Wow, wát een open deur! Dat dacht ik toen ik Informatie-autonomie van Martijn Aslander uit 2026 uit had. Toen pas, ja. Want het principe waar hij het over heeft is zó voor de hand liggend dat het bijna onmogelijk is om te begrijpen waarom we dat niet allang doen. We hebben de mond vol van data-soevereiniteit maar dat is betekenisloos zonder informatie-autonomie. Dát, en nog veel meer, is bepaald schokkend.
Dit probleem, en de oplossing, is niet zozeer een zaak van de afdeling IT, maar van iedereen die gaat over continuïteit en efficiency. En over fijn werken voor het personeel. En over duurzaamheid. En over je juridische verlichtingen kunnen nakomen. En over leveranciers-onafhankelijkheid. Dit boek is dus voor iedereen. De passie spat ervan af, het is verrassend en vaak nog grappig ook. Must Read!

Het maatschappelijke boek Informatie-autonomie …
… geeft met een aansprekende metafoor weer wat nu eigenlijk het verschil is tussen data-soevereiniteit en informatie-autonomie. Stel je een gebouw voor met honderden kamers, en in elk van die kamers ligt informatie. Dossiers, notulen, mails, beleidsstukken, patiëntgegevens, bouwtekeningen. Er zijn twee verschillende soorten vragen die je over dat gebouw kunt stellen: 1. Van wie is dat gebouw, wie beheert de sleutel, onder welke wetgeving valt het, wie kan er ongevraagd binnenkomen? 2. Wat ligt er in elke kamer, kun je dat vinden zonder de architect erbij te halen, kun je de informatie gebruiken zoals jij dat nodig hebt?
Data-soevereiniteit gaat over de eerste vraag. Wie kan er bij je informatie? Informatie-autonomie gaat over de tweede vraag. Kun je er zélf bij? In het maatschappelijk debat wordt dit onderscheid niet of nauwelijks gemaakt. We realiseren ons niet dat we alleen bij onze informatie kunnen met behulp van de software waarmee die informatie ooit is aangemaakt. We zijn afhankelijk van de beschikbaarheid van die software. Weinig autonoom dus. En de informatie zit in formaten die niet of slecht doorzoekbaar zijn. Dat probleem is zo mogelijk nog groter: we kunnen misschien wel náár, maar niet in documenten zoeken.
Zoeken, zoeken, zoeken
Voorbeeld: een journalist vraagt om documenten op basis van de WOO: Wet Open Overheid. Ambtenaren moeten gaan zoeken in verschillende systemen, emailprogramma’s en gedeelde schijven. Zoeken, zoeken, zoeken. Maar ook zonder zo’n uitvraag zijn we veel tijd kwijt aan zoeken: 240 uur per jaar naar info waarvan je zeker weet dat je die hebt, ergens. En nog eens 340 uur om uiteindelijk toch maar opnieuw te doen wat al was gedaan. En je kunt zoeken op bestandsnaam, en metagegevens, niet op wat er instaat.
Maar dat gaat AI oplossen, toch? Nou, nee. Als de informatie in bijvoorbeeld Word en PowerPoint staat, is het voor AI niet eenduidig, en dus verzint het er zaken bij en laat van alles weg. In een Word document staan allerlei metagegevens, wie wat heeft gemaakt, wanneer, wie het doorstuurde. Maar ook hoe het gepresenteerd moet worden, welke voetnoten bij welke alinea horen. Tabellen met cijfers zijn platgeslagen, en nauwelijks interpreteerbaar. En dit gaat alleen nog over Word. PDF is vele malen erger. Deze formaten zijn ontworpen voor printers. Zitten je documenten of informatie in Sharepoint, of een Documentmanagementsysteem? Oei. En daar kom je ook niet zomaar weer uit, migratie is kostbaar, tijdrovend en soms gewoon onmogelijk. Vendor lock-in.
Tekst, platte tekst
Wat is de oplossing? Een tekstbestand. Platte tekst. Computeruitleesbaar. Direct integraal doorzoekbaar. Licentie-vrij. Niet nodig om te migreren naar een andere software-oplossing of formaat. Wist je dat Project Gutenberg sinds 1971 boeken naar platte tekst digitaliseert? Er zijn al 80.000 boeken, vrij van auteursrechten, leesbaar in je browser of met elke willekeurige eReader. De Britse overheid publiceert al jaren in platte tekst. Ze noemen het Govspeak, een variant van Markdown (een simpele vorm van Markup Language!). En inmiddels is er een hele industrie die PDF omzet in tekst, zodat AI ermee kan werken. Waarom kiezen we daar dan niet direct voor?
Daar zijn diverse redenen voor. We denken al decennia in documenten, het is de fundering van ons denken. En … toegeven dat het anders moet, wil zeggen dat het al die tijd anders had gekund, en hier komt de sunk cost fallacy om de hoek kijken. Daarbij komt het zogenaamde Shirky-principe: instellingen proberen het probleem in stand te houden waarvoor zij de oplossing zijn. Software bedrijven, archiefafdelingen, en informatie-professionals dus ook … En ook: de bestuurders snappen het probleem niet, begrijpen de techniek niet. Plus: we hebben het te druk met de dagelijkse zaken om eens rustig te reflecteren, hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden. Om het vertrouwde ter discussie te stellen.
Wat houdt ons tegen?
Martijn houdt overal een pleidooi voor verandering, en krijgt 5 soorten tegenwerping terug.
1. Het document is niet zomaar te vervangen. Jawel: inhoud en vorm scheiden, document als product, maar niet als bron. En én.
2. Het is een cultuurprobleem. Tuurlijk, als je al jarenlang in Word werkt. Probeer gewoon Markdown, en je merkt dat gewoonten en daarna cultuur veranderen.
3. Van Microsoft af? Nee toch! Blijf MS gerust gebruiken als je dat wilt, maar sla OOK op in tekst.
4. Ja maar, weer andere metadata, lastig! Nee hoor, de inhoud is de metadata, het probleem van consequent de juiste en volledige metadata toevoegen verdwijnt juist. (Wist je dat Het Centraal Digitaal Depot van Justitie 100 miljoen documenten opslaat? En dat er een hele afdeling Metadateren is, omdat de metadata onvolledig of onjuist zijn? Die afdeling is dan óók niet meer nodig!)
5. Mag niet van de bestuurders. Ja, dat komt vaak voor. Maar in veel organisaties worden ‘handige tooltjes’ allang stiekum gebruikt.
Al deze tegenwerpingen gaan over organisatie, governance, mandaat, cultuur. Maar niet over het probleem zelf, de inhoud. En het toenemende gebruik van AI gaat juist over de inhoud. Want je kunt AI beter en sneller gebruiken als je informatie doorzoekbaar is.
Klinkt mooi, maar werkt het ook?
Martijn toont dit allemaal aan in diverse demo’s en projecten, waar hij zelfgebouwde AI-agents inzet. De mensen rollen van hun stoel. De Politie en Frontex willen ermee aan de slag, dat zal enorm veel budget besparen. Er zit wel een addertje onder het gras: AI heeft eigenaren, wat zullen zij met hun eigendom doen, qua privacy, kosten, beschikbaarheid? Verder zijn er de eerdergenoemde voorbeelden van de Britse overheid en Project Gutenberg, en nog veel meer.
Waarom moeten we nú met tekstbestanden aan de slag? Nou, per 1 januari 2027 gaat de nieuwe Archiefwet in. Hét moment voor een minister of staatssecretaris om een aantal zaken te regelen: 1. Aanbestedingstoetsen moeten een paragraaf hebben over leesbaarheid zonder leveranciersafhankelijkheid. Als de overheid hierin het voorbeeld geeft, volgt de markt. De Britse overheid deed het ook zo. 2. Structureel financieren van open source initiatieven die zich al bewezen hebben. Voorbeelden zijn NLdoc, MijnBureau en DAWO. (Interessante initiatieven, lees er op internet meer over!) 3. Stel een digicommissaris in voor de overheid, met een concrete opdracht: alles in machineleesbaar formaat, met Word en PDF als afgeleide presentatievorm, niet als bron.
En misschien, heel misschien, lopen we dan ook niet meer tegen verrassingen als de ’datakluis’ aan, 64 miljoen ongesorteerde bestanden, die voor de diverse Parlementaire Enquêtes niet beschikbaar waren. En misschien, heel misschien, kunnen we besparen op overheidsuitgaven, zowel op ‘zoekuren’ van ambtenaren, als op licenties, migratie, conversie en consultancykosten van IT-systemen.
Makkelijk te implementeren, grote besparingen
Martijn stelt dat hij deze oplossing bedacht en ermee experimenteerde tijdens de 2 maanden herstel van zijn herseninfarct. Als hij dat zo kan, wat kan een organisatie dan? Met slimme mensen, snellere computers, budget? Ze kunnen 80% van hun huidige IT-functionaliteit behalen tegen 1%-2% (geen typo!) van de kosten. Wat houdt ze tegen? Wat houdt óns tegen?
Mijn evaluatie van Informatie-autonomie
Wát een leerzaam boek! Ik heb heel wat zitten Ecosia-en: op Project Gutenberg, NLdoc, DAWO. En op Markdown, de open source tool om aan tekstbestanden presentatie toe te voegen. Ik was bang dat het een heel technisch boek zou zijn, maar dat is helemaal niet zo. Het gaat om het principe: trek inhoud en presentatie uit elkaar, en er zijn alleen maar voordelen. Martijn heeft ook de nodige bewijzen voor zijn stellingen toegevoegd: zowel zijn eigen experimenten met WO2-archieven, als wat er wereldwijd al gebeurt op dit gebied. Nog sterker zijn alle voorbeelden van hoe het misgaat als we leesbaarheid en doorzoekbaarheid niet heel hoog op de agenda zetten, met de WOO-verzoeken en de datakluis als smakelijke, welbekende cases.
Ik heb geen vraagtekens bij de relevantie van dit onderwerp. De kwaliteit van de AI-output stijgt (zéér noodzakelijk), en de ‘moeite’ van AI én mensen dalen (goed voor drinkwaterkoeling, elektra en werkplezier). O ja, het is ook afgelopen met de vendor lock-in en we verhogen dus onze onafhankelijkheid qua data en processen. Wat me verbaast is dat ik er zo weinig over gelezen heb in de algemene media, deze ontwikkelingen lijken nog in een specialisten-bubbel te zitten. Hoog tijd dat het NRC of vergelijkbaar eens aanhaakt. En hoe zit het met de Tweede Kamer? Zijn de potentiële kostenbesparingen hun wel duidelijk?
Het boek is passievol, vaak grappig, soms wat rommelig, met wat herhalingen en veel schokkende voorbeelden en statistieken (54% van de documenten opgeslagen in datacentra zijn na creatie nóót meer geopend. En veel documenten zitten er dubbel of 100-voudig in ….). Deze vorm is precies zoals Martijn is, hoe hij denkt en spreekt. Dat vond ik daarom eerder leuk dan irritant. Zijn voorbeelden van problemen en oplossingen voor de (overheids-)projecten waar hij zelf aan meewerkt zijn heel boeiend en persoonlijk. Wat heel knap is: hij heeft (iets) van mijn weerstand tegen AI weggenomen, ik begrijp nu (iets) beter waarom er soms onzin uitkomt. Een Obsidian-fan zal ik niet worden, hoe enthousiast Martijn daar ook over vertelt, maar dat we grote stappen kunnen maken in relaties leggen tussen verschillende bronnen van informatie is mij wel duidelijk geworden.
Daarom: Must Read, ik wens iedereen dit WOW-gevoel toe.
Conclusie
Inhoud: Leerzaam +, Onderbouwd +, Relevant +, Tijdloos 0.
Vorm: Aansprekend+, Verzorgd +, Illustraties -, Structuur 0, Schrijfstijl +
FOMO +.
Ik gaf het boek 4*
Ken je dit boek? Wat vond je ervan?
Lees Informatie-autonomie duurzaam …
- via de (online) bibliotheek
- of uit een minibieb (dat deed ik ook!);
Koop Informatie-autonomie duurzaam …
- bij de kringloop;
- bij een tweedehandsboekenwinkel zoals Boekwinkeltjes;
- bij je lokale boekwinkel, via Libris (aff.);
- of via B-Corp Bol (aff).
Keus genoeg!
Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!