Recensie: Cultures of Growth – Teleurstellend

‘Hoe de groeimindset teams en organisaties helpt’ is de ondertitel van Cultures of Growth van Mary C. Murphy uit 2024. O! Groeimindset! Ik ben een groot fan van Mindset van Carol Dweck, en Carol schreef ook het voorwoord, waaruit ik afleid dat dit boek een vervolg is. En inderdaad, Mary analyseert hoe een groeimindset bij organisaties eruit kan zien, en hoe de mindset van je organisatie ook jou beïnvloedt, ongeacht jouw eigen mindset.

Mijn verwachtingen waren dus hooggespannen, mede door de blurbs van Angela Duckworth (van Grit) en Adam Grant (van Hidden Potential). Helaas las ik weinig nieuws en was ook de structuur van het boek en de schrijfstijl van Mary niet zo pakkend als dat van de blurb-schrijvers. Mary’s betoog is kort samen te vatten: in organisaties met een statische mindset krijgen de werknemers óók een statische mindset. Daardoor is er weinig sprake van samenwerking, diversiteit en innovatie, wat ten koste van het resultaat gaat. Nou, wie had dát gedacht.

Het managementboek Cultures of Growth …

… onderscheidt twee mindsets: de groeimindset en de geniemindset. Die laatste is gelijk aan de statische mindset, ze noemt het alleen anders. Het wordt mij niet duidelijk waaróm. Anyway, bij een geniemindset gaat de organisatie ervan uit dat talent en bekwaamheid aangeboren zijn: je hebt ‘het’ of niet. Bij sollicitaties wordt gekeken naar IQ en testresultaten. Bij een groeimindset wil men óók slimme mensen, maar kijkt men ook, of met name, naar hoe je uitdagingen hebt overwonnen, naar betrokkenheid en je verlangen je te ontwikkelen. Mary stelt dat een groeimindset zorgt voor betere resultaten voor de organisatie, en dat het de verantwoordelijkheid van de leiders is om die groeimindset in een organisatie te creëren.

In de inleiding stelt Mary dat wij ons aanpassen aan onze omgeving, welk gedrag van ons verwacht wordt. Is onze omgeving een organisatie met een statische, pardon, een geniemindset, en wij halen dat genie-niveau niet, dan is er weinig stimulans om te groeien, alsof je tegen de stroom op zwemt. En ook nemen we ongemerkt de mindset van de organisatie over in hoe we anderen zien en waarderen. En zo bekrachtigen we specifieke mindsetcultuur.

Hierna valt het boek uiteen in 3 delen. In deel 1 resetten we de mindsets en herzien we onze ideeën over hoe mindsets werken. In deel 2 komen de mindsets bij organisaties aan de orde en in deel 3 kijken we hoe factoren die van invloed zijn op mindsets ons als individu beïnvloeden.

Mindsetcontinuüm en micromindsetculturen

In deel 1 leren we dat het niet óf-óf is, nee, je mindset is een continuüm tussen groeimindset en geniemindset. En alsof het een dimmer is, heeft soms de ene kant en soms de andere de overhand. En dat wordt weer veroorzaakt door de situatie en de mensen om ons heen: de mindset-cultuur in groepen en organisaties. Die mindsetcultuur is het geheel van overtuigingen, beleid, procedures, en de boodschappen van de leiding. Bij organisaties kun je de mindsetcultuur vaak wel afleiden uit het mission statement. Maar al is er een herkenbare overkoepelende mindsetcultuur, er is ook sprake van micromindsetculturen, bepaalde divisies of afdelingen wijken van die overkoepelende cultuur af.

Een geniemindset klinkt eigenlijk helemaal niet zo negatief, he? Niet zo negatief als statisch in ieder geval. Hoe komt dat? Een genie is iemand met aangeboren bijzondere talenten en vaardigheden, en wij bewonderen genieën enorm. Enerzijds omdat mensen op een hoge positie zich niet hoeven te schamen voor hun kruiwagens, nee, het lag aan hun unieke gaven, dat zij die positie hebben ‘verdiend’. Het legitimeert privileges. En anderzijds natuurlijk omdat mensen die niet ‘uitverkoren’ zijn, zich ook niet hoeven te schamen, en geen druk voelen, ze hebben ‘het gewoon niet’.

Een groeimindset leidt tot betere samenwerking

Deel 2, Mindsetcultuur,  gaat in op 5 belangrijke gebieden: Samenwerking, Innovatie, Risico’s en veerkracht, Integriteit en ethisch gedrag en DEI ( diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie).

Samenwerking is goed voor prestaties en innovatie, maar gaat niet samen met een cultuur van onderlinge concurrentie. Interessant: Mary gaat in dit hoofdstuk uitgebreid in op de methode van stack ranking, uitgevonden door de bekende CEO van General Electric: Jack Welch. Hierbij rangschikt je je mensen onderling en ontslaat de onderste 20%. Elk jaar weer. Zo houd je de beste mensen, toch? Nou nee, de meest junior mensen, met nog weinig ervaring en minder goede toegang tot hulpmiddelen, eindigen vaak onderaan. Je krijgt niet de gelegenheid om te groeien. Mensen met een groeimindset gaan dus weg. Maar ook het verloop van de 80% erboven is hoog, je bent je baan immers nooit zeker, staat altijd onder druk. Levert dit meer winst op? Nou, de kosten van vervanging van vertrokken medewerkers zijn hoog. Je houdt misschien de op dat moment beste mensen, maar je bevordert niet de samenwerking: want bij een gezamenlijke inspanning komt de individuele prestatie natuurlijk niet naar voren. Mensen gaan tegen elkaar in werken.

Een groeimindset maakt creatiever

Wat innovatie betreft, blijkt uit onderzoek dat mensen met een groeimindset meer diverse en unieke ideeën produceren dan degenen die geloven dat hun creativiteit beperkt was. Ook is het zo dat als je je zorgen maakt over hoe je afsteekt ten opzichte van een ander, wat hoort bij de geniemindset, er minder hersencapaciteit is voor innovatie en probleemoplossing. Interessant zijn de hoofdstukken waaruit blijkt hoe marketing inspeelt op de mindset van hun doelgroep, focussen ze op onze prestatiedoelen (verbeterde ….)  of onze leerdoelen (nieuwe ….)? Bij Duolingo bijvoorbeeld wordt beloofd dat je door hard werken je taalvaardigheden kunt ontwikkelen. Typisch voor een groeimindset. (Leuk om te weten want ik heb al een streak van 2100+ dagen)

Risico’s nemen, ethiek en diversiteit

Het derde gebied is risico’s nemen en veerkracht. In genieculturen wordt meer op safe gespeeld, want men is bang om foute beslissingen te nemen en daarom ontslagen te worden én om door beslissingen het bedrijf schade te berokkenen, waardoor banen op het spel komen te staan, ook de jouwe. In groeiculturen is die angst er niet (of minder), daarbij verzamelen die culturen veel data én, belangrijker nog, delen ze die, waardoor ze beter onderbouwde beslissingen nemen.

Gedrag wordt méér bepaald door situatie en organisatiecultuur, dan door karakter. Integriteit en ethisch gedrag gaat verder dan het overtreden van regels, het gaat ook om achterhouden van informatie, collega’s ondermijnen enzovoorts. Dat komt meer voor in genieculturen, maar ook in groeiculturen zie je het. Die laatsten doen alleen meer om zaken recht te zetten en zijn pro-actiever met preventieve maatregelen.

Diversiteit is ook een aspect waar binnen de verschillende culturen verschillend mee wordt omgegaan. Genieculturen hebben vaak een soort prototype mens die ‘het’ hebben. Pas je niet in die mal, dan word je niet aangenomen, of krijg je niet dezelfde kansen. Bij groeiculturen worden verschillen juist op waarde geschat, men weet dat het meer creativiteit oplevert.

Triggers voor de individuele mindset

Deel 3 behandelt de factoren of triggers die ons binnen een microcultuur in de ene of de andere mindset doet schieten: wanneer iemand een oordeel over ons velt, wanneer we lastige uitdagingen voor onze kiezen krijgen, wanneer we kritische feedback krijgen en wanneer we geconfronteerd worden met het succes van anderen. Bij alle vier is de context bepalend.

In de oordelende situatie is dat hoe ‘de beoordelaar’ tevoren het doel formuleert, en of deze onderlinge hulp en samenwerking promoot.

Bij lastige uitdagingen kom je in de groeimindset als je jezelf voorhoudt dat je het leuk vindt om ergens hard voor te werken en je je realiseert dat oefening groei betekent, voor je spieren, en voor je hersenen, die nieuwe verbindingen aanleggen als je ze aan het werkt zet door iets nieuws te leren. Geloof dus niet in het mantra van maximaliseren van je sterke punten, het idee dat je sterke punten hébt is al een teken van een statische mindset. (Jammer, ik ben een fan hiervan). Wat je ook kan helpen met veeleisende situaties is zelfbevestiging: weet dat je heel veel rollen hebt (vriendin, Nederlandse, zelfstandige, boekenliefhebber, ….), en dat maar één van die rollen nu wordt uitgedaagd. Zo voel je je minder bedreigd.

Feedback krijgen en geven

Bij kritische feedback wil je je emoties uitschakelen. Niet zo makkelijk, tenzij ‘we Vulcanus zijn’ (de vertaler heeft blijkbaar nooit van Spock, de Vulcan gehoord, en de redactie ook niet). Toch hebben we invloed op onze emoties, er is immers ‘space between stimulus and response’, en kunnen we feedback puur rationeel analyseren, in de wetenschap dat die nodig is om te groeien. Klinkt goed, maar is lastig te implementeren en concrete stappen ontbreken hier. ‘Wil je beter zijn of je beter voelen?

Interessant is het stuk over feedback geven aan minderheden. Misschien durf je dat niet uit angst om voor seksist of racist uitgemaakt te worden. Maar het resultaat is dat die minderheden geen informatie krijgen waarmee ze zichzelf kunnen verbeteren. Nog erger! Dit heet het mentorsdilemma. Met ‘wijze feedback’ kun je hier overheen stappen. Introduceer je feedback met de woorden ‘ik heb hoge verwachtingen van je, daarom krijg je deze opmerkingen, ik weet dat je het waar kunt maken.’ Ook belangrijk: verhef het geven van feedback tot norm, doe bijvoorbeeld dagelijkse feedbacksessies. En doe vooral géén feedbacksandwich!

Tenslotte het succes van anderen. Bij een statische mindset zijn er winnaars en verliezers. De ander heeft talent, jij niet. Je voelt je bedreigd. Het toegeven dat je jezelf met iemand vergelijkt is je kwetsbaarheid tonen, die ander macht geven. Je kunt ook kijken naar de factoren die hebben bijgedragen aan dat succes en daar wat van leren. Misschien had hij een kruiwagen? Dan moet jij aan de slag met het opbouwen van een netwerk. Mooi voorbeeld: de strijd tussen tennissters Chris Evert en Martina Navratilova. Die waren elkaars grootste concurrenten én bevriend. Ze zagen de sterke punten van de ander en gingen daar zelf óók aan werken. Zo werden ze allebei een legende.

Mijn evaluatie van Cultures of Growth

De lerende organisatie is een onderwerp dat al jaren aandacht krijgt, en waarschijnlijk daarom vond ik dit boek weinig origineel en verrassend. Het meeste is bekend, een open deur of gewoon gezond verstand. Ik was zeer te spreken over Carol Dweck’s Mindset, maar Mary weet aan de mindset-theorie weinig toe te voegen. En dat weinige wordt helaas erg veel herhaald! De structuur van het boek heeft daar mede mee te maken, de drie delen zijn niet echt onderscheidend van elkaar, ze overlappen voortdurend. Ook een echte rode draad ontbreekt en daardoor zijn er zeer veel verwijzingen naar eerdere en latere hoofdstukken. Uiteindelijk lijkt alles af te hangen van samenwerking.

Mary noemt een aantal onderzoeken waarmee ze haar betoog wetenschappelijk onderbouwt. De beschrijvingen gaan echter niet erg diep, behalve als het onderzoeken en adviesopdrachten van haarzelf betreft. Met name die bij bekende bedrijven worden trots gepresenteerd, op het arrogante af. Het boek is rijkelijk gevuld met cases en voorbeelden, die ik niet altijd ondersteunend aan het betreffende hoofdstuk vond, anderzijds ontbreekt vaak het bewijs voor een punt dat ze wil maken, het betreft veelal anekdotes.

Redactioneel niet sterk

Er is weinig gedaan aan ondersteunende lay-out, de hoofdstukken zijn lange stukken tekst met hier en daar een tussenkop. Ik stoorde me erg aan de vertaling van Vulcan, is er echt een vertaler in Nederland die nog nooit van Star Trek heeft gehoord? Of is dit een AI vertaling? In combinatie met een typo, de slechte structuur en de herhaling is er redactioneel wel wat aan te merken op het boek. Het betoog had beter tot z’n recht gekomen als het boek half zo dik was.

Natuurlijk waren er zeker onderdelen bij die ik interessant vond en waar ik wat van leerde, zoals het stuk over stack ranking. Ik heb zelf bij een bedrijf uit de VS gewerkt die deze systematiek bij de beoordelingen hanteerde: ik moest mijn team verplicht indelen in 20% boven niveau. 60% op niveau en 20% onder niveau. Onmogelijk te doen als je maar 15 man onder je hebt, hoewel ik best geloof dat op het hele bestand van 20.000 werknemers deze bell-curve bestaat. Maar om het als uitgangspunt van je beoordelingssystematiek te gebruiken, sterker nog, van je ontslagbeleid, is wel hééél erg statisch gedacht. Om te begrijpen dat een dergelijke cultuur dodelijk is voor samenwerking en innovatie, daar hoef je geen genie voor te zijn.

Overall was ik vooral teleurgesteld, en ik adviseer iedereen om Mindset te lezen, en daarna GRIT en Hidden Potential.

Ik gaf het boek 3*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop dit boek

o.a. bij

Managementboek.nl 

of

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie maar wel duurzaam:

  • Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring
  • Of lees het gratis via Kobo-Plus…..
  • Snuffel in een minibieb
  • Of lees het via je (online) bibliotheek.

Keus genoeg!

Geplaatst in management | Tags: , , , | 2 reacties

Black Friday? Nee, Green Friday!

Vrijdag 29 november 2024: Black Friday. Ga jij ook helemaal los op de koopjes? Sla je heerlijk een hele stapel nieuwe boeken in? Waarom eigenlijk? Ga eens op zoek naar een vondst! Serendipity zeg maar. Kijk eens in je eigen boekenkast! Of ruil een boek met een vriend of collega. Bestel die Must Read bij de bibliotheek, of lees het direct in de online-bieb. Snuffel in een kringloopwinkel. Wandel langs een minibieb. Ga voor een ‘groen’ boek en koop vandaag eens géén nieuw boek! Dan maken we samen de wereld een beetje beter …

Waarom wil je boeken bezitten? Je wilt ze toch gewoon lezen? 

Tegenwoordig mijd ik de boekwinkels. De etalages zijn té gevaarlijk! De hebberigheid slaat vrijwel direct toe: dát boek wil ik hebben, en dát, oh en ook die nieuwe van die geweldige auteur! Oké, mijn boekenkast staat nog vol met ongelezen boeken (Tsundoku!) maar die nieuwe boeken wil ik nóg liever lezen. En hebben, nu metéén! Herkenbaar? Tegenwoordig wacht ik even met kopen en bedenk ik: moet ik het echt hebben? Of wil ik het lezen? In ieder geval het laatste … Het eerste hoeft niet altijd per sé, toch?

Of voor jou wel? En waarom dan?

Wil je het boek nú lezen of later lezen?

Stel, je koopt direct een nieuwe publicatie. Wanneer ga je dat nieuwe boek dan lezen? Direct of leg je het op de stapel?

Soms wil je een boek direct lezen omdat je met een probleem zit dat opgelost moet worden. Maar veel vaker koop je een boek omdat het onderwerp of de schrijver je aanspreekt. AI. Klimaatverandering. Organisatiecultuur. Leiderschap. Een biografie. De nieuwste van Jitske Kramer of Adam Grant.

Maar, die kunnen toch zeker wel wachten? Ze zijn niet na een paar maanden alweer verouderd. Probeer eens die boeken die je graag wilt hebben op een lijstje (To Be Read = TBR!) te zetten en na 3-6 maanden te kijken of je ze nog steeds wilt lezen. Misschien is er inmiddels een ander boek uit, wat je nóg liever wilt!

En: laat je zeker niet gek maken door een hype over een boek! Ja, de Fear Of Missing Out kan best groot zijn, maar oh, hoe rustgevend is de Joy Of Missing Out! Net zoals bij Fast Fashion ….

Waarom zou je nieuwe boeken kopen?

Nieuw uitgebrachte titels kun je al na een paar maanden bij de bibliotheek bestellen, en heel vaak al direct lenen in de online bibliotheek. Zo las ik De domheid regeert, gepubliceerd op 7 november, een week later al digitaal.

Digitaal lezen is sowieso een goede optie. Veel kan gewoon op een tablet. Koop je een Ereader, dan heb je de onduurzame grondstoffen er na 30 boeken al uit. Ja, je leest het goed, digitaal lezen met een Ereader is duurzamer dan van papier lezen als je meer dan 30 papieren boeken nieuw koopt.

Papieren boeken tweedehands kopen is natuurlijk ook een duurzame optie. Op een tweedehands-boekensite als Boekwinkeltjes vind je veel, heel veel boeken, ook recent gepubliceerde. Iets goedkoper dan zelf nieuw kopen, en beter voor het milieu. Natuurlijk kun je ook in jouw stad een antiquariaat of tweedehandsboekwinkel binnenstappen.

Ook vind je ‘boeken-met-ervaring’ op andere plekken, zoals een minibieb. Hier vind je de locatie van meer dan 10.000 minibiebs in Nederland, klik links voor up-to-date kaarten per provincie. Een andere optie is de kringloopwinkel, daar haal ik regelmatig recente boeken én klassiekers vandaan voor zeer prettige prijsjes.

Ruilen is natuurlijk altijd een goede idee. Vraag eens aan een vriend of collega of die dat ene boek heeft  wat je zo graag wilt lezen, en of hij/zij dat wil ruilen voor een boek uit jouw collectie. Voor je het weet zit je een avond te praten over jullie favoriete boeken en schrijvers, óók fijn! Ik doe dat regelmatig met mede-recensenten.

Oude wijsheid in nieuwe kaften

En dan de laatste optie: dat nieuwe boek gewoon helemaal niet lezen. Het valt me namelijk op dat veel boeken wel héél erg lijken op het vorige boek van die auteur. De kern wordt eens flink herkauwd, het ziet er anders uit, maar het ís niet anders.

Of dat gloednieuwe boek is gebaseerd op klassiekers als De 7 eigenschappen, Invloed Ons feilbare denken en dergelijke. Het moderne vernisje is vaak erg dun en de diepgang van het origineel verdwenen in populair taalgebruik en onrealistische voorbeelden. Staat er niet nog een bestofte klassieker in je kast? Herlees die eens!

Welke duurzame keuzes maakte ik deze maand? 

Ik las deze maand De domheid regeert, digitaal via de online bibliotheek; Bitterzoet, digitaal via Kobo Plus; Wat bomen ons vertellen, papier uit een minibieb; Morele ambitie, papier en geruild met een mede-recensent, en Green IT, papier en (ongevraagd) door de auteur aan me toegestuurd. Sja, dáár kan ik niks aan doen!

Black Friday? Nee, Green Friday!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Sustainability | Tags: , , , | Plaats een reactie

Familie: ‘neef’ Adam Grant

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘neef’ Adam Grant.

Muur met portretten van favoriete auteurs Adam Grant groot in het midden

Waar schrijft ‘neef’ Adam Grant over?

‘Neef’ Adam schrijft hele toegankelijke boeken over psychologie, soms specifiek over organisatie-psychologie (waarin hij als hoogleraar ook doceert) maar meestal over psychologie in de breedste zin des woords: denk aan motivatie, feedback, teamwork. Samen met Allison, zijn vrouw, schreef hij ook 2 kinderboeken, en hij bracht een boek uit met interviews met hotshots op het WEF in Davos.

Heeft ‘neef’ Adam Grant ook andere zakelijke activiteiten?

Zoals bijna iedereen die ‘iemand’ is (of zou willen zijn), heeft ‘neef’ Adam een podcast: ReThinking. Deze is in 2021 gestart en bestaat uit interessante gesprekken met andere auteurs, zoals Susan Cain, Yuval Noah Harari, Cal Newport en nog veel meer. Hij had vorig jaar ook nog de podcast WorkLife. Deze liep van 2018 tot 2023 en het hele archief is hier beschikbaar.

Naar aanleiding van zijn eerste boek, Geven en nemen, richtte hij samen met hoogleraar Wayne Baker en onderneemster Cheryl Baker het bedrijf Give and Take Inc. op. Dit bedrijf maakt software waarmee de principes van zijn boek geïmplementeerd kunnen worden bij bedrijven.

‘Neef’ Adam is bestuurslid van het bedrijf LeanIn, opgericht door Sheryl Sandberg, wat gericht is op gelijke kansen voor vrouwen. Ook is hij voorzitter van de Raad van Creatief Advies van Exile Content, een TV- en filmstudio die spaanstalige projecten een wereldwijd publiek wil geven

Hij heeft een heel interessante nieuwsbrief: Granted. Hij schrijft opiniestukken voor The New York Times. En natuurlijk is hij als spreker in te huren! .

Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘neef’ Adam Grant eruit?

‘Neef’ Adam werkt op dit moment als hoogleraar op de Wharton School, een onderdeel van de Universiteit van Pennsylvania. Van 2011 tot 2017 werd hij 7 jaar achter elkaar uitgeroepen als de beste hoogleraar van de universiteit. (Wat gebeurde er in 2018? ….). Hij geeft colleges op het gebied van organisatie-psychologie, teamwork, onderhandelen en leiderschap.

‘Neef’ Adam bracht zijn jeugd door in Michigan, waar hij hoopte op een carrière als prof basketballer. Dat werd ‘m niet, wel werd hij een hele succesvolle …. schoonspringer. Iets hééééél anders! Hij ging naar Harvard voor zijn bachelor psychologie en haalde zijn masters aan de Universiteit van Michigan, waar hij ook promoveerde, op organisatiepsychologie. Tijdens zijn studie werkte hij als professioneel goochelaar. In zijn boeken kun je lezen hoe hij in die schoonspring- en goochel-hobbies gecoacht werd, daar heeft hij veel van geleerd.

Na zijn studie werkte hij eerst in de reclamewereld maar in 2007 ging hij als assistent-hoogleraar aan de slag bij de Universiteit van North Carolina. Na wat publicaties in vakbladen werd hij gevraagd voor Wharton. Op je 28-ste al een vaste aanstelling scoren is heel bijzonder! Maar hij is ook bijzonder: op dit moment is hij #2 van de Thinkers50

‘Neef’ Adam is getrouwd met Allison Sweet, ze hebben 2 zoons en een dochter.

Welke boeken schreef ‘neef’ Adam Grant?

‘Neef’ Adam schreef 6 managementboeken, waarvan ik er 4 las. Ik vond die allemaal een Must Read! Van 1 schreef ik ook een Samenvatting (Originals).

Cover van Hidden potential

Wat een inspirerend boek heeft ‘neef ‘Adam weer geschreven. Het draait om je doelen bereiken, maar ook om ánderen helpen hun potentieel te benutten. Maar dan moet je dat potentieel wel eerst ontdekken. Met veel wetenschappelijk onderzoek en fijne anekdotes bouwt ‘neef’ Adam een overtuigend betoog op hoe dit aan te pakken. Het boek onderscheidt 3 aanvliegroutes. Ten eerste het veranderen van je eigen mindset oftewel karakter-vaardigheden, ten tweede het zorgen voor hulp uit de omgeving oftewel structuren en ten derde het maatschappij-breed geven van kansen om dit potentieel te ontdekken en te ontwikkelen, oftewel systemen.

* Weten wat je niet weet (Think Again) (2021)

Cover van Weten wat je niet weet

Weer een geweldig boek van ‘neef’ Adam. Het gaat in dit boek over heroverwegen, rethinking, om anderen te beïnvloeden, succesvoller te worden, gelukkiger te worden. En misschien zelfs om in leven te blijven! Het zou goed zijn als we net zo makkelijk overtuigingen heroverwogen als wetenschappers en trendwatchers dat doen. In dit uitstekende boek worden heel wat acties aanbevolen om dit voor elkaar te krijgen. Het blijft echter niet bij ‘weten wat je niet weet’, het gaat ook om hoe je de discussie voert met anderen, hoe je hen kunt overtuigen. Niet met preken, argumenteren of lobbyen, maar op de manier van de wetenschapper, zoekend naar de waarheid.

* Optie B (Option B) (2017)

Cover Optie B van Adam Grant

‘Neef’ Adam schreef dit samen met Sheryl Sandberg. Ken ik nog niet dus de flaptekst: Optie B gaat over het overlijden van Sheryls man, maar het laat ook zien hoe allerlei andere mensen hun persoonlijke leed – zoals ziekte, werkloosheid, aanranding en verkrachting, natuurrampen en oorlogsgeweld – te boven zijn gekomen. Hun verhalen tonen aan dat de menselijke geest het vermogen heeft om door te gaan, en opnieuw vreugde te ontdekken. Veerkracht komt uit ons binnenste, maar we danken die kracht ook aan steun van buitenaf. Wie een diepere zin vindt in zijn bestaan en zich gewaardeerd voelt, is zelfs na de meest verpletterende gebeurtenissen in staat om te groeien.

* Het kan ook anders (Originals) (2016)

Cover Het kan ook anders

Waarom dacht Steve Jobs dat de Segway een enorm succes zou worden? En waarom flopte het? Wat is de overeenkomst tussen de opstand tegen Milosevic en een koudwaterzwemmer? Ben je als 55-plusser ingekakt of kun je dan nog tot wereldschokkende uitvindingen komen? Ik schreef een recensie van het geweldige managementboek Originals, in het Nederlands ‘Het kan ook anders‘ van ‘neef’ Adam, waarin deze en nog veel meer vragen worden beantwoord. Over innovatie, ideeën genereren en selecteren, gebalanceerd risico’s nemen en tegenspreken, allemaal zaken die Originals doen.

* Geven en nemen (Give and Take) (2013)

Cover Geven en nemen

‘Neef’ Adam toont in zijn eerste boek aan dat het loont om het belang van anderen voorrang te geven boven je eigen belang. Zolang het authentiek is én je het slim aanpakt, je wilt geen voetveeg worden! Een Must Read voor iedereen in onze meritocratische individualistische samenleving! ‘Neef’ Adam onderscheidt Gevers, Nemers en Matchers. Nemers proberen zoveel mogelijk van anderen te krijgen. Matchers hangen het ‘voor wat, hoort wat’ principe aan. Gevers helpen anderen zonder iets terug te verwachten. Je verwacht niet dat juist de Gevers het succesvolst zijn! Maar onderzoek toont aan dat dit wél zo is, en ‘neef’ Adam schotelt ons ook veel voorbeelden van bekende mensen voor die dit ondersteunen.

Ander werk van Adam Grant

Leif and the fall (2020)

Cover van Leif and the fall

‘Neef’ Adam schreef dit kinderboek over volhouden samen met zijn vrouw Allison Sweet Grant. Flaptekst: Leif is a leaf. A worried leaf. It is autumn, and Leif is afraid to fall. “All leaves fall in the fall,” say the other leaves. But Leif is determined to find a different way down, and with his friend Laurel, he uses the resources around him to create a net, a kite, a parachute in hopes of softening his landing. The clock is ticking, the wind is blowing. What will happen when a gust of wind pulls Leif from his branch? In a culture that prizes achievement, kids are often afraid to fail–failing to realize that some of the very ideas that don’t work are steps along the path to ones that will.

Koop bij Bol

The gift inside the box (2019)

Cover The gift inside the box

‘Neef ‘ Adam schreef dit boek over vrijgevigheid samen met zijn vrouw Allison Sweet Grant. Flaptekst: This delightful book is designed to start conversations with kids about generosity. In the tradition of Goodnight Gorilla, the words are intentionally spare. The book is meant to be read interactively, with adults posing questions so kids can guess what’s happening (and why). Praised by both parents and teachers for sparking imagination and eliciting discussion, the story can be interpreted differently in every family, by every child, and reinterpreted many times over.

Koop bij Bol

PowerMoves (2018)

Ken ik niet! Flaptekst: Adam Grant went to the World Economic Forum in Davos to find out what the world’s most visionary and influential leaders had to say about power—and its transformative role in our society. What he learned there may surprise you. Grant delivers a heady mix of captivating interviews, compelling data, and his unmistakably incisive and actionable analysis, to give us a crash course in power that both inspires and instructs from the front lines. In interviews with two dozen CEOs, start-up founders, top scientists, and thought leaders he shares hard-earned insights on how to succeed in this new era of hyper-linked power. He also explores how power is reshaping everything from the workforce, to the rise of women in the office, to the influence of scientists on policy.

Koop bij Amazon

En verder schreef hij nog een aantal toneelstukken toen hij op de middelbare school zat.

(Deze informatie is ontleend aan: Bol.com, wikipedia, LinkedIn)

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.
  23. In november was de beurt aan neef Adam Grant

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van maatschappij- en managementboeken. Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Gedrag, psychologie, Teamwork | Tags: , , , , | 21 reacties

Recensie: Bitterzoet – over melancholie

Ik was zééér te spreken over Susan Cain’s bestseller Stil, over introversie. Zó herkenbaar! Ik aarzelde dan ook geen moment om ook Bitterzoet, haar derde boek, uit 2022, op te pakken. Deze keer heeft Susan het over melancholie. ‘De helende kracht van verdriet en verlangen’ is de ondertitel, en haar betoog is dat je deze twee aspecten kunt transformeren in creativiteit, transcendentie en liefde. Dat klinkt …. intrigerend.

Het boek is een symbiose van verhalen over wetenschappelijke onderzoeken, anekdotes over beroemde en minder beroemde mensen, filosofische bespiegelingen, zelfhulp, een ode aan auteur / singer-songwriter Leonard Cohen en een memoir. De relatie tussen Susan en haar moeder is de rode draad, en hierin stelt ze zich heel open en kwetsbaar op. Het lijkt alsof ze één van haar adviezen, schrijf het van je af, zélf heeft opgevolgd. Het resultaat vond ik boeiend, soms (te) abstract, vaak leerzaam en altijd relevant.

 

Cover van Bitterzoet van Susan Cain

Het zelfhulpboek Bitterzoet …

….. maakt me in het begin al duidelijk dat melancholie, dat bitterzoete gevoel, een hoge correlatie heeft met hoogsensitief, maar niets te maken heeft met introversie. Jammer, het is dus geen vervolg op Stil, waar ik een groot fan van ben. Niet qua inhoud, maar ook niet qua stijl, zo blijkt. Maar na het doorlopen van een vragenlijst kom ik tot de conclusie dat ik ook niet melancholisch ben. Desalniettemin wil ik er zeker meer over weten.

Het boek valt uiteen in drie delen. Het eerste deel gaat in op de vraag hoe we pijn kunnen omzetten in creativiteit, transcendentie en liefde, het tweede deel gaat over de ‘tirannie van positiviteit’ die vooral in Amerika heerst, en het derde deel behandelt onze sterfelijkheid en rouw.

Verdriet, pijn en compassie

Waar is verdriet goed voor? vraag Susan zich in het eerste deel af. De emotie angst heeft een evolutionaire functie: je gaat op zoek naar veiligheid. Woede beschermt je tegen misbruik. En verdriet? Verdriet roept compassie op, brengt mensen bij elkaar. En dat is ook wetenschappelijk aantoonbaar: ons zenuwstelsel blijkt geen onderscheid te maken tussen eigen pijn en pijn van anderen. Ons CCA (cortex cingularis anterior) in de prefrontale hersenschors reageert hetzelfde als wij ons branden en als we zien dat een ander zich brandt. Maar je ziet het ook in de nervus vagus, onze belangrijkste zenuwbundel. Deze is van belang bij ademhalen, spijsvertering en seks, maar ook bij ons zorg-instinct. Als je een kind ziet huilen, komt je nervus vagus in actie. Mensen met een sterkere nervus vagus zullen eerder samenwerken, voor iemand in de bres springen, en vrijwilligerswerk doen. Deze compassie is het sterkst tussen moeder en kind, daarna familie, en minder ten opzichte van vreemden. Dit uitgangspunt vind je ook terug in het Darwinisme en het Boeddhisme.

Neuroticisme

Melancholie wordt in de psychologie nauwelijks behandeld, alleen in het persoonlijkheidskenmerk neuroticisme, en dan met de insteek dat neurotici onzekere zeurpieten zijn. Incidenteel vind je psychiaters die wijzen op de positieve punten: neurotici leven langer omdat ze waakzaam zijn en op hun gezondheid letten, ze zijn ambitieus omdat ze faalangst als drijfveer inzetten om te slagen en zelfkritiek als drijfveer om zichzelf te verbeteren. Neurotici zijn ook goede wetenschappers: ze wikken en wegen en bekijken concepten van alle kanten. Ha! Goed nieuws na mijn hoge neuroticisme-score in een Big5-assessment. Maar dat melancholie de grootste katalysator van creativiteit is, wordt in de psychologie nog nauwelijks onderkend, alleen pas recent in de positieve psychologie.

Verlangen en droevige muziek

We hunkeren naar de perfecte liefde, de zielsverwant, die voelt als thuiskomen. Niet doen! Zegt filosoof Alain de Botton, die bestaat niet! Het is beter om ‘de onvolkomenheden van je huidige partner te accepteren en je concentreren op het verbeteren van jezelf’. Allemaal waar, maar het verlangen blijft. Dat verlangen uit zich ook in droevige muziek die kippenvel oproept. Denk aan de Portugese fado. Het is trouwens ook wetenschappelijk bewezen dat droevige muziek homeostase bevordert, waarin zowel onze emoties als lichamelijke functies optimaal functioneren. Susan verklaart deze paradox door te stellen dat we houden van dingen die verdrietig én mooi zijn, bitter en zoet, tegelijkertijd. Ze vervolgt met een lang stuk over het soefisme, wat ik heel leerzaam vond.

Creativiteit

Bovengemiddeld veel creatievelingen zijn/waren melancholisch (en jong wees geworden, en hebben last van stemmingswisselingen). Het blijkt dat de perioden van optreden van hun negatieve emoties voorspellend waren voor de momenten van hun creatieve output. Ook een wetenschappelijk experiment met studenten toonde aan dat negatieve emoties (in casu afwijzing) positief effect op creativiteit hadden. Sombere stemmingen maken ons ook scherper: betere concentratie, oog voor detail, helderheid van herinneringen en minder last van biases.

Ook transcendente ervaringen verhogen de creativiteit. Onderzoek van o.a. Jonathan Haidt geeft aan dat deze ervaringen een positieve invloed hebben op je zelfbeeld, tevredenheid met het leven. Je maakt deze ervaringen echter juist mee op momenten van verlies, overgang en dood.

Verloren liefde

Dit deel sluit af met een hoofdstuk over ‘verloren liefdes’ waarin Susan de relatie met haar moeder beschrijft. Als peuter was ze dol op haar moeder, maar deze was té beschermend, te controlerend, en uiteindelijk schept ze bewust afstand, wat haar moeder veel pijn heeft gedaan. Susan voelt zich erg schuldig. Ze geeft ons 7 vaardigheden om met verlies om te gaan: 1. Je verlies onder ogen zien. 2. De bijbehorende emoties accepteren. 3. Alle gevoelens, gedachten, herinneringen accepteren, ook de ‘ongepaste’. 4. Weten dat je je verpletterd zult voelen. 5. Op je hoede zijn voor gedachten zoals ‘ik zou er nu overheen moeten zijn’. 6. Je verbinden met wat belangrijk voor je is, je waarden. 7. ‘toegewijd handelen’ dat wil zeggen handelen naar je waarden. En daarna ga je anderen helpen die hetzelfde meemaken: de ‘gewonde genezer’.

Heel interessant is het onderdeel over metta meditatie. Metta betekent ‘liefdevolle vriendelijkheid’, en het verandert de manier waarop we bij anderen en de wereld betrokken zijn. Je wenst jezelf goede dingen toe, bijvoorbeeld ‘vrij zijn van gevaar, geestelijk lijden, lichamelijk lijden, etc.‘ De wens kun je zelf verzinnen. Daarna wens je dit je gezin toe, je familie, je kennissen, de lastige mensen in je leven, net zolang tot je uitkomt bij alle levende wezens. Hierna volgt nog een bespiegeling over liefdes die altijd terugkomen, maar in een andere vorm. Susan’s moeder heeft Alzheimer en herinnert zich de ruzies en verwijdering niet meer. Ze straalt alleen maar liefde voor haar dochter uit, net zoals Susan zich dat herinnert van toen ze peuter was. Maar nu anders.

Tirannie van positiviteit

Deel II gaat over winnaars en verliezers en begint met de vraag: als verdriet en verlangen zo nuttig zijn, waarom is er (in de VS) dan zo’n tirannieke cultuur van positiviteit en zo’n minachting voor ‘losers’. Waarom moeten we positief blijven, als je zwaar ziek bent, op sterven ligt, of wanneer een geliefde is overleden? Amerikanen zijn kampioen glimlachen én kampioen angst (30%!) en depressie (20%). De oorzaak hiervan zou in het Calvinisme liggen: hard werken, niet klagen, zo kom je in de hemel. Laat zien dat je een ‘winnaar’ bent, dat je zeker weet dat dat hemelse voor jou is weggelegd. Daarna, bij de opkomst van de handel in de 19de eeuw, is het doel natuurlijk altijd dat jij er beter uitkomt, dat je … een winnaar bent. Mislukking is een persoonlijke tekortkoming. Rond 1900 zien we de opkomst van de beweging ‘New Thought’, waarbij klagen verboden is en zelfs kinderen gedrild worden in vrolijkheid. Dit groeide later uit tot de padvinders. De gedachte dat je met positiviteit ook zakelijk succesvoller bent vind je terug in het bekende boek Denk groot, word rijk van Napoleon Hill uit 1930. Op de universiteiten vertaalt het zich in deze tijd in ‘moeiteloze perfectie’: laat nooit zien dat je heel hard moet werken voor je goede cijfers.

Hoe kunnen we die ‘tirannie van positiviteit’ overstijgen? Het is goed om te weten dat negatieve gevoelens die je verdringt, sterker worden, dat heet amplificatie. Uiten dus! Maar er zijn strikte normen over wat je bijvoorbeeld op je werk wel en niet kunt bespreken. Groot of acuut lijden, zoals het overlijden van een familielid wél, alledaags lijden zoals financiële zorgen of stress niet. Als leidinggevende mag je boos zijn, maar niet verdrietig. En dat terwijl uit onderzoek blijkt dat verdriet tonen de relatie met je ondergeschikten juist verbetert. Een goede tip van Susan: het opschrijven van je gevoelens, bijvoorbeeld in een dagboek, levert inzicht op, en daarmee succes.

Sterfelijkheid en rouw

Deel III gaat over sterfelijkheid, tijdelijkheid en rouw. Ik lees over de Terror Management Theory, een onderzoeksrichting vanuit de sociale psychologie. Die theorie stelt dat angst voor de dood ervoor zorgt dat we ons willen aansluiten bij een groep die waarschijnlijk langer zal voortbestaan dan wij, tribalisme dus. De angst veroorzaakt vijandigheid tegen buitenstaanders en vooroordeel tegenover vreemdelingen. Dit is ook wetenschappelijk bewezen. Als we het ‘probleem van sterfelijkheid’ oplossen kunnen we een einde maken aan armoede en oorlog. Onsterfelijkheid zorgt voor wereldvrede, dat is het idee.

Maar verlangen we naar eeuwig leven, of naar een perfecte wereld? Want een dood-loos bestaan is geen garantie op de afwezigheid van verdriet, teleurstelling. Daarom is in vele religies de ‘beloning’ niet zozeer onsterfelijkheid maar de hemel of zoals in het boeddhisme, bevrijding van wedergeboorte.

Het besef van sterfelijkheid groeit als je ouder wordt, en door dat besef wordt je ook gelukkiger: je leeft meer in het heden, je vergeeft sneller, je bent tevredener, zo stelt psychologe Laura Carstensen. De paradox van het ouder worden, noemt men dat. Ouder worden betekent immers ook zwakker worden, en eenzamer als je vrienden een voor een overlijden. Het grotere gevoel van geluk zou te maken hebben met de toestand van ontroering die ouderen vaker meemaken. Tranen van vreugde, je bent blij, maar weet ook dat iets eindig is. Bitterzoete gevoelens. Je perspectief vernauwt, andere dingen worden belangrijk, relaties verdiepen in plaats van nieuwe relaties aangaan.

Het is dus goed om ook als jongere aan de dood, aan vergankelijkheid te denken. Ryan Holiday beschrijft dat de Romeinse veldheren bij overwinningen door een adjudant ingefluisterd kregen: gedenk dat ge sterfelijk zijt. Memento Mori. Varianten hiervan werden ook door Marcus Aurelius en Seneca opgeschreven.

Erfelijke pijn

Erven we geestelijke pijn van onze voorouders? Tuurlijk niet, dacht ik, maar dat bleek toch anders te liggen. Uit de epigenetica, de studie naar hoe genen in- en uitschakelen als reactie op veranderingen in de omgeving, blijkt dat tegenspoed zo’n trigger kan zijn. De kinderen van Holocaust-overlevenden hadden dezelfde hormonale en neuro-endocriene afwijkingen in hun bloed als hun ouders. De oorzaak hiervan was een stress-gen die een bepaalde verandering, methylering, had ondergaan. De kinderen waren hierdoor gevoeliger voor depressie en PTSS. Bij kinderen van moeders die de Hongerwinter hebben meegemaakt, of van slachtoffers van rassendiscriminatie, zien we vergelijkbare gevolgen. Is dit fenomeen omkeerbaar? Ja. Als de kinderen therapie krijgen, wordt het nageslacht van hen niet opgezadeld met het trauma.

Mijn evaluatie van Bitterzoet

Ik was tijdens het lezen wat overweldigd door de breedte van de onderwerpen: melancholie, verlangen, verlies, sterfelijkheid. Het is dan ook geen betoog met een kop en een staart, met een vraag aan het begin en een antwoord aan het eind. Het is wél een beschrijving van een onderzoek naar melancholie dat allerlei zijpaden opzoekt, net zoals jij dat zou doen als je op het onderwerp googlet. Er is zo verschrikkelijk veel aan melancholie gerelateerde informatie om te vertellen en uit te diepen!

Ik vond de stukken over wetenschappelijke onderzoeken het interessantst, ik ben nogal ‘blauw’ ingesteld. Maar de meer filosofische stukken raakten ook een snaar, lieten me wikken en wegen, niet tot een conclusie komen maar wel verwonderen. Ik vond het daarom een zeer leerzaam en boeiend boek.

Het boek is gerubriceerd onder persoonlijke ontwikkeling, maar verwacht geen zelfhulpboek in de zin van stapels praktische tips. Die tips zitten er zeker wel in, maar zuinig gesprenkeld tussen de diverse meer abstracte stukken. Wat dat betreft is het boek niet te vergelijken met Stil, wat beduidend minder filosofisch ingestoken is. Bitterzoet is wel prima leesbaar, onder andere door de lange stukken over anderen, die vrij gedetailleerd hun ervaringen beschrijven, en door Susan’s eigen ervaringen met haar moeder, die als een (dunne) rode draad door het boek heen lopen. Susan stelt zich hierbij heel kwetsbaar op, in het hele boek voelt zij ook veel meer als de mede-leerling dan de onderwijzer. Ze heeft ook duidelijk haar eigen trauma met een overbeschermende controlerende moeder van zich afgeschreven, toen ze haar moeder niet meer kon kwetsen met haar gevoelens over de moeizame relatie.

Het boek heeft wat illustraties, waarvan ik eerlijk gezegd de relatie met de hoofdstukken niet altijd begreep. De quotes van bekende schrijvers zijn daarentegen weer wél duidelijk. Sowieso quote Susan veel uit het werk van anderen, en dat levert bij mij het verlangen op om me verder te verdiepen. Ik heb weer een hele lijst met boeken op mijn leeslijst gezet. En al ben ik niet melancholisch, ik kan wél wat met alle informatie. Wat regelmatiger aan de dood denken, en zo gelukkiger worden, bijvoorbeeld.

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties +, Structuur -, Schrijfstijl +

FOMO –

Ik gaf het boek 3 1/2* . (Maar omdat ik zeker geen expert ben voor meer filosofische boeken geef ik graag ook de GoodReads rating: 3,97*).

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Koop dit boek

o.a. bij

Managementboek.nl

of

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

  • Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring
  • Of lees het gratis via Kobo-Plus….. (dat deed ik ook!)

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van managementboeken.

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in filosofie, Persoonlijke effectiviteit, psychologie | Tags: , | 4 reacties

Samenvatting van Daniel Pink’s Het juiste moment

Het juiste moment (When) van Daniel Pink uit 2018 is een hele smakelijke uiteenzetting over hoe tijd, of liever: timing, ons leven beïnvloedt en waar we rekening mee moeten houden als we een beslissing nemen. Ik vond het zó nuttig dat ik er een Samenvatting van schreef. Met 30 minuten leestijd en 9% van de oorspronkelijke omvang leer je 100% van de inzichten.

Over de Samenvatting van Daniel Pink’s Het juiste moment

Snel

Je leest de Samenvatting in 30 minuten. Dat is exclusief de inleiding, met allerlei metadata, en exclusief de ‘uitleiding’ waarin informatie over mijzelf en de andere producten te lezen is. Vergelijk dat eens met de 5 uur van het oorspronkelijke boek! 

Goed

Mijn Samenvattingen worden goed gewaardeerd. De meeste ratings en reviews zijn te vinden bij Kobo. Deze specifieke Samenvatting heeft nog geen rating bij Kobo, het kreeg ook nog geen reviews bij Bol. 

Goedkoop

Je betaalt voor mijn Samenvatting op de eBook verkoopsites rond de EUR 3. Het oorspronkelijke boek kost tweedehands EUR 14, is nieuw niet meer verkrijgbaar en ook niet in eBook-format. 

Geen AI

Ik gebruik geen AI voor mijn Samenvattingen. Enerzijds omdat ik daar zéér slechte exemplaren van heb gezien die absoluut niet weergeven wat er in een oorspronkelijk boek staat. Soms is het gewoon fout, wat er staat. En veel AI-gegenereerde Samenvattingen laten gewoon de helft van de onderwerpen weg. Anderzijds omdat ik denk een uniek smaakje aan een Samenvatting te kunnen geven, door mijn persoonlijke keuzes en een stukje humor. Ik lees het boek gewoon drie tot vier keer en zorg er bij een Samenvatting voor álle onderwerpen weer te geven en alleen te schrappen in de voorbeelden, waarbij ik die voorbeelden kies die mij met name aanspreken.   

Kopen

Koop bij Kobo.

Koop bij Bol.

Koop in mijn eigen webshop. Je krijgt dan een ePub én een PDF.

Of kijk op je favoriete eBook-platform!

Proeven

Is dit je eerste kennismaking met een Samenvatting van mij? Dan wil je misschien eerst eens ‘proeven’, er eentje uitproberen zonder dat het je geld kost. Dat kan op mijn eigen webshop, daar is een Samenvatting helemaal gratis te downloaden

Over het oorspronkelijke boek Het juiste moment

Natuurlijk wil je eerst weten waar dit boek nu eigenlijk over gaat. 

Allereerst maakt Het juiste moment duidelijk dat we een interne klok hebben en er ochtend- en avondmensen zijn. Ben je een ochtendmens, dan heb je ’s middags een dip, en wat je in de middag ook doet, het resultaat zal altijd minder zijn dan je prestaties in de ochtend of de avond. Er zijn bergen wetenschappelijke onderzoeken die dit onderbouwen. Zo’n middagdip kan best gevaarlijk zijn (stel je voor dat je chirurg bent en je hebt zo’n dip!), maar pauzes en een siësta verminderen de impact. 

Verder gaat het over de starttijden van scholen en universiteiten, de oorzaken van je midlifecrisis en het verlangen naar een rode sportwagen, waarom je midden in een project de kantjes eraf loopt, wanneer je moet trouwen, ontslag moet nemen, en wat je moet doen op de laatste dag van je vakantie. Plus heel veel tips voor op het werk, waaronder samenwerken in groepen en wat tijd daarmee te maken heeft. Elk hoofdstuk heeft een aantal tips en oefeningen. 

Het juiste moment wordt goed gewaardeerd. Bol geeft 5* (1 rating), Managementboek heeft het niet meer, Goodreads 4*. En ik gaf het 4 1/2* in mijn recensie

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van non-fictie boeken, voornamelijk over management, zelfhulp, maatschappij en geschiedenis. Ze is te volgen op Substack, waar wekelijks een te lezen én te beluisteren blog-update verschijnt. Lees / luister via de app, of via je email. 

Geplaatst in zelfhulp | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Recensie: Wat bomen ons vertellen – fascinerend

Valerie Trouet is dendroklimatoloog: aan de hand van jaarringen bestudeert ze het klimaat uit het verleden en de invloed ervan op ecosystemen en samenlevingen. Maar ze is ook de auteur van het geweldige boek Wat bomen ons vertellen (Tree Story) uit 2020. Een persoonlijk verhaal met fascinerende onderzoeken en verrassende resultaten. En met de nodige humor, ook nog, dat had ik niet verwacht.

Als je denkt dat jaarringen alleen nuttig zijn om te berekenen hoe oud een boom is, heb je het mis. Valerie neemt ons mee naar alle uithoeken van de wereld om te laten zien hoe je het optreden van orkanen, droogte en overstromingen, straalstromen en nucleaire straling, branden en meteoriet-inslagen kunt afleiden. Met die gegevens weet je meer over het klimaat van ooit, en dat helpt weer bij het duiden van het klimaat van nu.

 

Het wetenschap & natuurboek Wat bomen ons vertellen …

… begint met de verhuizing van Valerie, die gespecialiseerd is in de bestudering van jaarringen van oude, heel oude bomen, naar de Sonorawoestijn bij Tuscon, Arizona. Wat raar, daar is immers geen boom te bekennen? Nee, maar de dendrochronologie, de wetenschap van dateren van houten voorwerpen of archeologische vondsten aan de hand van in de voorwerpen herkenbare groeiringen, is ontstaan in die woestijn en het belangrijkste instituut, het Laboratorium voor Jaarringonderzoek (LTRR) is daar gevestigd. Maar waaróm dan? Nou, er was daar een astronomielaboratorium, een woestijn is daar de beste plek voor: heldere lucht, bijna nooit wolken. De oprichter, Andrew Douglass, deed op een gegeven moment onderzoek naar zonne-activiteit en de impact daarvan op het klimaat, en dacht daar sporen van te kunnen vinden in … jaarringen. Hij gebruikte daarvoor hout uit het nabijgelegen Flagstaff.

Het dateren van jaarringen

Wist je dat we inmiddels jaarringen tot 12.650 jaar geleden kunnen dateren? Hoe dan? Er is geen boom zó oud geworden, toch? Nee. Het begint met de jaarringen van heel oude, levende bomen, Valerie’s specialiteit. Het is fascinerend om te lezen hoe wetenschappers als zij monsters uit die bomen kunnen halen zonder ze om te hakken of teveel te beschadigen. Dat gebeurt met houtboren, toch al snel 1 meter lang, die een ‘pijpje’, de houtkern, uit een boom halen. Dat geeft de jaarring van nu, plus tot wel 500 jaarringen uit het verleden. Binnen die 500 jaar zitten hele specifieke perioden met een unieke opvolging van smalle en brede jaarringen, als een soort morsecode. Door schijven te zagen van oude stronken in oerbossen, kun je nog verder terug dan die 500 jaar, en als je een overeenkomstige morsecode vindt, een overlap, kun je ook die stronk dateren en een nog oudere unieke morsecode identificeren. En als je dan oud hout in ruïnes vindt en een overlap vindt … enzovoorts. Het is superleuk om te lezen hoe men de eerste boom vond die een brug bouwde tussen levende bomen en oude ruïnes: de HH39, een soort Steen van Rosetta voor de dendrochronologie.

Expeditie naar Tanzania

Valerie’s eerste expeditie, voor haar master-scriptie, ging naar Tanzania, dicht bij Jane Goodall’s Gombe, om daar bomen de bemonsteren. Maar op weg naar Gombe werden al haar houtboren gestolen! Ze moest zich beperken tot het zagen van schijven van stronken, en die naar haar standplaats versturen. Daar kwamen ze na 6 maanden aan ….. bijna te laat voor de deadline van haar scriptie. Mooi verhaal over de ontberingen én het succes! Ze had de smaak te pakken en ging door voor een doctoraat.

Hoezeer ze van haar werk houdt, blijkt uit een lyrische paragraaf over ‘de verhalen van bomen’. “Een boom die deel uitmaakt van de ondergroei in een bos en zijn leven grotendeels in de schaduw van een grotere boom heeft doorgebracht, zal klagen over zijn buur, en minder kniezen over het klimaat. Een boom die in een weide groeit zal klagen over de geiten of herten die zijn bladeren opeten. Een boom in een mediterraan bos klaagt misschien eerder over de branden die zijn leven om de paar jaar verstieren dan over een bijzonder mistroostig voorjaar. Maar net als veel mensen vinden bomen het heerlijk om over het weer te praten. …”. Deze ‘klachten’, die de groei van een boom beperken en dus zichtbaar zijn in jaarringen, heten in de jaarringenwereld ‘beperkende factoren’. De kunst is om die beperkende factoren bij het bemonsteren te vermijden, zodat je alleen de impact van het klimaat in de jaarringen overhoudt.

Het ijken van koolstofdatering en ijskernboringen

Er zijn meer methoden om de oudheid van voorwerpen te meten, denk aan koolstofdatering, en met ijskernboringen worden ook veel gegevens opgehaald over het klimaat. Maar beiden komen niet verder dan vrij grove schattingen, en de dendrochronologie wordt gebruikt om die methoden te ijken. Ook de bekende hockeystick van Michael E. Mann e.a., een overzicht van de temperaturen van 1000 AD tot nu, wat door het IPCC is gebruikt, is deels gebaseerd op dendrochronologie.

Tsjernobyl, Toengoeska, Maya’s en Azteken

Een interessant stuk gaat over de sporen die nucleaire straling achterlaat in jaarringen: deze raken misvormd, zo blijkt uit onderzoek nabij Tsjernobyl. Maar ook in Toengoeska, waar in 1908 een meteoriet insloeg, zie je misvormingen in de houtcellen. En zelfs overstromingen, waardoor de wortels lange tijd geen zuurstof kunnen opnemen, hebben dat effect. De misvormingen zijn verschillend, en zo is het mogelijk om inslagen en overstromingen in het (verre) verleden op te sporen. Nuttig, als je bijvoorbeeld wilt bewijzen dat kanalisering van rivieren het overstromingsgevaar niet vermindert, eerder het tegendeel.

De verschillende breedtes van jaarringen geven natte en droge perioden aan, waaruit ook de langdurige droogteperioden tijdens de rijken van de Maya’s en Azteken kunnen worden afgeleid. En zelfs de val van Rome kan worden verklaard vanuit afwisselend zeer natte en droge perioden, waardoor malaria-uitbraken ontstonden, allemaal te zien in jaarringen.

Antropoceen

Valerie eindigt met een mooie bespiegeling: is het Antropoceen begonnen in 1965, bij de eerste kernproeven, die sporen achterlieten in jaarringen en meersedimenten? Of bij de eerste ontbossingen, de start van de landbouw, 8000 jaar geleden? De afname van fotosynthese leidde tot meer CO2 in de atmosfeer. Herbebossing kan dat tegengaan, en dendrochronologen kunnen helpen bepalen hoeveel CO2 bomen opnemen. We kunnen van jaarringen leren hoe oude samenlevingen met klimaatverandering omgingen. De verhalen van de bomen kunnen ons inspireren nieuwe manieren te vinden om met klimaatverandering om te gaan.

Evaluatie van Wat bomen ons vertellen

Uit het bovenstaande kun je wel afleiden dat ik veel, zeer veel nieuwe dingen leerde, niet alleen over bomen en dendrochronologie, maar ook over de geschiedenis van oude samenlevingen, en zelfs hoe een viool definitief aan Stradivarius kon worden toegerekend. Ondanks dat het een wetenschappelijk boek is, met veel feiten ontleend aan wetenschappelijk onderzoek en met een uitgebreid bronnenoverzicht, is het nergens droog of saai. Door Valerie’s eigen ervaringen en veel beschrijvingen van het leven en onderzoeken van anderen, is het een heel persoonlijk, vlot leesbaar boek geworden. Er zit ook veel humor in, niet alleen in de leuk gevonden titels van de hoofdstukken, maar ook in de tekst, vooral als ze haar eigen expeditie-ervaringen deelt. Er staat een geweldig stuk in over het mannelijk ego …

Naast gewoon ‘leuk om te weten’-feitjes, staat er heel veel in wat relevant is voor de problematiek van nu. Dat jaarring-kunde wordt gebruikt om het klimaat in het verleden te begrijpen, is natuurlijk supernuttig, het komt niet voor niets in rapporten van IPCC terecht. Maar ook hoe we die kennis voor de toekomst kunnen gebruiken is natuurlijk heel relevant. De verhalen zijn behoorlijk tijdloos; we leren natuurlijk elke dag bij, maar ontdekkingen uit het verleden blijven hun waarde behouden.

Heel prettig zijn de illustraties (alles in zwart-wit) die je leren hoe je de morsecodes kunt herkennen, die de misvormingen in de houtanatomie laten zien, en de brandlittekens. Verder staan er veel grafieken in van droogte, sneeuwval etc. Het is verder een vrij sober uitgevoerd boek, maar goed geredigeerd, geen typo’s en andere ergerniswekkende zaken.

Elk hoofdstuk heeft een eigen thema, en elk hoofdstuk leidt onafwendbaar tot de conclusie dat we veel hebben aan deze wat onbekende wetenschap. Hoe secuur historische weerpatronen afgeleid kunnen worden is voor mij zeker een eye-opener geweest, ik heb nu meer begrip van de bekende hockeystick en de betrouwbaarheid ervan.

En ik ga nu zelfs de massief houten meubelen van de vorige generatie wat meer waarderen … wie had dat gedacht?

Conclusie

Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend+, Verzorgd 0, Illustraties +, Structuur +, Schrijfstijl +

FOMO 0

Ik gaf het boek 4 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Koop dit boek

o.a. bij

Managementboek.nl

of

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

  • Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring
  • Of lees het gratis via Kobo-Plus…..

Keus genoeg!

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van managementboeken.

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in natuur | Tags: , , | 2 reacties

Must Read: Bullshit Jobs

Voegt jouw baan iets nuttigs toe aan de wereld? Nee? Dan heb je waarschijnlijk een Bullshit Job oftewel onzinbaan, zo stelt antropoloog David Graeber in zijn bestseller Bullshit Jobs uit 2018. Minimaal 50% van de (delen van) banen is onzin, zo heeft David berekend. Verplicht leesvoer voor iedereen die nadenkt over de waarde van (zijn/haar) werk en zich afvraagt: waarom worden onderwijzers en verpleegkundigen zo slecht betaald?

Waarom is Bullshit Jobs een Must Read?

Wat maakt dit boek zo goed? Ik waardeerde het in 10 categorieën.

Inhoud: Leerzaam +; Onderbouwd 0; Relevant +; Tijdloos +.

Vorm: Aansprekend +; Verzorgd +; Illustraties -; Structuur +; Schrijfstijl +.

FOMO: + want veelbesproken, en in veel maatschappijboeken wordt ernaar gerefereerd.

Lees Elly d’r Recensy van Bullshit Jobs en ontdek in detail waarom ik het zo goed vond: 4 1/2*

Ook veel anderen vonden dit een uitstekend boek:

Goodreads rating: 4,03*, Managementboek rating: 4,5*, Bol.com rating 4,3*, Libris geen rating.

Waar gaat Bullshit Jobs over?

De definitie van David van een Bullshit Job is: een vorm van betaald werk dat zo compleet zinloos, onnodig of zelfs schadelijk is dat zelfs de werknemer zelf het bestaan ervan niet kan rechtvaardigen. David schreef een paar jaar voor publicatie een blog, kreeg hierop veel reacties en verwerkte de niet-statistische uitkomsten en toelichtingen die betreffende werknemers gaven, eerst in een essay en later in dit boek. De redenen die die werknemers opgaven zijn superleerzaam, je kunt je niet voorstellen dat wat zij beschrijven écht nog gebeurt. Maar wel dus.

Daarnaast vraagt David zich af wat bepaalde sectoren nu precies bijdragen, denk aan de financiële dienstverlening, waar alleen geld wordt rond gepompt, complexe derivaten worden verzonnen, extreem hoge beloningen worden gegeven, en wat wij belastingbetalers moeten ‘redden’ als het piramidespel mislukt. Maar met name de ‘bullshitization’ oftewel toenemende bureaucratie in nuttige banen, zodat voor het nuttige deel steeds minder tijd overblijft, is schokkend. Daar moeten we écht wat mee!

David gebruikt niet alleen de reacties maar ook zijn eigen inzichten als bronnen voor zijn betoog, hij is tenslotte hoogleraar. Hij maakt goed duidelijk waarop het een en ander is gebaseerd. Wat ik bijzonder vind, is dat zijn betoog, uit 2018, nog steeds zo relevant is. In de Covid-jaren gingen we de zorg en andere sectoren extra bewonderen, zij liepen veel risico, en kregen er niets extra’s voor. Ja, applaus. En ook nu nog is er niets veranderd in de beloning van nuttige banen en het bestaan van onzinbanen. Ik verwacht dat ook over 10 jaar de voorbeelden én de conclusies nog steeds relevant zijn, hoeveel initiatieven er ook zijn om er wat aan te doen (zoals o.a. beschreven in Morele Ambitie van Rutger Bregman).

Is Bullshit Jobs fijn om te lezen?

Ik vond het een heerlijk boek om te lezen. Ten eerste natuurlijk door het onderwerp, ik vroeg me af en toe ook af of mijn eigen baan, zeer goed betaald, wel zo zinvol was. En als je het dan vergelijkt met de extreem nuttige bijdragen van vuilnismannen, verpleegkundigen, onderwijzers, stak mijn eigen maatschappelijke bijdrage er schril bij af. Ook het feit dat (steeds grotere) delen van nuttige banen opgeslorpt worden door onzin-taken, bureaucratie dus, is iedereen een doorn in het oog. Dit boek spreekt dus iedereen aan, ook omdat de voorbeelden van nuttige en onzinbanen heel persoonlijk zijn! Dat komt met name omdat de mensen die zo’n baan hebben, uitgebreid aan het woord komen. Regelmatig moest ik lachen om de absurditeit.

Het boek heeft geen illustraties, alle cijfermatige onderbouwingen zitten in de tekst. Verder is het goed verzorgd, geen rare zinnen, geen typo’s. (NB. Ik las de Engelse versie.) Het boek is goed gestructureerd: in 7 hoofdstukken komen de belangrijkste vragen over onzinbanen aan bod. Puik redactiewerk.

De schrijfstijl is typisch voor David, hij heeft een heerlijk gevoel voor humor. Alleen al de absurde titels van de hoofdstukken (in het Engels)! Verder veel cynisme en sarcasme, en een mooie puntige stijl. Meer columnist-achtig dan hoogleraar-achtig en dus heel toegankelijk.

Wie is David Graeber, de auteur van Bullshit Jobs?

David Graeber overleed in 2020. Hij was antropoloog en hoogleraar aan de Universiteit van Londen.

David Graeber behoort tot mijn familie. In deze Elly d’r Family lees je meer over hem en al zijn boeken.

Waar kun je Bullshit Jobs kopen?

Managementboek.nl

Bol.com

Libris.nl

Duurzame opties:

Boekwinkeltjes

Kobo Plus, je bibliotheek of een minibieb.

Is er een Samenvatting van Bullshit Jobs?

Jazeker, koop het bij:

Mijn webshop 1001managementboeken (in ePub en PDF).

Bol.com (ePub)

Kobo (ePub)

of kijk op je favoriete eBook-platform!

Volg me op Substack en krijg elke week een overzicht van mijn boekblogs in je mail of op de Substack app.

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , | Plaats een reactie

Recensie: Morele ambitie – pijnlijke waarheden

Ben ik een masochist? Ik vroeg het me even af, toen ik glimlachend en met veel plezier Rutger Bregman’s Morele ambitie uit 2024 las. Hij betoogt hierin dat velen van ons, onze talenten verspillen met werk dat de maatschappij geen goed doet. De spiegel die me werd voorgehouden, gaf geen fraai beeld, de voorbeelden van effectievere mensen gaven me een schuldgevoel. En ik lachte hardop ….

De confronterende vragen en onaangename feiten in Morele ambitie doen pijn. Ik vond me altijd wel een van de Meeste mensen die deugen, maar inmiddels weet ik dat ik een gemakzuchtige verspiller ben. Ik heb zó weinig impact dat ik net zo goed niet had kunnen bestaan. Gelukkig geeft Rutger een aantal uitgangspunten waarmee ik aan de slag kan. Maar belangrijker nog: waarmee mensen die nog midden in hun werkende leven zitten, aan de slag kunnen. Een zeer nuttig boek dus, en geweldig geschreven, in de typische botte Bregman-stijl.

Het maatschappelijke boek Morele ambitie …

… begint met te stellen dat je ‘niet goed bent zoals je bent’. Misschien heb je een onzinnige baan (marketeer of bankier) of zelfs een immorele baan (werk je in de tabaks- of wapenindustrie) of nog erger: streef je naar géén baan (passief inkomen, rentenieren). Je draagt in ieder geval niks bij aan de maatschappij en die ambitie heb je ook niet. Of misschien ben je consultant, superslim en met een hoop ambitie. Je voegt best wat toe aan de maatschappij, maar niet zoveel. Je bent in ieder geval niet bezig met de grote uitdagingen van deze tijd, meer met jezelf en je corner office. Of misschien ben je wel idealistisch, maar niet zo ambitieus. Je streeft naar geen impact: geen vlees, niet vliegen, geen kinderen, geen plastic rietje. Je protesteert op sociale media. Maar woorden zijn geen daden. Geen impact. Dan kun je net zo goed niet bestaan.

Besmetting

Gelukkig zijn er ook mensen die wél idealistisch zijn, en wél ambitieus, die wél actie ondernamen. Het boek vervolgt met een groot aantal historische voorbeelden waar inderdaad heel wat van te leren valt. Regelmatig komt Thomas Clarkson voorbij, die tegen slavernij vocht. En met succes. Hij was onvermoeibaar bezig anderen achter die goede zaak te krijgen, en dat lukte. De meeste mensen komen over het algemeen pas in actie als ze gevraagd worden. Heel weinigen hebben een hele lage actiedrempel, die komen uit zichzelf in actie, hebben niemand nodig die ze overhaalt: de ‘zeroes’. Alle anderen zijn ‘ones’ of ‘two’s of zelfs ‘hundreds’ (die komen pas in actie als de halve stad meedoet). Maar iedereen laat zich vroeg of laat beïnvloeden, kuddegedrag, weetjewel. Je kunt het zien als een besmetting. Dus: laat je besmetten. En besmet anderen.

Het boek gaat verder met beschrijven op welke manieren je anderen kunt besmetten. Op de barricaden, of juist als dossiervreter, auteur, onderzoeker, door het publiceren van onaangename waarheden, het voeren van juridische procedures, etc. Zoek gelijkgestemden en vorm een ‘cult’. Maar: wees niet te radicaal, sluit compromissen om je doel te bereiken, ga strategisch te werk.

5 illusies

Vermijd de 5 illusies: 1. Bewustzijn. Bewustzijn zonder actie is nutteloos. 2. Goede intenties. Niet genoeg, het gaat om de resultaten, verspil je moeite niet aan verkeerde initiatieven, hoe goed bedoeld ook. 3 Puurheid. Verwacht niet dat je medestanders over álles precies zo denken als jij, jaag ze niet weg om zaken die minder met het doel te maken hebben. Zoals de organisatie NARAL: voor abortus zijn, maar feministen die voor abortus zijn, maar een andere mening over transvrouwen hebben dan jij, uitsluiten. Een ander, herkenbaar voorbeeld: klimaatverandering en herstelbetalingen. 4. Synergie. Denken dat ál je idealen elkaar versterken en samen opgelost moeten worden. ‘Het hele systeem moet op de schop’.  Dat vertraagt alleen maar. Clarkson was heel strategisch bezig: de slavernij afschaffen was zijn doel, maar onhaalbaar. Hij begon met het afschaffen van de slavenhandel. Kleinere scope, minder tegenstand. Lager mikken om raak te schieten.

Omvangrijke, Oplosbare en Onderbelichte problemen oplossen

Hierna lezen we over Charity Entrepreneurship, een school voor ondernemers, zeg maar een goede-doelen-incubator, en over uitdagingen die Omvangrijk, Oplosbaar en Onderbelicht zijn. Er volgt een kritisch stuk over Effectief Altruïsme, waarvan de conclusie is dat morele ambitie goed gebruik kan maken van geld. Vooral ook voor doelen die ‘impopulair’ zijn, waar bedrijven en overheden ver weg van blijven, waarvan we zeggen ‘dat we dat altijd zo hebben gedaan’. Als voorbeeld het uitbuiten van dieren. Dit is de 5de illusie: Onvermijdelijkheid.

En na de dieren volgt als doel voor onze morele ambitie de toekomstige generaties. Denk aan klimaatverandering, pandemieën en AI als gevaren die ons én hen bedreigen.

Wanneer is het genoeg?

In de epiloog wil Rutger de vraag beantwoorden wanneer je genoeg hebt gedaan voor een betere wereld. Daar is hij kort over: het is nooit genoeg. Er is altijd iets dat gedaan moet worden. Maar als je altijd het leed van de wereld op je schouders draagt, val je een keertje om. Grenzen stellen dus. En ook: je mag genieten, menselijk zijn. Je bent geen heilige. Wees ambitieus, maar niet perfect. Maar laten we eerlijk zijn, de meeste van ons hebben die grens nog lang niet bereikt.

Evaluatie  van Morele ambitie       

Ik vond het boek lezen als een vervolg op Bullshit Jobs van David Graeber, die kon ook zo lekker cynisch en bot uit de hoek komen met zijn waarheden. En natuurlijk heeft Rutger een goed punt, velen van ons besteden ons talent en onze tijd aan onzin-banen, of in ieder geval onzin-taken. We verwachten dat de overheid de maatschappelijke problemen oplost, en dat het systeem moet veranderen, niet wijzelf.

Rutger toont anekdotisch aan dat juist wij zelf heel veel kunnen veranderen, door ‘besmetting’ en dat veranderingen in het verleden ook door individuen in gang zijn gezet. Wat dat betreft is het boek inspirerend. Met zijn bijbehorende School voor morele ambitie wil hij zijn woorden in daden omzetten, en zoveel mogelijk ambitieuze, idealistische mensen besmetten. Zijn ambitie om de Omvangrijke, Onderbelichte problemen aan te pakken met een groep mensen die hij uit zeer goed betaalde banen wil wegplukken, vind ik erg sterk Hij ‘walks the talk’, zo blijkt uit de bijlage en de acties die ik inmiddels op social media zie.

Relevant, actueel en leuk

Zijn betoog is relevant en actueel en … leuk. Rutger kan goed schrijven, ondanks de zwaarte van de onderwerpen en het steeds opkomende schuldgevoel moest ik vaak lachen, en zat ik ook vaak te knikken. Hij gebruikt meerdere invalshoeken om zijn betoog kracht bij te zetten, en de voorbeelden komen in meerdere hoofdstukken terug. Zo weeft hij een web van argumenten, in plaats van een rode draad. De onderbouwing van zijn stellingen is veelal met cijfers, maar ook anekdotisch en ongetwijfeld wat versimpeld om het in een vrij compact boek te kunnen gieten. De uitvoering van het boek is vrij sober, zoals alle boeken van de Correspondent.

Tot slot: Rutger heeft veel gesprekken op gang gebracht over zijn visie en zijn beweging. Om deze op waarde te kunnen schatten is het echt nodig zelf het boek te lezen. Een beetje masochistisch ja, maar misschien word je dan ook een bron van besmetting!

Ik gaf het boek 4*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop Morele ambitie

o.a. bij

Managementboek.nl

of

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Familie: nicht Barbara Baarsma

Ken je dit? Vroeger had je de posters van je favoriete popsterren aan je muur hangen. En nog steeds wil je naar al hun concerten. Je gaat naar alle films van je favoriete filmster. Je leest alles over ze en volgt ze op sociale media. Ze voelen als familie. Ja, dat heb ik ook, met mijn favoriete auteurs. Ik lees al hun boeken zonder recensies te lezen. Ik abonneer me op hun nieuwsbrieven en sociale media. Ze zijn familie, hun foto’s hangen aan de muur. Ik stel elke maand een nieuw familielid aan je voor. Deze maand is dat mijn ‘nicht’ Barbara Baarsma.

Waar schrijft ‘nicht’ Barbara Baarsma over?

‘Nicht’ Barbara schrijft over Economie, in toenemende mate in combinatie met Duurzaamheid. Haar boeken zijn over het algemeen gevuld met cijfers, veel cijfers, en hier en daar een stevige mening.

Heeft ‘nicht’ Barbara Baarsma ook andere zakelijke activiteiten?

Ze werkt als econome én is hoogleraar. Daarnaast zie je haar regelmatig economie en politiek duiden in talkshows. Slim en knap is een onweerstaanbare combi op tv. Tijdens de Corona-epidemie adviseerde ze de overheid maar kreeg heel veel kritiek op enkele voorstellen, tot bedreigingen aan toe. Daar is ze dus subiet mee gestopt.

Op de site van PwC zijn blogs van haar hand te lezen, in augustus schreef ze nog over het controversiële onderwerp van Private Equity in de Accountancy. Zij ziet dat als een waardevolle boost voor de productiviteit. Vorige week nog schreef ze een blog over het korte-termijn-denken van het huidige kabinet en het effect op het ondernemingsklimaat.

Hoe ziet het persoonlijke leven van ‘nicht’ Barbara Baarsma eruit?

‘Nicht’ Barbara werkt op dit moment als hoofdeconoom bij PwC en is daarnaast hoogleraar toegepaste economie aan de UvA. Als nevenfuncties doet zij het voorzitterschap van de Bankraad van DNB en het lidmaatschap van het Nederlands Comité voor Ondernemerschap.

‘Nicht’ Barbara werd geboren in Leiden, maar verhuisde al jong naar Goeree-Overflakkee. Na het Atheneum begon ze met een studie Industrieel ontwerpen aan de TU Delft, maar dit ruilde ze al na een jaar in voor Economie aan de UvA. Daar promoveerde zij ook, in 2000. Haar proefschrift ging over het monetair waarderen van externe effecten, wat we nu vertaald zien als bijvoorbeeld emissiehandel en True Price. Ze was er al vroeg bij! Ze ging aan de slag bij het adviesbureau SEO Economisch Onderzoek, werkte daar 16 jaar en schopte het tot CEO. In 2008 werd ze ook hoogleraar aan de UvA.

Ze werkte van 2016 tot 2023 bij de Rabobank eerst als Directeur Kennisontwikkeling, toen als Directievoorzitter van Rabobank Amsterdam en de laatste 2,5 jaar als directeur van de Rabo Carbon Bank.

Wat ze zoekt in het leven is uitdaging, een steile leercurve, zo zegt ze zelf. Ze heeft een relatie (met dezelfde man al sinds haar 16-de!, dat is best een uitdaging lijkt me) en twee zonen. En als kind had ze al een krantje met beursnieuws ….

Welke boeken schreef ‘nicht’ Barbara Baarsma?

‘Nicht’ Barbara schreef 5 boeken waarvan ik de laatste 2 las. Eentje staat nog op mijn TBR, want gaat over voedselproductie in Nederland.

Ik lees vrij veel over duurzaamheid en verbaas me er altijd over dat het blijkbaar zo lastig is om financiering te krijgen voor duurzame initiatieven. ‘Die stomme banken!’ mopper ik dan. Na het lezen van dit prima boek, wat ‘nicht’ ‘Barbara met Maarten Biermans schreef, begrijp ik het véél beter. Maar het blijft niet bij uitleg waarom duurzaam financieren soms níét lukt, er wordt ook heel veel aandacht gegeven aan hoe wél. Ook nuttig voor de financiers dus!

* Groene groei (2022)

Groene groei is een heet hangijzer, de meningen verschillen of dit wel of niet mogelijk is. Barbara’s standpunt is: groei moet, en ‘groen’ stelt grenzen aan die groei. Maar, niet alle economische groei is vooruitgang, zo nuanceert ze haar standpunt. Het gaat om zinvolle groei. ‘Zinvol’ is dan ook de kern van het boek, ‘groen’ is vrijwel beperkt tot de titel en de kleur van de omslag, het wordt pas een thema na 90% van het boek. Even doorbijten dus als je voornamelijk in het groene deel van groene groei geïnteresseerd bent. Greenwashing?

* Nederland voedselparadijs (2020)

Ken ik nog niet dus de flaptekst: Onder het motto ‘nooit meer honger’ transformeerde de Nederlandse landbouwsector na de Tweede Wereldoorlog in slechts enkele decennia tot een innovatieve en productieve koploper. Maar dat efficiënte en productieve voedselsysteem dat we nodig hadden, draagt bij aan de opwarming van de aarde, tast de bodemkwaliteit aan en gaat ten koste van biodiversiteit. Er is wederom een transitie nodig, naar kringlooplandbouw. Korte ketens zijn een katalysator voor kringlooplandbouw. In Nederland voedselparadijs roept ‘nicht’ Barbara op om meer in de korte ketens te produceren en te eten.

* Brievenbusmaatschappijen (2014)

Ken ik nog niet, dus de flaptekst: Bijzondere financiële instellingen (bfi’s), ook wel brievenbusmaatschappijen genoemd, worden vooral gebruikt om geld van het ene internationale bedrijfsonderdeel naar het andere door te sluizen. ‘Nicht’ Barbara geeft met Marco Kerste en Jarst Weda – niet op morele, niet op fiscale, maar op economische gronden – antwoord op de vragen: wat zijn brievenbusmaatschappijen? Hoeveel geld gaat erin om? Wat leveren die bfi’s de Nederlandse staat nu werkelijk op? Wat zijn de risico’s? Over welke geldstromen wordt nagenoeg geen belasting betaald?

* Dynamische marktwerking (2006)

Ken ik nog niet, dus de flaptekst: In dit boek wordt markwerking in vijf sectoren onder de loep genomen: zorg, elektriciteit, post, spoor en luchtvaart. Het zijn markten die in de praktijk ver afliggen van de ideale wereld van volkomen concurrentie en die het gevaar van mislukken altijd in zich dragen. Het boek geeft mede op basis van deze praktijkgevallen antwoord op vragen als: Waarom is marktwerking nodig of gewenst? Hoe komt marktwerking tot stand? ‘Nicht’ Barbara schreef het met Marc Pomp en Jules Theeuwes.

(Deze informatie is ontleend aan: Bol.com, wikipedia, nouveau.nl, LinkedIn)

Meer weten over mijn familie?

  1. In januari 2023 stelde ik neef Menno Lanting voor.
  2. En in februari nicht Jitske Kramer.
  3. In maart was de beurt aan neef David Graeber.
  4. April was voor nicht Naomi Klein.
  5. In mei stelde ik neef Joris Luyendijk voor.
  6. En in juni nicht Margriet Sitskoorn.
  7. In juli was de beurt aan neef Daniel Pink.
  8. Augustus was voor nicht Mariana Mazzucato.
  9. In september stelde ik oom Jos Burgers voor.
  10. En in oktober nicht Danielle Braun.
  11. In november was de beurt aan oom Stephen R. Covey en zijn kinderen.
  12. December was voor nicht Brené Brown.
  13. In januari 2024 stelde ik neef Martin van Staveren voor.
  14. En in februari nicht Japke-d. Bouma.
  15. In maart was de beurt aan neef Walter Isaacson
  16. April was voor nicht Kate Raworth.
  17. In mei stelde ik neef Raymond de Looze voor.
  18. En in juni nicht Roos Vonk.
  19. In juli was de beurt aan oom Daniel Kahneman.
  20. Augustus was voor nicht Rita McGrath.
  21. In september stelde ik neef Berthold Gunster voor.
  22. En in oktober nicht Barbara Baarsma.

Elly Stroo Cloeck schrijft recensies en samenvattingen van maatschappij- en managementboeken. Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij, Sustainability | Tags: , , , | 18 reacties

Recensie: Een immense wereld – immens interessant

Wat een immens leuk en interessant boek is Een immense wereld van Ed Yong uit 2022! Met zijn gedetailleerde beschrijvingen van de zintuigen van bekende en (mij) volstrekt onbekende dieren brengt hij een belangrijke boodschap over: we bekijken de wereld enorm antropocentrisch. We hebben geen idee wat dieren zien en voelen, als we het zelf niet kunnen zien of voelen. En ondertussen veranderen we onze omgeving …. en dus die van de dieren. Veel dieren overleven dat niet.

Het veranderen van die omgeving gaat verder dan milieuvervuiling, het gaat ook over lichtvervuiling en omgevingslawaai en nog veel meer. Door Yong’s bijna liefdevolle beschrijving van de diverse bijzondere zintuigen van exotische dieren word je heel gevoelig voor de gevaren die hij pas in het allerlaatste hoofdstuk schetst. Twaalf hoofdstukken lang is het genieten en in het dertiende realiseer je je dat we de schoonheid van de natuur van onszelf afpakken.

Een immense wereld …

… staat bol van de interessante weetjes, en ik schreef er heel wat op. Lees dus vooral mijn Booknotes als je meer over de inhoud wilt lezen.

Reuk, smaak, gezichtsvermogen, kleuren

Het boek begint met de reuk en smaak. We lezen over hond Finn, over mieren, olifanten, slangen en hun reukorganen. Ruiken, of eerder geuren indelen in vies en lekker, leer je, terwijl je smaak aangeboren is. Wij proeven met onze tong, muggen met hun voetjes en de meerval met zijn héle huid.

Dan het gezichtsvermogen. We leren hoe dat werkt, met eiwitten en chromoforen. En lezen over springspinnen, primaten, leeuwen en zelfs St. Jacobsschelpen, die tientallen ogen hebben, en we hebben geen idee waarom. Ook de slangster is een mysterie.

Het derde hoofdstuk gaat over kleur, en begint met een uiteenzetting van de techniek van kleuren zien, met soorten kegeltjes. Hoe meer soorten kegeltjes, hoe meer je ziet, dat gaat met een factor honderd omhoog. Dieren hebben vaak één of twee soorten, wij hebben er drie, voor 10.000 kleuren (1 x 100 x 100). De bidsprinkhaankreeft is dodeca-chromaat, heeft dus 12 kegeltjes, en kan ook nog eens de ‘circulaire polarisatie van lichtgolven’ (heel zeldzaam) onderscheiden. Waarom deze buitensporige complexiteit bij dit dier? Alweer: we weten het niet.

Het boek gaat verder over pijn. Bij elk dier is de gevoeligheid anders, en levert morele discussies op bij experimenteren met dieren. We lezen ook over de mannelijke bidsprinkhanen, die blijven paren met vrouwtjes die hen aan het verslinden zijn. Heeft hij geen pijn? Of is zijn seks-drive sterker?

Hoofdstuk 5 gaat over temperatuur. Dieren hebben verschillende soorten temperatuursensoren. De werking wordt uitgebreid uitgelegd, met behulp van kippen, kikkers, ratten en kamelen. Maar ook met de dertienstreepgrondeekhoorn, die alles wel prettig vindt en de vuurkever, die het liefst een bosbrand heeft.

Ik lees verder over contact en stroming, waaronder snavelende kanoeten die in het zand begraven mosselen vinden, en oriputerende lamantijnen. Vergelijkbaar zijn de oppervlaktetrillingen. Ik moest lachen bij de biltrilwedstrijden van kikkers, het zanddrummen van wenkkrabben en het zingen van cicaden, die bladeren laten trillen.

Geluid, echo-locatie, electriciteit en magnetische velden.

Hoofdstuk 8 is gewijd aan geluid, en begint met het verbijsterende feitje dat de meeste insecten géén oren hebben. Over vogelgezang is heel wat te vertellen, je luistert nooit meer op dezelfde manier naar een zebravink of parkiet. Verder gaat het over zingende walvissen, muizen(!) en vleermuizen. En die vleermuizen komen daarna verder aan bod, bij echolocatie. Wist je dat ook dolfijnen en zelfs mensen echolocatie gebruiken?

Dieren die elektriciteit opwekken zijn bijvoorbeeld de meerval en de sidderaal. En zoals er echo-locatie is, is er ook electro-locatie. Dieren kunnen ook communiceren met elektriciteit: actief, door het uitzenden van pulsen, en passief, door het alleen opvangen van pulsen. Haaien bijvoorbeeld zenden zelf niet maar hebben wel receptoren om de pulsen van prooi op te vangen, tot wel 1 nanovolt (= 1 miljardste volt). Hommels pikken het elektrische veld van bloemen op.

Magnetische velden zijn er ook, en daar gaat hoofdstuk 11 over. Uiltjes (motten) en schildpadden hebben een ingebouwd kompas. En schildpadden maken ook gebruik van de inclinatie en intensiteit van het magnetische veld van de aarde. De combinatie van die twee werkt als een soort coördinaten, waarmee je een kaart van de oceaan kunt maken.

Zintuigelijke input integreren

Niet één dier gebruikt maar één zintuig tegelijk en sluit de rest af. Nee, alle input van alle zintuigen komen tegelijkertijd binnen, compenseren elkaar, vullen elkaar aan. Er is zelfs een vorm die synthesie heet: de input wordt gecombineerd. Geluiden hebben kleuren, woorden hebben smaak. Hoe ervaren het volgelbekdier en de dolfijn de verschillende soorten input? En hoe maken dieren verschil tussen input vanuit de omgeving (ze worden geduwd) en vanuit henzelf (ze duwen ergens tegenaan)?

“Om te weten hoe het is om een ander dier te zijn, moet je álles van ze weten. Van hun zintuigen, het zenuwstelsel, maar ook de rest van het lichaam, de behoeften, de omgeving, het evolutionaire verleden en ecologische heden”, zo stelt Yong.

Hoe we de omgeving van dieren veranderen

Dat brengt Yong op het behouden van de stilte en het duister. Want onze lichtvervuiling zorgt voor de desoriëntatie van vogels die migreren. Nachtvlinders stoppen met bestuiven. En door het omgevingslawaai is vogelgezang minder goed te horen, ook voor de vogels zelf. Een partner vinden wordt veel moeilijker. Door het lawaai van de scheepvaart stoppen walvissen met zingen en orka’s met fourageren.

Sommige dieren passen zich aan. Andere soorten, met langlevende generaties, kunnen dat niet snel genoeg. Het resulteert in ieder geval in minder diversiteit, ook binnen een soort. Minder kans om hun zintuigen te begrijpen en daarmee onze wereld beter te begrijpen. Want ónze zintuigen zien niet alles, horen niet alles, voelen niet alles. En zo begrijpen we ook niet wat de gevolgen kunnen zijn van het uitsterven van soorten. En we missen de kans om te leren hoe we vernietiging van de natuur kunnen omkeren, wat er nodig is om dieren terug te lokken.

Evaluatie Een immense wereld

Ik heb bijzonder veel nieuws geleerd, en dat vind ik belangrijk bij een boek. Zoveel interessante verhalen over gewone en buitenissige dieren doet mijn liefde voor de natuur groeien, en de wens om die te beschermen. Dat wens ik iedereen toe. Yong beschrijft uitgebreid de onderzoeksprojecten waaruit hij put, de onderzoekers zelf en ook de dieren die onderzocht worden en vaak een naam (en persoonlijkheid!) hebben. Heel leuk om zo over allerlei feiten te lezen die anders best droog kunnen zijn. Yong maakt onderscheid tussen wat we wetenschappelijk bewezen hebben, wat we vermoeden, en waar we werkelijk géén idee van hebben. Natuurlijk leren we steeds meer, en is dit boek over 5 jaar waarschijnlijk aan een update toe. Dan weten we wél waarom een St. Jacobsschelp zoveel ogen heeft. Of we hebben ze allemaal opgegeten en we komen er nooit meer achter, dat kan ook.

Yong heeft een heerlijke schrijfstijl, heel persoonlijk en grappig. Zelfs zijn noten zijn leuk om te lezen! Ik las het ebook, wat natuurlijk niet uitblinkt in lay-out en kleurgebruik (de paperback heeft zelfs foto’s!), maar wat goed verzorgd was, ik heb geen enkele typo of rare vertaling gevonden. Natuurlijk ben ik geen expert op dit gebied en zou een bioloog misschien wél wat vinden. Kan. Het betoog is in ieder geval zeer helder. Je raakt onder de indruk van de diversiteit van de natuur, en hoe weinig we ervan weten, en dan maakt Yong duidelijk dat we maar beter kunnen zorgen dat we die natuur beschermen, zodat we tijd hebben om verder te onderzoeken. Zijn stuk over de effecten van licht- en geluidsvervuiling is bepaald schokkend.

Het boek is in Nederland niet breed bekend, heb ik de indruk, en dat is jammer. Wel is het genomineerd geweest voor een aantal prijzen in 2022, en heeft het een hoge rating op Goodreads: 4,47. Je mist dus echt wat als je dit niet leest ….

Ik gaf het boek 5*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan? 

Koop dit boek

o.a. bij

Bol.com

of

Libris.nl, steun je lokale boekhandel

Voor bovenstaande links krijg ik een beetje provisie. Zonder provisie:

Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring

Of lees het digitaal en gratis via Kobo-Plus….. dat deed ik ook!

Keus genoeg!

Abonneer je hier op de kwartalige nieuwsbrief of op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in natuur, Sustainability | Tags: , , | 3 reacties