Recensie: Eigen welzijn eerst – overtuigend betoog

Roxane van Iperen ken ik van het prijswinnende ’t Hooge Nest. Dit essay uit 2022 is net zo fraai geschreven, en onderzoekt ook de historie. Niet van de Jodenvervolging, maar van onze toenemende neiging tot zelfbehoud, tot ‘Eigen welzijn eerst’. Een prima analyse én oproep om onze samenleving niet nog meer naar de kant van extreem-rechts te laten glijden.

Het managementboek Eigen welzijn eerst…

… is een essay. Waarom is het belangrijk om dat te melden? Een essay is, volgens Wikipedia, ‘een beschouwende prozatekst of een artikel over een we­ten­schap­pe­lijk, cul­tu­reel of fi­lo­so­fisch on­der­werp, waarin de schrijver zijn persoonlijke visie geeft op hedendaagse verschijnselen, problemen of ontwikkelingen. Het staat in dienst van het leveren van een overtuigend betoog, zij het zonder dat er sprake is van een expliciet gegeven wetenschappelijke verantwoording. De essayist legt graag dwarsverbanden die binnen een gespecialiseerd wetenschapsvak in de regel uit den boze zijn.’

Ik vind onderbouwing altijd wel belangrijk, en heb liever een objectieve ‘waarheid’ dan een persoonlijke mening. Ik moet dus even schakelen. Wat mag ik verwachten? Een overtuigend persoonlijk betoog, zonder wetenschappelijke onderbouwing, met dwarsverbanden. Heeft van Iperen dat geleverd? Ik vind van wel!

Van liberaal naar antiliberaal

Van Iperen schetst in het eerste hoofdstuk al de grote lijnen van haar betoog. Net na WO2 was er ‘optimisme van kansengelijkheid, gebaseerd op liberale waarden en fatsoenlijke publieke voorzieningen voor iedereen, ongeacht afkomst of achternaam.’ De middenklasse was de drijvende kracht. Maar de ‘open waarden’ kwamen steeds meer onder druk te staan, een doorsnee gezin moest steeds harder werken om haar sociale positie te behouden, laat staan te verbeteren. Een toenemende kans van terugval en afnemende sociale voorzieningen.

De politiek deed meer voor de rijke bovenkant, maar van ’trickle down’ was geen sprake. Dat leverde gevoelens van ongenoegen op, en er ontstond wij-zij denken ten opzichte van migranten, die de schuld kregen van mindere welvaart.

Nativisme

Het beeld van de migrant is veranderd: van vluchteling, naar asielzoeker, naar gelukszoeker, naar ongedierte. Zo ontstaat ’nativisme’: mensen uit de eigen natie hebben meer recht op bescherming. Eersterangs burgers, en de rest zijn tweederangs burgers. De middenklasse zit nu niet meer in het politieke midden, maar schuift op naar rechts, wordt conservatiever, met antiliberaal gedachtegoed. Zelfbehoud staat voorop. Voor elkaar zorgen heeft plaatsgemaakt voor ‘eigen falen, eigen schuld’.

Fear of Falling

Werd er eerder gefocused op het externe ‘gevaar’, de migranten, inmiddels is de focus op het behoud van het ‘eigene’, status, of cultuur. Dat klinkt positiever, zelfbehoud, maar het resultaat is hetzelfde: uitsluiting. De hogere middenklasse, professionals als advocaten, consultants, etc. zijn qua welvaart en status snel opgeklommen: nieuwe rijken. Maar ze hebben geen familievermogen, zoals de oude rijken, om slechte tijden door te komen en aan je kinderen na te laten. En diploma’s en kennis kun je niet aan je kinderen doorgeven. Er is dus geen garantie dat hun kinderen het net zo goed als zij zullen hebben. Dat is de Fear of Falling.

En wat doen ze? Ze vormen een hechte club, waar je niet zomaar binnenkomt, een klasse, met de ‘juiste’ scholen en universiteiten. Met verworven rechten, die ze met grote moeite proberen te behouden. En met grote jaloezie naar de oude rijken, want hun (goedbetaalde) arbeid wordt zwaar belast terwijl vermogen fiscaal wordt ontzien. Die focus op zelfbehoud koppelt van Iperen aan de NSB: die deden in de 30’er jaren (met hoge werkeloosheid) niet wat ze deden uit racisme, maar uit angst te verliezen wat ze hadden. Een bepaald confronterende constatering!

Wellness-rechts

Verrassend vind ik het slot van het betoog: het gevaar van de groep influencers die het Instagramable zorgen voor hun kinderen combineren met anti-vaccinatie en extreem-rechtse standpunten. Het begon met hippe, invloedrijke vrouwen die op social media content plaatsen over zelfzorg, liefde voor de natuur en het moederschap (‘professionele foto’s van halfnaakte, beeldschone moeders met een baby aan de borst’). Veel ervan verzetten zich later tegen het test- en vaccinatiebeleid, omdat het inbreuk zou maken op de lichamelijke integriteit.

Ze werden aanhang van Van Haga, die felle kritiek had (en heeft) op het overheidsbeleid. Van Haga is dan de tweede man van FvD. Moederhart werd geboren en een aantal van de oprichters gingen openlijk de FvD-ideologie aanhangen, ‘zonder racistisch te willen zijn’. Het gaat, zeggen ze, om het welzijn van hun kinderen. Op deze manier werd het radicaal-rechtse gedachtegoed via vele moeders genormaliseerd, want laten we niet onderschatten hoeveel volgers (miljoenen!) deze groep influencers heeft!

Van Iperen ziet in wellness-rechts een vergrootglas van de samenleving, en licht er 3 problemen uit die moeten worden opgelost om radicaal-rechts te stoppen.

3 problemen

Het eerste probleem is dat veel complottheorieën steunen op argumenten die een kern van waarheid bevatten: de overheid is niet meer zo’n betrouwbare partner, nu alle publieke voorzieningen zijn weggesaneerd en veel mensen in onzekerheid leven. Het tweede probleem is dat het niet alleen de ‘tokkies’ zijn die voor extreem-rechts gaan, en dat er veel vrouwen onder die aanhang zitten. Het derde probleem is de invloed van technologie, met een verdienmodel dat gedijt bij het verspreiden van nepnieuws. Klik een paar keer op een post van een (ex)model die ‘vragen stelt’ en je zit in de QAnon-bubbel.

Wat te doen?

Die drie problemen zijn niet makkelijk op te lossen, maar van Iperen geeft wel een voorzet. De overheid moet zich richten op publieke voorzieningen en bestaanszekerheid bieden. Het belastingstelsel moet arbeid niet zwaarder belasten dan vermogen. Desinformatie moet worden tegengegaan.

Burgers moeten hun ogen opendoen en zien wat ze nu ‘normaal’ vinden. Ze moeten minder defensief en conservatief stemmen. En ze moeten niet accepteren dat verkiezingsprogramma’s tegen de democratische rechtsstaat ingaan. Ze, nee, wé, moeten uitsluiting en tweederangs burgerschap niet accepteren.

Evaluatie

Het essay valt op door de beeldende beschrijvingen, prachtig geformuleerd. Dat is eigenlijk niet verrassend, Van Iperen schreef ook ’t Hooge Nest, een roman waarin de hoofdpersonen voor de lezer gaan leven en wat ik eerder in één adem uitlas.

Het betoog is goed te volgen en best overtuigend, haar mening is duidelijk (en niet altijd genuanceerd) en gelardeerd met historische gebeurtenissen en buitenlandse ontwikkelingen, met name in de VS. Het slot, en ook het zwaartepunt van het betoog, is wellness-rechts en het gevaar daarvan. Die had ik niet aan zien komen, ik volg dat niet zo. Ik nam het niet zo serieus, moet ik toegeven, ben wat anti-Instagram. Dat ik hierdoor zorgwekkende ontwikkelingen heb gemist is wel een eye-opener: ‘het zal zo’n vaart niet lopen’ is een naïeve houding.

En heb ik wat geleerd zonder de wetenschappelijke onderbouwingen? Zeker. Van Iperen grijpt veel terug naar historische gebeurtenissen, die verrassend vergelijkbaar lijken te zijn met de actualiteit. Het essay is daarmee een heel overtuigende waarschuwing.

Ik gaf het boek 4*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop dit boek

o.a. bij

  • Boekwinkeltjes, lekker duurzame exemplaren-met-ervaring
  • Of lees het gratis via Kobo-Plus…..

Keus genoeg!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , , , | 1 reactie

Recensie: Brand in Amsterdam – apengedrag

Zoals je je soms enorm kunt schamen voor Nederlandse vakantiegangers die doorlopend dronken zijn en buitenlandse badplaatsen terroriseren, zo schaamde ik me voor de beroepsbrandweer van Amsterdam toen ik Brand in Amsterdam van Leen Schaap uit 2021 las. Seksistisch, racistisch en ridicuul macho. Maar ook onbetrouwbaar, onethisch en belastinggeld verspillend. Ja, ze kunnen goed brandjes blussen. Maar dat doen ze maar 1% (geen typo!) van hun tijd.

Het managementboek Brand in Amsterdam …

… schetst wat de nieuwe commandant, Leen Schaap, meemaakt in de 3 ½ jaar bij de brandweer van Amsterdam. Hij is bepaald geen doetje, want komt bij de politie vandaan. En hij is ook niet onvoorbereid: Burgemeester van der Laan heeft hem precies uit de doeken gedaan aan welke wantoestanden een eind moet komen. En er is bewust gekozen voor iemand van buiten, er is geen vertrouwen (meer) dat iemand uit de eigen gelederen de klus kan klaren.

Vóór het aantreden van Schaap is er lang onderhandeld over een Transitieovereenkomst, die de brandweer moet moderniseren. Hierin is onder andere het rooster en brandpreventie opgenomen. Al lange tijd worden de afspraken uit de overeenkomst niet nagekomen, en het is duidelijk waarom. Het 24-uurs rooster is een arbeidsvoorwaarde die ongekend (en absurd) luxe is, en de brandweerlieden in staat stelt om er 2de (full-time) banen bij te doen. Brandpreventie wordt gezien als bedreigend: het leidt tot minder branden en dus tot minder behoefte aan de brandweer. Ze zijn toch niet gek?

De voorbeelden van seksistisch en racistisch gedrag zijn legio en stuitend, vrouwelijke en allochtone collega’s worden weggepest. Op elke bladzijde denk je: dan kán toch niet? Ja hoor dat kan wel, en ze zijn er trots op, deze jongens-onder-elkaar. Schaap wijt het aan diezelfde 24-uurs-roosters, waardoor er veel verveling is en men op elkaars lip zit. Lees een boek, denk ik dan. Maar nee. De vergelijking met bully’s op het schoolplein komt bij je op: de kwaadwilligheid, de kinderachtigheid, het geweld.

Stevige aanpak

Schaap’s aanpak van deze cultuur is stevig, en al in het begin legt hij er de nadruk op dat dit was afgesproken met de Burgemeester en het Veiligheidsbestuur. De tijd van onderhandelen, van verbinding zoeken is geweest, nu gaat het om uitvoeren. Ik heb bewondering voor Schaap’s standvastigheid en hoe hij omgaat met het getreiter en de bedreigingen, die zelfs over zijn familie gaan.

Hij lijkt weinig te bereiken, voornamelijk door de halsstarrigheid van de Ondernemingsraad (daar is in juli 2022 iemand van ontslagen, eindelijk!). Uiteindelijk stelt hij voor de harde kern te ontslaan, maar daar wil men niet in mee. Met nieuw personeel zal het steeds beter gaan, is de gedacht. Ik zie dan die aapjes, de tros bananen en de waterspuit voor me. Als een aap een banaan pakt wordt de hele troep natgespoten. Er wordt dus geen banaan meer gepakt, ook niet door elke nieuwe aap die bij het groepje komt. En zelfs als de hele groep apen is vervangen, en geen een de waterspuit heeft meegemaakt, is de cultuur ongewijzigd: je pakt géén banaan!

Nieuwe leidinggevende

De situatie verslechtert als Van der Laan overlijdt en Femke Halsema wordt benoemd. Zij wil juist een aanpak van verbinding, en het is voor iedereen duidelijk dat zij Schaap niet steunt. Dat is natuurlijk niet werkbaar, en na veel gedoe gaat Schaap uiteindelijk weg. In de krant staan foto’s van feestvierende brandweerlieden. Niet veel later vertrekken ook vrijwel al degenen die Schaap gesteund hebben.

Verwaarloosde organisaties

Schaap is teleurgesteld dat hij zo weinig succes heeft gehad. Met dit boek wil hij de geleerde lessen delen, omdat veel ook speelt bij andere overheidsorganisaties. Hij noemt dit ‘verwaarloosde organisaties’ naar consultant Joost Kampen.

Door de afwezigheid van een sterke leiding wordt er niets gedaan aan normafwijkend gedrag, medewerkers krijgen het gevoel dat er niet naar ze omgekeken wordt en pakken steeds meer ruimte. Er ontstaat een dominante groep die de dienst uitmaakt. En een grote samenhorigheid. Dat is goed bij gevaarlijke beroepen, je moet op elkaar kunnen vertrouwen. Maar het moet niet leiden tot gebrek aan aanspreken op afwijkend gedrag en het onder de pet houden van incidenten, die in feite een structureel cultuurprobleem zijn.

Nieuwe mensen worden aangenomen wanneer ze in de cultuur passen. Een poging tot meer diversiteit stuit op fel verzet. De brandweer is geen vertegenwoordiger van de diverse stad die ze moet dienen. (Dienstbaarheid zat al überhaupt niet in het DNA, begrijp ik, de brandweerlieden wilden als helden gezien worden, vereerd worden, geschenken krijgen, en gedroegen zich ook zo.).

Het slechte functioneren van de verwaarloosde organisatie wordt buiten zichzelf gelegd: het is de schuld van management. Veranderprojecten mislukken en het eigenbelang gaat boven het organisatiebelang. Deze verwaarloosde organisaties worden wel verwend: met materiele zaken, niet met aandacht. Ze willen dan steeds meer.

De dominante groep bij de brandweer werd gesteund door de Ondernemingsraad, die vrij machtig is, zowel formeel als informeel. De maatschappelijke rol die de brandweer heeft, werd nauwelijks ingevuld, men voelde de dienende rol niet, en er was geen contact met de burger, omdat men het programma voor brandpreventie niet wenste uit te voeren. Bij de open dagen, met blinkende brandweerwagens, werd niet over inhoudelijke zaken als cultuur gesproken.

Adviezen

Schaap kan uit zijn ervaringen enkele adviezen destilleren:

  1. Tijd, en politieke consistentie. Als leidinggevenden snel wisselen en ieder weer eigen ideeën heeft, gaat het mis. Dus: starten als een politiek leidinggevende net is aangetreden, en voor een langlopend contract zorgen. Bij de GVB, ook zo’n verwaarloosde organisatie, duurde de cultuurverandering 15 jaar.
  2. Een juiste managementstijl, niet kiezen voor verbinding maar eerst zorgen voor ‘basis op orde’: duidelijkheid geven, ongewenst gedrag begrenzen, open zijn over de wantoestanden.
  3. Zorgen dat iedereen een aandeel heeft in het geheel, dat hun werk gewaardeerd wordt, dat ze onderdeel zijn van de samenleving.
  4. Rigoureuze keuzes bij werving en selectie, moedige leiders aannemen.
  5. Bestuurlijke, politieke moed tonen.
  6. Overweeg privatisering. Is goedkoper en lost het probleem met de platina-gerande arbeidsvoorwaarden op.

Evaluatie

In eerste instantie kreeg ik een beetje de indruk dat Schaap achteraf, na zijn ontslag, via dit boek alsnog zijn gelijk wilde halen. Daar kwam ik (gedeeltelijk) van terug. Het speelt waarschijnlijk mee, maar de wens om ervaringen met anderen te delen omdat er nog zoveel verrotte, o nee sorry, verwaarloosde organisaties zijn, lijkt toch wel authentiek.

Het is vlot geschreven, met veel schokkende anekdotes die bijna onderkoeld worden verteld. Ook wordt er vaak een uitstapje naar het buitenland, politie, leger, e.d. gemaakt, om aan te tonen dat deze cultuur niet alleen bij de Amsterdamse brandweer speelt. Schaap legt er ook regelmatig de nadruk op dat de vrijwillige brandweer absoluut 180 graden anders is. Vanwaar het verschil?

Zijn ervaringen en adviezen snijden hout, hoewel elke organisatie weer anders is. Ik heb wel twijfels bij de optie van privatisering, dat is wel erg rigoureus en lost alleen de arbeidsvoorwaarden-problematiek op.

Het teruggrijpen op de theorie van verwaarloosde organisaties geeft de analyse en adviezen een zekere mate van onderbouwing. Voor verandermanagers is dit zeker geen objectief, maar wel een zeer nuttig boek!

Ik gaf het boek 3 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop dit boek

o.a. bij

Keus genoeg!

Geplaatst in Biografie, Gedrag | Tags: , , , | Plaats een reactie

Recensie: Leonardo da Vinci, de biografie – geniaal

Leonardo da Vinci leefde rond 1500 en was het creatiefste genie ooit. Hij verbond kunst met wetenschap en zag zo verbanden en patronen. Hij vond de (voor die tijd) meest innovatieve zaken uit en kwam doorlopend met nieuwe ideeën over uiteenlopende onderwerpen. Wow! Zo’n typetje kunnen we vandaag goed gebruiken, problemen genoeg die om een genie schreeuwen. Leonardo da Vinci – de biografie van Walter Isaacson uit 2017 geeft een uitstekend overzicht van zijn leven en inzicht in welk gedrag Leonardo zo speciaal maakte. Leerzaam!

Het managementboek Leonardo da Vinci, de biografie …

… is een dikke pil van zo’n 600 pagina’s, die niet alleen het leven van Leonardo beschrijft, maar ook uitgebreid ingaat op zijn achtergelaten werk: zijn schilderijen en zijn aantekenboeken, waarin hij zijn analyses en uitvindingen tekende en beschreef. Isaacson’s beschrijvingen van dat achtergelaten werk geven een uitstekend beeld van Leonardo’s persoonlijkheid en zijn manier van werken. Daarbij is de focus op zijn werk leerzaam én leuk, door het grote aantal illustraties van schilderijen en tekeningen, je kunt met Isaacson meekijken terwijl hij analyseert.

Misfit?

Leonardo wordt geboren als de onwettige eerste zoon van een notaris, is homofiel en linkshandig. Mijn eerste gedachte was: hoe is het mogelijk dat je met zo’n achterstand in die tijd zó succesvol kunt worden? Ik blijk niets van die tijd, de Renaissance, te begrijpen. Was Leonardo de wettige eerste zoon geweest, dan was hij vrijwel zeker notaris geworden. Als onwettige zoon werd er niet van hem verwacht dat hij de praktijk van zijn vader zou overnemen. Die vader heeft veel voor Leonardo gedaan: hem onderhouden, naar een leerschool van schilders gestuurd, opdrachten voor hem geregeld, contracten uit-onderhandeld, en hem een erfenis nagelaten.

Homofilie was in die tijd niet ongebruikelijk, maar wel een misdrijf en werd soms vervolgd. Leonardo werd twee keer van sodomie beschuldigd, maar er waren geen getuigen en de aanklachten werden weer ingetrokken. Desondanks maakt hij er nooit een geheim van, en zijn opdrachtgevers hadden er blijkbaar geen probleem mee. En zijn linkshandigheid maakt zijn werk makkelijker identificeerbaar: hij schreef van rechts naar links (tegen het vlekken) en tekende ook zo. Hij voelde zich ‘anders’, en dat kwam zijn carrière ten goede.

Homo universalis

De combinatie van kunst en wetenschap was gangbaar in die tijd in zijn geboortestad Florence. Leonardo zelf stelde dat om goed te kunnen schilderen, je moest weten hoe dingen werkten. Hij ontleedde lijken om de bot- en spierstructuur te begrijpen, en observeerde urenlang de natuur. Ook discussieerde hij met collegae. Hij las boeken maar overwegend deed hij experimenten. Hij was grenzeloos nieuwsgierig naar álles. Zoals wij nu een ‘to-do’-lijstje hebben, zo had hij letterlijk een ‘to-know’- lijstje. De uitvindingen vloeiden daar bijna automatisch uit voort. Leonardo’s aandacht voor details beschreef hij zelf als volgt: het kijken naar de bladzijde van een boek als geheel heeft geen enkele betekenis, je moet haar woord voor woord bekijken. En oog voor detail hád hij: zijn theorie over de werking van de hartklep werd als juist bewezen….in 1960!

Perfectionisme

Toch blijft het verbazingwekkend dat Leonardo al tijdens zijn leven zo beroemd was: hij publiceerde namelijk bijna nooit iets. Heel veel schilderijen zijn nooit afgemaakt, en heel vaak moest hij voorschotten terugbetalen aan de teleurgestelde opdrachtgevers. In zijn aantekenboeken staat regelmatig dat hij over een onderwerp een boek wil schrijven, maar dat deed hij nooit. Waarom niet? Hij was nooit uitgeleerd, het kon altijd beter! Zelfs de Mona Lisa is niet tijdens zijn leven ‘opgeleverd’, deze werd door zijn geliefde Salai na zijn dood verkocht.

Hij werkte dan ook jarenlang aan zijn schilderijen, elk jaar een paar verfstreken. Ze gingen overal met hem mee naartoe, hup op de muilezel, van Florence naar Milaan, naar Venetië, waar de volgende beschermheer zich maar bevond. Die adellijke of zelfs koninklijke beschermheren lijken nog het meest van zijn toneelstukken, of eerder: shows, genoten te hebben: enorme, bewegende decorstukken, ‘vliegende’ figuranten, het moet groots geweest zijn! En veel van de uitvindingen begonnen als theater-props.

Succesfactoren

In het laatste hoofdstuk van dit ‘geniale’ boek, vat Isaacson de succesfactoren van Leonardo samen, die ook voor ons uitvoerbaar zijn: 1. Wees nieuwsgierig; 2. Vergaar kennis om de kennis zelf; 3. Observeer; 4. Begin met de details; 5. Zie ongeziene dingen (wees creatief); 6. Bijt je vast; 7. Laat je afleiden (zo zie je meer verbanden); 8. Respecteer feiten; 9. Treuzel (laat je ideeën sudderen); 10. Laat de perfectie de vijand zijn van het goede; 11. Denk visueel; 12. Graaf je niet in (verdiep je in meerdere vakgebieden); 13. Reik verder (verdiep je in zogenaamd onoplosbare problemen); 14. Fantaseer; 15. Behoud het kinderlijke gevoel van verwondering; 16. Schep voor jezelf, niet voor anderen; 17. Werk samen, innovatie is een teamsport; 18. Maak lijstjes; 19. Maak aantekeningen op papier (zodat ze de generaties na ons inspireren); 20. Stel je open voor mysterie.

Grappig is dat Isaacson door het boek heen Leonardo’s genie ook vaak vergelijkt met dat van Steve Jobs en Albert Einstein. Jobs was het bijvoorbeeld grondig eens met no 12, maar niet zozeer met no 10: hij was dan wel perfectionist, maar zijn vindingen gingen uiteindelijk wél de deur uit.

Mijn evaluatie van Leonardo da Vinci, de biografie

Isaacson’s biografie van Leonardo leest minder makkelijk weg dan die van Steve Jobs. Het maakt dan ook nogal verschil of je de persoon bij leven kunt interviewen, of zo’n 5 eeuwen na diens dood moet ‘reconstrueren’. Ik heb groot respect voor de manier waarop Isaacson zich in de werken heeft verdiept, maar de plechtstatige, bloemrijke taal waarmee hij de schilderijen beschrijft, sja. Maar ik ben dan ook geen kunstliefhebber, daar kan het door komen. De beschrijvingen van de aantekenboeken met de uitvindingen vond ik dan weer super-interessant! Het dagelijks leven van Leonardo is vlot en vaak grappig om te lezen en is verduidelijkt met veel context over de politiek en cultuur van die tijd. Een boeiend, leerzaam, geniaal boek!

Ik gaf het boek 4 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Koop dit boek

o.a. bij

Keus genoeg!

Geplaatst in Biografie, Innovatie | Tags: , , , , , | 1 reactie

Recensie: Iedereen CEO – zoals Elon Musk?

Menno Lanting gebruikt een hele aansprekende en karakteristieke structuur en schrijfstijl die garant staan voor heel informatieve en fijn leesbare boeken. Ook Iedereen CEO uit 2011 volgt dat concept: het barst uit z’n band van de beschrijvingen van bedrijven, interviews met thought leaders en belangrijke boeken om te lezen. 

De insteek van dit boek is interessant: netwerken via SocialMedia, óók met de werknemers van je eigen bedrijf. Leiderschapsexpert Jaworski stelt: hoe meer zakelijke relaties je hebt, hoe groter je netwerk, hoe meer bronnen voor informatie en oplossingen. En hoe meer bronnen, hoe meer kans op succes. Seth Godin stelt: je verenigen in netwerken geeft je de macht om je eigen leiders te kiezen. Macht is ook: hoe vaak bloggers naar je linken. Leiderschap wordt zo meer horizontaal, soms zelfs per thema bepaald.

Twitteren met de baas?

Het gebruiken van Social Media om die netwerken te vormen en te onderhouden is interessant. Binnen bedrijven zie ik wel Yammer gebruikt worden, maar zeker niet Twitter, en een CEO gebruikt deze soorten tools (nog steeds) niet om contacten met zijn/haar medewerkers te onderhouden. Behalve misschien Elon Musk, dat kan zijn. En blijkbaar Roland van Geest, directeur bij Audax. Ik ben benieuwd of dat nog steeds zo is.

Want dit prima boek is wèl uit 2011. De concepten en uitgangspunten zijn nog steeds geldig en de organisatorische voorbeelden relevant. De technische ondersteuning van het netwerken heeft zich in de tussentijd verder ontwikkeld. En door het thuiswerken a.g.v. Corona heeft de digitale interactie tussen leiding en medewerkers en medewerkers onderling een impuls gekregen.  Tijd voor Iedereen CEO versie 2022!

Ik gaf het 4*

Geplaatst in Innovatie, IT | Tags: , , , | Plaats een reactie

Recensie: De verborgen impact – heel verhelderend

Ik las De verborgen impact van Babette Porcelijn uit 2016. Wat een geweldig boek vond ik dat! Heel mooi uitgevoerd en met cijfermatige onderbouwing voor alle berekeningen en statistieken, die in mooie inzichtelijke infographics zijn weergegeven. Babette is op onderzoek gegaan naar de ‘externaliteiten’ van ons voedsel, huis, auto en allerlei andere zaken.

Want we focussen nu wel op onze energie en (fossiele) brandstof, maar we hebben eigenlijk geen idee hoeveel uitstoot en andere klimaat- (en sociale) ellende er bij de productie kwam kijken. Babette heeft van heel veel zaken de hele keten in beeld gebracht, wat een werk! Van elke soort product of activiteit (sector) zet ze eerst de gemiddelden naast elkaar, en dan licht ze twee cases uit en analyseert die grondig. Zo is bijvoorbeeld de casus van de (ingeblikte) tomatensaus een pareltje. Natuurlijk ontbreekt ook de impact van klimaatverandering niet, en geeft het boek tips wat je kunt doen in verschillende rollen: als consument, burger (politiek), activist, werknemer, werkgever of student, als vriend of familielid, als belegger.

Het maatschappelijke boek De verborgen impact …

… heeft als uitgangspunt dat als we willen veranderen, we moeten beginnen bij dat wat we willen (kopen, doen), want voorkomen is beter dan genezen. Als we dan toch iets willen, kunnen we kiezen voor het alternatief met de laagste impact. Inclusief de verborgen impact!  

Als cases komen langs: laptop en spijkerbroek (spullen), rundvlees en tomaten (eten en drinken), vliegen en autorijden (vervoer), zonnepanelen en douchen (je huis).  Elke casus wordt afgesloten met ‘Wat kan ik doen?’ met flink wat tips, op volgorde van afnemend effect. Bij rundvlees zijn dat bijvoorbeeld: word vegetariër, flexitariër, eet ander vlees (kip), eet rundvlees van dichtbij, biologisch vlees, kleinere porties.  Zo zit er voor iedereen wel een tip bij die ‘haalbaar’ is.

Mijn evaluatie van De verborgen impact

Dit is een subliem boek wat ik in 2016 zeker 5* had gegeven. Ondanks dat Babette Porcelijn bewust geen specifieke initiatieven noemt, omdat deze al snel outdated zijn, zal een groot deel van haar uitgebreide cijfermateriaal na 6 jaar verouderd zijn. Echter, haar aanpak en algemene adviezen behouden hun relevantie.  (Dat John Kerry vice-president was heeft men ook goed verborgen, ha ha. Foutje, Babette!).

Ik gaf het 4*

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Een beter milieu begint niet bij jezelf – stukgelezen

In de jaren ’90 waren er spotjes om ons aan te zetten tot energiebesparing: Een beter milieu begint bij jezelf. Niet dus, stelt Jaap Tielbeke in het uitstekende Een beter milieu begint niet bij jezelf uit 2020. Want: we zijn ruim 20 jaar verder en er is niets verbeterd aan het milieu, integendeel. En laten we nou niet doen alsof juist wij de schuldigen en de verantwoordelijken zijn. Zo makkelijk is het niet. De maatschappij moet anders ingericht worden.

Het boek Een beter milieu begint niet bij jezelf …

… trekt heel terecht de vergelijking met de Coronacrisis. Er werden/ worden vergaande maatregelen getroffen door de overheid, wat bewijst dat als de situatie maar urgent genoeg is er veel mogelijk is. De ecologische crisis is óók urgent en heeft óók behoefte aan maatregelen vanuit de overheid.

De ‘jezelf’-spotjes hadden wel enig nut: ze gaven ons handelingsperspectief, zo voelden we ons minder machteloos, we konden (als consument) in actie komen. Psychologisch prima, ecologisch minder nuttig. Tielbeke wil ons in zijn boek een ander handelingsperspectief geven: we kunnen als burger in actie komen. De barricaden op! Dat kan ook ecologisch succesvol zijn.

4 mythes ontzenuwd

Het eerste deel van het boek is gericht op het ontzenuwen van een aantal mythes. Ten eerste die van ‘de schuld van de mensheid’. We zijn met teveel en blijven ons vermenigvuldigen. En we hebben als mensheid bedacht dat kolen stoken voor een stoommachine een goed idee was, dat was onvermijdelijk in onze ontwikkeling. Onzin. Het gaat niet om over-populatie, maar om over-consumptie. En om winst.

  • Tussen 1980 en 2005 groeide de wereldbevolking, sub-Sahara Afrika was verantwoordelijk voor 19% hiervan, en voor 3% stijging van de CO2 emissie. Noord Amerika was verantwoordelijk voor 4% bevolkingsgroei en 14% meer emissie.
  • In Niger heeft een moeder gemiddeld (!) 7 kinderen, en stoot een inwoner 0,11 megaton CO2 uit. In Nederland heeft een moeder 1,7 kinderen en stoot een inwoner 174 megaton CO2 uit.
  • De stoommachine werd niet uitgevonden door ‘de mensheid’ maar door een fabriekseigenaar in Groot-Brittannië die minder menselijke arbeid wilde. (En niet omdat hij het zo zielig vond dat die arbeiders zo hard moesten zwoegen).

Gedragsverandering, boekhouders en technologie

De tweede mythe is die van de groene consument, het idee dat we met individuele gedragsverandering het tij kunnen keren. Onzin. Het gaat om bedrijven die bewust schadelijke processen instandhouden. Zelfs het duurzame Unilever doet mee, want is de grootste verbruiker van palmolie, die de jungle in Indonesië vernietigt. Daar is een structurele oplossing voor nodig.

De derde mythe gaat over het bijhouden van CO2-emissies en de emissiehandel, waarbij multinationals als Tata Steel gratis uitstootrechten kregen, en universiteiten en ziekenhuizen moeten betalen. De rapportages over emissies zijn onbetrouwbaar en de prijs van de emissierechten veel te laag om impact te hebben, stelt Tielbeke. En de focus op de ‘boekhoudkundige’ CO2-emissies lost niet alle aspecten van de ecologische crisis op. Hoge CO2 is eerder een symptoom van de crisis: een verstoorde verhouding tussen ons en de planeet.

Als laatste mythe de ‘technofix’, het vertrouwen in technische innovaties, zoals geo-engeneering, en andere oplossingen, zoals nóg meer koeien per m2 houden. In het verleden hebben we óók allerlei technischer innovaties gehad, zoals zuiniger auto’s, die toch niet het gewenste resultaat opleverden: we gingen gewoon meer rijden. Er worden de laatste jaren steeds meer elektrische auto’s verkocht, en toch neemt het verbruik van fossiele brandstoffen toe. Hoeveel vertrouwen moet je hebben in het resultaat van toekomstige technofixes?

Wat kunnen we doen?

Nu we een beter beeld hebben van de problemen en de minder goede oplossingen, presenteert Tielbeke drie oplossingsrichtingen waar we wél wat mee kunnen en waar we als burger invloed kunnen hebben: in de rechtbank, op de barricaden en bij de politiek.

Er komen steeds meer rechtszaken: tegen de staat, tegen bedrijven, tegen bestuurders. Met goede resultaten, dat zeker. Maar zo zijn de sigarettenfabrikanten ook aangepakt, en dat heeft decennia geduurd. Zoveel tijd hebben we niet! De rechtszaak van Urgenda duurde 6 jaar! Dit soort rechtszaken zal waarschijnlijk zorgen voor bewustwording, maar er is meer nodig.

Activisme dan. Denk aan Greta Thunberg, maar ook aan Follow This, een activistische aandeelhouder van de fossiele bedrijven. Nu is het zo dat angst verlammend werkt, maar woede spoort aan tot actie, en voor woede is een vijand nodig. Het is dus nodig om een schuldige aan te wijzen. De lakse politici (‘How dare you’), en de vervuilende bedrijven. Activisme, zoals demonstraties, genereert media-aandacht en is al eerder het begin van systeemverandering geweest (vrouwenkiesrecht, homohuwelijk).

En dan de politiek. Er is sprak van lakse politici, maar ook van vooruitgang. De Green New Deal bijvoorbeeld, in 2018 geïnitieerd in de VS door de activistische AOC en door Europa overgenomen. Zo’n Green New Deal is een aantrekkelijk vergezicht, een soort routekaart, waar er daarvoor alleen maar kritiek was uit de activistische hoek. Nu is er wel kritiek op de ‘socialistische’ componenten, die echter nodig zijn om de lasten niet (alleen) bij de lage inkomens te leggen, die in slecht geïsoleerde huurwoningen wonen en dus een hogere elektra-rekening krijgen, die geen budget hebben voor een elektrisch auto en dus een milieutaks over hun oude diesel moeten betalen. Daar moet wat tegenover staan. Beter OV, bijvoorbeeld. Gratis isolatie. Het hele systeem van ‘uitbuiting’, zowel van mensen als van de natuur, moet op de schop.

Individuele acties

Individuen kunnen toch wél het verschil maken, kunnen impactvolle acties ondernemen. Greta had kunnen stoppen met vliegen en verder gewoon naar school kunnen gaan. Roger Cox (de jurist van Urgenda) had vegetariër kunnen worden en verder niks. AOC had zonnepanelen op haar dak kunnen leggen, maar uit de politiek kunnen blijven. Dan was er veel minder vooruitgang geboekt. Je kunt dus wél het verschil maken, als je verder gaat dan stoppen met vliegen, vegetariër worden en zonnepanelen op je dak leggen.

Evaluatie

Dit is een met passie geschreven boek wat bovendien heel fijn leest. Tielbeke zwaait niet met het vingertje van de dominees en refereert regelmatig naar zijn eigen halfslachtigheid. Mooi als je je zo kwetsbaar kunt opstellen, het maakt het herkenbaar voor de lezers.

De problemen van klimaatverandering worden goed geduid, met veel verwijzingen naar boeken voor verdieping (waaronder De onbewoonbare aarde en Brand, die ik ken en van harte aanbeveel), maar presenteert geen nieuwe inzichten. Dat mag je ook niet verwachten, de IPCC-rapporten zijn de basis. Het is een goed overzicht voor mensen die nog niet helemaal ingelezen zijn over klimaatverandering. Prettig is dat veel voorbeelden over de Nederlandse situatie gaan, hier heb ik zeker wat van opgestoken.

De insteek voor de ‘oplossing’ is goed gevonden: je hoeft je niet schuldig te voelen, maar je moet wél wat doen, en zeker wat meer dan de spotjes van vroeger voorstelden.

Minpuntje: het boek is na één keer al ‘stukgelezen’.

Ik gaf het boek 4 1/2*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Je kunt dit boek kopen o.a. bij

Keus genoeg!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Dit kan niet waar zijn – uitstekend

Ik ben mijn boekenkast aan het opruimen en houd alleen de boeken die ik nog (een keer) wil lezen. Dit kan niet waar zijn van Joris Luyendijk las ik net na de publicatie in 2015, en voordat het wegging, las ik het nóg een keer. En ik vond het nog nét zo goed! Sterker nog, na 7 jaar is het misschien nóg schokkender, omdat de cultuur en de praktijken die Luyendijk blootlegt alleen maar wijdverbreider schijnen te worden.

De centrale vraag in dit boek: hoe kunnen de bankiers met zichzelf leven, na de financiële crisis waar zij de schuld van waren? Het korte antwoord: ze voelen zich niet schuldig. Ze waren niet verantwoordelijk, het lag aan het systeem, aan een paar rotte appels, of juist: iedereen doet het (zeiden de bankiers). Of ze voelden zich wel verantwoordelijk, maar zaten klem in hun baan, hun gouden kooi, hadden geen invloed, ontslag hing boven hun hoofd (zeiden de tweedelijns functionarissen). En er is vrijwel niets veranderd, dus zo’n crisis kan zomaar nóg een keer gebeuren.

Het maatschappelijke boek Dit kan niet waar zijn …

is gebaseerd op een blog. Luyendijk schreef namelijk net na de crisis voor The Guardian een blog waarop hij interviews met bankiers en andere functionarissen uit de City publiceerde, en waarop van alle kanten werd gereageerd. Op basis van dat blog, en de extra, niet gepubliceerde interviews, totaal 200 (!), schreef hij dit boek, en voegde er zelf zijn conclusies aan toe. Van de financiële sector hoeven we geen verbetering te verwachten, de cultuur is onveranderd. Het is aan de politiek, en dus aan ons, die de politici kiezen, om te zorgen voor verandering, zo stelt hij.

Zijn uitstekende boek, met de schokkende interviews én externe documentatie, onderbouwt die visie. Luyendijk heeft bereikt wat hij wilde: brede bekendheid van de feiten, van de cultuur in de sector, en van de kans dat dit nog een keer gebeurt. Maar heeft dit uiteindelijk tot veel verandering geleid?

Ik gaf het (weer) 5*

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: The New Climate War – een media-oorlog

Er is geen discussie meer of er wel klimaatverandering is. Zelfs de fossiele industrie geeft dit inmiddels toe. Die oorlog is voorbij. Maar er is wel een nieuwe oorlog: over wat we eraan moeten doen, en óf dat nog wel zinvol is, zo stelt The New Climate War van Michael E. Mann uit 2021.

Die ‘nieuwe’ klimaatoorlog wordt wéér gevoerd met de fossiele industrie (de ‘inactivisten’), maar ook tussen de klimaatactivisten onderling. En zolang die nieuwe oorlog gevoerd wordt, gebeurt er te weinig en blijft de CO2 uitstoot te hoog. Dit prima boek laat zien hoe die oorlog wordt gevoerd en wat we daaraan kunnen doen. Ik las heel wat eye-openers!

Het managementboek The New Climate War ….

… onderscheidt een aantal technieken die de fossiele industrie gebruikt om actie tegen fossiele brandstoffen te bemoeilijken. Dat zijn denial, downplay, deflect, divide, delay, doom (het is een Engelstalig boek en nog niet in het Nederlands vertaald).

Ontkennen en bagatelliseren

Denial en downplay, ontkennen en bagatelliseren spreekt voor zich, Mann stelt dat dit steeds moeilijker wordt omdat de bewijzen voor (de enorme impact van) klimaatverandering zich opstapelen.

Afbuigen

Deflect, afbuigen, wil zeggen de oorzaak bij iets of iemand anders leggen. Zoals men in de VS stelt dat de oorzaak van schietpartijen op scholen niet de makkelijke verkrijgbaarheid van schiettuig is, maar de geestelijke problemen van de schutters. De bank vliegt niet in de fik door die brandende sigaret, maar door het brandbare materiaal van de bank. En de CO2-emissie komt niet door de producenten, maar door de gebruikers, die erom blijven vragen. Het is de schuld van de consument.

Dit gaat gepaard met mediacampagnes die deze visie versterken, die ons aanzetten een andere levensstijl te kiezen, en die klimaatwetenschappers als hypocriet uitmaken en zo minder geloofwaardig maken als ze niet a la Greta met de (recyclebare) boot naar conferenties gaan.

Verdeel en heers

Divide, verdelen, is een bekende techniek: verdeel en heers. Er wordt met behulp van de media een kloof gecreëerd tussen de verschillende soorten klimaatactivisten, die verschillende soorten oplossingen voorstaan. Neem bijvoorbeeld de handel in emissierechten.  Veel klimaatactivisten zijn ertegen omdat het niet ver genoeg gaat, het geen belasting is die álle emissie duurder maakt. Maar een carbon tax heeft veel tegenstanders (onder de Republikeinen uit principe , en onder laag betaalden omdat het te duur wordt) en is dus minder makkelijk te implementeren. Het trollenleger op socmed doet flink mee aan de verdeelstrategie, betaald door de fossiele industrie. En door Rusland! Want vergeet niet dat Rusland een grote fossiele brandstofleverancier is, en op korte termijn voordeel heeft bij klimaatverandering.

Vertragen

Delay, vertragen, is makkelijk. Elke wet of oplossing krijgt kritiek, er zou naar een nog betere oplossing toegewerkt moeten worden, et cetera. Mann zelf heeft veel kritiek op de ‘technische’ oplossingen die niet de oorzaak aanpakken (het fossiele brandstof-gebruik), maar de resulterende opwarming. Hij onderbouwt het met fijne uitgebreide toelichtingen op diverse chemische processen en allerlei emissiebeperkende technieken. Zo wist ik niet dat bij het boren naar gas, altijd methaan vrijkomt, wat nog veel schadelijker is dan CO2, waardoor gas als ‘tijdelijke’ oplossing niet erg geschikt is. En ik wist ook niet zoveel van CCS, carbon capture and sequestration, en dat dit nauwelijks een goede oplossing is door beperkte schaalbaarheid. Hetzelfde geldt voor geo-engeneering, wat nog in de kinderschoenen staat, veel risico’s kent en niet terug te draaien is. Geld uitgeven aan ‘adaptation’, maatregelen die de impact verminderen (dijken bijvoorbeeld) vind hij zonde van het geld, stop dat in preventieve maatregelen!

Doemdenken

Doom of doemdenken is stellen dat we al te laat zijn, wat Mann bestrijdt. Lastiger is ‘zacht doemdenken’, waarin het gaat over onze wil om de maatregelen te nemen. ’Het lukt ons toch niet want we hebben de wilskracht niet’, is het mantra in de media. Daardoor geven we op voordat we het zelfs maar proberen, en dus is dat een selffulfilling prophesy. Mann stelt ook dat angst aanjagen, zoals in de bestseller De onbewoonbare aarde, niet effectief is, omdat het juist doemdenken, en dus inactiviteit, aanjaagt.

Optimisme

Mann is voorzichtig optimistisch over de mogelijkheden om te crisis aan te pakken. Daar heeft hij drie redenen voor:

  1. Het extreme weer, wat de dreiging aansprekender maakt.
  2. COVID, wat onze kwetsbaarheid duidelijk heeft gemaakt, en tegelijkertijd het vertrouwen in de wetenschap heeft verhoogd. Ook werd duidelijk dat de beperkte mobiliteit door COVID vrijwel niets voor de uitstoot heeft betekend. Het gaat dus minder om individueel gedrag en meer om bedrijven.
  3. Verhoogd activisme, met name vanuit de jongere generatie. Zelfs de kinderen van OPEC-VIP’s spreken hun ouders aan!

Mann vat samen wat er nodig is: én gedragsaanpassing én overheidsbeleid én technologische innovatie.

Aanvalsplan

The New Climate War geeft ook een ‘aanvalsplan’ om de oorlog te beslechten in het voordeel van de activisten. Dit is wat wij allemaal moeten doen:

  • Negeer de doemdenkers. Het doemdenken wordt aangewakkerd door de fossiele industrie, zodat ze kunnen doorgaan met business as usual. Het is echt nog niet te laat, draag dat uit.
  • Een kleine jongen zal ze hoeden. De jonge generatie is keihard bezig de planeet te redden. We moeten ze steunen en van ze leren, en onze acties op een lijn brengen met die van hun.
  • Opleiden, opleiden en nog eens opleiden. Er zijn nog veel mensen die niet weten wat en wie ze moeten geloven. Laten we ze daarmee helpen zodat ze onze kant versterken.
  • Het systeem veranderen vereist een systeemverandering. Het gaat niet lukken met alleen acties van individuen, met levensstijl verandering. Er is nieuw overheidsbeleid nodig om het gebruik van fossiele brandstoffen te beperken.

Evaluatie

Het boek gaat met name in op de politieke situatie in de VS, en beschrijft gedetailleerd de acties van de bedrijven en instituten daar, plus de artikelen in Amerikaanse kranten en tijdschriften. De problematiek, oplossingen en de ‘oorlogstechnieken’ zijn echter vrij universeel, dit maakt het boek bijzonder leerzaam. Ik ga echt anders naar reclame kijken!

Het is prettig geschreven, met weinig jargon en heel veel referenties naar onderzoek. Niet zo gek, Mann is een van de belangrijkste klimaatwetenschappers in de VS. Hij komt wel wat klagerig over, snapt niet dat mede-activisten hém bekritiseren. Grappig, want in dit boek doet hij niets anders met diezelfde collegae. Bill Gates bijvoorbeeld krijgt er flink van langs. Jammer, dat ondergraaft zijn boodschap.

Ik heb even gecheckt of het nieuwste IPCC-rapport, dat van februari 2022, de stellingen uit dit boek onderuithalen. Daarvan heb ik niets gelezen, alleen dat de situatie nog urgenter is. Maar: laten we niet doemdenken! Laten we de politiek beïnvloeden! Stemmen dus! Oh, wacht ….

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Ik gaf het 4 *

Koop The New Climate War bij 

Keus genoeg!

Verder lezen?

Mann refereert naar het uitstekende boek De onbewoonbare aarde (The Unhabitable Earth) van David Wallace-Wells waarvan hij vindt dat deze teveel angst aanjaagt en misschien verlamt. Ik ben het daar niet mee eens, het schudde me juist wakker! Lees mijn recensie hier.

En Bill Gates krijgt er dus van langs, omdat hij een voorstander is van technologische innovaties. Ik las Gates’ Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden, en vind dit een uitstekend boek. Gates is óók voor gedragsverandering en overheidsbeleid, maar focust zich op waar hij affiniteit mee heeft: techniek. Niks mis mee, vind ik. Hoe meer innovatie, hoe beter. Lees mijn recensie hier. 

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Onzichtbare vrouwen

Het uitstekende, prijswinnende boek Onzichtbare vrouwen van Carolina Criado Perez uit 2019 gaat over Big Data en vrouwen. Of beter: over Big Data zónder vrouwen. Over besluiten nemen op basis van data die alleen van mannen zijn. Vaak onbewust. Het levert discriminatie van vrouwen op, tot levensbedreigende situaties aan toe. Dit boek heeft me geschokt, juist omdat het tegengaan van de onderliggende bias zo lastig is.

Het maatschappelijke boek Onzichtbare vrouwen …

… gaat over de ‘genderdatakloof’. In het verleden, maar ook vandaag de dag is de man het uitgangspunt van wetenschappelijke studies. Dat is voor vrouwen soms onaangenaam (kantoortemperaturen die op mannelijke ervaringen zijn gebaseerd, rillen dus!) en soms zelfs levensbedreigend (veiligheidsgordels die met mannenmaten zijn ontworpen). Dit is vaak niet eens bewust gedaan, er is gewoon onvoldoende besef dat vrouwen anders zijn dan mannen. Vrouwen worden niet gezien, dat is misschien nog erger dan bewust genegeerd of onderdrukt worden. Vrouwen zijn onzichtbaar.

Genderdatakloof

De genderdatakloof ontstaat wanneer data van vrouwen niet wordt verzameld of, als dat wel gebeurt, deze vrouwen-data niet wordt gescheiden van de data van mannen. Dan heb je dus geen statistieken specifiek voor vrouwen in het onderzoek. Wist je dat data over gehandicapten, huidskleur, sociale klasse, bijna nooit naar sekse worden gesplitst? Hierdoor zijn er nauwelijks statistieken van gehandicapte vrouwen, gekleurde vrouwen, etc.

Big Data en Artificial Intelligence (AI) kunnen voor geweldige doorbraken zorgen. Maar: garbage in = garbage out. Stop er data in die onvolledig is, en de uitkomsten zullen verkeerd zijn. Datakloof. Maar er is nog een oorzaak: als degenen die beslissingen nemen alleen maar (gezonde, witte) mannen zijn. Zij realiseren zich niet eens dat alleen hún gezichtspunt wordt meegenomen, voor hen is dat het énige gezichtspunt. Het gevolg is onbewuste, systematische discriminatie. Toeval? Dit boek stelt van niet. Het is een bias, de ‘mens=man bias’.

Taal

Interessant is de in de inleiding opgenomen verhandeling over taal, waarbij het feit dat in het Engels ‘man’ zowel man als mens betekent, al voorspellend is. Als wij ‘hij’ lezen in een tekst, kunnen we misschien wel weten dat hij/zij wordt bedoeld, dat hij ‘generisch’ is, maar onbewust denken we: ‘mannelijk’. Dat geldt ook voor termen als dokter; dokteres bestaat, maar is niet gangbaar. Bij ‘dokter’ denken we aan een man. In het Frans en Spaans gebruiken we geslachten: le/la. Bij groepen mensen zien we in het Spaans iets bijzonder: een groep vrouwelijke onderwijzers is las profesoras, maar doe er één man bij, en het wordt los profesores. Want mannelijk is de standaard.

Het toevoegen van m/v aan een personeelsadvertentie heeft geen enkele invloed op ons vooroordeel dat bijvoorbeeld een dokter een man is, zo blijkt uit onderzoek waarbij mannen en vrouwen een tekening moesten maken van diverse mensen-woorden: user, person, designer, etc. Zelfs vrouwen kiezen dan in 80% van de gevallen voor een mannelijk poppetje (mannen nog meer). Een bias dus. De standaard is man.

Lichamelijke verschillen

Het boek puilt uit van de voorbeelden van onderzoeken, waarvan veel gaan over de lichamelijke verschillen tussen de vrouwen en mannen. Ik pikte er een paar bijzondere uit:

  • Een piano heeft een standaardwijdte, een octaaf is 18,8 cm. Vrouwenhanden zijn gemiddeld tussen de 17,8 en 20,3 cm wijd. De twaalf pianisten die tot de internationale top behoren hebben een handwijdte van minimaal 22,3. Daar waren twee vrouwen bij: met handwijdtes van 22,9 en 24,1 cm. One-size-fits-men.
  • Stemherkenning in auto’s is ontworpen op de lagere stemmen van mannen en werkt bij vrouwen vaak niet (goed). Hetzelfde geldt voor de dicteersystemen in ziekenhuizen. De databanken waarop de technologie is gebaseerd, wordt gedomineerd (70%) door mannenstemmen.
  • In het algemeen geldt dat databanken die gebruikt worden voor ontwikkelprocessen gevuld zijn met data van mannen, niet alleen geluid maar ook beeld en tekst. (Wat tekst betreft: Siri was op het moment van lancering ook op mannen gericht, het woord prostitué begreep Siri prima, aborteur niet, hartaanval wel, verkracht niet.)
  • Vrouwen zijn lichamelijk écht anders dan mannen, tot op cel-niveau aan toe. Ze hebben bijvoorbeeld van nature 3x zoveel kans om auto-immuunziekten te krijgen, waardoor ze ook sterkere afweerreacties tegen vaccins hebben. Toch maken vrouwen bij klinisch onderzoeken minder dan 50% uit. ( Ook bij de COVID-vaccins speelde dit-ESC).
  • Proefdieren zijn vaak alleen mannelijk, en als dat niet zo is, worden de resultaten niet per sekse uitgesplitst. Niet relevant? Nou, een recent onderzoek met muizen leverde voor vrouwelijke muizen exact tegenovergestelde resultaten op van een eerder onderzoek met louter mannelijke muizen!

Onbetaald werk

Een andere invalshoek is die van het feit dat de zorgtaken en ander onbetaald werk veelal op het bord van de vrouw liggen. Dat wist ik al. Maar dat levert bijzondere effecten op, die ik nog niet wist:

  • Zweden veranderde de volgorde van sneeuwschuiven. Niet eerst de rijbaan, dan de stoepen, maar andersom. Met een auto ploeg je makkelijker door de sneeuw dan met een kinderwagen, dacht men terecht. Deze verandering leverde zelfs geld op: veel minder medische kosten als gevolg van ongelukken met uitglijden. Onverwacht was dat 70% van die ongelukken vrouwen betrof, omdat vrouwen zich veel meer ‘verplaatsen’ (kinderen naar school brengen, boodschappen, zorg).
  • Lange werkdagen leiden bij vrouwen veel meer (tot 300%!) tot dodelijke ziekten dan bij mannen. ‘Zwakke geslacht’? Nee, vrouwen doen daarnaast ook nog veel meer onbetaald werk: zorgtaken. Extreem lange dagen dus.
  • Vrouwen genezen na een hartoperatie minder goed dan mannen. Hier dan ‘zwakke geslacht’? Nee. Vrouwen gaan zodra ze thuis zijn direct weer zorgen voor anderen, terwijl mannen meestal verzorgd worden.
  • Vrouwelijke academici (en veel andere beroepen) doen veel meer onbetaald werk (studenten coachen) en administratieve klusjes (aantekeningen maken, koffie halen) dan mannen, want ze worden benadeeld als ze niet ‘aardig genoeg’ zijn. Academici! (Ook opvallend: vrouwelijke academici kunnen hun artikelen beter anoniem schrijven, dan worden die vaker geaccepteerd en hoger gewaardeerd. Artikelen die duidelijk van vrouwen zijn worden sowieso 70% minder geciteerd. Als vrouw alleen je voorletter gebruiken helpt.)

Vrouwen zichtbaar maken

Wat moet er gebeuren om deze systematische discriminatie tegen te gaan? Belangrijk is de bereidheid om die vrouwen-data te verzamelen, ook al kost het geld, of je reputatie (bijvoorbeeld seksueel geweld in je overvolle bussen of metro’s, dat wil je liever niet weten, toch, gemeente?). Daarnaast de bereidheid om de data die er is, ook te gebruiken.

Interessant is dat als vrouwen bij een onderzoek betrokken zijn, de genderdatakloof aantoonbaar gedicht wordt. Vrouwelijke topfunctionarissen nemen het vrouwelijke perspectief mee bij besluitvorming, vrouwelijke onderzoekers zorgen voor genoeg vrouwen-data, afgesplitst van de mannen-data. Genoeg reden dus voor een betere participatie van vrouwen in bedrijven en overheid.

Mijn evaluatie van Onzichtbare vrouwen

Bij dit boek dacht ik op elke pagina: dat kan toch niet waar zijn? Maar dat is het wel. De hoeveelheid onderzoeken die de auteur noemt is overweldigend en de effecten van de mens=man bias zijn enorm. En hoewel er wel wat verbeterd lijkt in de afgelopen paar jaar (ik testte de vertaal-software), is er ook heel veel nog niet gefixed (ik checkte de vaccins). De conclusies blijven dus overeind.

Toch is dit geen zwaar boek. Het is grappig, vaak cynisch geschreven, met een ondertoon van irritatie. Ook is het inspirerend, omdat er ook veel voorbeelden in staan hoe het beter kan (vaak uit Scandinavië, zou dat toeval zijn?) Ik las het bijna in één adem uit.

Een aantal zaken zul je (als vrouw) al kennen, want daar wordt al vaak over geschreven. Maar discriminatie is als een ijsberg: er is nog ongelofelijk veel onder het wateroppervlak, wat je niet ziet. Een relevant boek voor vrouwen, die alle zeilen moeten bijzetten om gezien te worden.

Echter, dit boek is ook heel relevant voor het bedrijfsleven. In alle sectoren is 50% van de doelgroep vrouw. Zou je daar niet alles van willen weten? Zou je die niet net zo goed willen bedienen als die andere 50%, waarvan je wel data hebt? Vast wel. Zorg voor vrouwen op de juiste posities in je bedrijf, en je bent al een heel eind. Dóé wat met je Big vrouwen-Data en maak de wereld een stukje beter.

Gemeenten die stoepen sneeuwvrij maken, ideetje misschien?

Ik gaf het 5*

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Je kunt dit boek kopen

o.a. bij

Keus genoeg!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | Plaats een reactie

Recensie: Het rechtvaardigheidsgevoel – briljante bestseller

De bestseller The Righteous Mind van Jonathan Haidt verscheen al in 2012 en is in 2021 (waarom toen pas??) in het Nederlands vertaald onder de titel Het rechtvaardigheidsgevoel. Een uitstekend boek wat het ontstaan van onze morele waarden en de invloed van cultuur daarop, onder de loep neemt. Veel wetenschappelijke onderbouwing, vlot geschreven, en vol ‘WOW-wist-ik-niet’. Het heeft mijn gedachten over moraliteit, religie en conservatieve politiek grondig veranderd.

Het managementboek The righteous mind  / Het rechtvaardigheidsgevoel begint ..

… met een aantal  pagina’s die hilarisch zijn, maar een belangrijke boodschap overbrengen. Lees dit verhaaltje en besluit of deze mensen iets moreel kwalijks hebben gedaan.

‘De hond van een familie werd door een auto doodgereden, vlak voor hun huis. Ze hadden gehoord dat hondenvlees heerlijk was, dus sneden ze de hond in stukken, maakten er een lekker hapje van en aten het op. Niemand zag het ze doen.’

Oh, nee! Mijn eerste reactie was walging. Dat doe je toch niet! En wat vond jij? Ook walgelijk, wed ik. Maar vond je het ook moreel onjuist? En waarom? De hond was al dood, dus merkte er niets van, toch? En het was hun eigen hond, daar mogen ze toch mee doen wat ze willen? En ze schokten er ook niemand anders mee …

Nog een verhaaltje:

‘Een man gaat elke week naar de supermarkt en koopt een diepvrieskip. Voordat hij de kip braadt, heeft hij er seks mee. Dan maakt hij het klaar en eet het op.’

Wat mij betreft dezelfde reactie: dat dóé je toch niet! Maar is het moreel onjuist? Ik kan dat niet beredeneren.

WEIRD

Haidt stelt dat deze reactie (walgelijk, maar geen moreel issue) typisch is voor WEIRDo’s: mensen uit WEIRD gemeenschappen: western, educated, industrialized, rich, democratic. Hier reken ik mezelf dus toe. Jij ook? Andere groepen zien hier wél morele fouten. Moraliteit is overal verschillend, en Haidt legt ons in zeer begrijpelijke taal uit waarom dat is.

Intuïtie en rationaliteit

Het eerste deel gaat over intuïtie en rationeel beredeneren, voor de Kahneman-kenners: Systeem 1 en Systeem 2. De bovenstaande verhaaltjes vind je intuïtief moreel kwalijk, maar je kunt het niet beredeneren. Haidt gebruikt de vergelijking van een olifant en berijder. De olifant is de intuïtie en bepaalt welke kant het stel opgaat. De berijder heeft maar een klein beetje invloed. Moraliteit wordt bepaald door intuïtie, niet door rationaliteit.

Er worden diverse wetenschappelijke studies aangehaald om dit te onderbouwen, waaronder de bekende Implicit Association Test (die heb ik eens gedaan en was geschokt!) en grappige feitjes, waaronder het gegeven dat boeken over ethiek nog meer uit bibliotheken gestolen worden dan andere boeken (ha ha!). Ethiek vanuit een rationeel perspectief bekijken, als filosoof bijvoorbeeld, zegt dus niet over jouw moraliteit.

Interessant vond ik de wetenschappelijke experimenten met hele jonge kinderen, waaruit blijkt dat onze allereerste moraliteit Care/harm is (ik las dit boek in het Engels). We kunnen er niet tegen als weerloze mensen/dieren leed wordt aangedaan. De tweede moraliteit is Fairness/ cheating. Hij maakt later een onderscheid in de interpretatie van Fairness van politiek links (iedereen gelijk, basisinkomen) en politiek rechts (proportioneel, hardere werkers krijgen meer salaris).

Meer morele smaken

Het tweede deel gaat over de vier andere moraliteiten: Liberty/ oppression, Loyalty/ betrayal, Authority/ subversion en Sanctity/ degradation. Haidt maakt zelf expliciet kennis met deze moraliteiten als hij op antropologisch onderzoek gaat naar India. Hij ontdekt de link met ‘relaties’, die wij WEIRDo’s veel minder hebben dan andere gemeenschappen. (Dit is ook wetenschappelijk aangetoond met onderzoeken, wij zien de absolute lengte van een lijn beter dan de relatieve lengte ervan ten opzichte van een ander object. Andere groepen hebben precies het omgekeerde.) Wij WEIRDo’s zijn individualistisch en hechten daardoor vrijwel alleen aan de moraliteiten Care/ harm en Fairness / cheating. Dat is onze ‘Matrix’, onze realiteit.

Andere culturen, meer collectivistisch, hechten meer aan de groeps-gebaseerde moraliteiten, zitten in hun eigen Matrix. We hebben geen idee dat er een andere Matrix is! Niet alleen is dat onhandig, want we begrijpen anderen niet, het is ook eenzijdig, maakt ons minder menselijk. Als een tong met receptoren voor 6 smaken, waarvan we er maar 2 gebruiken. Je wilt toch niet in een restaurant eten dat alleen maar diverse soorten zoet serveert?

Groepig

De groeps-gerelateerde moraliteiten worden verder uitgewerkt in het derde deel. Hierin gaat het o.a. over iets overhebben voor je land, je gemeenschap, zonder dat je er zelf beter van wordt. We zijn van nature zelfzuchtig, als onze neven de chimpansees, maar ook altruïstisch, als de bijen die hun leven geven voor de zwerm. Haidt stelt dat groepsleden die té zelfzuchtig waren, profiteurs, al snel geen aansluiting meer hadden, geen vrouw konden krijgen en dus minder kinderen verwekten. ‘Groepige’ groepsleden gaven hun genen door. De groep wordt hecht door de groeps-gerelateerde morele normen; dit is het standaard gedrag, daar kun je van op aan, hoe groot de groep ook is. Uit onze evolutie blijkt dat hechte groepen beter samenwerken en daardoor succesvoller zijn. Niet alleen in het oorlog voeren met anderen, maar in het omzetten van grondstoffen naar eindproduct (kinderen).

Religie was één van de middelen voor binding in de groep. Het gaat niet over een boven-natuurlijke kracht, maar over gedeelde normen, regels die het gedrag bepalen, waaronder altruïsme. Godsdienstige mensen geven veel meer aan goede (ook niet-religieuze) doelen.

Haidt trekt de redenatie van binding door naar bedrijven: hoe beter er wordt samengewerkt hoe beter het resultaat. Dat weten we. Echter, hij waarschuwt voor diversiteit, we werken het beste samen, verbinden ons het best, met gelijkaardige mensen, die op ons lijken. Ik schrik even! Maar het is geen pleidooi voor discriminatie, eerder een oproep om veel te investeren in de overeenkomsten van de werknemers, zoals een gedeeld doel.

Politiek

Heel boeiend zijn de implicaties voor de politiek. Het is aantoonbaar dat in onze genen al de aanleg zit voor links of rechts gedrag, zelfs bij twee-eiige tweelingen kunnen die verschillen. Meer genen die dopamine maken? Dan sta je meer open voor verandering en heb je aanleg tot ‘linkse’ moraliteiten. Meer genen die serotonine maken? Dan heb je aanleg voor angst, en defensieve, ‘rechtse’ moraliteit. Onze jeugd bepaalt hoe sterk deze aanleg wordt vertaald in feitelijk (stem)gedrag.

Heidt toont zich een democraat die heel scherp ziet dat er bij links te weinig aandacht is voor de andere ‘Matrix’. Hij waardeert de conservatieve moraliteiten (maar niet persé de Republikeinse partij, zo maakt hij duidelijk, ha ha).

Evaluatie

Dit is een uiterst relevant boek waarin de problematiek van vandaag de dag (cultuurverschillen, polarisatie) objectief, helder en humoristisch wordt geduid. Het beslaat een groot terrein, van evolutie, via antropologie naar psychologie, maar nergens is spraken van jargon. Vlot geschreven, ondanks de omvang las ik het bijna in één adem uit. En het heeft een goed doel: Haidt pleit voor meer begrip voor (de moraliteiten) van de ander. Dat is bij mij redelijk gelukt, al zeg ik het zelf. Ik zou best wat minder WEIRD willen zijn. Nou ja, minder individualistisch, om te beginnen, minder chimp en meer bij. Beter voor de mensheid. En voor mijzelf vast ook. Maar ja, die genen he? Is er nog hoop?

Ken je dit boek? Wat vond je ervan?

Ik geef het 4 1/2 *

Koop Het rechtvaardigheidsgevoel …

… de Nederlandse vertaling van dit boek, o.a. bij

Keus genoeg!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | Plaats een reactie