet zo gek, want klant komt van het Franse chaland, wat betekent: geïnteresseerd zijn. En dat gaat 2 kanten op. Om geïnteresseerd te zijn in de klant moet je vol-ledig bij de klant zijn: vol in het moment en met een ledig hoofd luister je naar je klant.
Dat wat je communiceert aan je doelgroep, moet je laten zien in je gedrag. Waar blijkt dat uit? Als voorbeeld: de open keukens van McDonalds. Waarom die open zijn? Zodat je kunt zien dat ze schoon zijn? Ja. Zodat je kunt zien dat alles vers wordt gemaakt? Ja. Maar iets anders is nog belangrijker. Het is een Fast food restaurant. Toch sta je vaak best wel even te wachten op je bestelling. Door die open keuken kun je zien dat iedereen ontzettend hard aan het werk is om het zo snel mogelijk klaar te maken. Met een dichte keuken voelt je Fast food minder fast.
MOT met je klant
Ook in het derde hoofdstuk weer een leuke woordspeling: Zoek MOT met je klanten. MOT? Ja, het Moment of Truth, het allerbelangrijkste contactmoment met je klant. Dan doe je extra je best (of niet) en heb je een superloyale klant gemaakt (of er eentje weggejaagd).
Dat komt door de wet van wederkerigheid. Het heeft niet (altijd) met geld te maken, zo blijkt uit het (inmiddels gedateerde) verhaal van Zappos. Als een klant de gewenste schoenen niet bij hen kan vinden, is de klantenservice verplicht om met de klant de gewenste schoenen te vinden op de sites van minimaal 3 concurrenten. De functie van Zappos is ‘de klant extreem goed helpen’ en daar leveren ze dan een paar schoenen bij (of niet!).
Boren of gaten?
Het verhaal van boren en gaten is bekend, Jos Burgers vertelt dit vaak. De klant zit niet te springen om een boormachine met allerlei functies, hij wil alleen een paar gaten, zodat hij zijn schilderijen kan ophangen. Je moet dus naar zijn behoeften vragen, niet iets aansmeren. En dan naar hem luisteren, natuurlijk.
Luisteren moet in 3D: met je oren (wat zegt hij qua inhoud en wat is de toon), met je ogen (wat straalt hij uit met zijn lichaam) en met je hart (doorgronden waar hij zich het meest zorgen over maakt en wat zijn wensen zijn).
Om te zorgen dat een klant je aanbeveelt, moet de relatie heel sterk zijn. Daarvoor is wederzijds vertrouwen cruciaal. Jan gebruikt hierbij zijn eerder ontwikkelde model (zie ook de recensie van Hoe krijg ik ze zover) met 4 factoren: Betrouwbaarheid (daden), Intimiteit (emoties), Geloofwaardigheid (woorden) en Eigen Belang (motieven of drijfveren).
Altijd Ja zeggen
Een verrassende strategie is: Begin met ‘JA’ en je komt er altijd uit. Het begint met een prachtig voorbeeld van een zorginstelling en haar regeltjes. Een nieuwe bewoonster heeft 3 katten, maar mag er maar 1 meenemen. De andere 2 dus niet. De zorgverleenster vraagt zich af: Hoe begin je dan met JA? Al pratend met de bewoonster blijkt dat één kat al superoud is, die overleeft de verhuizing niet, veel te druk. Samen bellen ze de dochter, kan zij voor het bejaarde beestje zorgen? Dat kan. O, er is ook een bewoonster die geen huisdier heeft maar wel graag een kat zou willen. Zo kan de nieuwe bewoonster deze kat toch elke dag zien. Iedereen blij. Het kan wél! Is JA écht niet mogelijk, dan is een hele goede optie: Nee, maar ik ga u wel helpen.
Klantgericht betekent niet klantgezwicht. Klantgezwicht is alles doen wat de klant vraagt (zoals hoge korting geven), klantgericht is doen wat hij werkelijk nodig heeft. Wil hij tóch korting, kijk dan samen hoe er op jouw kosten bespaard kan worden. Uitruilen. En is dat niet mogelijk, zeg dan gewoon nee. Verklaar je klant voor GEC. Dat staat voor Gelijkgeven op Emotie en Corrigeren op inhoud. ‘Ja, het is zeker een forse investering (GE), gelooft u dat het voor u kan werken? (C). Kom je dan nog niet tot elkaar, neem dan afscheid van je klant. Geef nooit korting!
Kiezen
De afsluiter is een verrassende vraag: Voor wie werk je écht? Het bedrijf? De klant? Jezelf? De aandeelhouder? Als je er eerlijk en diep over nadenkt: jezelf. Ondanks wat er op je website staat, staat de klant niet centraal. Jij werkt omdat je dat leuk vindt. Maar als jij lol hebt in wat je doet straal je dat uit, doe je je klanten plezier, en dat levert je nog meer lol op. Het bestaansrecht van je onderneming zit erin dat jij gelooft in wat je doet, en daarmee de andere 3 blij maakt. Kies bewust voor wat je doet en voor wie, en je wordt gekozen…..
Mijn evaluatie van De klantenfluisteraar
Ik las niet zo heel veel nieuws, en dat komt vooral omdat er heel veel geschreven is en wordt over klantgericht werken. Ik ben een fan van zijn collega Jos Burgers, Jan en Jos maakten samen de podcast ‘De Klantenfluisteraars’. Het is dan ook niet gek dat Jos over dezelfde onderwerpen schrijft, en aangezien ik bijna ál Jos’ boeken heb gelezen, is er maar weinig in dit boekje wat me nog niet bekend was. Daarbij adresseert Jan universele thema’s. Maar: hij geeft die een eigen draai door zijn modellen, zijn humor en zijn ad-hoc analyses van de oorsprong van woorden. Dat maakt het lezen toch de moeite waard.
Jan levert geen literatuurlijst bij dit boek, maar ik herkende in de tekst wel uitspraken van Covey. Ongetwijfeld is het betoog (mede) gebaseerd op menig andere managementboekenauteur, en sommigen worden in de tekst bij name genoemd. Het onderwerp klantgerichtheid blijft natuurlijk relevant, en verrassend genoeg voelt het geheel ook tijdloos aan, ondanks de vele voorbeelden. Die voorbeelden zijn nauwelijks gedateerd, omdat het gaat om gedrag en niet om techniek. Ons gedrag blijkt maar nauwelijks te veranderen.
Die voorbeelden zijn overigens heel leuk, soms over-the-top maar altijd herkenbaar. Wie is er niet ooit eens slecht behandeld door een verkoper? De typetjes zijn misschien wat karikaturaal, de boodschap is altijd duidelijk. Het boek is aardig gestructureerd, met tips, en vragen voor je eigen praktijk, en doorspekt met ‘tegeltjes’ zoals ‘Succes is één keer meer opstaan dan je valt’, ‘Wrijving geeft glans, beuken geeft deuken’, en andere pareltjes. Ook de ‘kippenvelquotes’ (‘U kunt hier niet apart afrekenen’ en ‘Nee zo werkt dat hier niet, dat snapt u toch wel’) zijn uit het leven gegrepen.
Mis je wat als je dit boek niet lees? Nee, het is geen pareltje maar ook geen papierbakexemplaar. Aardig voor op vakantie: dun, luchtig en relevant: het haalt op wat je wist maar even was vergeten.
Zóveel boeken om te lezen, zó weinig tijd. Hoe maak je een keuze? Ik laat mij leiden door aanbevelingen van vrienden en kennissen, mijn Family, recensies op bijvoorbeeld Goodreads en Storygraph, tips in kranten en op de socials, en de flapteksten. Maar óók door samenvattingen van anderen, om een betere indruk van de inhoud te krijgen. Die strategie, inclusief de (mini-)samenvatting deel ik graag met je. Deze keer: Careless People (nog niet vertaald) van Sarah Wynn-Williams uit 2025.
Aanbevelingen voor Careless People
Het begon in mei met een recensie in NRC, dat dit boek 4 ballen gaf. Bijzonder is dat de auteur géén reclame mag maken voor het boek, ze heeft als onderdeel van haar ontslagvergoeding van Meta een geheimhoudingsverklaring moeten tekenen. De publicatie van het boek kon Meta niet tegenhouden. Dit alles was natuurlijk geweldige reclame, en het boek stond al snel op de bestsellerlijsten. Het verhoogde ook mijn interesse. Wat staat er dan in dat zo geheim moet blijven?
En toen kwam het ook nog langs als tip van een boekenclub die ik volg. En dat deed het ‘m.
Ratings en recensies
Goodreads geeft een rating van 4,27 uit 5. Dat is erg hoog! Wat zeggen de recensies op deze site? Het lijkt erop dat veel hoge ratings voortkomen uit verzet tegen Meta, ten eerste over de pogingen om publicatie te blokkeren, en ten tweede over Meta’s politieke acties. Pas daarna komen de complimenten voor de schokkende inhoud en de schrijfstijl. Kritiek is er ook: Sarah heeft er 7 jaar gewerkt, kon ze er dan helemaal niets aan doen, zo op haar hoge positie? Was ze niet heel erg naïef, dat ze dacht zaken van binnenuit te kunnen veranderen? En ook lees ik: oud nieuws.
The Storygraph geeft 4,23 uit 5. Wat ik daar lees is ‘schokkend’, marar ook ‘naief’ en ‘slecht gestructureerd’. Het is geschreven als een biografie (ik begrijp dat dit extra bescherming als klokkenluider oplevert) maar de tijdslijn is wat rommelig.
Bol geeft 4* uit 5, met zeer weinig input. En ook Hebban geeft 4 uit 5, met zeer weinig input.
Ik krijg er steeds meer zin in! Wat zegt de flaptekst?
Flaptekst van Careless People
‘An explosive memoir charting one woman’s career at the heart of one of the most influential companies on the planet, Careless People gives you a front-row seat to Facebook, the decisions that have shaped world events in recent decades, and the people who made them. From trips on private jets and encounters with world leaders to shocking accounts of misogyny and double standards behind the scenes, this searing memoir exposes both the personal and the political fallout when unfettered power and a rotten company culture take hold. In a gripping and often absurd narrative where a few people carelessly hold the world in their hands, this eye-opening memoir reveals what really goes on among the global elite.
Sarah Wynn-Williams tells the wrenching but fun story of Facebook, mapping its rise from stumbling encounters with juntas to Mark Zuckerberg’s reaction when he learned of Facebook’s role in Trump’s election. She experiences the challenges and humiliations of working motherhood within a pressure cooker of a workplace, all while Sheryl Sandberg urges her and others to “lean in.” Careless People is a deeply personal account of why and how things have gone so horribly wrong in the past decade—told in a sharp, candid, and utterly disarming voice. A deep, unflinching look at the role that social media has assumed in our lives, Careless People reveals the truth about the leaders of Facebook: how the more power they grasp, the less responsible they become and the consequences this has for all of us.
Bewerkte samenvatting van Careless People
Sarah Wynn-Williams komt uit Christchurch, Nieuw-Zeeland en studeerde rechten. Ze werkte als diplomaat bij de VN in New York en later op de ambassade van Nieuw-Zeeland daar. Ze geloofde al vroeg, wat naïef, in het vermogen van Facebook om de wereld ten goede te veranderen – en ze wilde meedoen om impact te maken.
Ze vermoedde dat social media zó belangrijk zouden worden dat regeringen zich ermee zouden willen bemoeien, met name door de enorme hoeveelheid data waarover bijvoorbeeld Facebook beschikte. Als voormalig beleidsexpert bij de VN begreep ze dat Facebook daardoor steeds meer een beroep zou moeten doen op internationale beleidsexpertise om zijn wereldwijde expansie uit te onderhandelen.
In 2010 spendeerde ze maanden aan het vinden van persoonlijke contacten in het wereldwijde beleidsteam van Facebook om een positie als Facebook-diplomaat te bemachtigen. Dat was niet gemakkelijk, want ondanks de missie van Facebook om mensen met elkaar in contact te brengen, waren Facebook’s eigen managers erg moeilijk te vinden, laat staan te bereiken.
Sollicitatiegesprekken
Toen ze begin 2011 eindelijk Marne Levine van het beleidsteam te pakken kreeg, hoorde ze dat Facebook nooit echt had overwogen om iemand aan te nemen die specifiek onderzoek deed naar en onderhandelde over beleid met regeringen over de hele wereld. Het goed onderbouwde voorstel van Sarah over de voordelen van samenwerking met regeringen om Facebook te helpen uitbreiden, maakte geen indruk – totdat ze zei dat als Facebook dit niet zou doen, het de groei naar nieuwe markten zou kunnen belemmeren.
Slechts een week na dit interview belde Marne spontaan terug – Sarah’s voorspelling dat Facebook grootschalige protesten in de wereld zou kunnen faciliteren was werkelijkheid geworden tijdens de Arabische Lente. In het gesprek opperde Marne zelfs het idee dat Mark Zuckerberg de eer zou moeten opeisen voor de volksopstanden.
Sarah, met jarenlange beleidservaring bij de VN, wist dat het een ramp zou zijn voor Facebook’s positie in China als hij dat zou doen. Als Mark de eer zou opstrijken voor een volksrevolutie in het Midden-Oosten, legde ze uit, zou dat negatieve gevolgen hebben voor de terugkeer van Facebook naar China. Marne bleef even stil. Toen wuifde ze de bezorgdheid weg en zei dat ze op dat moment alleen aan de westerse media dachten, niet aan China. Marne hing snel op. Een vervolgafspraak bleef uit.
Nadat Sarah maanden later de gebeurtenissen rond de aardbeving in Nieuw-Zeeland live op Facebook had gevolgd, verzamelde ze de moed om Marne nog een laatste keer te benaderen. Ze belde haar op om te vertellen hoe Facebook haar had geholpen nieuws over haar zus in Christchurch te krijgen tijdens de aardbeving, dat Facebook voor veel mensen hét medium was geweest om informatie uit te wisselen over de aardbeving. Uiteindelijk begreep Marne Sarah’s waarde en deed ze een aanbod. Op 5 juli 2011 begon Sarah Wynn-Williams in het beleidsteam van Facebook in Washington DC.
Net in dienst
Na jaren dromen over werken bij Facebook en maanden pitchen, werd de veel minder glamoureuze realiteit van haar rol snel duidelijk. Mark had zijn desinteresse in politiek tot een deel van zijn persoonlijke merk gemaakt. Dit was verwarrend voor Sarah, die Facebook al zag als een van de krachtigste politieke instrumenten die ooit was ontwikkeld. Maar de Facebook-top zag het bedrijf slechts als een multinational die moest groeien en winst maken, de jonge medewerkers daarentegen waren gemotiveerd door de missie van openheid en verbondenheid.
Onaf
Ondanks de rijkdom van het bedrijf waren de kantoren van Facebook gestript tot kale buizen en leidingen – met nepgraffiti op de betonnen muren – zelfs die in het rustige en stabiele Washington DC. Een Duitse delegatie die het kantoor in DC bezocht, was stomverbaasd toen Sarah vertelde dat deze onafgewerkte look een statement was over hun manier om het bedrijf te zien, als iets dat altijd onaf is.
De Duitse delegatie, die bekend stond om haar zorg voor de veiligheid van werknemers, was nóg verbaasder toen Sarah terloops zei dat de Facebook-medewerkers de ruimte zélf hadden moeten afbreken, omdat ze een volledig afgewerkt kantorencomplex hadden gehuurd. In feite was het personeel opgedragen om gezondheids- en veiligheidsvoorschriften te overtreden in naam van een ideaal.
Deze discussie was voorspellend voor het conflict dat Facebook zou hebben met Duitse internetregelgevers en meer in het algemeen met EU-privacyvoorvechters. Het was ook een vroege indicatie van hoe weinig respect de leidinggevenden van Facebook hadden voor de gezondheid en het welzijn van hun werknemers.
Cultuur
Inzet en uithoudingsvermogen waren de pijlers van de kantoorcultuur. Het officiële beleid van Facebook was om werknemers zó te overstelpen met taken dat ze geen kans hadden op een bevredigend privéleven. De enorme hoeveelheid werk werd beschouwd als de beste keuze voor de productiviteit en het vermijden van conflicten, dus senior managers namen minder mensen aan dan nodig en gaven iedereen een overweldigend aantal taken. Iedereen tot en met de stagiairs werkte van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds heel laat en werden zelfs tijdens vakanties of verlof geacht sms’jes en berichten te beantwoordden. Daartegenover stonden allerlei ‘extra’s’: maaltijden, snacks, je was, vervoer, alles was gratis.
Myanmar 2012
Tegen oktober 2012 had Facebook een miljard gebruikers, maar het beleidsteam ging van crisis naar crisis zonder strategie. Ondertussen realiseerden de hogere leidinggevenden zich dat, om te blijven groeien, ze zich moesten richten op de grootste bevolkingsgroepen in de wereld die nog geen toegang hadden tot Facebook en die zich bevonden in plaatsen als Iran, Myanmar en Bangladesh. Plaatsen waar regeringen het narratief onder controle wilden houden, in plaats van het delen van informatie aan te moedigen.
Nu Facebook bijna geen mogelijkheden meer had om te groeien, werd het samenwerken met deze vijandige en/of militaire regeringen als urgent beschouwd. Daarom bevond Sarah zich al snel in Nay Pyi Taw, Myanmar voor een ontmoeting tussen Facebook en de nieuwe militaire regering in Myanmar.
Myanmar was tot dan toe grotendeels offline geweest, omdat internettoegang voor de meeste burgers veel te duur was. Maar toen het regime ging communiceren en het internet zich snel verplaatste van pc’s naar mobiele telefoons, begon de regering de noodzaak in te zien om zich direct met de digitale wereld te bemoeien. Voor de regering wás Facebook het internet, sterker nog, Facebook was het openingsscherm voor internet-toegang.
Het Ministerie van Communicatie en Transport van het nieuwe regime in Myanmar maakte deel uit van een junta. Sarah voelde zich bedreigd door de kloof tussen het moderne en het geheimzinnige. Het ministerie leek meer op een middeleeuws hof met vergulde tronen dan op een modern administratiegebouw. Er was geen mobiele ontvangst in het ministerie dat verantwoordelijk is voor communicatie, in een land waar mensen worden gearresteerd omdat ze naar buitenlandse radiozenders luisteren. Sarah’s paspoort werd bij de deur ingenomen.
Het ministerie wilde dat Facebook zou stoppen met berichten die etnische spanningen konden vergroten en religieus en sektarisch geweld in Myanmar aanwakkerden, dat iemand op het kantoor van Facebook altijd hun telefoontjes aannam en berichten verwijderde. Het ministerie kon niet geloven dat het bedrijf niet gewoon kon doen wat ze vroeg. Sarah voelde zich alleen, ze verdedigde de belangen van een heel mediaplatform tegenover een junta die verantwoordelijk was voor de dood van duizenden mensen.
Zwanger
Bovendien was ze zwanger. Doodsbang dat ze zou worden gezien als minder beschikbaar dan haar collega’s, hield ze de zwangerschap geheim en riskeerde ze haar leven om de belangen van Facebook te behartigen. En daar bleef het niet bij. Sarah beantwoordde e-mails terwijl ze aan het bevallen was, bang dat Sheryl Sandberg, samen met Mark de leider van Facebook, haar zou zien als onvoldoende toegewijd aan haar rol bij Facebook. Haar leidinggevenden stopten ook tijdens haar zwangerschapsverlof niet met e-mailen. Daarna kreeg ze kritiek als ze de baby meenam naar bijeenkomsten, en als men de baby hoorde huilen tijdens een telefoongesprek. Facebook vond dat kinderen onzichtbaar hoorden te zijn, en dat betaalde hulp met de zorg voor de kinderen belast moest worden.
De eerste politieke stappen
In de tussentijd vroegen steeds meer regeringen om contact met Mark, die niks met politiek te maken wilde hebben. Maar hij moest toch aan de bak, met ontmoetingen met staatshoofden. Sarah kreeg veel waardering van Mark, toen ze dit allemaal voor hem regelde. In het begin was hij onwennig, na verloop van tijd ging het beter, hij bleef wel zijn hoody dragen, ging nooit in pak. Mark’s voorkeur voor groei en winst veranderde echter niet, verandering in de wereld brengen werd geen prioriteit voor hem. Maar Sarah was positief, ze zag dat Facebook cruciaal was geweest voor de verkiezing van de nieuwe president van Indonesië, Jokowi. Deze profileerde zich met de speerpunten democratie, betere infrastructuur en vermindering van de armoede. Een kracht ten goede, zo zag ze de hulp van Facebook nog, en realiseerde zich niet dat er ook een ander type kandidaat zou kunnen komen die die kracht zou gebruikten.
Weer zwanger
Tijdens haar tweede zwangerschap werd Sarah naar een stad in Brazilië gestuurd die het epicentrum was van een Zika-uitbraak – een beruchte bedreiging voor zwangere vrouwen. Ze werd onder druk gezet om vlak voor haar uitgerekende datum te vliegen – haar zorgen over vroegtijdige weeën werden weggewuifd met de verzekering dat het privévliegtuig waarin ze zou vliegen een EHBO-doos aan boord had.
Het werd nog erger. Na een bijna fatale vruchtembolie tijdens de geboorte van haar tweede kind, lag ze wekenlang in coma en was ze maandenlang zo verzwakt dat ze nauwelijks kon staan. Maar ze werd onophoudelijk onder druk gezet om weer aan het werk te gaan en een slopend reisschema te volgen. Keer op keer was de boodschap duidelijk: niets is belangrijker dan de voortdurende groei van Facebook. Gezondheid niet, familie niet, zelfs je leven niet.
Brazilië
In 2016 had Facebook zowel Instagram als WhatsApp gekocht, waardoor het wereldwijde gebruikersbestand groeide, maar ook de kloof tussen wat overheden van het bedrijf wilden en wat Facebook bereid was te geven. Dit kwam voor het eerst tot uitbarsting in maart van dat jaar, toen Facebook’s vice-president Diego Dzodan in Brazilië werd gearresteerd.
Dzodan was gearresteerd omdat hij WhatsApp-berichten niet had overhandigd ondanks een gerechtelijk bevel in een drugshandelzaak. Facebook was eerder dat jaar om vergelijkbare redenen twee dagen lang geblokkeerd in Brazilië en in die korte tijd had concurrent Telegram meer dan een miljoen gebruikers opgepikt. Mark’s hoogste prioriteit was niet opnieuw geblokkeerd te worden in Brazilië.
Dus in plaats van stilletjes te onderhandelen over zijn vrijlating, stuurde Mark een bericht rechtstreeks naar Dzodan in hechtenis, om hem te bedanken voor zijn persoonlijke opofferingen in het belang van Facebook. Mark was ongelooflijk blij met de reactie van Dzodan, die Mark en de andere topleiders van Facebook enthousiast bedankte voor de mogelijkheid om offers te brengen in de naam van een meer open, verbonden wereld.
Zo blij was Mark zelfs, dat hij deze berichten publiekelijk op zijn sociale media wilde plaatsen. Maar zo’n bericht zou niet alleen oude conflicten met de Braziliaanse regering weer laten oplaaien en een bedreiging vormen voor Diego’s verdediging, maar zou in wezen neerkomen op het publiekelijk belemmeren van een actieve strafzaak. Eén waarin het leven van een rechter werd bedreigd!
Pas toen de hoogste jurist van Facebook zich uitsprak over het huiveringwekkende precedent dat het zou scheppen – Facebook-medewerkers zouden gevangen kunnen worden gezet vanwege beleidsbeslissingen van het bedrijf in verschillende landen over de hele wereld – werd het idee geschrapt.
Trump 2016
Toen ze de politiek eindelijk serieus namen, besloten Zuckerberg en Sandberg om zowel aan de Trump- als de Clinton-campagne, teams van Facebook-medewerkers aan te bieden als geïntegreerd onderdeel van hun campagneteam. De Trump-campagne accepteerde het aanbod, terwijl de Clinton-campagne dat niet deed. De gevolgen van deze beslissing zien we nog elke dag.
Het betekende dat dezelfde algoritmes die werden gebruikt om een schoonheids-advertentie te tonen aan een onzekere tiener op Instagram die net een selfie had verwijderd, nu de politieke berichten voor een van de presidentskandidaten aan het tweaken waren. De campagne van Trump kon deze microtargeting gebruiken om de betrokkenheid te vergroten door steeds extremere inhoud te pushen, allemaal ontworpen om de boodschap van de campagne te dienen. Voor velen waren de verkiezingsuitslagen van 2016 een verrassing. Voor Mark waren ze een reden voor een feestje. En hij werd woedend toen de vertrekkende Obama hem verweet de beloofde moderatie niet uitgevoerd te hebben.
Terwijl feministische demonstranten de straten bevolkten tegen de seksuele intimidatie van Trump, waren Sandberg in het bijzonder en Facebook in het algemeen opvallend afwezig in de media. Sandberg leek zich veel meer zorgen te maken over de inauguratie-outfit van Melania Trump dan over de duizenden vrouwen die haar invloedrijke boek Lean In hadden gelezen en nu op straat protesteerden.
Ondertussen waren achter de schermen topmanagers als Joel Kaplan en Mark enthousiast over de overwinning van Trump. Het betekende minder overheidstoezicht voor Facebook, minder druk om te voldoen aan privacyregels in de Verenigde Staten en minder kans op verzet tegen het samenwerken met buitenlandse regimes die de gebruikersgegevens van Facebook wilden hebben. Tegelijkertijd was Mark boos dat journalisten Facebook de schuld gaven van een verkiezingsuitslag die velen niet hadden verwacht.
China
Sarah had inmiddels, tegen haar zin, de leiding gekregen over het wereldwijde beleidsteam dat belast was met de moeilijkste onderhandelingen van Facebook tot dan toe: een herlancering in China. Eerdere onderhandelingen over privacy in bijvoorbeeld de Europese Unie, vereisten een strikte implementatie van dataprivacymaatregelen. Dit hield onder andere in dat gegevens niet naar buitenlandse servers of naar derden mochten worden overgebracht.
China wilde het tegenovergestelde: ze wilden toegang tot alle gegevens die via Facebook naar China zouden gaan – zelfs van mensen in Hong Kong, of Taiwan, of waar dan ook ter wereld die berichten sturen naar iemand in China – inclusief dissidenten. Als Facebook deze gegevens alleen uit eigenbelang beschikbaar zou stellen, zou dat zeker in strijd zijn met de internationale wetgeving.
Ondanks dat Facebook voor een commissie van het Amerikaanse Congres getuigde dat ze het tegenovergestelde deed, capituleerde ze stilletjes en stemde het ermee in om de Chinese overheid toegang te geven tot de gegevens. Mark loog tegen de Senaat.
Myanmar 2016
In Myanmar ontwikkelde de situatie zich in 2016 ook anders dan Sarah zich had gewenst. Het lokale Facebook-team modereerde slecht of helemaal niet. Het keek alleen of er wetten werden overtreden, niet of er werd aangezet tot geweld. Uiteindelijk pleegden de militairen genocide tegen de moslims, geholpen door misinformatie die ze op Facebook plaatsten. Dat gebrek aan moderatie was geen bewuste beslissing van de Facebook top, ‘het kon ze gewoon niets schelen wat er in het land gebeurde’, stelt Sarah. Ze waren ‘Careless people,’.
Interne rot
Begin 2017 was het duidelijk dat de ethische ondoorzichtigheid van Facebook het bedrijf van binnenuit begon aan te tasten. Toegewijd zijn aan de kapitalistische tactieken van een straatvechtende startup en tegelijkertijd een wereldwijde moloch runnen was een onhoudbare tegenstrijdigheid. Net als het steeds twijfelachtiger personeelsbeleid.
Toen in 2016 Levine Facebook verliet om COO van Instagram te worden, werd ze vervangen door Joel Kaplan. De begripvolle baas waar Sarah aan gehecht was, was nu weg. Kaplan was een uitgesproken voorstander van zowel de Republikeinse regering als van het snijden in sociale uitkeringen en beleidstoezicht. Hij bouwde een netwerk van vrienden en kennissen om zich heen, politieke benoemingen met hoge salarissen. Hun voorkeuren waren bepalend voor het beleid van het manipuleren van miljarden mensen. Dat was tegen Sarah’s idealen in, natuurlijk. Daarnaast begon hij Sarah regelmatig seksueel lastig te vallen, deed één-op-één gesprekken met haar vanuit zijn bed, stelde intieme vragen over borstvoeding en betastte haar op feestjes. Sarah diende een klacht in, maar kreeg ongelijk.
Het werd nog erger toen Sarah het jaar daarop terugkwam van Davos, met Sandbergs privéjet. Ondanks dat ze uitgeput en hoogzwanger was, beval Sandberg Sarah om met haar het bed te delen. Zelfs nadat ze jarenlang had gehoord dat “nee” zeggen tegen Sandberg iets is wat mensen gewoon niet doen, ging dit verzoek zó ver dat Sarah het aanbod afwees en wist dat ze de gevolgen moest accepteren.
Kort daarna verslechterden haar prestatiebeoordelingen. Ze werd ervan beschuldigd dat ze geen contact hield tijdens haar zwangerschapsverlof – het verlof waarbij ze weken in coma had gelegen en maanden moest herstellen van een levensbedreigende complicatie. Uiteindelijk werd ze ontslagen omdat ze het beleidsteam voor China niet snel genoeg liet groeien, ondanks haar bergen goed gedocumenteerd bewijs dat Kaplan de meeste van haar wervingspogingen blokkeerde.
Na Facebook
Wat voor Sarah begon als puur idealisme, eindigde in een complete desillusie. Maar er is altijd een lichtpuntje. Sarah’s intense ervaring bij Facebook gaf haar de perfecte achtergrond om haar volgende uitdaging aan te gaan: wereldwijd beleid rond de verspreiding van kunstmatige intelligentie.
Ze maakt zich geen illusies over de bereidwilligheid van grote techbedrijven of over de complicaties bij het formuleren van wereldwijd beleid en trekt nu al aan de bel over de rode vlag voor mensenrechten in de toekomst. Hopelijk letten de machthebbers deze keer wél op.
Mijn impressie van de samenvatting van Careless People
Bovenstaande mini-samenvatting is een combinatie van een samenvatting van Blinkist en één van Patricia van Bosse, aangevuld met gegevens van Wikipedia. Opvallend vond ik dat Blinkist en Patricia veel verschillende items eruit gepikt hebben. De samenvatting van Blinkist vond ik slecht lezen qua oorzaak – gevolg, de logica van het verhaal was wat onduidelijk. Soms vroeg ik me af of het niet een aantal zinnen uit diverse recensies waren, zonder veel onderling verband. AI? Vandaar dat ik aanvulling zocht. Patricia zoomt meer in op de persoonlijke issues en minder op de politiek.
Conclusie
De recensies en ratings zijn goed. Het onderwerp is interessant, ik zit (nog even) op Facebook, ik gebruik WhatsApp. Het onderwerp dataprivacy en misinformatie raakt me dus direct. Nog afgezien van de invloed die de socials in het algemeen en Facebook in het bijzonder op verkiezingen in de VS en daarbuiten heeft. Ik ga lezen!
De Zoza’s hebben in 2014 hun observaties over het werken bij de grote kantoren op de Zuidas verwerkt in een nieuw boek: Project Dromenland. Het is een spanende business-roman, waarin alle onderwerpen uit de voorganger Zo Zuidas terugkomen. Het draait om een deal op een advocatenkantoor, drie vrouwelijke advocaten die daaraan meewerken, plus een moord, of was het toch een ongeluk? Goed geschreven, grappig én leerzaam. Wat wil je nog meer bij zo’n type boek?
In Zo Zuidas, de voorganger uit 2011, lazen we het er aan toegaat op zo’n Zuidas-kantoor, wat de mores zijn, en welke typetjes er rondlopen. Dit alles is nu in een spannend verhaal gegoten, wat het heel levendig maakt. De drie advocates Carolien, Sharon en Hadjar hebben verschillende rollen, waardoor alle aspecten van het reilen en zeilen op kantoor aan bod komen. De deal, project Dromenland, is plausibel en de ontknoping redelijk bevredigend.
De businessroman Project Dromenland …
… kent een aantal heerlijke typetjes. De ‘top dog’ is Melchior, partner van het advocatenkantoor, ‘Het Kantoor’. Uiterst dominant, met een goed netwerk van vrienden waar hij zijn opdrachten uit haalt. Gedreven en arrogant. Hij is getrouwd met Helena, blond, kunstzinnig, niet zo zakelijk. Ze geeft meer uit dan Melchior binnenhaalt. Op kantoor zijn er twee bijna-partners die voor Melchior werken: Nicolaas en Carolien. Nicolaas is gladjes en achterbaks, neemt de credits voor werk van anderen. Carolien is de harde werker die haar relatie en zichzelf verwaarloost. Sharon wil eigenlijk actrice worden en zit er alleen voor het geld. Hadjar is een onzekere maar briljante stagiaire die veel te stellen heeft met haar Marokkaanse familie. En dan is er secretaresse Chantal, op het oog 100% loyaal maar met verborgen frustraties. Oh: ik vergeet de rechercheur! Want tenslotte is er een moord gepleegd. Of was het een ongeluk?
Typetjes
Ik vond de typetjes leuk uitgewerkt, vooral Sharon. Die feest wat af, heeft een relatie met een dj en zit tijdens het werk continu op Facebook om te laten zien hoe cool ze is, en om te checken wat de dj-geliefde uitspookt. Haar methoden komen regelrecht uit Zo Zuidas. Voor Carolien voel je snel plaatsvervangende schaamte of irritatie. Onhandig, maar ook kattig. Hoe ze omgaat met haar vriend is zo triest! En bij elke snack en glas witte wijn denk je: doe dat nou niet! Haar kinderwens staat haaks op het belang van kantoor: met een kind word je geen partner, dat wordt haar al snel duidelijk gemaakt. Dag en nacht zit ze op haar Blackberry, de strijd met Nicolaas beheerst haar hele leven. De heldin is Hadjar: verstouwt het meeste werk, komt steeds meer voor zichzelf op, past zich snel aan aan de kantoormores. De drie samen voeren de deal uit, en lossen het mysterie op.
De kantoormores op de Zuidas
Zo tussen de spannende ontwikkelingen door leert de lezer een hoop over de mores op een advocatenkantoor op de Zuidas, hoe de medewerkers nachtenlang doorhalen, superkrappe deadlines. En de gouden handboeien:
Sharon wilde eigenlijk bij Intellectueel Eigendom werken, auteursrecht en portretrecht, BN-ers verdedigen en roddelbladen aanklagen. Dat past ook precies bij haar interesses. Maar haar cijfers waren niet top, en alleen bij Ondernemingsrecht wilden ze haar hebben. Nu zit ze vast aan een hypotheek en hoge uitgaven en kan ze niet meer weg. Haar droom om actrice te worden vervliegt, ze is inmiddels te oud.
En ook de werktijden komen aan bod. Hadjar wordt door de rechercheur verhoord:
‘Niemand zou er gek van opkijken, een verwarde advocaat stagiaire die midden in de nacht op kantoor ronddwaalt. … Het Kantoor is 24 uur per dag open. Er zijn kleine bedjes in de kelder van het gebouw, voor als je het werk echt niet kunt loslaten.’
Mijn evaluatie van Project Dromenland
Als je Zo Zuidas niet hebt gelezen is dit een leerzaam boek. Heb je het wel gelezen, dan is het grappig om het geleerde zo in de praktijk gebracht te zien. Voor de gevestigde orde op de Zuidas is het een boek dat de gewoonten daar op een leuke manier op de hak neemt.
Het is goed geschreven, de verwikkelingen rond de deal zijn spannend en de moord c.q. het ongeluk maakt het geheimzinnig. Over het ongeluk gaat het al in het eerste hoofdstuk, maar best lang blijft onduidelijk wie het is. En als je dat eenmaal weet, is het nog de vraag waarom, en als het moord is: door wie. De hoofdpersonen zijn goed uitgewerkt, je voelt empathie voor alle drie de dames. Wat minder voor de mannen, geef ik toe.
Over ‘de Zoza’s’, de auteurs, dat zijn drie vrouwen die een aantal jaren in het bankwezen en de advocatuur van de Zuidas werkten en dit boek oorspronkelijk onder pseudoniem schreven. Karima Belgacem is inmiddels Legal Director bij een Brits bedrijf, Rolinda Hoorntje werkt als journalist en redacteur, en Maria Guldenaar, sja, dat is wéér een pseudoniem, ze werkte in 2014 nog op de Zuidas en wenste anoniem te blijven. Het boek is geschreven in samenwerking met Philip Delmaer, taalpsycholoog en scriptschrijver. Hij werkte ook mee aan de serie Penoza. De stijl van dit boek is wat anders dan Zo Zuidas, maar het is dan ook een ander soort boek. Dat is vast de invloed van Philip. En met goed gevolg: er is een tv-serie van gemaakt.
Zwaar overdreven karikaturen, dacht ik toen ik dit boek voor het eerst las. Fictie, met inspiratie uit het werkelijke leven, zeggen de schrijfsters zelf. Maar inmiddels, na het lezen van ‘De Bermuda-driehoek van talent’, vermoed ik dat er juist héél veel waarheid schuilt in Zo Zuidas uit 2011, geschreven door ‘de Zoza’s‘. Waar werken en succesvol worden niet draait om de inhoud, maar om hele andere dingen. De beschrijvingen van deze ‘Amsterdamse kantoorjungle’ zijn tegelijk hilarisch en ontluisterend.
Eerst even wat over ‘de Zoza’s’, drie vrouwen die destijds nét op de Zuidas werkten, in het bankwezen en de advocatuur, en die dit boek onder pseudoniem schreven. Sinds 2014 weten we dat hierachter Karima Belgacem, Maria Guldenaar (óók een pseudoniem) en Rolinde Hoorntje schuil gaan. En dat er een (dubbel) pseudoniem werd gebruikt, wijst er waarschijnlijk op dat er toch véél waarheid in hun boeken, blogposts en columns voor diverse bladen zit. Karima is inmiddels Legal Director bij een Brits bedrijf, Rolinda werkt als journalist en redacteur, en Maria? Sja, die werkte in 2014 nog op de Zuidas en wenste anoniem te blijven.
Het mens & maatschappijboek Zo Zuidas …
… is door en voor vrouwelijke Zuidassers geschreven en gaat in op de mores van de Zuidas, verdeeld in 54 zelfstandig leesbare hoofdstukjes met titels als Werkontduiking, Dress to Impress, en De 36-urige werkweek (ja ja!, 80 uur is de norm mensen!). Het begint met een omschrijving van de typetjes op de Zuidas, heel herkenbaar. Maar ook de bimbo’s en de ratten, die herken ik niet zo. De Zoza’s waarschuwen je vooral niet te proberen een rat te worden (het betreffende boek raden ze daarom van harte af, blijkbaar ook het sarcasme gemist), want de gunfactor is héél belangrijk. De steun van je collega’s is cruciaal om hogerop te komen.
Het assessment
Ik moest lachen om het hoofdstukje ‘Psychologen en psychopaten’ wat gaat over het assessment bij de sollicitatie. Een onderdeel hiervan is ‘post sorteren’. Inderdaad, er komt tegenwoordig nog nauwelijks post binnen, maar het gaat om het principe: wat geef je prioriteit? Eerst alles van je baas, dan alles van de collega’s op volgorde van hiërarchie en je persoonlijke post als laatste? Klink logisch. Maar nee. Natuurlijk, eerst alles van je baas. Maar dan? Het kantoor wil uitstralen dat het rekening houdt met de werk-privé balans. Het staat zelfs op hun website! Dat doen ze natuurlijk niet, maar jij, als toekomstig werknemer, moet wel meedoen met dat doen-alsof. En daarom zet je je persoonlijke post op 2. En dan komt de dringende post van je collega’s. Jij én de psycholoog weten dat het niet waar is. Maar je laat zien dat ‘you can fake it’ en daardoor schop je het ver.
Delegeren kun je leren
Het item over delegeren is ook heel instructief. Het werk op de Zuidas is als een lopende band, delegeren is het doorschuiven van pakketjes op die lopende band. En als junior kun je plots een pakketje van een onbekend project doorgeschoven krijgen door een senior. Dat moet je direct de kop indrukken! Mail die collega met de vraag waarom je die mail krijgt, en ZET JULLIE BAAS IN DE CC. Die baas gaat tenslotte over de werkverdeling. Achterbaks? Welnee, het doorschuiven van pakketjes, dat is pas achterbaks.
Zijwaarts doorschuiven is het meest achterbaks, het werk afschuiven maar wel de credits pakken. Mannen doen net alsof ze al partner zijn, vrouwen alsof ze het probleem niet snappen en vragen hulp. Maar het is gewoon afschuiven. Alweer, check met je baas en schrijf je uren op hun project. Of: knipper met je ogen en zeg; ohhhh, dat heb ik nog nóóít gedaan.
Tussen al deze cynische opmerkingen staan trouwens veel zinnige dingen over goed delegeren, net als in de andere hoofdstukken, wat dat betreft is het boek heel leerzaam voor stagiaires of starters in de corporate wereld.
Werk en privé
Natuurlijk werd ik getriggerd door ‘Werkontduiking’, want dat is mij nooit gelukt tijdens mijn jaren op een equivalent van de Zuidas (Big4). Maar de tips zijn bekend … De werkdagen op de Zuidas zijn lang, en als je ook nog indruk op je virtuele vrienden wil maken via de socials, moet dat tijdens werktijd. Hoe doe je alsof je heel hard werkt terwijl je me-time hebt? In de eerste plaats louter online, en in de tweede plaats met een frons op je gezicht. En blijf hoorbaar tikken, zogenaamd aan een memo, en muisklikken, dat is prima te combineren met het uitvergroten van privéfoto’s. Ga gekromd zitten, met je schouders omhoog. Zo lijk je precies op een gestreste kantoorklerk. Ga nooit met je rug naar de deur of de gang zitten! Klaag over de lichtinval of iets anders maar zorg dat je op je werkplek met je rug naar de muur, een raam, of een andere werkontduiker zit. Op een tab heb je altijd een serieus stuk openstaan, waar je snel naar toe kunt schakelen. En scan voortdurend de omgeving! Wie loopt waarheen? En het belangrijkste: klaag! Over hoe druk je het hebt … zoveel emails, collega’s op vakantie, de afdeling onderbezet, …. Dan laten ze je met rust en heb je meer me-time.
Declareren kun je leren
Als je denkt dat het stuk over het gebruik / misbruik van je corporate creditcard overdreven is, dan moet ik je uit de droom helpen. Het is heel gangbaar om enorm duur te eten en drinken op zakenreis. Relaties opbouwen met de klant, netwerken met je buitenlandse collega’s, het hoort er allemaal bij. Misschien moet je niet met je-net-uit-de-kast-gekomen collega naar een gay-SM-club, daar kunnen de bonnetjes-boekhouders wat moeilijk over doen. Verder is thesky de limit.
Kleren en de heren
Natuurlijk ontbreekt het kledingadvies niet. Regel 1: géén mantelpakjes. Verder: geen bloot, geen tenen, geen mini, geen vlekken of rafels, geen spaghettibandjes, geen Nike, geen kurkhakken. Regel 2: blauw, grijs, zwart.
Voor het flirten en daten op kantoor verwijs ik je graag naar het boek. Mijn partner is een ex-collega, dus objectief ben ik niet.
Mijn evaluatie van Zo Zuidas
Ik dacht dat het boek een kruising zou zijn tussen Japke-d. ’s kantoorjungle boeken en de ‘Omringd door ….-serie ’, maar daarmee had ik het onderschat. Er staat eigenlijk zeer veel zinnigs in, met name voor stagiairs en starters. Maar ook gevestigde Zoza’s, de vrouwelijke Zuidassers, kunnen nog heel wat leren doordat hen/ ons een spiegel voorgehouden wordt. De schrijfstijl is dan wel weer a la Japke-d. : je leest alles met een grote grijns op je gezicht. Soms wat gedateerd natuurlijk qua voorbeelden (Twitter, Sex and the City), maar altijd concreet en zeer beeldend.
Ik las het meer als vakantie-tijdverdrijf dan als een managementboek, maar vond het naast heel leuk, ook best veelzeggend. Dat we dit gedrag normááál zijn gaan vinden! En dat we daar zo graag wilden werken! En dat we ons in die mal persten, onze individualiteit op de stoep achterlieten!
Het boek heeft heel wat kaders met persoonlijke ervaringen van mede-zoza’s en wat tekeningen. Het is afwisselend, grappig dus, en best tijdloos merk ik. Zoveel hiervan is door Simon van Teutem dit jaar alweer op papier gezet. Dus: ben je vrouw en start je bij een bank of advocatenkantoor op de Zuidas? Dan is dit een must-read. Het verbaast me niet dat er een vervolg kwam én een 8-delige tv-serie op basis van dat vervolg.
Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘neef’ Jaap Bressers.
Waar schrijft ‘neef’ Jaap Bressers over?
‘Neef” Jaap schrijft over ‘Carlos-momentjes’ en zijn eigen leven, waarin zo’n momentje alle verschil van de wereld maakte. Een Carlos-moment is een klein gebaar, een moment van begrip, waarmee je in het leven van een ander grote positieve impact maakt. Waaróm zo’n moment een Carlos-moment heet, beschrijft hij in zijn beide boeken.
Daarnaast schrijft ‘neef’ Jaap over managementzaken, klantvriendelijkheid, time-management, leiderschap, enzovoorts, in kleine, pakkende en vooral humorvolle stukjes. Hij denkt heerlijk out-of-the-box, en dat komt natuurlijk door zijn persoonlijke omstandigheden, hij zit in een rolstoel.
Heeft ‘neef’ Jaap Bressers andere zakelijke activiteiten?
‘Neef’ Jaap is spreker en ‘sit down comedian’. Zijn lezingen zijn dus een mix van inspiratie en vermaak. Hij geeft ook workshops en masterclasses. Op zijn website kun je deze boeken. Ook verkoopt hij daar zijn twee bestsellers, gesigneerd en al!
Maar ga ook eens naar zijn andere website: Carlosmomentjes. Daar verzamelt hij mooie momentjes van anderen, die je inspireren en opvrolijken.
Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘neef’ Jaap er uit?
‘Neef’ Jaap wil van jongs af aan alles uit het leven halen. Op de middelbare school heeft hij dan ook niet één, maar twee bijbaantjes, als supermarktmedewerker en als ober. Hij studeerde Internationaal management in Tilburg en was op weg naar een succesvolle carrière, toen hij op zijn 21-ste tijdens een vakantie in Portugal in een golf dook, met zijn hoofd de zeebodem raakte en daardoor een hoge dwarslaesie opliep. In het ziekenhuis is hij in paniek: hij voelt zijn lichaam niet meer. De verpleegkundigen hebben alleen aandacht voor de apparaten. Totdat een broeder hem op zijn schouders aanraakt, op die plek voelt Jaap nog iéts. De broeder zegt: It’s okay. Jaap kalmeert. Die broeder was Carlos.
Na een zware revalidatie (4 jaar! Hij heeft een hoop ‘doorzittingsvermogen’ nodig!) gooit ‘neef’ Jaap zijn leven om en wil met zijn levenswijsheid andere inspireren. Sinds 2004 staat, nee zit hij daarom op de planken.
‘Neef’ Jaap is getrouwd met Evelien en ze hebben een zoontje: Bram. Over Evelien zegt hij: ‘Ik heb haar ontmoet toen ik al in een rolstoel zat. “Die mag ik niet laten lopen” moet zij gedacht hebben.’
Ja, ‘neef’ Jaap zit altijd vol zelfspot, dat blijkt uit zijn boeken en optredens. Wat hem kenmerkt is dat hij zijn handicap positief gebruikt om anderen te inspireren. Een quote: “Ik heb mijn nek moeten breken om te beseffen wat echt belangrijk is in het leven en adviseer anderen daarom om daar iets eerder mee te beginnen”.
Welke boeken schreef ‘neef’ Jaap Bressers?
‘Neef’ Jaap schreef 2 boeken. Ik las ze allebei en van 1 daarvan, Waar een wiel is, is een weg, schreef ik een Samenvatting. Die is te koop, maar omdat de humor van het boek moeilijk samen te vatten is, adviseer ik je om gewoon het boek te kopen. Dat heb ik ook letterlijk in mijn Samenvatting gezet … ik hoop dat het mensen heeft geïnspireerd het boek ook echt helemaal te lezen.
Pak je Carlosmoment (2019)
Jaap Bressers is sit-down comedian en schreef eerder de bestseller ‘Waar een wiel is, is een weg’. De opvolger Pak je Carlosmoment, gaat verder waar ‘Wiel’ ophield, met weer een verzameling prachtige voorbeelden van ‘klein gebaar, grote impact’, zowel op zakelijk gebied als uit zijn persoonlijke leven. De woordgrappen zijn niet van de lucht, en het positivisme waarmee Jaap zijn niet supermakkelijke leven omarmt is inspirerend en ontroerend.Lees mijn recensie | Koop bij Bol
Waar een wiel is, is een weg (2015)
In Waar een wiel is, is een weg lees ik dit: In een klein café komen een paar mensen binnen die vijf koffie bestellen; twee voor henzelf en drie uitgesteld. Ze betalen en lopen naar hun tafel. Twee meisjes bestellen ieder een koffie, betalen en gaan weer weg. De volgende order wordt gedaan door drie advocaten. Zij bestellen zeven koffie, drie voor hen en vier uitgesteld. Plotseling stapt er een man binnen die er uitziet als een zwerver. Hij loopt naar de bar en vraagt vriendelijk: “ Is er nog een uitgestelde koffie?”Ga naar de Samenvatting | Lees mijn recensieblog | Koop bij Bol
(Deze informatie is ontleend aan: Jaap’s website, LinkedIn en zijn 2 boeken die zeer biografisch zijn)