Recensie: Sapiens – Een weergaloos goed boek over een weergaloos slecht mens

Vuur gaf ons macht. Roddel liet ons samenwerken. Landbouw maakte hongerig…….naar méér. Mythen zorgden voor wetten en regels. Geld gaf ons iets om te vertrouwen. Tegenstellingen creëerden cultuur. Wetenschap maakte ons dodelijk. Aldus de omslag van het boek Sapiens van Yuval Noah Harari. Ik las dit geweldige boek in één adem uit, ondanks de omvang: 498 pagina’s. Het dekt al deze onderwerpen, en nog veel meer.

Natuurlijk begint Sapiens …

… 2,5 miljoen jaar geleden, bij de het geslacht ‘Zuidelijke Aap’, waaruit het geslacht ‘Homo’ evolueerde. Deze ‘Homo’ of Mens verspreidde zich over Noord Afrika, Europa, en Azië, waarbij door de verschillende klimaten, uit dit geslacht verschillende soorten ontstonden: Neanderthalis, Erectus, Soloensis, Floresiensis, Denisova, Rudolfensis, Ergaster en uiteindelijk Sapiens. Niet na elkaar, maar min of meer gelijktijdig. Erectus hield het het langst vol: 2 miljoen jaar. Dat record gaat Sapiens niet verbreken, we mogen al blij zijn als we de volgende 1000 jaar als soort overleven. Waarom dat is, legt Harari pas in de allerlaatste hoofdstukken uit. Zo bouwt hij de spanning wel op!

300.000 jaar geleden gebruikten we al vuur. Goed om de leeuwen op afstand te houden, maar nog beter: om op te koken. Zo konden we in een uurtje wegkauwen waar we voorheen 5 uur mee bezig waren. Daarom konden we ook met minder (energie slurpende) darmen toe, en was dus energie over voor grotere hersenen: jumbo brain = jumbo drain, eten en denken gaat niet samen. Meer capaciteit om te denken = meer inventieve manieren om de andere wereldbewoners te doden.

Het boek begint met deel 1: De Cognitievrevolutie. Hierin stelt de auteur dat met name de kunst van de verbeelding, het abstracte denken, ons een overwicht gaf op de andere Menssoorten, die we dan ook uitroeiden.

Daarna deel 2: De Agrarische revolutie. Hierin wordt heel beeldend de overgang van jager-verzamelaar naar boer uiteengezet, inclusief de stelling dat dit bepaald geen vooruitgang was voor het individu: er moest véééél harder gewerkt worden.

Vervolgens deel 3 De Eenwording van de Mensheid. Daarin lezen we over de transitie van de duizenden kleine ‘werelden’ in 10.000 voor Christus, waar mensen niemand kenden buiten hun eigen wereld, en ook niet wisten dat er überhaupt nog andere mensen waren, naar ultieme globalisatie, uiteindelijk bereikt door de kolonisatie van Tasmanië in 1788, toen alle werelden bekend waren. Ongelofelijk om te lezen hoe alle oorspronkelijke bewoners en culturen vernietigd werden!

Tenslotte deel 4 De Wetenschappelijke Revolutie, waarin de rol van de wetenschap vanaf de ontdekkingsreizen uit de 15-de en 16-de eeuw naar voren komt, en de rol van geld hierbij. Ons kapitalisme heeft een prominente plaats, maar komt er niet positief van af!

Het einde van Sapiens

Het boek eindigt met Het Eind van de Homo Sapiens, hetzij doordat we onze planeet in de vernieling hebben geholpen, hetzij doordat we zoveel van de Sapiens vermengen met kunstmatige intelligentie, kunstmatige ledematen, en biologische en genetische engeneering in het algemeen, dat we een nieuwe soort creëren. Interessant, maar ook verontrustend. Wellicht kunnen we straks eeuwig leven? Maar worden we daar gelukkiger van? Zijn we überhaupt gelukkiger geworden van alle ‘vooruitgang’?

Mijn evaluatie van Sapiens

Ik ben wel gelukkig, want wat kan deze auteur geweldig schrijven! Veel droge humor, wat cynisme en vooral de kunst om heel sappig de droge feiten van onze geschiedenis te presenteren. Het leest als een roman en is daardoor heel moeilijk neer te leggen. Hier en daar zijn er plaatjes opgenomen, van de eerste kleitablet, van de wereldkaarten van weleer, van een genetisch gemanipuleerde muis, etc. want die zaken zijn wat moeilijk te omschrijven.

Wist je dat de eerste Mens die we leren kennen via geschrift, Kushim de boekhouder was? Hij leefde in Uruk, ongeveer 3400 voor Christus en registreerde de ontvangst van een lading gerst op een kleitablet. De allereerste bekende naam is niet van een koning, een dichter of zelfs een profeet, maar van een accountant! Toen al!

En wist je dat rond die tijd ook de term ‘Ariër’ opdook in het Sanskriet? Deze Ariërs, oorspronkelijk uit India, stichtten de Perzische, Griekse en Romeinse Rijken. Dat moesten wel supermensen zijn geweest! In ieder geval dachten de geleerden uit de 18-de eeuw dat…

En wist je dat….

Zo gaat dit boek in sneltreinvaart door, het ene weetje na het andere!

Wat ik heel knap vind aan dit boek, is dat het een grote hoeveelheid onderwerpen behandelt (biologie, geschiedenis, economie, religie, taal, gedragswetenschap), het kort en krachtig neerzet zodat het nooit saai wordt, en duidelijk de verbanden ertussen aangeeft. Dat maakt dit boek interessant voor letterlijk iedereen, wat je achtergrond ook is. Het zet veel zaken die we als vanzelfsprekend aannemen, in perspectief. Het maakt je kritisch en laat je nadenken.

Met dat jumbo brain van je!

Je kunt het boek kopen bij Bol.com en Managementboek.nl

Geplaatst in Maatschappij, Uncategorized | Tags: , , | 3 reacties

Rebel Talent – afwijken loont

Een vrouw loopt een chique boetiek in. Ze draagt een mooie jurk en bontmantel. Of nee, ze draagt sportkleding. In welk geval zullen de verkoopsters denken dat ze een beroemdheid is, en zeker wat zal kopen? De chique versie, toch? Nee, de zweetversie. Dat straalt uit: ‘ik ben zo belangrijk, het kan me niet schelen’. Afwijken van de norm is misschien een gevolg van succes, het kan er ook de oorzaak van zijn, is het onderwerp van het boek Rebel Talent van Francesca Gino uit 2018.

Het managementboek Rebel Talent

.. heeft een smakelijke rode draad: het restaurant Osteria Francescana in Modena, Italië, en haar chef Massimo Bottura die op onorthodoxe wijze recepten samenstelt en zijn team aanstuurt en daarmee Michelinsterrenstatus (3*!) verdiende. Hij breekt met alle tradities van de Italiaanse keuken, is dan ook niet opgeleid als kok maar een gesjeesde rechtenstudent, die op de middelbare school al altijd voor zijn vrienden kookte. Het breken met traditie, het lak hebben aan de regels, samen met een passie voor het werk, is het recept van succesvolle rebellie.

Het boek bestaat uit 11 hoofdstukken waarvan 5 gewijd zijn aan de elementen van het talent van rebellen: Nieuwheid, Nieuwsgierigheid, Perspectief, Diversiteit, en Authenticiteit. Andere hoofdstukken zijn gewijd aan het bovenstaande voorbeeld, dat juist het bewust afwijken van regels of sociale normen iemand in de ogen van anderen status geeft, en aan de 8 principes van rebels leiderschap.

Gedragswetenschap

Malcolm Gladwell zal zich gevleid voelen, want de opzet van Rebel Talent is vrijwel identiek aan zijn boeken, zoals Uitblinkers en Intuïtie. Het boeit de lezer door verhalen te vertellen en de opvallende gebeurtenissen te verklaren vanuit de gedragswetenschap. In dit boek worden weer de nodige bekende en minder bekende helden ten tonele gevoerd, waaronder Napoleon, Houdini, en Blackbeard, de zakenmensen Zuckerberg, Nadella, en Olivetti, en de bedrijven Google, Southwest, en Pixar. Zij deden het anders dan normaal en waren/ zijn daarom zo succesvol. Ook staan er veel voorbeelden in uit de praktijk van Gino, professor op Harvard Business School.

Perspectief

Het hoofdstuk Perspectief gaat over de valkuil dat je als expert geneigd bent jouw kennis voor waar aan te nemen en niet meer open te staan voor de mening van anderen. Een mooi voorbeeld van rebels talent op dit gebied komt uit de Osteria Francescana. Op vrijdag komt er een familie met 2 tieners eten. Ze bestellen de Proeverij Sensatie, met 13 gangen. Op zaterdag komen ze wéér, ditmaal bestellen ze de Proeverij Traditie in Evolutie, 10 gangen. De ober ziet in het gezicht van de tieners ‘Alsjeblieft niet!’ maar ze zeggen niets. Hij vraagt de jongste: ‘En wat willen júllie eten?’ ‘Pizza!’ De ober bestelt pizza bij de beste pizzeria van Modena. Die twee tieners zullen dit gebaar en het geluk wat ze toen voelden nooit vergeten.

Diversiteit

In het hoofdstuk Diversiteit gaat het met name over de stereotypering van vrouwen op het werk. In een experiment werden vrouwen, werkzaam in een mannelijke omgeving zoals een bank of bouwbedrijf, beschreven als competent. Proefpersonen beoordeelden hen als net zo competent als hun mannelijke collega’s maar veel minder sympathiek. Als de vrouwen niet ondubbelzinnig als competent werden beschreven, beoordeelden de proefpersonen hen als incompetent èn onsympathiek en vond men dat ze minder salaris en minder promotiekansen moesten krijgen dan mannen met precies dezelfde kwalificaties.

Ander voorbeeld: een autoritaire man is ‘de baas’, een autoritaire vrouw ‘bazig’. Een interessant, maar wel gedateerd (1982) voorbeeld gaat over Ann Hopkins, in de race om partner te worden bij accountantskantoor PWC. Ze heeft meer uren gedeclareerd en meer omzet gemaakt dan andere kandidaten, maar wordt gepasseerd. Te macho, lastig, agressief, ongeduldig. Ze moet wat vrouwelijker lopen, zich opmaken en juwelen dragen, zo luidt het advies. Ik weet zeker dat het nu anders gaat! Gelukkig is er een recente studie van McKinsey waaruit blijkt dat bedrijven die het meest aan diversiteit doen, ook 15% meer kans hebben om beter dan gemiddelde financiële resultaten te behalen. Over je vooroordelen heen stappen loont dus.

Het hoofdstuk Authenticiteit geeft veel aandacht aan het nut van focussen en ontwikkelen van sterke punten bij medewerkers, waarbij een aantal recente Gallup-studies worden gebruikt om aan te tonen dat productiviteit en betrokkenheid dan stijgt. Ook het tonen van je kwetsbaarheid als leider komt aan de orde.

Rebellen en dwarsdenkers

Het boek lijkt erg veel op Adam Grant’s ‘Originals’ / ‘Het kan ook anders’ uit 2017 wat hetzelfde onderwerp had en ook dezelfde opzet. Dat is waarschijnlijk niet zo gek, aangezien de auteur Grant ook als een van haar ‘inspirators’ noemt. Deze opzet, met een mix van theorie (wetenschappelijke experimenten) en praktijk (aansprekende mensen of bedrijven) maakt het boek heel afwisselend en prettig om te lezen. Daarnaast is het inspirerend voor een brede doelgroep: je herkent jezelf altijd wel in een talent, en dit boek kan je een zetje geven om zelfbewuster de regels te overtreden.

De auteur gebruikt in haar boek helaas ook een aantal oude experimenten: bijvoorbeeld eentje uit 1988 in het hoofdstuk Nieuwheid, waar het gaat over de ‘status quo bias’, het feit dat we nieuwheid afwijzen ten faveure van de huidige situatie, traditie en rituelen. Ook in het hoofdstuk Diversiteit vinden we zowel een oud experiment (uit 1968) waaruit blijkt dat de verwachting die men van kinderen heeft een selffulfilling prophesy is, als het voorbeeld van Bobbi Gibb uit 1966, die niet mee mag doen aan de Boston Marathon omdat vrouwen ‘dit fysiek niet aan zouden kunnen’. (Ze vermomt zich als man en komt nog vóór 65% van de mannen binnen). Ik vraag me af of ons gedrag niet een heel klein beetje is veranderd in 50 jaar.

Aardig is de verwijzing naar www.rebeltalents.org, waar je een assessment kunt doen om uit te vinden welke rebelse ingrediënten je hebt en waar je kunt groeien (ik ben een Klimmer, blijkbaar), plus tips en verhalen.

O ja, sterrenchef Bottura veegt ook de stoep en haalt de groenten uit de vrachtwagens. Met je voeten in de klei staan is óók een talent.

Rebel Talent (in het Engels) kun je hier bestellen.

Geplaatst in Gedrag, psychologie | Tags: , , | Plaats een reactie

Recensie: Bullshit Jobs – ironisch en prikkelend

Heeft jouw baan toegevoegde waarde voor de wereld? Twijfel je een beetje? Dat is niet zo gek, want volgens dit boek is minimaal 50% van ons werk onzin (bullshit). Een onzinbaan is ‘een vorm van werk in loondienst dat zo zinloos, onnodig of schadelijk is dat zelfs de werknemer het bestaan ervan niet kan rechtvaardigen, ook al voelt hij zich verplicht net te doen alsof het niet zo is.’ Ik citeer nu uit het boek Bullshit Jobs uit 2018 van David Graeber, hoogleraar antropologie op de London School of Economics.

Er komen een aantal voorbeelden van onzinbanen voorbij, van auditor (jawel) tot portier. Binnen de financiële sector is 80% van de banen onzin. Nuttige banen worden bullshitisized door de toenemende bureaucratie, denk aan leraren en verpleegkundigen die steeds meer formulieren moeten invullen zodat er voor hun eigen, zinvolle werk steeds minder tijd overblijft (nog geen 20% volgens verpleegkundigen). Zo kom je wel op 50%!

Het maatschappelijke boek Bullshit Jobs …

… gaat na de definiëring van wat een onzinbaan nu eigenlijk is, verder met een uiteenzetting van welke soorten onzinbanen er bestaan (Flunkies, Goons, Duct Tapers, Box Tickers en Taskmasters, in het Nederlands vertaald als wachters, bullebakken, oplapwerkers, afvinkers en opzichters). Dat is een bijzonder grappig hoofdstuk en (helaas) ook heel herkenbaar als je een administratieve baan hebt of manager bent, of nog erger, alletwee.

De volgende twee hoofdstukken gaan over de uitwerking van zo’n onzinbaan op degene die dat uitvoert. Dit is meer het serieuze werk. De auteur geeft diverse malen aan dat zijn theorie en conclusies niet op wetenschappelijk onderzoek zijn gebaseerd, maar puur op de reacties van zijn Twittervolgers na een oproep om met voorbeelden van onzinbanen te komen en hoe dat voelt. Maar er is genoeg wetenschappelijk onderzoek gedaan naar dit fenomeen om het eens te zijn met zijn conclusie: onzinwerk is slecht voor je mentale en/of lichamelijke gezondheid. Met name de jonge mensen die net van de universiteit komen met een ideaalbeeld hoe zij impact gaan hebben op de maatschappij, hebben het zwaar.

En het slechte nieuws is dat er steeds meer onzinwerk bijkomt, wat in een historische context wordt verklaard (onder andere dat slaven ook ‘bezig werden gehouden’ met niet altijd even nuttig werk, om zo te zorgen dat ze geen tijd hadden om aan opstand te denken. Moderne slavernij dus.). De laatste twee hoofdstukken gaan over de vragen waarom de maatschappij er niets aan doet en wat de politieke effecten zijn. Deze twee hoofdstukken zijn in vergelijking wat taaier, maar doen een goede poging om naar de root cause te komen. Bijzonder interessant om te lezen.

Ironisch

Het hele boek druipt van de ironie en is met veel humor geschreven (ik las het in het Engels, altijd fijn voor de woordgrappen). Neem alleen al die krankzinnig lange titels van de subhoofdstukken. Graeber neemt zichzelf niet al te serieus, en dat hoeven wij ook niet te doen. Elke beroepsgroep, inclusief die van hemzelf, wordt op de hak genomen. Het boek is dan ook niet bedoeld om oplossingen aan te dragen, zo stelt de Graeber uitdrukkelijk.

Toch zet dit boek je aan het denken door heel wat misstanden aan te kaarten. Hij geeft een voorbeeld van een onderwijzeres op de kleuterschool, die van het bijzonder magere salaris haar gezin niet kan onderhouden en dus maar een onzinbaan aanneemt. Ook verpleegkundigen verdienen maar magertjes. Wat is het toch, dat we de meest belangrijke banen (zorgen voor je kinderen, zorgen voor je gezondheid) zo slecht belonen? Omdat we zeker willen weten dat deze mensen intrinsiek gemotiveerd zijn en het niet om het geld doen?

Graeber stelt dat onze maatschappij nu geheel om werk draait, niet als middel, maar als doel. Meer dan full-time natuurlijk. En dat terwijl we het werk wat ècht nodig is, met z’n allen in twee dagen per week zouden kunnen doen. En nu zitten zovelen van ons gevangen in vervelend werk, onder een baas waar we een hekel aan hebben, en jaloers op degenen die wel iets nuttigs doen, dat de maatschappij van negativiteit aan elkaar hangt. Daar wil Graeber met het boek wat aan doen. Niet met een oplossing als het Universeel Basis Inkomen, wat hij wel bespreekt als een optie. Maar door de lezers te laten nadenken over de onderliggende sociale problemen. Erg knap om dat te doen op een manier waarbij je als lezer blijft glimlachen!

Verder lezen? Het boek doet een beetje denken aan het recent verschenen ‘In Control?’ van Thijs Homan, die ook op een cynische manier onze bureaucratie aan de kaak stelt. Lees hier mijn recensie over In Control? Dat mensen het gevoel willen hebben nuttig werk te doen, komt ook aan de orde in ‘Begin met het Waarom’, van Simon Sinek. Daarvan is ook een Samenvatting! Veel van het boek BullShit Jobs gaat over de misvatting dat mensen het liefst niets doen voor veel geld (‘parasiet zijn’), wat Daniel Kahneman in zijn klassieker ‘Ons feilbare denken’ al rechtzette. Zo rationeel zijn we niet!

Je kunt Bullshit Jobs hier bestellen. Er is ook een Samenvatting van!

Abonneer je hier op de wekelijkse blog-updates!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Pioniers van de nieuwe welvaart – betekenisvolle ondernemers

Landen meten hun welvaart met het bbp, behalve Bhutan, waar het bbg is: Bruto Binnenlands Geluk. Hierin zijn naast economische groei ook sociale, ecologische, culturele en persoonlijke zaken opgenomen. In Nederland pionieren we nog wat met die ‘nieuwe welvaart’. Ben jij al een betekenisvolle ondernemer? ‘Pioniers van de nieuwe welvaart’ van Kees Klomp en Nadine Maarhuis uit 2018 is een goed geschreven, aantrekkelijk opgemaakt boek over de betekeniseconomie, met tekeningen en schema’s, veel quotes en inspirerende voorbeelden.

Het duurzaamheidsboek Pioniers van de nieuwe welvaart …

… gaat in op theorie èn praktijk, belicht de harde kant (bedrijfsvoering en winst) èn de zachte kant (drijfveren en altruïsme), en is dus is afwisselend, interessant en inspirerend. Ikzelf las over veel bedrijven die ik niet kende (als boekenliefhebber zocht ik gelijk de altruïstische boekwinkel YouBeDo op!), en leerde tegelijkertijd veel over ondernemerschap.

Het boek bestaat uit drie delen. Deel 1 is een theoretische inleiding over de betekenis van de betekeniseconomie, gericht op het ontstaan ervan en de huidige verschijningsvormen. Hierin onder andere de relatie tussen de piramide van Maslow en de economische evolutie. De basisbehoeften van voedsel en veiligheid leidde tot de agrarische economie, de top-behoefte van zelfrealisatie (ook wel geluk genoemd, maar dan niet de hedonistische vorm!) leidt tot de betekeniseconomie. Een logische ontwikkeling dus.

In dit deel wordt ook het ‘commonisme’ geïntroduceerd, een derde systeem naast kapitalisme en communisme. Daar waar kapitalisme is gestoeld op individualisme, de markt als bepalende macht en privaat bezit, en communisme op collectivisme, de staat als bepalende macht en publiek bezit, gaat commonisme uit van gezamelijkheid, de natuur als bepalende kracht en gemeenschappelijk bezit. Een interessant concept! Natuurlijk komen hier ook de Circulaire economie, Gemene-goedeconomie, Donuteconomie, en Regeneratieve economie aan de orde maar ook de Boeddhistische economie, waarin het allemaal draait om sufficiency: genoeg, of zo min mogelijk bezit, en om wederzijdse afhankelijkheid.

Deel 2 is een verzameling case-studies van betekenisvolle ondernemers. De subtitel van het boek is ‘Drijfveren en dilemma’s van ondernemers in de betekeniseconomie’. De belangrijkste drijfveer lijkt boosheid over een zeker onrecht te zijn. In tegenstelling tot de activist, die met die boosheid de strijd aangaat, protestborden maakt of met bakstenen smijt, gebruikt de betekenisvolle ondernemer die boosheid juist om een alternatief te ontwikkelen: een bedrijf als protestbord. Een mooi voorbeeld hiervan is Mark Kulsdom, die begon als activist bij het Dierenbevrijdingsfront en na een arrestatie en bezinningsperiode het bedrijf The Dutch Weed Burger begint, waarbij zeewier de vleesvervanger is. Hij ontwikkelt naast de Weed Burger ook de Weed Dog en Seawharma. Inmiddels staan zijn producten bij heel veel restaurants (Haarlems voorbeeld: Nurks) op het menu. Zijn drijfveer: niets doen is geen optie. De drijfveer van Henk Jan Beltman was een andere: hij wilde een bedrijf overnemen met een product waar mensen van kunnen houden. Het werd Tony’s Chocolonely. Pas na aankoop gaat hij eens op een Afrikaanse cacaoplantage kijken en schrikt zich rot. Plantage-eigenaren kopen gewoon voor 200 EUR een kindslaaf. Dat onrecht moet de wereld uit! Henk Jan heeft een nieuwe drijfveer.

Dan de dilemma’s. Een ervan is: profileer ik me als ‘betekenisvolle onderneming’ of niet? Als je het wel doet, kun je de gun-factor gebruiken. Bedrijven die werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, doen dat veelal niet. Ze willen hun medewerkers niet als aapjes in een dierentuin behandelen, en leggen daarom meer nadruk op de kwaliteit van hun producten. Een ander dilemma is dat het bedrijf niet naar continuïteit streeft (tenslotte wil de betekenisvolle ondernemer een probleem oplossen en zichzelf daardoor weer overbodig maken) maar dat dit streven haaks staat op makkelijk financiering aantrekken en de zorgplicht voor het personeel. Een voorbeeld hiervan is Chantal Engelen van Kromkommer. Zij wilde de focus op uiterlijkheden van groente en fruit aan de orde stellen. Waarom zou je geen kromme komkommers kunnen verkopen, of langwerpige tomaten? Om die voedselverspilling onder de aandacht te brengen maakt ze ‘verspillingssoep’. Haar doel: geen verspillingssoep meer kùnnen maken, omdat al die lelijke groeten gewoon verkocht worden. (Helaas gaat Kromkommer wellicht ten onder voordat dit doel bereikt is. Haar concept is gekopieerd door een grote supermarkt: in plaats van de lelijke groenten in de schappen te leggen, maken ze er nu zelf verspillingssoep van. Weg boodschap.)

Deel 3 is wederom een theoretische beschouwing, nu over de morele implicaties en toekomstige ontwikkelingen. Hierin wordt onder andere naar ons meetsysteem van welvaart gekeken, nu (nog) het bbp (of bbg in Buthan). In Nederland kennen we al de Total Societal Impact, True Value, Total Impact Measurement & Management, en De Schaal van Betekenis.

Een kleine paragraaf gaat over ‘prudent gedrag’, als alternatief voor ‘purpose’. Dat had wel wat beter uitgewerkt kunnen worden. Het boek eindigt met een variatie op Simon Sinek’s Gouden Cirkel: Begin met het What (Wat is het probleem dat je wilt oplossen), daarna How (Hoe ga je het verschil maken) en eindig met Why (Waarom gaat dit positieve impact hebben?). Voor deze benadering is wel empathie (je inleven in de ander), compassie (de wens om je voor de ander in te spannen) en altruïsme (iets doen voor de ander) nodig. Het resultaat? Een gevoel van vervulling: je bent van betekenis. Gelukkig maar!

De auteurs hebben voor dit boek gebruik gemaakt van het boek ‘Ware Winst’ van Christian Felber, wat ingaat op het commonisme – ofwel de gemene goed economie. Dat commonisme heeft me nieuwsgierig gemaakt, dit boek zal een goede verdieping zijn. Daarnaast ‘Designing Regenerative Cultures’ van Daniel Christan Wahl. Hiervan ligt een (gesigneerd, jawel!) exemplaar al op mijn stapel To Be Read. Ook wordt verwezen naar twee voor mij al bekende boeken: Sinek’s ‘Begin met het Waarom’ (klik hier voor de Samenvatting) en ‘Donuteconomie’ van Kate Raworth (recensie en Samenvatting). Ook deze boeken beveel ik van harte aan!

Geplaatst in Maatschappij, Sustainability | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Recensie: Ontdek je sterke punten – en gebruik ze

Wil je continue iets bereiken? Dan heb je het talent van een Achiever. Of leer je graag? Dan heb je het talent van een Learner. Grote kans dat je jezelf herkent in beide beschrijvingen, en dat klopt dan ook. Deze twee talenten zijn maar een klein deel van de 34 thema’s die in het managementboek Now, Discover your Strengths, vertaald als Ontdek je sterke punten van Marcus Buckingham uit 2001 worden beschreven. Uitstekend boek, ik was zo enthousiast dat ik er ook een Samenvatting van schreef!

Wij hebben allemaal al deze 34 thema’s in ons, het ene thema is bij de een wat sterker dan het andere thema, en dat maakt ieder van ons uniek: niemand heeft exact hetzelfde patroon van jouw sterke en minder sterke thema’s. In het boek blijft het niet bij het beschrijven van die thema’s, je krijgt ook uitleg hoe je die in verschillende beroepen kunt gebruiken, en nog belangrijker: hoe je als manager je medewerkers met hun specifieke thema’s moet aansturen.

Het managementboek Ontdek je sterke punten ….

… vraagt je: Wat zijn jouw sterke punten? Je wilt continu iets bereiken. Als je niet elke dag iets bereikt voel je je ontevreden. Deze drang geeft je de energie om lange uren te maken, iedere keer iets nieuws op te pakken. Het maakt je ook rusteloos, er is nog zoveel te doen! Herken je dit? Dan heb jij het talent van een Achiever! Of past dit meer bij je: Je leert graag. Het gaat daarbij meer om het proces van leren dan om het resultaat. Je krijgt energie van iets steeds beter weten of kunnen. Je leert piano spelen of doet een postdoctorale studie. Je functioneert goed in dynamische omgevingen met kortdurende projecten, waarbij je je snel het onderwerp eigen moet maken. Je hoeft geen expert te worden, of status te krijgen. Dit is het talent van een Learner. De 34 talenten passen allemaal bij je, de een nog wat meer dan de andere. Je hebt een uniek patroon!

Doe een test!

Om je eigen patroon te ontdekken, kun je een test doen op de bijbehorende website. Ik heb dat gedaan en het resultaat was zeer, zeer herkenbaar. Mijn top 5: Achiever inderdaad (vandaar dat ik het schrijven van mijn Samenvattingen zo leuk vind), maar ook Arranger (organisator, fijn projecten managen), Learner (heerlijk steeds weer een nieuw managementboek lezen), Futuristic (zéééér lange termijn visie) en Responsability (verantwoordelijkheidsgevoel). (NB. Ik las dit boek in het Engels).

De uitleg hoe deze talenten in te zetten in verschillende beroepen, en hoe als manager mensen met deze talenten aan te sturen, gaf mij veel eye-openers, zowel vanuit mijn voorgaande managementposities als vanuit de positie van gemanaged worden.

Doe jij waar je het best in bent?

Het boek start met de vraag: Krijg jij de kans om elke dag te doen waar je het best in bent? En? Krijg jij die kans? Nee? Nou, dat is dan niet verrassend, want dat gaat op voor 80% van de werknemers in (veelal Amerikaanse) bedrijven, zo blijkt uit onderzoek van Gallup, het adviesbureau van de auteur. De auteur stelt dat dit komt doordat die 80% geen gebruik maakt van hun sterke punten, de top 5 thema’s van hun unieke patroon, maar op training gestuurd wordt om de zwakke punten te verbeteren. En als er iets frustrerend is, dan is het wel steeds op die zwakke punten gewezen worden! Terwijl de groeipotentie zit in de sterke punten. Het boek blijft dit (tot vervelens toe) herhalen.

Organiseren op basis van sterke punten

Het boek gaat dan verder in op de uitdaging van bedrijven: hoe bouw je een organisatie die gebaseerd is op sterke punten? Gelukkig kunnen we de kunst afkijken bij bedrijven die dit al geïmplementeerd hebben en waarvan niet 20%, maar minstens 45% van de medewerkers zeggen dat zij elke dag kunnen doen waar ze het best in zijn. Dit zijn dan ook heel succesvolle organisaties, met een laag personeelsverloop, hoge productiviteit en hoge klanttevredenheid. Marcus behandelt functiebeschrijvingen, werving en selectie, beoordelingssystemen en promotie. Dit klinkt als alleen van belang voor afdelingen Personeelszaken, maar het is ook, of juist, heel nuttig voor managers.

Mijn evaluatie : een tijdloos en overtuigend boek

Het is een al wat ouder boek, uit 2001, maar nog steeds heel relevant, en daarom in 2018 (nadat ik mijn Samenvatting schreef) opnieuw uitgebracht door Tom Rath onder de naam Ontdek je sterke punten 2.0. De thema’s zijn ook niet tijdsgebonden, maar gaan over algemene persoonskenmerken, talenten, niet over vaardigheden en kennis. Overigens wordt wel aangegeven dat om van een talent een sterk punt te maken, kennis en vaardigheden onontbeerlijk zijn!

Het boek is vlot geschreven en overtuigend, door het brede onderzoek dat eraan ten grondslag ligt. Zelf de test doen ($20) is m.i. wel nodig om alles eruit te halen.

En wat doe je met je zwakste (oh nee, minst sterke) punt? Als je hier niet op gaat trainen? Nou, met wat omdenken kun je het zeker compenseren met je sterke punten! Of je kunt het delegeren……..Of wees radicaal en zoek een functie waarin je dat punt niet nodig hebt!

Ik geef het 4 ½ sterren!

Dit boek is te koop bij Managementboek.nl en Bol.com

Mijn Samenvatting is te koop.

Geplaatst in management, zelfhulp | Tags: , , , | Plaats een reactie

Recensie: De Corporate Tribe – leren van andere culturen

 Japan, het land van Lean en kwaliteits-controles. Een Amerikaans bedrijf bestelt bij een Japans bedrijf computerchips. In het contract wordt een foutenmarge van 2% afgesproken. Na de afgesproken periode worden de chips geleverd, een grote doos en een klein doosje. Net op het moment dat de opdrachtgever de dozen gaat openmaken, belt de Japanse leverancier. Wat hij met de 2% foute chips, in het kleine doosje, gaat doen? De Japanners hadden namelijk erg veel moeite gedaan om ze onklaar te maken……. De Corporate Tribe van Danielle Braun en Jitske Kramer uit 2015 heeft tientallen verhalen over andere culturen waarvan die over Japan mij vol raakte.

Het managementboek De Corporate tribe…

…. is niet het enige boek dat de cultuur van Japan als voorbeeld neemt. Ook in Start with Why/ Begin met het Waarom van Simon Sinek, wordt Japan als voorbeeld van cultuurverschillen gebruikt: Een groep Amerikaanse autofabrikanten ging eens naar Japan om daar de lopende band te bekijken. Direct viel hun een verschil op: in Amerika werden de deuren met een rubberen hamer in model gebracht, net zolang tot het perfect paste. In Japan was er geen hamer te bekennen. Huh? De gids legde uit: hier ontwerpen we deuren die perfect passen…..

De cultuur van de Japanners is: geen fouten, terwijl wij in het westen een fout-tolerantie hebben en het achteraf, met bijvoorbeeld garantieregelingen, met onze klanten regelen. Japanners zijn door het uitgangspunt van perfectionisme ook minder goed in innovatie, terwijl wij fouten maken wel oké vinden, maar van onze fouten willen leren en ons erdoor verbeteren. Bij samenwerking tussen twee bedrijven uit verschillende culturen is het dus verstandig dit soort cultuurverschillen helder te hebben en er zeker van te zijn dat de afspraken op dezelfde manier uitgelegd worden, zo stellen Daniëlle en Jitske. Dat is een supergoed advies, met name als je (zoals ik ooit) voor een multinational werkt.

Ik heb als auditor regelmatig met Japanners gewerkt en heb twee vergelijkbare ervaringen, eentje als beginnend assistent accountant en een, meer dan 20 jaar later, als internal auditor. Afwijkingen bespreken en laten corrigeren werkt in Japan echt anders dan hier in Nederland!

Nomadisch werken

Bijzonder interessant vond ik ook de vergelijking tussen ons Nieuwe Werken en de nomaden: Het Nieuwe Werken heeft vele vormen, van af en toe thuiswerken, via kantoortuinen met flexplekken naar volledig kantoorloos, virtueel werken. Soms heeft dat negatieve effecten. Vergaderingen worden niet meer bijgewoond, de ziel is uit het bedrijf. Veel volken, zoals de Touaregs of de Inuits, leven nomadisch, door de seizoenen gedwongen. Toch zijn hun stammen heel hecht. Hoe doen ze dat? Door aangepaste statussymbolen, bijeenkomsten, leiderschap en ‘voorouderlijke’ verhalen.

  • Statussymbolen zijn normaliter mooie huizen of grote kantoren maar bij nomaden eerder draagbare schatten (denk aan gouden tanden bij de Masai). Bij thuiswerkers kun je denken aan “virtuele” symbolen zoals een prominente plek op het Intranet.
  • Bij de nomaden zijn de bijeenkomsten heel belangrijk. Men sluit er huwelijken, houdt rechtszittingen, zingen en dansen. Bij het Nieuwe Werken heeft men de bijeenkomsten vaak wegbezuinigd, en dat is niet zo handig.
  • Nomaden hebben ook leiders, zoals stamhoofden. Het Nieuwe Werken vereist ook middelmanagement en mentoren.
  • Bij de nomaden zijn de verhalen rond het kampvuur belangrijk, over de goden en de voorouders. In de corporate wereld is het uitdragen van een missie en visie belangrijk om eenheid te bewaren.

Cultuurverandering

Het managementboek De Corporate Tribe is gericht op (cultuur-)veranderprocessen in organisaties en elke soort verandering wordt gekoppeld aan een vergelijkbare situatie in een vreemde cultuur. Het vakgebied wat hier over gaat heet corporate antropologie en is de laatste jaren behoorlijk in opkomst. Dit boek is een mooie kennismaking hiermee!

Het boek bestaat uit 3 delen: je leest in deel 1 een stukje over organisatiecultuur en het vakgebied corporate antropologie, in deel 2 hoe onze relaties worden gevormd en hoe dit leidt tot cultuur, en in deel 3 over cultuurtransities. Dit laatste is de kern van het boek, cultuurverandering, wat in 5 soorten verandering uiteenvalt:

  • (i) cultuurcreatie: gezamenlijkheid creëren;
  • (ii) culturele continuïteit: het goede bestendigen;
  • (iii) culturele heroriëntatie: terug naar de bedoeling;
  • (iv) culturele healing: genezen en gezond maken;
  • (v) culturele transformatie: als het echt anders moet.

Kenmerken

Cultuurverandering kent een aantal kenmerken, waaronder de focus, de rol van de leider, rituelen. Deze kenmerken zijn bij elk type verandering op een andere manier ingevuld, bijvoorbeeld de rol van de leiding. Wat moet hij/zij doen en vooral niet doen? Bij cultuurcreatie is dat o.a.de droom scheppen, een kleine kring van volgers vormen, gewenst gedrag expliciet maken. Bij culturele heroriëntatie is dat o.a. bevlogen speeches over bestaansrecht houden, maar ook bureaucratische processen durven ontmantelen.

Ik vond het boek praktisch ingestoken en erg nuttig, vooral waar onderscheid wordt gemaakt naar de verschillende vormen van cultuurverandering en de verschillende tools die je kunt inzetten.

Naast de nuttige tips en mooie verhalen over andere culturen staat het boek vol met schitterende foto’s van interessante volken. Dat maakt het bijna een reisboek! Maar ook Nederlandse cultuur komt aan bod: Carnaval! Wat zou je als organisatie daarvan kunnen leren?

De Corporate Tribe van Daniëlle Braun en Jitske Kramer werd uitgeroepen tot Managementboek van het Jaar 2016.

Ik gaf het 4 *

Je kunt De Corporate Tribe bij  Bol.com bestellen.

Ik was zó enthousiast dat ik van dit boek een Samenvatting schreef.

Geplaatst in management | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Recensie: Pre-suasion – De kracht van timing

Afgelopen week: ik slenter door Ikea en mijn oog valt op de theedoeken. Niet omdat ik ze nodig heb, nee, omdat mijn naam er op staat! Naast de Billy-boekenkasten en de Pax-kledingkasten zijn er nu ook Elly-theedoeken. Ik koop er 8. Terwijl ik zàt theedoeken heb, thuis. Al op de IKEA-parkeerplaats realiseer ik me: dit is zelfrelevantie, hierover heb ik net gelezen in het managementboek ‘Pre-Suasion’ van Robert Cialdini uit 2017.

Pre-suasion..

… is een niet-bestaand woord, hiermee drukt de auteur uit dat het bij beïnvloeden nog het meest gaat om wat je doet vóórdat je de boodschap brengt. Dus niet Per-suasion – overtuigen, maar Pre-suasion – ‘voortuigen’, voorbereiden, iemand toegankelijker maken voor je boodschap. Dit voorbereiden kost geen maanden of weken, nee dit voorbereiden doe je in het moment net vóór je aan het beïnvloeden slaat.

Associatie

Het boek bevat heel veel voorbeelden uit vele studies maar ook uit het dagelijks leven, waaronder de Holocaust. Het belang van associaties is de kern van het verhaal, waarbij Cialdini bekende voorbeelden geeft om duidelijk te maken hoe het gebruik van een woordje onze perceptie kan veranderen: spreek je over een tweedehandsauto als ‘gebruikt’, dan denk je aan slijtage, maar gebruik je ‘occasion’ dan is de associatie goedkoop. Opleidingsinstituten spreken niet meer over kosten, maar over investering.

Wat is nu de meest positieve associatie? Dat zijn we zelf! Alles wat over onszelf gaat, trekt enorm onze aandacht! Als je kijkt naar een groepsfoto, kijk je het eerst, het laatst en het langst naar jezelf! Je vindt iemand aardiger als hij of zij op dezelfde dag jarig is, of dezelfde initialen heeft, en het alleraardigst als hij/zij hetzelfde heet!

En dat werkt dus ook voor producten. In Engeland verving Coca Cola in 2013 op het etiket de merknaam door 150 veel voorkomende voornamen. Op 100 miljoen flesjes! Wat zal dat niet gekost hebben? Maar de verkoop schoot omhoog! Deze voorkeur voor iets wat met onszelf te maken heeft, heet zelfrelevantie.

Besluitvorming

Het boek staat vol met dit soort pareltjes, van het verkopen van zachte banken door een wolkenachtergrond bij de betreffende webshop tot het geven van Viagra aan een stamhoofd in Afghanistan. Ook komt besluitvorming, beïnvloeding en vooroordeel in het bedrijfsleven aan bod, super nuttig als je als consultant iemand moet overtuigen, of juist zoals ik als auditor of GRC-professional besluitvormingsprocessen beoordeelt.

Toegankelijk en humoristisch

‘Pre-suasion’ is heel prettig geschreven, toegankelijk en humoristisch met heel veel verrassende studieresultaten. Die studies worden overigens in de referenties en notities, nog zo’n 100+ pagina’s, verder uitgewerkt en verantwoord, tenslotte is Cialdini sociaal-psycholoog en put hij uit eigen werk, en dat van collega’s.

Wat ik ook erg sterk vond, is de aandacht voor ethisch verantwoord beïnvloeden. Het is makkelijk om met de inspiratie die je hebt opgedaan uit het boek, aan het manipuleren te slaan. Cialdini wijdt een heel hoofdstuk aan de gevaren hiervan, niet alleen uit moreel oogpunt, maar ook uit financieel oogpunt, omdat hij (ook weer uit een studie) weet dat veel bedrijven hier veel gevoeliger voor zijn. Als het bekend wordt dat je manipulatieve beïnvloedingstechnieken gebruikt, levert dat imago-schade op. Maar ook als je niet gepakt wordt, zal het je geld kosten, betoogt Cialdini. Door hoger personeelsverloop, demotivatie, en stelend personeel, bijvoorbeeld! Bewezen door studies!

Leuke bijvangst van het lezen van dit boek of mijn Samenvatting ervan, is dat je makkelijker in staat bent om voorbereiding en beïnvloeding te herkennen, en je hiertegen te weren. In theorie dan. Want ik zoek nog steeds een plekje voor 8 theedoeken.

Ik gaf het 5 *

(PS. Dit boek is na het schrijven van deze recensie, in februari 2018, vertaald als: De kracht van timing.)

Je koop dit boek bij Managementboek.nl en Bol.com.

Geplaatst in psychologie | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Recensie: Waar een wiel is, is een weg – naar kerst

In Waar een wiel is, is een weg van Jaap Bressers uit 2015 lees ik dit: In een klein café komen een paar mensen binnen die vijf koffie bestellen; twee voor henzelf en drie uitgesteld. Ze betalen en lopen naar hun tafel. Twee meisjes bestellen ieder een koffie, betalen en gaan weer weg. De volgende order wordt gedaan door drie advocaten. Zij bestellen zeven koffie, drie voor hen en vier uitgesteld. Plotseling stapt er een man binnen die er uitziet als een zwerver. Hij loopt naar de bar en vraagt vriendelijk: “ Is er nog een uitgestelde koffie?”

Het maatschappelijke boek Waar een wiel is, is een weg …

… heeft veel voorbeelden van positieve initiatieven. Want dat is fenomeen ‘Uitgestelde koffie.’ Het is een initiatief dat gestart is in Napels en in 2013 werd het concept van uitgestelde koffie ook in Nederland omarmd. Het lijkt echter alsof de animo er een beetje van af is. Niet bij de gevers, maar bij de koffiedrinkers!

Afgelopen week kwam ik plotseling een artikel tegen over uitgestelde maaltijden.  Het restaurant Hotspot Hutspot zou dit faciliteren (update 2025: niet meer, zo lijkt het), in Vlaardingen opereert MaaltijdenOpMaandag (MOM) met hetzelfde principe ( update 2-25: jezeker, nog steeds) en ook bij Fooddock heeft men uitgestelde maaltijden, maar nu onder de naam uitgestelde kerst, de dag na kerst kunnen arme Deventenaren van een kerstmaaltijd genieten. (update 2020: helaas, Fooddock is per juli 2020 gestopt. Maar in Zoetermeer leeft dit initiatief wèl! Update 2025: helaas, de Stichting Iedereen een maaltijd bestaat nog, maar de uitgestelde maaltijden zijn er geen onderdeel meer van.)

Kopen en geven

Een interessant concept: je koopt iets en met een klein extra bedrag geef je hetzelfde weg aan een ander. Je weet niet aan wie, maar dus wel wàt je geeft: datgene wat jij ook zo lekker vond! Het is heel persoonlijk, je ziet mensen van zo’n cadeautje genieten!

Ik dacht eens na over waar ik mijn geld aan uitgeef: boeken bijvoorbeeld. Zou het niet mooi zijn als we uitgestelde (kinder)boeken hadden voor arme plaatsgenoten? Ik zou met liefde een paar Euro daarvoor extra betalen. Eens praten met mijn favoriete boekwinkel…..Of hé, vakantie? Een paar Euro in de pot bij Corendon en op elke vlucht zit ook een arm gezin op weg naar hun uitgestelde vakantie! Of uitgestelde kerstbomen! De mogelijkheden lijken eindeloos.

Wat kan ik voor een ander doen? 

En toen dacht ik na over waar mensen míj voor betalen, wat zou ik gratis kunnen doen voor een ander? Gratis advies voor start-ups of andere bedrijven die krap bij kas zitten? Kan ik dat samen met een aantal concullega’s doen?

En hoe zou je dat kunnen organiseren zonder er een bureaucratisch gedrocht van te maken? Via de beroepsverenigingen misschien? Vrijwilligerswerk doen? Nu ja, ik kan in ieder geval 10% van mijn tijd doneren en deze uitgestelde service op mijn website en dergelijke opnemen (goed voornemen voor 2017!).

Evaluatie

Toch grappig, hoe je na het lezen van een anekdote op ideeën komt om iets kleins voor een ander te kunnen doen. Er staan in dit boekje meer grappige, ontroerende en inspirerende verhaaltjes, deels uit het eigen leven van auteur Jaap Bressers, die op zijn 21-ste met een dwarslaesie in een rolstoel terecht kwam. Hij is nu cabaretier en spreker, met zijn humor slaagt hij  erin om ons een spiegel voor te houden, ons te laten afvragen waarom we doen wat we doen en of dat niet anders kan. Met meer aandacht voor anderen, met het gewoon doen van kleine, aardige dingen voor elkaar.

Meer kun je lezen in Samenvatting van Waar Een Wiel Is, Is Een Weg, positieve gedachten voor bij de Kerstboom of inspiratie voor de goede voornemens van 2017. Niet uitstellen, hoor!

Je koopt het oorspronkelijke boek bij Managementboek.nl en bij Bol.com.

Kijk ook eens op Jaap’s website!

Geplaatst in Maatschappij | Tags: , , , | 1 reactie

Recensie: Olietankers en speedboten – innoveren en digitaliseren

Automatisering gaat hard: er is bijvoorbeeld al software (Lsjbot) die met algoritmen artikelen en studies over een bepaald onderwerp vindt en inmiddels 8,5% van de artikelen op Wikipedia schrijft.’ Een voorbeeld uit het boek Olietankers en Speedboten van Menno Lanting uit 2014 over de effecten van digitalisering. Nu ben ik zelf net met schrijven begonnen, en vroeg me meteen af: is dit ook een beroep dat 2020 niet haalt?

Het managementboek Olietankers en Speedboten …

… zegt daar niet veel meer over, dus hop, naar Wikipedia om meer over Lsjbot te weten te komen. Volgens Wikipedia is deze internetbot ontwikkeld door de Zweed Sverker Johansson en wordt grotendeels gebruikt voor ……..de Zweedse Wikipedia. Die versie heeft (mede door Lsjbot) meer dan 3,7 miljoen artikelen en is daarmee de één-na-grootste, na de Engelse Wikipedia, met 5,3 miljoen. Een andere Wikipedia waar Lsjbot aan werkt, is de Cebuan (één van de talen die op de Filipijnen wordt gesproken, maar dat wist je natuurlijk wel) Wikipedia, nu met meer dan 3,4 miljoen artikelen en daarmee de derde op rij. Echter, deze Wikipedia heeft maar 118 actieve gebruikers. Die hebben dan nog heel wat leeswerk voor de boeg!

Kwaliteit

Maar kwantiteit zegt niets over kwaliteit. Hoe goed zijn die artikelen? “Geen zinvolle inhoud en ook de menselijke factor ontbreekt” is te lezen op Wikipedia. Dat klinkt bemoedigend. Nu schrijft Lsjbot voornamelijk over vogels en schimmels, het ultieme doel is artikelen te hebben over alle levende wezens op aarde. “Zeker een miljoen daarvan zijn zo oninteressant dat een mens toch nooit de moeite had genomen om daar iets over te schrijven”, zo stelt Sverker.

De kwaliteit van een Wikipedia artikel zou (deels) af te leiden moeten zijn van de “diepte” van de artikelen, een formule die weergeeft hoe vaak een pagina wordt bijgewerkt. Dat is voor de Cebuan “Lsjbot” Wikipedia maar gemiddeld een factor 5, terwijl de kleinere Wikipedia’s van Duits en Frans op ongeveer 100 respectievelijk 200 zitten. Dus Lsjbot maakt (nog) niemand brodeloos. Oh, wacht, die Wikipedia-bijdragers doen het vrijwillig……. Toch ben ik gerustgesteld: het duurt nog even voordat het schrijven van boeken en artikelen, die ook nog door iemand gelezen worden, volledig is geautomatiseerd.

Harstikke leuk boek

Na een uur kan ik me losrukken van de Lsjbot en aanverwante digitale auteurs. Dat is een beetje het probleem van dit harstikke leuke boek van Menno: zoveel interessante weetjes waar je nog veel méér over wilt weten! Het kernthema is innovatie, en hoe bedrijven dit, vaak met behulp van automatisering, kunnen bevorderen. Want als je niet innoveert, ben je straks niet meer relevant en ga je failliet, is het uitgangspunt, gestaafd met nog meer interessante voorbeelden. De oplossing zit in het aanpassingsvermogen van de leiding, met nog meer geweldige voorbeelden van bekende bedrijven als Uber, Airbnb, Netflix, maar ook Apple, Google en de koekjesbakkerij Veldt. Een deel van die voorbeelden, en àlle inzichten uit deze bestseller uit 2014 zijn opgenomen in mijn Samenvatting van Menno Lanting’s Olietankers en Speedboten. Voor als je geen bot hebt om alles voor je te lezen…..

Koop het bij Bol.

Geplaatst in Innovatie | Tags: , , | Plaats een reactie

Recensie: Intuïtie – ontnuchterend

“Stel ik wil je héél goed leren kennen voordat ik je een baan aanbied. Dan kan ik je een jaar lang twee keer per week ontmoeten, of ik kijk een halfuurtje in je huis rond als je niet thuis bent.” Dat klinkt gek, maar is het niet! In zijn boek Blink (Nederlandse titel: Intuïtie) uit 2005 beschrijft Malcolm Gladwell een onderzoek bij studenten in het hoofdstuk “Slaapkamergeheimen”:

Je slaapkamer verraadt jouw persoonlijkheid.

Het onderzoek gebruikte een checklist met 5 dimensies:

  1. extravert: sociaal of teruggetrokken, vrolijk of gereserveerd?
  2. aardig: vertrouwend of wantrouwend, behulpzaam of onwillig?
  3. consciëntieus: georganiseerd of niet, zelfdiscipline of niet?
  4. emotionele stabiliteit: bezorgd of kalm, onzeker of zelfverzekerd?
  5. open voor nieuwe ervaringen: verbeeldingskracht of pragmatisch, onafhankelijk of inschikkelijk?

Onbekenden die 15 minuten in de studentenkamers rondkeken, kwamen tot dezelfde conclusie als de vrienden van de studenten. Niet zozeer op de dimensies extravert en aardig (daar is ook interactie voor nodig), maar op de overige 3 doen de onbekenden het veel en veel beter, en scoorden daardoor gemiddeld óók beter. Dat heeft te maken met enerzijds het interpreteren van je spullen, maar anderzijds juist door het ontbreken van een heleboel informatie. Er is geen “ruis”, of het vooroordeel van iemands uiterlijk.

Het managementboek Intuïtie …

…. gaat over oordeelsvorming en de rol van vooroordelen daarbij. Fascinerend! Erg veel voorbeelden passeren de revue, ontleend aan wetenschappelijk onderzoek. Bij één van die onderzoeken kun je jezelf testen op vooroordeel of discriminatie, via een Implicit Association Test (IAT). Je kunt naar www.implicit.harvard.edu gaan, Nederlands selecteren en de opdrachten uitvoeren. In Intuïtie lees je de achtergronden en resultaten van soortgelijke experimenten en wat dit voor ons betekent. Het is vrij ontnuchterend om te beseffen dat vrijwel elke beslissing op een of andere manier beïnvloed wordt zonder dat we dit weten. Misschien maakt dit ons eens wat minder overtuigd van ons eigen gelijk? Briljant boek, bestseller uit 2005, en heel prettig geschreven, leest als een thriller!

Ik geef het 4 1/2 *

Je koopt deze nog steeds actuele bestseller bij Managementboek.nl of Bol.com.

Omdat ik het zo’n goed en ook belangrijk boek vond, schreef ik er een Samenvatting van

Geplaatst in Persoonlijke effectiviteit | Tags: , , | Plaats een reactie